Coronacrisis in 4 vragen: Waar komt dit virus vandaan? (1) *

 Leestijd: 4 minuten0

Twee maanden geleden had in Vlaanderen nauwelijks iemand gehoord van het virus SARS-CoV-2. Ook niet van COVID-19, de ziekte die door het coronavirus wordt veroorzaakt. Intussen verspreidt het virus zich razendsnel over grote delen van de wereld. Het stelt onze gezondheidszorg zwaar op de proef en over de economische impact van de pandemie durft nauwelijks iemand na te denken.

Accurate en heldere informatie is noodzakelijk om de verdere verspreiding van het virus tegen te gaan. Daarom lees je dit artikel uitzonderlijk gratis. Dat kan alleen dankzij de financiële steun van onze lezers. Wil jij ook de andere artikels kunnen lezen en onze kritische en diepgravende journalistiek mee mogelijk maken? Word dan nu lid van Apache.

Ja, ik word lid

Ben je al lid? Deel dit artikel gerust met je vrienden en familie, zodat ook zij breed geïnformeerd worden.

Apache probeert antwoorden te formuleren op vier essentiële vragen die veel mensen zich stellen. Het is in de eerste plaats een poging, want niet alle vragen zijn vandaag (al) eenduidig te beantwoorden. Wetenschappers staan zelf nog voor tal van raadsels. De uitbraak is heel recent en veel onderzoek moet nog worden gevalideerd.

We publiceren de antwoorden op volgende vragen in vier aparte delen:

> Waar komt dit virus vandaan?
> Hebben we kansen verkeken?
> Wat vertellen de cijfers?
> Hoe lang gaat dit nog duren?

In de zoektocht naar antwoorden grijpen we terug op primaire bronnen. Denk aan onderzoek gepubliceerd in gerenommeerde wetenschappelijke tijdschriften zoals Science of The Lancet, informatie van de Wereldgezondheidsorganisatie of van andere officiële instanties. Online circuleren heel wat hoaxes en foutieve informatie. Of ze nu bedoeld of onbedoeld zijn, punt is dat ze de crisis enkel erger maken en onnodig paniek veroorzaken.

De komende weken vullen we onderstaande informatie stelselmatig verder aan. Waar mogelijk verwijzen we naar andere sites die interessante informatie bundelen of boeiende analyses presenteren.

Waar komt dit virus vandaan?

Op 31 december 2019, letterlijk aan de vooravond van het nieuwe jaar werd de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) door China op de hoogte gebracht van een opvallende en onverklaarbare stijging van het aantal longontstekingen in Wuhan.

Wuhan is de hoofdstad van de provincie Hubei en telt ruim elf miljoen inwoners. Dat zijn er ongeveer evenveel als België. Het klimaat in Wuhan is subtropisch, maar de winters kunnen er behoorlijk fris zijn, met temperaturen die vergelijkbaar zijn met de temperaturen tijdens Belgische winters.

De Engelstalige krant South China Morning Post uit Hongkong bracht op 13 maart een artikel waarin wordt geclaimd dat ‘patient zero’ – de eerste persoon met het virus – zou besmet zijn geraakt op 17 november 2019. ‘Patient zero’ zou volgens de krant een 55-jarige inwoner van de Chinese provincie Hubei zijn, en de krant verwijst daarvoor naar documenten van de Chinese overheid die ze kon inkijken.

De kans is bijgevolg groot dat het coronavirus via een tussengastheer van de vleermuis oversprong naar de mens

Dat ‘patient zero’ op geen enkele wijze in contact stond met de grotere groep mensen (41 personen) die in december zou zijn besmet op een markt in Huan waar vooral vis en schaaldieren werden verhandeld, noopt tot verder onderzoek.

Van dier naar mens

Of ‘patient zero’ ook echt ‘patient zero’ is, zal dus nog moeten bewezen worden. De bevindingen dat de eerste besmetting wellicht teruggaat tot half november of zelfs eerder, voeden wel de these dat het virus een tijdje ‘sudderde’ vooraleer het tot een explosieve uitbraak kwam in Wuhan. Pas eind december werd de ziekte in China officieel toegeschreven aan een (nieuw) coronavirus dat de sprong maakte van een dierlijke gastheer naar de mens.

Het coronavirus SARS-CoV-2 is niet het enige virus van de familie coronavirussen dat de oversteek maakte van dier naar mens. Enkele andere coronavirussen liggen elke winter aan de basis van een simpele verkoudheid. Twee andere varianten (SARS en MERS) zijn of waren gevaarlijker omdat ze, net als SARS-CoV-2, tot ernstige en zelfs dodelijke luchtweginfecties kunnen leiden.

In het recent bijgewerkt artikel ‘The origin, transmission and clinical therapies on coronavirus disease 2019 (COVID-19) outbreak – an update on the status’, gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift Military Medical Research concluderen wetenschappers dat het virus een zeer grote genetische gelijkenis vertoont met een virus dat voorkomt bij vleermuizen. De kans is bijgevolg groot dat het coronavirus via een ‘tussengastheer’ van de vleermuis oversprong naar de mens.

Voor de rol van tussengastheer wordt dan vooral naar het schubdier (pangolin) gekeken. In China is de (beschermde) diersoort met uitsterven bedreigd, maar ook bijzonder gegeerd. Chinezen beschouwen het vlees als een delicatesse, en kennen aan het bloed en de schubben geneeskrachtige eigenschappen toe.

De Chinese stad Wuhan, hoofdstad van de provincie Hubei (Foto: Pixabay)

Tussen mensen

Misschien nog belangrijker dan de zoektocht naar het moment waarop het virus de stap van dier naar mens zette, is de zoektocht naar de wijze en vooral de snelheid waarmee het virus tussen mensen wordt overgedragen.

Een onderzoek dat op 13 maart werd gepubliceerd in Science komt daar met belangrijke cijfers. Die zijn gebaseerd op gegevens uit China in de periode voor de overheid er ingrijpende maatregelen uitvaardigde. De cijfers vertellen met andere woorden veel over hoe het virus zich gedraagt in een soort ‘business as usual’-scenario, zonder maatregelen.

Bijna tachtig procent van de besmettingen zou het gevolg zijn van contacten met mensen die drager zijn van het virus maar nauwelijks symptomen hebben

De belangrijkste vaststelling is wellicht dat een groot deel van de besmettingen met het nieuwe coronavirus onder de radar blijft omdat de symptomen beperkt blijven. Dat kan goed nieuws lijken en deels is het dat natuurlijk ook, maar het impliceert wel dat veel mensen het virus (kunnen) verspreiden zonder dat ze (ernstige) ziekteverschijnselen hebben.

Op basis van allerlei modellen becijferden de wetenschappers dat voor elk bevestigd geval van besmetting er wellicht vijf tot tien onbevestigde dragers zijn. Die zijn weliswaar minder besmettelijk – grofweg half zo infectieus als mensen met ernstige symptomen, maar door hun fors aantal zijn ze wel de echte ‘drijvende kracht’ achter de huidige snelle verspreiding van het virus. Bijna tachtig procent van de besmettingen zou het gevolg zijn van contacten met mensen die drager zijn van het virus maar nauwelijks symptomen hebben.

De conclusie van de studie spreekt dan ook voor zich: “deze bevindingen verklaren de snelle geografische verspreiding van SARS-CoV2 en maken het indammen van de verspreiding tot een grote uitdaging”.

Daar ligt meteen ook de verklaring voor de verregaande maatregelen die overheden intussen zowat overal in Europa maar ook op vele plaatsen elders in de wereld nemen en die tot doel hebben om het aantal contacten te beperken. De drastische ingrepen moeten leiden tot een minder snelle verspreiding van de epidemie, wat dan weer tot doel heeft een piekbelasting van de intensieve bedden in de ziekenhuizen te vermijden en zo het aantal dodelijke slachtoffers te beperken.

Auteur: Tom Cochez

Licentiaat criminologie. Werkte van 1997 tot 2008 voor De Morgen. Hij volgde er vooral gezondheidszorg, sociale zaken en milieu en verdiepte zich in de politieke partijen Vlaams Belang en Groen. In 2008 koos hij ervoor om opnieuw op freelance basis te werken onder meer ook voor Knack en Humo. Een jaar later stond hij mee aan de wieg van De Werktitel, het latere Apache.be. Vandaag werkt hij als redacteur.

Word lid

Word jij lid van Apache? Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu al vanaf 6,25 euro per maand.


Ja, ik word lid