Een orkaan in het buitenland

30 augustus 2011 Tom Cochez
Orkaan Irene op weg naar New York (Foto NASA Goddard Photo and Video)
Orkaan Irene op weg naar New York (Foto NASA Goddard Photo and Video)
Orkaan Irene op weg naar New York (Foto NASA Goddard Photo and Video)
Orkaan Irene op weg naar New York (Foto NASA Goddard Photo and Video)

Er was echt geen ontsnappen aan afgelopen weekend. De hele wereld (of alleszins dat deel dat we het best kennen) keek met ingehouden adem hoe de Verenigde Staten en in het bijzonder New York zich opmaakte voor de doortocht van de storm van de eeuw, de orkaan Irene. Bladzijden werden vol geschreven, paginagrote foto’s werden afgedrukt.

Nanmadol

Dat de schade in New York uiteindelijk best meeviel, weerhield de kranten er niet van maandag nog uitgebreid na te kaarten. De spanningsboog was de dagen voordien dan ook behoorlijk hard aangetrokken. Zo hard zelfs dat de orkaan Irene als metafoor zowaar opdook in de sportberichtgeving.

Dat Irene de dagen vooraf al een dodelijke tol had geëist in de Dominicaanse Republiek, Haïti en Puerto Rico kwam nog wel in de krantenkolommen, maar dan toch vooral om aan te geven wat de Amerikanen wel niet te wachten stond.

Nog minder aandacht was er voor de tyfoon Nanmadol die in de Filipijnen minstens zestien doden eiste en ook Taiwan in het vizier heeft. Een zoektocht op databank mediargus leert dat de zoekterm ‘Irene’ op maandag nog goed was voor 38 artikels. ‘Nanmandol’ leverde twee hits op. De Standaard deed een poging om te compenseren met een dubbele fotopagina van de schade die Nanmandol had aangericht.

Websites

Een gelijkaardig verhaal op de websites van de kranten. Irene was, afhankelijk van krantensite tot krantensite, de voorbije dagen goed voor ongeveer veertig artikels. De situatie in New York werd er zowat uur na uur gevolgd. Nanmandol moest het stellen met minder dan een tiende van die aandacht.

Dat de dodentol in de Verenigde Staten wellicht hoger is – om en bij de veertig slachtoffers – dan in de Filipijnen (mistens zestien doden) of in de Caraïben kan in het beste geval een deel van de verklaring voor dat spectaculaire verschil in aandacht zijn.

Dichter bij de waarheid is dat het ene buitenland het andere niet is. Het klinkt cru, maar een Amerikaanse dode lijkt oneindig veel belangrijker dan een Filipijnse dode of een slachtoffer in Haïti. Hoewel de afstand in grote orde niet wezenlijk verschilt, lijkt de gemiddelde Amerikaan gewoon veel dichter bij Brussel te staan dan de gemiddelde Filipijn. Daar komt bij dat Westerse media en de persbureaus waar ze op draaien veel talrijker aanwezig zijn in New York dan in Manilla. In New York zijn er nogal wat Vlaamse correspondenten en uitgeweken Belgen met een verhaal te vinden. In Manilla ligt dat anders.

Duopolie

In Flat Earth News documenteert The Guardian journalist Nick Davies uitvoerig de gevaren eigen aan het feitelijk duopolie van de persbureaus AP en Reuters. Het verdwijnen of inkrimpen van andere buitenlandse nieuwsagentschappen en het verdwijnen van buitenlandse freelance netwerken ontlokt Davies de stelling dat we vandaag over ‘het buitenland’ wellicht minder goed geïnformeerd zijn dan enkele decennia geleden.

In de plaats daarvan zien we een soort steekvlamjournalistiek waarbij internationale media massaal van de ene brandhaard naar de andere wereldgebeurtenis hossen en, inherent daaraan, de rest van de wereld onderbelicht laten. De ene realiteit wordt zowat verzwegen terwijl een andere wordt opgeblazen tot een orkaan. Ook al gaat het dan 'maar' om een tropische storm.

Journalist Tom Cochez licht bij de Antwerpse radiozender Radio Centraal de redactionele keuzes van De Morgen en De Standaard. U kunt het gesprek op de website van Radio Centraal herbeluisteren.

LEES OOK