Vaticaan, roddelstad (3)

24 december 2015 Bart Lebie
(Foto: Aleteia Image Department)
(Foto: Aleteia Image Department)
(Foto: Aleteia Image Department)
(Foto: Aleteia Image Department)

Omdat we het in voorgaande artikels reeds over kardinaal Tarcisio Bertone hebben gehad, is het goed ook even stil te staan bij de evoluties in het proces rond de erfenis van de Markies van God. Zoals we reeds schreven in Geld van God los deel 3 was Bertone met enkele dubieuze personages in zee gegaan in een poging de erfenis van 658 miljoen euro van de Romeinse weldoener Alessandro Gerini veilig te stellen voor zijn orde van salesianen. Ondertussen werden de kaarten geschud en wierpen de gendarmes van het Vaticaan iets meer licht op de zaak.

Niet alleen lijkt de waarde van 658 miljoen euro zwaar overschat, maar werd ze daarbij ook nog eens overschat door dezelfde mensen (en dit onder het toeziend oog van de toenmalige econoom van de salesianen) die procentueel vergoed zouden worden naar de geschatte waarde. De 130 miljoen die gesequestreerd was, is ondertussen weer vrijgegeven. Het proces tegen de voormalige econoom en zijn medeplichtigen loopt nog steeds. Het onderzoek bracht de financiën van de salesianen duidelijk in kaart en daaruit blijkt dat de orde een investeringsfonds had in het financieel paradijs Luxemburg. Op zich is dat niet illegaal, maar we vermoeden dat Don Bosco zich een paar keer omdraaide in zijn graf.

Sjoemelende franciscanen

De Orde der Minderbroeders had ook wat problemen met zijn voormalige econoom. Deze orde, opgericht door ‘poverello’ Sint Franciscus van Assisi, zuchtte onder een financieel tekort van een kleine 100 miljoen euro. Het resultaat van een fatale mix van te hoog opgelopen kosten, paniek en vertrouwen in de verkeerde personen. De orde stak zichzelf in torenhoge kosten met de bouw van een spiksplinternieuw congrescentrum inclusief restaurant en een luxehotel, een absolute must voor elke religieuze orde. De kostprijs van het congrescentrum en restaurant (een geüpgradede refter waar men trouwens goed en goedkoop eet, B.L.) bedroeg ongeveer 4 miljoen euro, het hotel kostte om er rond de 20 miljoen euro.

Ook hier lijkt de econoom met vuur gespeeld te hebben, al lijkt het onwaarschijnlijk dat hij dit alles zonder het placet van de toenmalige minister-generaal José Rodriguéz Carballo –  die nu het mooie weer maakt als secretaris van de Congregatie voor de Instituten van Gewijd Leven – kon uitvoeren. Om de kosten te dekken, die veel hoger waren dan geschat of gehoopt, werden er leningen aangegaan die nog meer kosten met zich meebrachten.

Een verblijf in een naakte kloostercel, omgeven door stilte, is eens iets anders dan de typische hotelkamer met flatscreen

Op de vraag waarom de franciscanen een nieuw congrescentrum nodig hadden – en waarom ze deze structuur afnam van haar universiteit die zo een deel van haar inkomsten verloor – en waarom er daarbovenop nog geïnvesteerd moest worden in een hotel waarvoor een bouwvallig leegstaand weeshuis werd omgebouwd, zal wellicht nooit een duidelijk antwoord komen. Wel kunnen we ons vinden in de ironie of het cynisme dat het luxehotel de naam ‘Il Cantico’ meekreeg, precies wat Franciscus van Assisi op het oog had toen hij zijn ‘lofzang van de schepselen’ componeerde.

De franciscanen zijn natuurlijk niet de enigen die een graantje proberen mee te pikken van de groeiende toeristische markt. En gedeeltelijk valt dit ook toe te juichen. Een verblijf in een naakte kloostercel, omgeven door stilte, is eens iets anders dan de typische hotelkamer met flatscreen.

Het moet gezegd dat de nieuwe minister-generaal van de Orde der Minderbroeders, de Amerikaan Michael Perry, het gesjoemel zelf bekendmaakte op de homepage van de orde. Op dit moment wordt onderzocht hoe de orde uit haar benarde economische situatie kan klimmen.

Onbevlekte ontvangenis onder toezicht

Nu we het toch hebben over de franciscanan, kunnen we ook even kijken hoe het gesteld is met de Franciscanen van de Onbevlekte Ontvangenis, een nieuwe afsplitsing van de minderbroeders die de nadruk legt op de oude Tridentijnse rite die we reeds besproken hebben in Paus Antipaus, deel 2. Eerder gaven we drie mogelijk oorzaken aan voor de ondertoezichtstelling van de orde van de Onbevlekte Ontvangenis door Ratzinger en uitgevoerd door Bergoglio. Mogelijke oorzaken waren een te traditionalistische/Lefebvriaanse neiging, een interne afrekening tussen de broeders (en zusters, kunnen we nu ook al toevoegen, B.L.) en een enorme kloof tussen de gepredikte en beleefde armoede. Ondertussen werd duidelijk dat het een mix betrof van al deze elementen.

De oorspronkelijke pauselijke commissaris, capucijn Fidenzio Volpi, stierf in juni 2015. Hij werd vervangen door niet minder dan drie nieuwe commissarissen: de salesiaan Sabino Ardito, de jezuïet Gianfranco Ghirlanda en de kapucijn Carlo Calloni. Dat de eerste twee canonisten zijn is niet helemaal zonder belang. Calloni is als kapucijn als het ware ‘intern’ verbonden met de Franciscanen van de Onbevlekte Ontvangenis, en zijn aanwezigheid is dus niet meer dan normaal. Dat er twee canonisten aanwezig zijn, toont aan dat de problematiek van het traditionalisme zeker een grote rol speelde in de ondertoezichtstelling. Wat onderzocht moet worden is dan waarschijnlijk niet meer in welke mate ze te traditionalist zijn, maar in welke mate ze te weinig modern zijn (en het tweede Vaticaans concilie niet aanvaarden).

30 miljoen euro werd in beslag genomen. Roerend en onroerend goed dat op frauduleuze wijze aan verenigingen werd overgemaakt die gelinkt zijn aan de congregatie

De vele uittredens sinds de commissariëring toont aan dat het intern nogal sterk aan het rommelen is en dat een aantal van hen niet onder de vleugels van de huidige, post-conciliaire rooms-katholieke kerk wil leven. Dat er ook iets niet echt pluis zit in het beheer van de financiën van deze jonge orde, blijkt uit recente interventies van de Italiaanse financiële politie. Eind maart nam de Guardia di Finanza meer dan 30 miljoen euro in beslag. Roerend en onroerend goed dat op frauduleuze wijze aan enkele verenigingen werd overgemaakt die onmiddellijk gelinkt waren aan de congregatie. Zo probeerden ze te vermijden dat het patrimonium in handen zou vallen van Vaticaanse commissarissen. En ook op het vlak van kuisheid lijkt deze congregatie niet echt een schoolvoorbeeld. Zo kwamen er in een korte periode bijzonder veel beschuldigingen aan het adres van de orde, gaande van aanzet tot prostitutie, martelen en opsluiten, tot slagen en verwondingen. Hoewel er soms nogal eens wordt overdreven, lijken de beschuldigingen in dit geval behoorlijk goed gedocumenteerd.

Karmelieten en bordelen

Laten we het voor de par condicio kort ook even hebben over de karmelieten, meer bepaald de zogenaamde ongeschoeide karmelieten, die een 16de eeuwse afsplitsing zijn van de vanaf nu officieus ‘geschoeide’ karmelieten, en de benedictijnen die zich ook van hun beste kant lieten zien. Het schandaal dat de ongeschoeide karmelieten afgelopen maanden publiekelijk trof, kan beschouwd worden als schoolvoorbeeld van het kerkelijk handelen in zeer delicatie kwesties. Het brengt de kloof tussen de gewijden en de ‘normale’ parochianen duidelijk in beeld en het toont aan hoe het faliekante handelen van verantwoordelijken de boel kan laten ontploffen.

Onlangs kwam aan het licht dat zeker één prelaat van de Generale Curie van de ongeschoeide karmelieten genoot van de diensten van mannelijke prostituees uit de nabij gelegen Villa Borghese, al zijn wellicht meerdere karmelieten betrokken. Dit schandaal was al jaren een publiek geheim, al meer dan een decennia om precies te zijn. Vier jaar geleden maakte dit schandaag een eerste slachtoffer, toen een door de parochianen zeer geliefde monnik plots uittrad en zich prompt liet “ontpriesteren”.

Minstens één prelaat genoot van de diensten van mannelijke prostituees uit de nabij gelegen Villa Borghese

Dat het nu pas ontspoorde, bewees dat de parochianen de karmelieten liefhadden en waarschijnlijk geloofden of hoopten dat ook de monniken zelf hun orde wilden vrijwaren van schande. Maar toen de Generale Curie in juni besliste om de in opspraak zijnde monnik samen met o.a. drie priesters, die niets met het schandaal te maken hadden en jarenlang diensten hadden verleend in de parochie, over te plaatsen, vormde dat voor de parochianen de spreekwoordelijke druppel. Oorspronkelijk hadden ze verbaasd en triest gereageerd en hadden ze een ontmoeting gevraagd met de superieur. Omdat er helemaal geen reactie kwam op hun schrijven, besloten 110 parochianen om de zaak wereldkundig te maken.

Benedictijn op ecstasy

Ook de benedictijnen maakten afgelopen maanden het mooie weer doordat een van de meest prominente leden, de voormalige abt van het beroemde klooster te Montecassino, Dom Pietro Vittorelli, in opspraak kwam. Toen hij in 2013 op 51-jarige leeftijd afstand deed van zijn functie als abt, die net zoals het pausdom voor het leven is, was de vergelijking met Benedictus XVI snel gemaakt. Ze traden immers beiden af om gezondheidsredenen in hetzelfde jaar.

Dat Vittorelli nog regelmatig gezien wordt in lekenkledij, kan de autoriteiten misschien doen inzien dat het gevangenisplunje hem beter om het lijf past dan het habijt

Nadat de politie echter iets meer dan een half miljoen euro sekwestreerde van Dom Pietro of zijn broer Massimo (als financiële tussenpersoon of broker), gaat de vergelijking echter minder goed op. Het bedrag zou afkomstig zijn van de religieuze belastingen die de Italianen betalen. Onderzoek toont aan dat de voormalige abt een voorkeur had voor luxehotels en -diners in Londen en Milaan en heel vaak in het gezelschap van eenzelfde en gratis meereizende leek tripjes naar Brazilië maakte. Dat hij ook een grote fan bleek van ecstasy, geeft zijn aftreden een bijzonder wrange nasmaak. Dat Vittorelli nog regelmatig wordt gezien in lekenkledij (op feestjes van Forza Italia), kan de kerkelijke en wereldlijke autoriteiten misschien doen inzien dat het gevangenisplunje de man beter om het lijf passen dan het habijt.

Jessica

Tot slot, om in schoonheid te eindigen, is er nog Jessica. Het is geen nichtje van de paus en ook geen vrouwelijk personeelslid. Het is de koosnaam die monseigneur Camaldo kreeg in de Romeinse homoseksuele 'underground'. Voordat duidelijk werd dat Camaldo door het leven ging als Jessica, kwam hij eerder al in troebel vaarwater. Afgelopen jaren viel zijn naam meermaals in een paar grote omkoopschandalen en leek hij betrokken te zijn bij de corruptiezaak rond de ‘Cricca Balducci’, die leidde tot het ontslag en inverdenkingstelling van de Italiaanse held Guido Bertolaso, het voormalige hoofd van de Civiele Bescherming. Onlangs bracht Nuzzi, auteur van Via Crucis, Camaldo nog in verband met de verdwijning van Emmanuela Orlandi, een verdwijning die leidt naar Romeinse maffia van de Banda della Magliana. Ofwel heeft monseigneur Camaldo het ongeluk om zich steeds op de slechtste plaats op het verkeerde moment te bevinden, ofwel schuwt hij de intrige niet.

Om af te sluiten geven we nog mee dat het belangrijk is dat deze schandalen niet verzwegen worden, maar dat het even belangrijk is om niet van alles één pot nat te maken of het kind met het badwater weg te gooien. Want ook al lijkt het kind of het badwater af en toe vuil, het blijft tenslotte een kind.

Nu we het toch over een kind hebben, en in afwachting van de volgende delen van deze reeks, alvast een zalige kerst! (B.L.)

LEES OOK