Kudde

7 april 2015 Jeroen Olyslaegers
Jeroen Olyslaegers
Jeroen Olyslaegers
Jeroen Olyslaegers

Vroeger was het mogelijk je te verschuilen en stiekem toch naar websites te surfen die het dreggen naar een lijk minuut per minuut volgen. Vroeger kon je heimelijk toch de kranten kopen die aan opbod doen van stomme fait divers. Vroeger kon je alsnog tegen vrienden met uitgestreken gezicht zeggen dat het allemaal walgelijk is. De pers dient gewoon niets meer en niets minder dan de feiten weer te geven. Sensatiezucht hoort niet bij hun takenpakket. Lekker simpel. Vervolgens kon je dan journalisten verwijten dat ze niet in staat zijn om te reflecteren over hun eigen beroep.

Sinds de komst en populariteit van sociale media en allerhande nieuwsfora is dat nu afgelopen. Niemand van ons heeft nog een of andere claim op een moreel hogere autoriteit. Zij die inloggen en hun commentaar spuien zitten in hetzelfde bad. In feite is het nog erger. Want niemand van ons heeft een eindredactie, een gesprek tussen collega’s, een hoofdredactie die bepaalt wat er in de krant of op een website komt en wat niet. We zijn geëmancipeerd. We zijn zelf mee de pers geworden, de vox populi die zonder enige schroom gewoon loos gaat.

Kakmachine

Wat er rond de zelfmoord van Steve Stevaert op sociale media is losgebarsten heeft me diep doen nadenken. De tweets en de facebookstatussen vlogen je om de oren, de commentaren spraken boekdelen, het ging maar door en vormde samen een storm die mij alvast naar adem deed happen. Ja, journalisten en commentatoren deden mee, sommigen van hen zijn zelfs minister of vertolken een of andere functie waarbij je een minimum aan decorum verwacht, maar het ergst van al waren uiteindelijk mensen zoals u en ik.

We kunnen echt niet bogen  op een of andere debatcultuur die mensen met uiteenlopende meningen met elkaar verbindt en waarbij respectvol wordt omgegaan met wat een ander denkt

Een dramatisch voorval wordt nu achter de laptop en tegelijk massaal en compleet transparant verwerkt, met de darmen open en bloot. Het enige dat me te binnen schoot was de zogenaamde ‘kakmachine’ van kunstenaar Wim Delvoye die ons op een perfect subversieve want zichtbare wijze toeliet te zien wat dagelijks onder onze huid gebeurt. Schrijver William Burroughs omschreef dat ooit als de "naked lunch", het eten van nieuws en het verwerken ervan. Sommige persmensen en andere commentatoren deden vrijwel onmiddellijk aan zelfhygiëne en gaven commentaar over de grenzen van het fatsoen in hun eigen kolommen. Dat is misschien voorspelbaar, maar voor mij geen reden om er cynisch over te doen. Ja, we zitten dus samen in één bad. We vormen meer dan ooit een kudde die blaat bij nieuws, die blaft terwijl een karavaan voorbij trekt van verdachtmakingen, voorbarige conclusies en terugblikken op het leven van een man die ooit vrijwel iedereen in de ban hield.

Respectvol

Meer dan ooit wordt duidelijk dat wij echt niet op een of andere debatcultuur kunnen bogen die mensen met uiteenlopende meningen met elkaar verbindt en waarbij respectvol wordt omgegaan met wat een ander denkt. Meer dan ooit wordt de man gespeeld en niet de bal. Als columnist vind ik dat moeilijk. Ik weet uit eigen ervaring dat het uiteindelijk niet loont om de mens te verwarren met de bal. Je krijgt zulke aanvallen als een boemerang in je gezicht terug. Je hoeft niet al te veel moeite doen om vast te stellen dat deze samenleving steeds verder polariseert. Sommigen vinden dat een goede zaak, en omschrijven dat als een ‘terugkeer naar de politiek’. Het gaat weer over iets. Mensen zijn wakker, geëmancipeerd, en hebben de middelen om op hun eigen facebookpagina dag na dag hun punt te maken.

Ik maak daar ook dankbaar en veelvuldig gebruik van. En toch wringt er bij mij iets de laatste dagen. Al die sociale media zijn nieuw. Het hoeft geen verwondering te wekken dat we niet altijd goed weten hoe we ermee dienen om te gaan. De newsfeed is immers eindeloos en het is makkelijk zat om er deel van uit te maken. De laatste week vormde dit allemaal een spiegel voor mij. Het deed me nadenken over alle dingen die ik op de publieke ruimte heb los gelaten; de soms veel te snelle conclusies, de voorbarige meningen, de eigen vooroordelen. Maar de kudde waar zoveel mensen toe behoren heeft tevens ook een corrigerende kant. Het is mogelijk om elkaar beter te informeren, wel degelijk diepgaand te converseren, ook al zit je maar achter je laptop met niemand fysiek in de buurt. Dat kan allemaal en ook dat heb ik al meermaals meegemaakt. Niettemin denk ik nu dat het een week niet meer hoeft. Ik log tijdelijk uit en ga wat van de lente genieten.

LEES OOK