De Brusselse knoop

7

Met de aanstelling van Didier Reynders tot informateur ligt het dossier ‘Brussel’ opnieuw op tafel, stelt professor Herman Matthijs vast. Hij probeert de Brusselse knoop te ontwarren en haalt originele oplossingen aan zoals een referendum in de faciliteitengemeenten, de creatie van twee nieuwe parlementen en de vorming van een Duitstalig gewest.

Didier Reynders in het Europees parlement (Foto Pietro Naj-Oleari / European Parliament)

Didier Reynders in het Europees parlement. (Foto Pietro Naj-Oleari / European Parliament)

Na meer dan 220 dagen onderhandelingen heeft de koning een einde gemaakt aan de al lang doodgelopen gesprekken tussen de zeven partijen. De comebackkid van de Belgische politiek, Didier Reynders, wordt nu op pad gestuurd om een akkoord te zoeken over de staatshervorming. Wie de MR zegt, moet er ook het FDF bijnemen. Dat houdt in dat het Brussels dossier met al zijn hoofdstukken opnieuw op tafel ligt.

Maar met het intreden van de MR en Open vld in de regeringsformatie staat N-VA niet meer alleen met zijn liberaal denken over de sociaal–economische en budgettaire dossiers.

Grote ruzie

De koning heeft niet alleen Reynders tot informateur benoemd. Hij vraagt ook de leider van de regering in lopende zaken, Yves Leterme, om zich te buigen over het feit hoe België tegen 2015 een begrotingsevenwicht kan bereiken.

Opmerkelijk dat een regering in lopende zaken een enorme politieke operatie moet uitvoeren. Het moet een begrotingsevenwicht bereiken tegen 2015. Aangezien zowat 3,6% van het bruto binnenlands product in het huidige totale tekort van 4,8% afkomstig is van de federale overheid, dient deze over de volgende vier jaar meer dan 13 miljard euro te zoeken.

Is dit wel een taak van een regering in lopende zaken? En als dat zo is, waarom wordt aan de Kamer geen toestemming gevraagd?

Maar is dit wel een taak van een regering in lopend zaken? En als dat zo is, waarom wordt aan de Kamer van Volksvertegenwoordigers geen toestemming gevraagd? De huidige regering in lopende zaken is nog het resultaat van de verkiezingen van 2007. De vijf deelnemende partijen zijn in april 2010 in grote ruzie uit elkaar gegaan. Maar omdat nooit is vastgelegd wat ‘lopende zaken’ exact zijn, zijn er evenveel interpretaties als partijen.

Volwaardig gewest

Toen de jonge Alexander De Croo in de lente van 2010 de stekker uit de regering-Leterme trok, werd hij beladen met alle zonden van Israël. Zoveel maanden later staan de politici echter even ver. Blijkbaar was zijn analyse dan toch niet zo fout.

Als de Wetstraat een doorbraak wil vinden in het Brusselse dossier, dan zullen ze moeten durven out of the box denken. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest heeft vandaag een statuut dat niet duidelijk is. Voor de Vlamingen kan het geen eigen volwaardig gewest worden omwille van de hoofdstedelijke functie en vooral omdat ruim 90% van de inwoners als Franstalig in de bevolkingsregisters staat geregistreerd. Maar de huidige onduidelijke situatie is niet houdbaar. Bovendien is er ook de koppeling met de splitsing van het administratief en gerechtelijk arrondissement Brussel-Halle-Vilvoorde. Een Vlaamse eis tot splitsing versus een Franstalige vraag voor een volwaardig gewest, dus.

Vierde gewest

Sommige gemeenschapsbevoegdheden, zoals toerisme, kunnen naar het gewest worden overgeheveld, vindt professor Matthijs (Foto Frans de Wit)

Sommige gemeenschapsbevoegdheden, zoals toerisme, kunnen naar het gewest worden overgeheveld, vindt professor Matthijs (Foto Frans de Wit)

Als de politici tot de conclusie komen dat het om politieke en/of financiële redenen niet mogelijk is om van Brussel een volwaardig gewest te maken, dan kan men beter de gewestelijke bevoegdheden van het gebied onderbrengen in de federale regering. De gemeenschapsmateries kunnen dan verder worden uitgeoefend door de Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC) of de Commission communautaire française (Cocof).

Maar tegenover een volwaardig Brussels Gewest staat dat de twee grootste gemeenschappen bevoegd blijven voor de culturele- en de gemeenschapsmateries via de VGC of de Cocof in het gewest. Tussen haakjes, de huidige lijst van gemeenschapsbevoegdheden mag ook eens worden herbekeken. Daarin zijn materies terug te vinden die naar het gewest kunnen overgaan, zoals sport of toerisme.

De oprichting van een derde Brussels Gewest is voor de Vlaamse politici overigens aanvaardbaarder als er ook een vierde gewest bij komt: het Duitstalig gebied. Dit kan vrij eenvoudig door de Duitstalige Gemeenschap ook alle gewestbevoegdheden te geven. Budgettair kunnen de Oostkantons best wel overleven.

Eindeloze discussie

Vandaag kiest de bevolking in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest tussen de Franse taalgroep (72 leden) of de Nederlandstalige groep (17 leden). Samen vormen zij het Brussels Hoofdstedelijk parlement voor de gewestmateries en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie voor de bi-communautaire materies.

De taalgroepen vormen de parlementen van de VGC of de Cocof voor de respectievelijk eentalige Nederlandstalige of Franstalige materies. In het Brussels Hoofdstedelijk Parlement bestaan een aantal waarborgen voor de 17 Vlaamse leden: de eerste ondervoorzitter is Nederlandstalig, elke taalgroep moet aanwezig zijn in de commissies, ten minste een derde van de bureauleden is Nederlandstalig en het intern reglement van het parlement kan enkel gewijzigd worden als beide taalgroepen akkoord zijn.

De oprichting van een derde Brussels Gewest is voor de Vlaamse politici aanvaardbaarder als er ook een vierde gewest bij komt: het Duitstalig gebied

Maar misschien is een nieuw kiessysteem het middel om de eindeloze discussie tussen het Brussels Gewest en de impact van de twee gemeenschappen op te lossen. De Brusselse kiesgerechtigden kiezen voor de VGC of het Cocof-parlement. Vanuit deze parlementen wordt dan het Brussels Hoofdstedelijk parlement bemand. De basis is de twee gemeenschapsgroepen in Brussel. Ook vanuit die VGC kunnen zes Nederlandstalige Brusselaars worden aangeduid in het Vlaams parlement. Dat schept een institutionele band tussen Vlaanderen en Brussel. Daardoor zijn er dubbelmandaten VGC Raad – Vlaams parlement alsook VGC Raad – Brussels Hoofdstedelijk parlement.

Uiteraard moet de 80/20-verdeling tussen Franstaligen en Nederlandstaligen in het Brussels Hoofdstedelijk parlement verder nageleefd worden. Ook moet de Nederlandstalige aanwezigheid in de Brusselse regering gegarandeerd blijven.

Brussel-Halle-Vilvoorde

Een oplossing voor Brussel behelst voorts een akkoord over

  • de splitsing van het administratief arrondissement Brussel-Halle-Vilvoorde (BHV),
  • een splitsing in het gerechtelijk arrondissement BHV,
  • de toepassing van de taalwetgeving in de openbare diensten,
  • de fusie van de 19 Brusselse gemeenten,
  • de fusie van de zes Brusselse politiezones,
  • het lot van de faciliteitengemeenten en het stemrecht van hun Franstalige inwoners in Brussel,
  • de Franstalige eis naar een uitbreiding van het Brussels Gewest,
  • de Franstalige vraag naar een corridor tussen Brusselse Gewest en Wallonie en
  • het meest belangrijke dossier: geld.

De politici zullen inderdaad moeten praten over de bijzondere financieringswet. Want zonder een akkoord over de financiering komt er nooit over iets een globale politieke zegen.

Referendum

Zelfs na een splitsing van BHV blijven er institutionele problemen bestaan in de Brussels rand met de faciliteitengemeenten. Deze zijn overwegend Franstalig en dat is ook het gevolg van de faciliteiten. Een uitbreiding van het Brussels Gewest met een deel van de zes faciliteitengemeenten kan misschien bespreekbaar zijn tegenover de afschaffing van de faciliteiten in die (delen van) gemeenten die bij Vlaanderen blijven.

Of gaat men een referendum houden in deze zes gemeenten met de vraag aansluiten bij het Brussels Gewest of Vlaams blijven? Het is geen evidente uitslag. Kiezen die inwoners voor de taal (zeker de Nederlandstalige minderheid) of voor hun financiën? De vele rijke Franstalige inwoners in de betrokken gemeenten zouden wel eens voor de politieke verrassing kunnen zorgen door te kiezen voor hun geld en bij Vlaanderen te blijven.

Maar veel tijd is er niet meer. De klok tikt verder. Als er tegen begin april een budgettair plan is ingediend bij de Europese Unie en het blijkt dat er geen staatshervorming mogelijk is, dan kunnen we ons opmaken voor de veertigdagenrace naar de nieuwe federale verkiezingen.

Herman Matthijs is professor aan de VUB.

Auteur: Herman Matthijs

Professor aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB).

Word lid

Word jij lid van Apache? Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu al vanaf 6,25 euro per maand.


Ja, ik word lid