‘We lossen het klimaatprobleem niet op, maar we gaan er wel geld aan verdienen’.

 Leestijd: 5 minuten0

In Bonn sleepte de klimaattop zich stilletjes naar zijn einde. Valt er iets te onthouden? Veel verklaringen, amper engagementen, maar die werden ook niet verwacht. De carrousel van internationale klimaat-events heeft alvast een echte klimaatindustrie gecreëerd.

Een leger van bureaucraten, wetenschappers en politici, met in hun zog journalisten, reist de wereld rond. Om een idee te geven van de omvang van dat pr-monster: in Bonn vulden ongeveer 10.000 delegatieleden en evenveel andere betrokkenen – samen 20.000 mensen – de hotels, restaurants en vergaderzalen, om na 11 dagen weer te vertrekken zoals ze waren gekomen, doorgaans per vliegtuig.

Tel daarbij ongeveer 15.000 mensen uit voornamelijk de ‘civiele samenleving’, vooral van ngo’s, en we begrijpen waarom de woordvoerder van de VN de bijeenkomst als “een culturele manifestatie” omschrijft.

South Carolina na de doortocht van orkaan Harvey. (Foto: SC National Guard)

De Deutsche Welle heeft het over “een ritueel dat in de jaarlijkse politieke kalender goed is ingeburgerd”. Wat het event de belastingbetaler kost en hoeveel broeikasgasuitstoot dat genereerde, zullen we allicht nooit precies weten.

Wetenschappers meldden afgelopen week dat de fossiele-energieproductie dit jaar een nieuw record zal vestigen. De koolstofuitstoot neemt toe, hoewel die uitstoot, om enigszins binnen veilige klimaatgrenzen te blijven, elk jaar met 8 procent moet krimpen.

“Als we doorgaan zoals vandaag”, zo zei de Franse president Macron woensdag in Bonn, “dan aanvaarden we stilzwijgend dat veel van de volkeren die hier vertegenwoordigd zijn, zullen verdwijnen.”

De Duitse kanselier Merkel had het vlakaf over “de toekomst” die op het spel staat. Maar geen van beide wereldleiders legde concrete engagementen op tafel, hoewel noch Frankrijk, noch Duitsland, noch Europa de (ontoereikende) beloftes gemaakt in Parijs (2015) waarmaken.

De voorzitter van de Afrikaanse Unie, Alpha Condé, zei in een striemende toespraak dat de klimaatverandering “armoede met zich meebrengt, en armoede zorgt voor migratie en terrorisme. Iedereen moet zijn verantwoordelijkheid nemen, opdat de Europese landen, geconfronteerd met extreem-rechts, zich niet van onze kinderen ontdoen zonder te zien dat Europa heeft bijgedragen aan de verarming van Afrika. De belangen van Afrika en Europa zijn met elkaar verbonden.”

Klimatologen voorspellen dat bij ongewijzigd beleid 200 tot 250 miljoen mensen uit het Zuiden veiliger oorden zullen opzoeken, wat neerkomt op een vertienvoudiging van de migratiestromen die we vandaag kennen.

Klimatologen voorspellen dat bij ongewijzigd beleid 200 tot 250 miljoen mensen uit het Zuiden veiliger oorden zullen opzoeken, wat neerkomt op een vertienvoudiging van de migratiestromen die we vandaag kennen.

“Er zijn concrete acties nodig, en geen speeches, hoe lyrisch die ook klinken”, zei Armelle Le Comte van Oxfam. Toch is in Bonn geen steen in de rivier verlegd. Shock-doctrine Bonn zorgt wel voor een voetnoot in de geschiedenis van de klimaatverandering, en voor die voetnoot kijken we even in de achteruitkijkspiegel.

In haar boek ‘De shock-doctrine’ (2007) legt onderzoeksjournaliste Naomi Klein uit hoe regeringen en het grootbedrijf profiteren van ontreddering en chaos ten gevolge van economische crisissen, terreuraanslagen of natuurrampen om een vrijemarktagenda door te drukken.

Een sprekend voorbeeld is de manier waarop de administratie van Bush en het grootbedrijf de verwoesting van New Orleans door orkaan Katrina (2005) hebben aangegrepen om neoliberale plannen uit te rollen.

Private veiligheidsfirma’s zoals Blackwater schoten in die eerste dagen op burgers – op Afro-Amerikanen, die in de weggevaagde wijken woonden en vergeefs wachtend op hulp van de overheid dan maar uit shops proviand weghaalden.

De overheid profiteerde van de vernielingen om wat er bestond aan openbaar onderwijs te privatiseren. Sociale woonblokken in de getroffen stadsdelen werden platgelegd en vervangen door privéwoningen, onbetaalbaar voor de gevluchte bewoners.

Washington stopte privé-contractors 3,4 miljard dollar toe – om kort nadien te besparen op het federale budget voor voedselpakketten, Medicaid en studentenleningen.

De laatkapitalistische landen zijn verantwoordelijk voor het gros van de broeikasgasuitstoot, maar het Zuiden incasseert (voorlopig toch nog) de zwaarste klappen.

Fast Forward, naar Bonn… waar het rampenkapitalisme zijn intrede doet. De laatkapitalistische landen zijn verantwoordelijk voor het gros van de broeikasgasuitstoot, maar het Zuiden incasseert (voorlopig toch nog) de zwaarste klappen.

Het doet de idee van “de koolstofschuld” van Washington, Parijs, Brussel en co ingang vinden. De historische vervuilers moeten hun schuld aflossen door het Zuiden te helpen zich te beschermen tegen de klimaatchaos én door hen bij te staan in de omslag naar duurzame ontwikkeling.

De rijke landen staan evenwel negatief tegenover dat idee, wat volgens hen vergelijkbaar is met de eis om reparaties voor de slavernij te betalen. De vraag van het Zuiden om hard getroffen arme landen financieel bij te springen werd in Bonn door de rijkste landen (G7) verworpen; dergelijke twistpunten zullen pas volgend jaar worden behandeld, via “gesprekken onder experts”.

InsuResilience Initiative

Toch viel in Bonn een concreet initiatief op te tekenen, dat als een tegenzet van de G7 mag worden opgevat: het InsuResilience Initiative is er op de sporen gezet. Het doel is 400 miljoen arme mensen in het Zuiden helpen om zich beter te beschermen tegen de klimaatchaos.

Het is de bedoeling om de privésector te helpen in het Zuiden aan arme sloebers verzekeringen tegen klimaatcalamiteiten te verkopen. Met belastinggeld gesubsidieerd.

Pompt het Noorden massaal middelen in de transitie van het Zuiden naar een koolstofvrije moderne economie? Bouwt het dijken en stevige woningen, en stopt men met het leegroven van waterbassins en het accapareren van landbouwgronden?

Neen hoor: het is de bedoeling om de privésector te helpen in het Zuiden aan arme sloebers verzekeringen tegen klimaatcalamiteiten te verkopen. Met belastinggeld gesubsidieerd, dat spreekt voor zich.

Het InsuResilience Initiative wil met ‘insurance’ voor ‘resilience’ zorgen: met verzekeringen weerbaarheid creëren. De deur staat wijd open voor de verzekeringsmaatschappijen, zo lezen we op de website van het initiatief.

“De betrokkenheid van de privésector is essentieel voor de ontwikkeling van innovatieve en duurzame verzekeringsproducten inzake klimaatrisico’s”. Het initiatief lijkt ook een eerste reddingsboei voor de verzekeringssector, die met de klimaatverandering voor enorme uitdagingen staat.

Munich Re, de grootste verzekeraar ter wereld, boekte enorme verliezen wegens schadeclaims na de doortocht van orkanen Harvey, Irma en Maria. De Britse verzekeraar Aviva waarschuwt: “Zonder ingrepen zal de klimaatverandering grote stukken van de economie instabiel maken, waardoor onze potentiële markt zal krimpen.”

Het InsuResilience Initiative maakt een onderscheid tussen arme landen die erg kwetsbaar zijn en “klaar zijn voor verzekeringen als een oplossing”, zoals Rwanda, Eritrea, Angola en Mozambique, en landen die even kwetsbaar zijn maar “nog niet klaar zijn voor verzekeringen als een oplossing”, zoals Congo, Niger en de Centraal-Afrikaanse Republiek.

In de eerste groep valt nu al, of toch zeer binnenkort, geld te verdienen, in de tweede minder. De marktanalyse is uitgewerkt door de VN-bureaucratie, in samenwerking met grote verzekeringsfirma’s als Munich Re, Holland Insurance Group, Allianz en Swiss Re.

Samengevat: we lossen het klimaatprobleem niet op, maar we gaan er wel geld aan verdienen.

Twee keer langs de kassa

Julie-Anne Richards van het Climate Justice Program is striemend: “Het verzekeringsmechanisme is een gewiekst initiatief van ontwikkelde landen om ontwikkelingslanden te doen betalen voor klimaatrisico’s waarvoor ze niet verantwoordelijk zijn.”

Duurzame investeringen, en niet het verzekeren van je gammele huisjes, wegen en bruggen moet de prioriteit zijn.

Een Ethiopische topdiplomaat benadrukt dat woningen en infrastructuur weerbaar tegen klimaatrisico’s moeten worden gemaakt vooraleer men over verzekeringen kan praten. Duurzame investeringen, en niet het verzekeren van je gammele huisjes, wegen en bruggen moet de prioriteit zijn.

Een van de deelnemers aan COP23, Walter Edwin, een bijenkweker op het Caraïbische eiland St Lucia, ziet in de huidige omstandigheden evenwel geen alternatief dan het betalen van de 8 dollar per maand om zijn boerderij in stand te houden.

Zo loopt het rampenkapitalisme twee keer langs de kassa: eerst, met winstgevende productie waarbij de vervuiling worden afgewenteld op de atmosfeer, nadien met verzekeringen die kwetsbare mensen moeten toestaan met oplapwerk de gevolgen het hoofd te bieden.

In het Noorden wordt die markt al een tijdje aangeboord. Het verzekeren van ongewone meteorologische fluctuaties krijgt bij ons namen als weather derivatives, catastrophe bonds of cat bonds: derivaten waarvoor de koper een vergoeding ontvangt wanneer een meteorologische waarde een bepaald niveau overstijgt (of niet bereikt).

In eigen land gaat het er niet anders aan toe. Terwijl de inspanningen om het klimaatprobleem aan te pakken ruim onder de maat blijven, wordt winstgevende schadebeperking gepromoot.

En ook hier krijgt de verzekeringssector een zetje, met belastinggeld: de Vlaamse regering maakt de komende drie jaar 5,1 miljoen euro vrij om de verzekeringspremies voor schade aan landbouwbedrijven ten gevolge van extreem weer betaalbaar te maken.

In haar laatste boek, ‘No Is Not Enough’ (2017), valt Naomi Klein hard uit tegen de ideologie van het rampenkapitalisme:

“Hebzucht is goed. De markt heerst. Geld is wat telt in het leven. Blanken zijn beter dan de rest. De natuur is er om geplunderd te worden. De kwetsbaren verdienen hun lot en de 1 procent verdient zijn gouden torens. Alles wat van de overheid is of door gemeenschappen wordt beheerd, brengt onheil en verdient het niet om beschermd te worden. We worden belaagd door gevaar en moeten uitsluitend ons eigen hachje beschermen.”

Terwijl de klimaatchaos oprukt, geeft het grootbedrijf en de met hem gelieerde instellingen en regeringen die dystopische wereld almaar meer vorm.

  • ‘Naomi Klein: how power profits from disaster’, The Guardian, 6/7/2017
  • ‘Global insurance plan aims to defuse potential climate damage bombshell’, The Guardian, 14/11/2017
  • ‘Growing number of global insurance firms divesting from fossil fuels’, The Guardian, 15/11/2017
  • ‘COP23 : les promesses de Macron et Merkel’, Le Figaro, 15/11/2017
  • ‘More than 30,000 at COP23’, The Fiji Times, 17/11/2017
  • ‘Clap de fin sur la Cop23’, Courrier international, 17/11/2017

  Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.

Auteur: Ludo De Witte

Ludo De Witte is auteur van o.m. ‘Crisis in Kongo’ (1996), ‘De moord op Lumumba’ (1999) en ‘Huurlingen, geheim agenten en diplomaten’ (2014). Hij publiceerde ook ‘Als de laatste boom geveld is, eten we ons geld wel op’ (2017) en ‘Wie is bang voor moslims?’ (2004).