Online haat tegen vrouwelijke politici is wijdverspreid

 Leestijd: 6 minuten3

Online haatberichten naar vrouwelijke politici zijn wijdverspreid. Een politica die haar standpunt verdedigt in een debat, wordt later op Twitter al snel weggezet als een kutwijf. Dat heeft volgens politicoloog Karen Celis (VUB) grote gevolgen. ‘Ze hebben als doel om vrouwen uit de politiek te houden en te ontmoedigen om die publieke politieke functie uit te oefenen.’

In Nederland bevat 10% van alle tweets gericht aan vrouwelijke politici haat of agressie. Dat blijkt uit onderzoek van De Groene Amsterdammer en de Utrecht Data School. Tussen 1 oktober 2020 en 26 februari 2021 onderzochten ze bijna 340.000 tweets. De meeste tweets waren seksistisch. Vrouwelijke politici die daarnaast een migratieachtergrond hebben, krijgen volgens het onderzoek nog extra haat over zich heen.

Bij ons is zo’n onderzoek nog niet gevoerd, maar daar wordt wel aan gewerkt. Karen Celis, politicoloog verbonden aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB) diende een onderzoeksproject in bij het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek. “De resultaten zullen wellicht gelijkaardig zijn aan het Nederlands onderzoek”, zegt Celis. “Nederland is net zoals België een land met een hoge graad van gendergelijkheid. Er zijn weinig redenen om te verwachten dat de situatie in België anders is. We hebben al wat vrouwelijke politici gehoord die de situatie aangeklaagd hebben in België.”

Jessika Soors (Groen) is een van hen. Ze werkte tot eind oktober 2020 in de Kamer rond racismebestrijding en deradicalisering. Nu is ze politiek directeur en woordvoerder op het kabinet van Sarah Schlitz, staatssecretaris voor Gendergelijkheid, Gelijke Kansen en Diversiteit in de federale regering-De Croo.

Soors kreeg als politica heel wat te maken met online haat. In juli 2020 tweette ze een video waarin ze een aantal haatberichten voorleest. “Talibanhoer”, “Islamkut”, “Meiske, hou je bakkes en ga in je keuken zeiken”. Het zijn slechts enkele van de vele haatberichten die Soors kreeg.

Ze vertelt verder: “Ik heb in de gevangenis met zwaar veroordeelde terroristen moeten praten en veel moeilijke gesprekken moeten voeren over deradicalisering, maar ik ben nog nooit zo hard belaagd geweest als sinds ik als vrouw in de politiek ben gestapt. Ik heb een beetje de luxe dat ik geen publieke functie meer heb op dit moment, maar van zodra ik mijn hoofd buiten steek op Twitter en zelf iets post, begint dat gewoon opnieuw.”

Haat naar mannen is anders

Ook mannelijke politici krijgen te maken met online haat, maar bij vrouwelijke politici zou dat vaker gebeuren en zijn de berichten van een andere aard. Verwijten naar mannelijke politici gaan meestal over inhoud, terwijl de aanvallen op vrouwelijke politici persoonlijker zijn. De haatreacties gaan heel vaak over het uiterlijk van de vrouwen. “Ik krijg reacties als ‘koop gewoon een nieuwe beha’ of ‘je bent zo lomp als een koe’,” zegt Europees Parlementslid Assita Kanko (N-VA).

Vlaams Parlementslid Gwendolyn Rutten: ‘Het gaat heel ver. Als je er te goed uitziet ben je een domme geit. Als je er slecht uitziet een onverzorgde dikke gans’

“Het is ook anders dan geweld op vrouwen tout court”, zegt Celis. “De aanvallen op vrouwen in de politiek hebben als doel hen uit de politiek te houden en te ontmoedigen om die publieke functie uit te oefenen.”

Soors bevestigt dat. “Er is online pestgedrag waar ook mannelijke politici mee te maken krijgen, maar ze zullen niet snel van mannen te horen krijgen dat ze hen gaan verkrachten als ze hen zien. Sommige mannen vinden het nodig om uitspraken te doen over hoe ze denken dat mijn schaamhaar eruitziet. Dat heeft echt te maken met seksisme van mannen ten opzichte van vrouwen.”

Volgens Vlaams Parlementslid en burgemeester van Aarschot Gwendolyn Rutten (Open Vld), ben je je er als politica wel van bewust dat je tegenwind zal krijgen, maar ben je niet voorbereid op de seksistische scheldpartijen die erbij komen kijken.

“Als je als vrouw een discussie hebt met een andere vrouw, dan is het een catfight of een sacochegevecht. Ben je geëmotioneerd in wat je zegt, dan ben je hysterisch. Wil je een punt maken waar je echt van overtuigd bent, dan ben je aan het krijsen. Het gaat heel ver. Als je er te goed uitziet ben je een domme geit. Als je er slecht uitziet een onverzorgde dikke gans.”

Zo zijn er nog veel voorbeelden. Volgens Rutten krijgen vrouwen vaker het verwijt dat ze dom zijn. “Ik heb twee universitaire diploma’s en ben met grote onderscheiding afgestudeerd. Je moet het met mij niet eens zijn. Maar waar haal je het in je hoofd om dan te zeggen dat ik dom ben, omdat ik iets zeg waar je het niet mee eens bent?”

Twitter is het heftigst

Verschillende vrouwelijke politici vinden Twitter het ergste socialemediaplatform als het over online haatberichten gaat. “Twitter is een scheldplaats en zit vol trollen”, zegt Rutten. “Er zijn periodes waarin ik beslis om de app even te verwijderen. Op Facebook krijg ik zowel positieve als negatieve reacties en op Instagram val het heel goed mee.”

“Er zijn keren geweest dat ik in het weekend de apps van mijn gsm moest verwijderen omdat ik mijn gsm anders gewoon niet meer kon gebruiken”, zegt Soors. “Die berichten monitoren is onbegonnen werk.”

“Op Twitter is de commentaar vaak beledigend en zelfs degoutant”, zegt Europees Parlementslid Kathleen Van Brempt (sp.a). “Als mensen positieve commentaar willen geven, dan gebeurt dat vaker via mail. E-mail is nog een manier waarbij mensen iets inhoudelijk en constructief willen zeggen.”

Aangezien Van Brempt Europees Parlementslid is, tweet ze zowel in het Nederlands als in het Engels. Ook daar merkt ze verschillen in. “In het Engels tweeten is een aangenamere ervaring. Daar wordt zelden persoonlijk aangevallen. Dat wil niet zeggen dat Vlamingen gemener zijn. Het internationaal publiek gebruikt Twitter gewoon anders.”

Onveiligheidsgevoel

De meeste politici beheren hun socialemediaprofielen zelf. Celis ziet als een van de oplossingen dat ze die door een medewerker laten beheren als het te erg wordt. “Zo moeten die vrouwen die heel negatieve impact niet zo rechtstreeks ondergaan.”

Kanko: ‘Ik krijg berichten dat ze weten waar ik woon en me gaan verkrachten. Daardoor voel ik me niet meer veilig’

Die negatieve impact is volgens Celis groot. Internationaal onderzoek wijst uit dat ze het welzijn en het gevoel van veiligheid aantasten, wat vrouwen vaak tegenhoudt om in de politiek te stappen.

Soors verliet eind 2020 de Kamer. De online haatberichten waren daar geen drijfveer voor, maar ze merkt wel een groot verschil. “Ik besef nu welke last er voor mij is weggevallen door daar niet meer over te moeten nadenken en daar veel minder dan vroeger mee te moeten bezig zijn. Ik kan me heel goed voorstellen dat het voor andere vrouwen een reden is om er in de eerste plaats niet mee te beginnen.”

Volgens Kanko is dat gevoel van onveiligheid vaak groot. “Ik krijg berichten dat ze weten waar ik woon en me gaan verkrachten. Een man tweette ook ooit dat hij me in het park naast het Europees Parlement had zien wandelen en dat hij me had kunnen bodyslammen. Daardoor voel ik me niet meer veilig en dat beperkt je bewegingsvrijheid.”

Dagelijkse realiteit

Het is een dagelijkse realiteit voor vrouwelijke politici. “Ik sta er niet meer van versteld dat, als ik ’s ochtends mijn mailbox open, iemand het nodig vond om te sturen wat een dikke trut ik ben”, zegt Rutten. “Daar begin je dan je dag mee. Doorheen de jaren heb ik ook wel geleerd om dat van me af te zetten. Ik lees niet alle reacties en reageer er al zeker niet op.”

Van Brempt: ‘Aan jonge politica’s wil ik de raad geven: wapen u. Het is niet de realiteit’

Ook Van Brempt zegt dat het zo’n dagelijkste praktijk is geworden dat ze er zelfs niet meer bij stil staat. Na jaren ervaring kan ze ook makkelijker die haatreacties op sociale media negeren. “Die raad wil ik zeker aan de jonge politica’s geven. Wapen u. Het is niet de realiteit. Je trekt je ontzettend veel aan in het begin, omdat je bevestiging nodig hebt. Als jonge vrouw heb je nood aan feedback, maar vraag die aan je collega’s. Laat het niet afhangen van het gescheld op sociale media.”

“Die online haatreacties gaan me niet stoppen”, zegt Kanko. “Hoe meer ze dat doen, hoe bozer het me maakt. Daardoor wil ik er nog meer tegenin gaan. Ik zal er blijven tegen strijden. Ook voor mijn eigen dochter. Het is mijn taak om bij te dragen aan een betere toekomst.”

Hate speech

Wat valt er aan die online haatberichten te doen? “Mij een hoer noemen of zeggen dat ik tien kilo plamuur op mijn gezicht heb is wettelijk toelaatbaar”, zegt Soors. “Maar tegelijkertijd zijn dat geen berichten die je elke dag wil krijgen. Daar valt eigenlijk niets tegen te beginnen.”

Volgens Celis zou je berichten kunnen beschouwen als hate speech, wat strafbaar is. Dat is een moeilijke discussie. “Waar is de grens tussen vrijheid van meningsuiting en het brutaal behandelen van mensen online?”, zegt Kanko. “De vrijheid moet blijven bestaan, maar bepaalde zaken zouden we moeten kunnen bestraffen. Daar moeten we een evenwicht in kunnen vinden.”

Online haatberichten strafbaar stellen, lijkt Soors geen goed plan, gezien ze voorstander is van vrijheid van meningsuiting. “Men kan wel meer sensibiliseren, zorgen voor duidelijkere communityregels stellen en een betere samenwerking met social media platformen. Die platformen kunnen misschien ook sneller gebruikers waarschuwen dat ze erover gaan.”

Politieke verantwoordelijkheid

Een andere optie is om vrouwelijke politici meer te ondersteunen. “Politieke partijen zouden training kunnen geven over hoe ze met die online haat moeten omgaan”, zegt Celis. Zo’n training kan heel relevant zijn, vindt Van Brempt. “De impact van sociale media wordt steeds groter. Het is belangrijk dat je handvaten krijgt aangereikt hoe je daarmee moet omgaan.”

Volgens Rutten is ook solidariteit onder vrouwen in de politiek is belangrijk. “Er is een quote van Madeleine Albright: ‘There’s a special place in hell for women who don’t help  other women.’ Het is makkelijk om weg te kijken, maar dan ben je deel van het probleem. Speak up, en laat mensen ook weten dat dat niet kan.” Rutten werd zelf al hard aangepakt op sociale media en haalde veel uit de steunberichten die ze kreeg van andere vrouwelijke politici. Dat probeert ze ook zelf te doen. “Dat is voor mij over de partijgrenzen heen. Ik kan heel andere ideeën hebben dan iemand anders, maar als ik zie dat een andere politica wordt aangepakt, probeer ik in de bres te springen.”

Politici zouden volgens Rutten ook hun steentje kunnen bijdragen door hun eigen taalgebruik aan te passen. Uitdrukkingen zoals ‘ze is hysterisch’, ziet ze liever verdwijnen.  “Het debat mag van mij zeker een stevig debat zijn, maar wel één waar de bal gespeeld wordt en niet de man of de vrouw. En dat gebeurt nog te weinig.”

Premier Alexander De Croo (Open Vld) wil zijn steentje bijdragen aan gendergelijkheid in de politiek. Ook online haat naar vrouwelijke politici zou daarin een aandachtspunt moeten zijn, zegt Celis. “Gendergelijkheid in de politiek heeft te maken met zorgen dat meer vrouwen in de politiek instromen, maar ook dat die vrouwen blijven. Dergelijke seksistische aanvallen zetten een rem op het feit dat vrouwen in de politiek willen blijven. Het is aan het politieke bedrijf om daar oplossingen voor de voorzien. Dat is niet de verantwoordelijkheid van die individuele vrouwen.”


Uitgelichte afbeelding: Gwendolyn Rutten (Foto: © Thierry Roge (Belga))

Auteur: Charlotte Deprez

Charlotte is freelance journalist. Ze volgde de bachelor print- en onlinejournalistiek aan Howest en de master radio- en televisiejournalistiek aan de VUB.

Word lid

Word jij lid van Apache? Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu al vanaf 6,25 euro per maand.


Ja, ik word lid

Word nu lid van Apache en geniet van deze voordelen:

  • Toegang tot alle ruim 4.000 artikels
  • Deel de artikels gratis met je vrienden
  • Toegang tot alle dossiers en het volledige archief
  • Treed in discussie met journalisten en andere lezers
  • Korting op events en andere journalistieke producten, zoals e-books