Gebrek aan cijfers hindert strijd tegen etnisch profileren

 Leestijd: 4 minuten1

Er is een gebrek aan onderzoek naar en gegevens over etnisch profileren door de politie in België. Het ontbreken van een duidelijk beeld van de problematiek, maakt een effectieve aanpak moeilijk. Onder andere Amnesty International en Steunpunt voor jeugdwelzijnswerk, Uit De Marge, die zelf getuigenissen verzamelden, vragen al jaren actie, maar die blijft uit.

De dood van George Floyd zorgt wereldwijd voor protesten tegen racisme en politiegeweld. De zwarte Amerikaan kwam om het leven door politiegeweld: een politieagent hield minutenlang zijn knie in Floyds nek.

Ook in ons land woedt volop een debat over racisme en politiegeweld. Zondag (7 juni) protesteerden duizenden mensen in verschillende steden om racisme en politiegeweld tegen gekleurde mensen aan te klagen.

In het debat en protest rond politiegeweld klinken ook stemmen die het etnisch profileren door de politie aanklagen. Etnisch profileren is de praktijk waarbij agenten mensen tegenhouden of controleren louter op basis van hun uiterlijk, zoals bijvoorbeeld de huidskleur van een persoon.

Geen officiële gegevens

Amnesty International Vlaanderen deed in 2018 een onderzoek naar etnisch profileren door de politie, waarna ze samen met Uit De Marge, KifKif en De Roma in 2018 een congres organiseerden rond het fenomeen. Met verschillende getuigenissen van slachtoffers van etnisch profileren en gesprekken met politieagenten, plaatsten zij het probleem op de Belgische politieke agenda.

Onderzoeker Jop Van der Auwera: ‘In België staan we op de barricades, en ik geloof dat er in sommige gevallen ook etnisch geprofileerd wordt, maar we kunnen het niet statistisch hardmaken’

Uit het onderzoek bleek onder meer dat de politie geen officiële cijfergegevens bijhoudt van etnisch profileren. Het fenomeen wordt dus niet geregistreerd. Eén van de aanbevelingen was dan ook om daar werk van te maken. Er werden een rist andere beleidsaanbevelingen geformuleerd in het rapport, maar daar gebeurde nog niets mee.

Doctorandus Jop Van der Auwera van het Leuvens Instituut voor Criminologie (LINC), onderzoekt momenteel de validiteit van gedragsprofilering in luchthavens. Van der Auwera beaamt dat er te weinig onderzoek is naar etnisch profileren in België. Een gebrek aan cijfermateriaal maakt het moeilijk om het fenomeen in kaart te brengen.

Criminoloog Paul Ponsaers (UGent), die meewerkte aan het rapport van Amnesty International, erkent eveneens het gebrek aan wetenschappelijk onderzoek naar het fenomeen. “Eigenlijk is dat hier ongemerkt voorbij gegaan. Er wordt in België dan ook nauwelijks geregistreerd, zoals ook Amnesty International beschrijft in het rapport. Dat is een deel van het probleem”, zegt Ponsaers.

In Groot-Brittannië moeten politieagenten wel registratiefiches invullen als ze iemand op straat controleren, geeft Van der Auwera mee. “Ze moeten ingeven waarom ze een persoon controleren, wat zijn nationaliteit, etniciteit en leeftijd is, en nog andere factoren. Op basis daarvan kunnen statistieken opgemaakt worden.”

“In België staan we nu allemaal op de barricades dat er etnisch geprofileerd wordt, en ik geloof ook dat het in sommige gevallen zo kan zijn, maar we kunnen het niet statistisch hardmaken”, zegt Van der Auwera.

Volgens Van der Auwera is het rapport van Amnesty International ook geen kwantitatief, maar een kwalitatief onderzoek. “Eigenlijk zegt dat rapport enkel iets over de ervaringen van burgers en politieambtenaren, maar het zegt niet precies hoe groot het probleem is”, stelt Van der Auwera.

Registreren

Volgens onderzoekster Anne Claeys van Amnesty International Vlaanderen zijn enkele politiezones de voorbije jaren gestart met proefprojecten. Onder meer in Brussel-Noord, Charleroi en Luik worden er stappen gezet in kader van etnisch profileren, zoals training rond het fenomeen.

In Brussel-Noord, Charleroi en Luik lopen momenteel proefprojecten in kader van etnisch profileren

Ook in Antwerpen wordt het probleem op de agenda gezet. Antwerps schepen van Onderwijs en voormalig politiecommissaris Jinnih Beels (sp.a) haalde recent nog aan dat een actieplan rond correcte profilering één van de punten is van ‘de Grote Verbinding’ in het bestuursakkoord van de Antwerpse coalitie.

Steunpunt voor jeugdwelzijnswerk, Uit De Marge voegt ook de daad bij het woord en heeft het project ‘Zo Geflikt‘ lopen, om de vertrouwensband tussen jongeren en politieagenten te herstellen. “Uit De Marge is al jaren aan de slag rond de relatie tussen kinderen, jongeren en politie. Daarom organiseren we vormingsmomenten voor politieagenten en dialoogmomenten met politie en jongeren”, zegt coördinator Ikrame Kastit aan Apache.

Daarnaast moet er volgens Kastit ook politieke actie komen op vlak van etnisch profileren. “De getuigenissen van jongeren die we hoorden waren confronterend en het onderzoek van Amnesty International bevestigde het ook: we zitten met een probleem rond etnisch profilering bij de Belgische politie”, klinkt het.

Anne Claeys: ‘Cijfers kunnen de discussie verrijken, maar als er dan vanuit het beleid niets gedaan wordt, is er natuurlijk wel weer een probleem’

In Mechelen schoot burgemeester Bart Somers (Open Vld) in 2017 al in actie. In de politiezone Mechelen-Willebroek wordt iedere identiteitscontrole door de politie centraal geregistreerd. De agent moet burgers ook de reden van de controle vertellen.

Enkel door het probleem in kaart te brengen, kan men vervolgens het intern beleid bijwerken. Dat gebeurt nog lang niet overal, integendeel. “Dat hangt vooral af van individuen die moedig en gemotiveerd zijn om dat te doen”, stelt Anne Claeys.

“Meer agenten erkennen ook het probleem van ‘etnisch profileren’. Maar er is nog veel werk aan de winkel. Als het – in sommige zones – enkel bij woorden blijft, het beleid niet volgt, en het verschil op straat niet te merken is, dan is die erkenning van het probleem misschien niet zo geloofwaardig”, zegt Claeys.

“Cijfers kunnen de discussie verrijken, maar als er vanuit het beleid niets mee gedaan wordt, is er natuurlijk wel weer een probleem. Er moeten dus maatregelen aan gekoppeld worden”, benadrukt Claeys.

Aanbevelingen

Uit het onderzoek van Amnesty bleek dat politiemensen het moeilijk vinden om te weten wanneer ze een controle moeten doen. Daardoor gebeuren niet altijd correcte controles. “We hebben de Wet op het Politieambt, die stelt dat je een redelijke grond moet hebben om te kunnen controleren, maar de vertaling van die wet naar de praktijk is echt een leemte”, geeft Claeys aan.

Volgens onderzoeker Van der Auwera is ook dat juridisch niet evident. “Van etnisch profileren is eigenlijk enkel sprake als het gebeurt wegens de huidskleur, of de religieuze overtuiging van de betrokken personen. Van zodra de reden van een controle gekoppeld wordt aan meerdere, niet-discriminatoire factoren, is het juridisch gezien geen etnisch profileren, stelt het Europees Hof voor de Rechten van de Mens”, zegt hij.

Daarom is het volgens de onderzoeker zeer moeilijk om het fenomeen, en zelfs oplossingen, op een betrouwbare manier in kaart te brengen.

Behalve registratie vraagt Amnesty International de Belgische regering ook onder andere om van leidinggevenden te eisen dat ze voldoende toezicht hebben op waarom en hoe politieambtenaren identiteitscontroles uitvoeren. Ook in opleidingen moet meer aandacht komen voor het verbod op etnisch profileren. Amnesty stelt ook voor om meer in te zetten op het indienen van klachten.

Claeys gelooft dat het omzetten van de verschillende aanbevelingen van het onderzoek een stap in de goede richting ze zijn. In het buitenland is er alvast wel inspiratie te vinden.

Claeys wijst onder meer naar een proefproject in de Spaanse stad Fuenlabrada, ten zuiden van Madrid, waar etnisch profileren werd aangepakt door registratie en andere maatregelen. “Men zag al na enkele maanden dat het aantal controles met de helft was verminderd, maar dat de pakkans toch drie keer zo groot was. Bovendien verminderde de discriminatie”, zegt Claeys.

Auteur: Samira Atillah

Samira Atillah werkte in het Genkse jeugdwerk en vervolgens als medewerkster in het Federaal Parlement. In 2018 verscheen van haar ‘Zijn naam was Youssef,’ (Houtekiet-2018). Het boek legt de situatie bloot van vluchtelingen die van Calais naar Engeland trekken.

Haar bijzondere interesse gaat uit naar socio-economische thema’s en migratie. In het verleden schreef ze geregeld opinies voor Vlaamse media over deze onderwerpen.

Word lid

Word jij lid van Apache? Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu al vanaf 6,25 euro per maand.


Ja, ik word lid

Word nu lid van Apache en geniet van deze voordelen:

  • Toegang tot alle ruim 4.000 artikels
  • Deel de artikels gratis met je vrienden
  • Toegang tot alle dossiers en het volledige archief
  • Treed in discussie met journalisten en andere lezers
  • Korting op events en andere journalistieke producten, zoals e-books