Pleidooi voor democratische controle over technologie

 Leestijd: 7 minuten0

Wendy Liu ging van Google-medewerker, over stereotiepe oprichter van een start-up, naar socialistisch militant, en daarover schreef ze haar boek ‘Abolish Silicon Valley.’ Een gesprek met Liu over haar ‘theoretische terugblik’, de broodnodige hervorming van de tech-industrie, en democratische controle over technologie.

Wendy Liu mag je bijna een Silicon Valley stereotype noemen. Ze studeerde af als computeringenieur, werkte bij Google en richtte daarna haar eigen start-up op. Maar uiteindelijk brak ze met die wereld. Het verhaal achter die transitie schrijft ze neer in Abolish Silicon Valley: How to Liberate Technology from Capitalism. Of hoe ze van hardcore believer naar socialist ging.

“Het is bijna een memoire”, lacht Liu. “Het is een soort theoretische terugblik. Want het doel is niet enkel om te praten over mezelf, maar om via mijn ervaring grotere structuren en problemen bloot te leggen. Het is cultuurkritiek en politieke opinie verwerkt in een memoire. Ik probeer mijn proces van ontgoocheling met de tech-industrie zo uit te leggen dat het andere mensen meetrekt.”

“Een groot deel van het doelpubliek van het boek zijn de mensen die zien dat de tech-industrie problemen heeft, maar geen alternatief vinden. Ik denk daarbij aan mensen die in de tech-industrie werken, erin ondergedompeld zijn. Het boek probeert hen een groter analytisch kader aan te reiken.”

Van Trump naar Corbyn

Liu is de ideale persoon om dat te doen. Ze geloofde namelijk echt in de belofte van Silicon Valley, de regio vlakbij San Francisco waar de belangrijkste technologiebedrijven ter wereld zoals Google, Facebook en Apple ontstonden. “Ik was een echte believer. Ik studeerde computerwetenschappen en wiskunde aan de universiteit, ging bij Google werken, en toen dat me niet vervulde begon ik maar een eigen start-up. We haalden geld op, maakten een product, gingen bij een accelerator en waren zelfs een tijdlang winstgevend.”

Wendy Liu (Foto: © Jackie Luo)

“Vanaf jonge leeftijd geloofde ik dat de tech-industrie ging over innovatie, efficiëntie en zelfs de wereld veranderen. Ik geloofde ook erg hard in meritocratie. Dat als ik goed studeerde en een goed CV had, dat ik dan succes zou vinden. Ik zag geen alternatief. Een dikbetaalde job krijgen bij een groot bedrijf of een start-up was mijn doel in het leven.”

Maar stelselmatig viel dat beeld uiteen voor Liu. “Rond 2014 kwam er steeds meer kritiek op de sector, en ik was daar helemaal niet op voorbereid. Mijn hele identiteit hing af van tech. En toen kwam er kritiek op hoe Silicon Valley en de tech-industrie seksistisch was, op het feit dat nutteloze start-ups gigantische hoeveelheden kapitaal vergaarden, en op de slechte arbeidspraktijken van sommige bedrijven.”

Het breekpunt voor Liu kwam er bij de verkiezing van Donald Trump in 2016. “Door die schok begon ik meer aandacht te besteden aan politiek en economie. Trump deed de deur open voor een diepere kritiek op de tech-industrie en het economische systeem waarin we leven. Op dat punt liep onze start-up ook tegen zijn grenzen aan, en we verkochten het bedrijf. Toen begon ik een master in London gefocust op ongelijkheid.”

In Londen raakte ze verwikkeld in de opkomende beweging rond Jeremy Corbyn, op dat moment leider van de Britse Labour Party. “Daar vielen de puzzelstukjes in elkaar. Ik ontmoette activisten. Zij vochten tegen hoge huurprijzen, hoge studieschulden, lage lonen en politieke inactie bij het establishment. Tegelijk las ik enorm veel over kapitalisme en neoliberalisme.”

‘Trump deed de deur open voor een diepere kritiek op de tech-industrie en het economische systeem waarin we leven’

Parallel daaraan raakte de tech-industrie steeds dieper verwikkeld in schandalen. Het Britse bedrijf Cambridge Analytica bleek bijvoorbeeld op grote schaal data uit onder andere Facebook gehaald te hebben om te proberen kiezers te manipuleren, diensten die ze vervolgens verkochten aan de campagnes van Trump en voor Brexit.

Het verhaal rond de start-up Theranos kwam ook aan het licht. Dat was een medische Silicon Valley start-up die steun kreeg van heel wat belangrijke investeerders, maar uiteindelijk bleek gelogen te hebben over hun product, dat niet werkte en de gezondheid van een hoop mensen in gevaar bracht. “Alles begon op zijn plaats te vallen”, blikt Liu terug. “Plots had ik een analytisch kader om dit alles te interpreteren. En het begon steek te houden.

Vervreemding

Liu’s boek is het resultaat van die persoonlijke reis. En daarmee haakt ze perfect in op een golf van activisme die door Silicon Valley stroomt. Opvallend daaraan is dat ook goed betaalde, vaak geprivilegieerde werknemers van grote tech-bedrijven plots op straat komen. In 2019 kreeg Google bijvoorbeeld nog met intern verzet te maken toen het bedrijf wilde samenwerken met het Amerikaanse leger. Volgens Liu is dat logisch.

‘Mensen willen niet werken aan code die het leger gebruikt om drones te geleiden, of om vluchtelingen aan de grens op te pakken’

“Bij dit soort bedrijven heb je natuurlijk geweldige arbeidsvoorwaarden”, vertelt ze. “Je verdient veel geld, je krijgt aandelen in het bedrijf, je hebt een mooie gezondheidsverzekering en ze verzorgen zelfs je eten en vervoer. Maar ondanks al die voordelen heerst er een gevoel van vervreemding. Want heel wat programmeurs verwachten dat ze controle krijgen over hun werk. Als je programmeert omdat je het graag doet, dan wil je inspraak in de projecten waaraan je werkt. En Google biedt dat niet.”

Die vervreemding lag volgens Liu aan de basis van de protesten van de laatste jaren. “Mensen willen niet werken aan code die het leger gebruikt om drones te geleiden, of om vluchtelingen aan de grens op te pakken. Er heerst een beeld van ‘white collar workers’ als verwend, en dat is fout. Want de reden waarom deze mensen zoveel verdienen is omdat ze geen controle krijgen over hun werk. Google haalt enorme hoeveelheden winst uit de code die zij schrijven, alhoewel die misschien onethische doelen dient. Hun loon is een poging tot smeergeld, zodat ze gewoon door blijven werken en niet al te veel kritiek uiten.”

‘Ik zat als start-up-oprichter constant bij mensen en industrieën die ik niet ethisch vond, maar we hadden hun geld nodig’

Binnen het ecosysteem van Silicon Valley bieden start-ups een uitlaatklep voor dit soort frustraties. Ambitieuze jonge werknemers die gekneld zitten in hun job bij een tech-gigant bouwen zo iets voor zichzelf. Maar voor Liu bleek dat al snel een ontgoocheling.

“Na voor Google te werken zag ik de problemen van de bedrijfswereld. Dus ik dacht dat als ik mijn eigen start-up kon oprichten, dat alles dan beter zou zijn. Maar ik dacht niet na over hoe een kleine start-up groot wordt. Vanaf het begin zagen we problemen opduiken. Vanaf dag één moesten we nadenken over hoe we geld zouden verdienen, en al snel bleek dat verkopen aan industrieën die we niet steunden de enige manier was om dat te doen.”

“We verkochten producten aan reclame-bedrijven die gewoon consumenten wilden manipuleren. Ik zat constant bij mensen en industrieën die ik niet ethisch vond, maar we hadden hun geld nodig.”

“Als start-up-oprichter ben je uiteindelijk afhankelijk van externe krachten, we konden dus niet ontsnappen. Als we een succesvolle start-up wilden zijn moesten we ofwel geld aannemen van investeerders, en dus controle over ons bedrijf weggeven, ofwel omzet halen uit bedrijven die we niet ethisch vonden. Je bent dus afhankelijk van de mensen en bedrijven met veel geld, en dat zijn niet altijd de meest ethische spelers. Ik kon niet ontsnappen aan de vervreemding.”

Niet hervormen maar afschaffen

De tech-wereld valt dus niet te hervormen volgens Liu. Vandaar ook de titel van haar boek, ze wil Silicon Valley afschaffen, en dus niet zomaar hervormen zoals Amerikaanse politici nu erg vaak voorstellen. “De term ‘abolition’ komt van andere bewegingen”, vertelt Liu. “Denk maar aan de ‘prison abolition’ beweging of de ‘abolish ICE’ beweging (ICE is de Amerikaanse politiedienst die migratiewetten moet afdwingen, red).”

“De exacte definitie van dit woord verandert natuurlijk, maar ik gebruik het omdat het toont dat dit geen eenmalig proces is. Het duidt op een transformatie. Bij prison abolition gaat het bijvoorbeeld niet over het openzetten van alle gevangenisdeuren. Het bespreekt het feit dat onze maatschappij op zo’n manier gestructureerd is dat gevangenissen nodig zijn. Maar wat als we onze maatschappij hervormen zodat gevangenissen geen doel meer dienen?”

‘De boodschap van het boek is niet dat alle tech-bedrijven hun deuren moeten sluiten, of dat we geen technologie meer mogen ontwikkelen’

“De boodschap van het boek is dus niet dat alle tech-bedrijven hun deuren moeten sluiten, of dat we geen technologie meer mogen ontwikkelen. We moeten vooral nadenken over hoe we tot dit punt kwamen.”

En dan kom je natuurlijk bij de mythe van Silicon Valley. “Wanneer mensen denken aan Silicon Valley, denken ze aan sociale mobiliteit”, stelt Liu. “Het beeld van de dropout die in een garage een wereldbedrijf bouwt en miljardair wordt. Maar dat beeld is problematisch, en een mythe. We moeten nadenken over een wereld zonder miljardairs, waar we rijkdom op een andere manier verdelen en innovatie anders aanwakkeren. Alle problemen die verbonden zijn met Silicon Valley hangen samen met ons economisch systeem.”

Volgens Liu is Silicon Valley trouwens geen uitzonderlijk voorbeeld van kapitalisme. “Silicon Valley kwam niet uit het niets. Er zijn heel wat gelijkenissen met hoe andere sectoren en industrieën ontstonden. Neem bijvoorbeeld Wall Street, dat was lang een vergelijkbare plek met Silicon Valley vandaag. Een vergelijking die heel wat mensen in de tech-industrie kwaad maakt. Want voor mensen die na 2008 op de jobmarkt kwamen was Wall Street iets kwaadaardigs, terwijl Silicon Valley een goedaardiger beeld had.”

‘We mogen onze horizon niet beperken tot een lichtjes betere tech-industrie, die bijvoorbeeld meer vrouwen of mensen van kleur aan de top plaatsen. Dat is niet genoeg’

“Maar de gelijkenissen tussen Wall Street en Silicon Valley zijn onmiskenbaar. Silicon Valley claimt vandaag bijvoorbeeld dat het ok is dat zij zoveel geld verdienen, want ze bieden efficiënte diensten aan heel wat mensen aan. Maar Wall Street vertelde exact hetzelfde voor de crash. Wanneer je teruggaat naar bronnen uit die periode, dan zie je dat Wall Street constant praat over meer efficiëntie en het democratiseren van de financiële wereld. Bijna een exacte kopie van wat Silicon Valley vandaag zegt.”

“Wall Street praatte ook constant over meritocratie, en dat het ok was dat ze zoveel verdienden, want de besten werkten zich naar de top, ondanks hun achtergrond. Dat beeld viel natuurlijk aan diggelen omwille van de financiële crisis, maar vandaag zeggen de meeste mensen in Silicon Valley bijna identieke zaken.”

Socialisme

Silicon Valley is dus gewoon de herhaling van een eeuwenoud patroon binnen het kapitalisme, waarbij nieuwe sectoren opkomen en anderen terug neervallen, met alle uitspattingen van dien. Dat betekent ook dat we volgens Liu Silicon Valley niet zomaar kunnen hervormen, bijvoorbeeld door tech-giganten zoals Amazon, Google of Facebook in stukjes te delen zoals vandaag regelmatig wordt voorgesteld.

“Hervormen is natuurlijk belangrijk”, stelt Liu. “Maar tegelijk we mogen onze horizon zeker niet beperken tot een lichtjes betere tech-industrie, die bijvoorbeeld meer vrouwen of mensen van kleur aan de top plaatsen. Dat is belangrijk, maar niet genoeg. We moeten technologie op een helemaal andere manier ontwikkelen.”

‘Het debat moet meer gaan over hoe we dit alles organiseren zodat het niet winst dient, maar wel het algemeen belang’

En die nieuwe manier verwijst opnieuw naar de vervreemding die de mensen die technologie ontwerpen voelen. “Grote bedrijven openbreken, biedt maar een beperkte waarde in dit debat”, vertelt Liu. “In sommige gevallen is het nuttig, maar over het algemeen denk ik dat we tech-giganten beter ofwel nationaliseren ofwel op een andere manier beheren. Soms is het gewoon nuttig om één centrale dienst aan te bieden. Een deel van wat Google zo nuttig maakt is dat je alle informatie op één plek vindt.”

“Het is belangrijk om te beseffen dat al deze grote bedrijven, zoals Facebook, Amazon en Twitter, sterke ingenieurs-teams en technologie hebben, ondanks alles wat ze fout doen. En zij bouwden heel sterke technologische innovaties. Het is dus moeilijk om dat allemaal weg te gooien en te decentraliseren in een hoop kleine bedrijfjes.”

“Het debat moet meer gaan over hoe we dit alles organiseren zodat het niet winst dient, maar wel het algemeen belang. In die context is het ook belangrijk om over open-source te praten. Zo maken we van die technologie echt een publiek goed, in plaats van gewoon het eigendom van een iets kleiner bedrijf.”

Je mag het zelfs socialisme noemen. “Socialisme is een goede manier om dit te beschrijven”, stelt Liu. “Ik ben comfortabel met dat woord, alhoewel ik ook snap dat dit niet zo is voor heel wat anderen. Onze huidige context en technologische basis is natuurlijk heel anders dan die van socialisten uit het verleden. Maar het principe dat we de economie op een democratische manier moeten besturen blijft voor mij dezelfde, wat er ook gebeurt met technologie.”


Uitgelichte foto: Laura Ockel (Unsplash)

Auteur: Tom Cassauwers

Freelance reporter en schrijver, vooral over technologie en geschiedenis,

Word lid

Word jij lid van Apache? Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu al vanaf 6,25 euro per maand.


Ja, ik word lid

Word nu lid van Apache en geniet van deze voordelen:

  • Toegang tot alle ruim 4.000 artikels
  • Deel de artikels gratis met je vrienden
  • Toegang tot alle dossiers en het volledige archief
  • Treed in discussie met journalisten en andere lezers
  • Korting op events en andere journalistieke producten, zoals e-books