Textielsector bundelt krachten voor productie beschermende kledij

 Leestijd: 3 minuten3

De Belgische textielsector bundelt de krachten om tijdens de coronacrisis beschermend textiel te produceren voor rusthuizen, ziekenhuizen en vele andere zorgverstrekkers. Bedrijven hebben hierbij ook aandacht voor duurzaamheid. ‘Wij bekijken momenteel of we mondmaskers op één of andere manier, samen met ziekenhuizen, kunnen desinfecteren voor hergebruik.’

Textielbedrijven Alsico, Dutra, Van Herck, Sarco en Van Heurck produceren beschermend textiel voor de zorgsector. De vraag naar mondmaskers en ander materiaal van ziekenhuizen is momenteel enorm. Om aan de vraag te kunnen voldoen, bundelen ze de krachten binnen de brede textiel- en confectiesector.

“We hebben intussen een pool gecreëerd van een twintigtal andere lokale confectiebedrijven die ‘stand by’ staan om die lokale productie te ondersteunen”, zegt Jo Van Landeghem van de Belgische modefederatie Creamoda. Dat kan gaan over bedrijven die voorzien in materialen, stoffen snijden, of afgewerkte textielproducten confectioneren.

Extra capaciteit

Creamoda richtte inmiddels een heuse ‘task force COVID-19′ op, met de bedoeling om alle medische confectiebedrijven samen te zetten, en te voorzien van extra capaciteit. Wat de precieze productiecapaciteit uiteindelijk zal zijn, kunnen ze momenteel nog niet meegeven.

“In België is er dus wel capaciteit”, benadrukt Van Landeghem. Al heeft dat wel een prijs. “Alles wat we doen in eigen land is duurder dan in het buitenland, ook al werken onze bedrijven zo goed als kostendekkend en niet met de bedoeling om winst te maken.”

Jo Van Landeghem (Creamoda): ‘We hebben een pool gecreëerd van een twintigtal lokale confectiebedrijven die ‘stand by’ staan om de lokale productie te ondersteunen’

Bedrijven die interesse hebben om beschermende producten te maken in België kunnen zich kandidaat stellen bij de overheid. Ze worden vervolgens uitgenodigd en moeten kunnen garanderen dat ze aan bepaalde technische vereisten voldoen. Zo kan men garanderen dat de mondmaskers op een correcte manier worden geproduceerd, en ze ook naar behoren functioneren. Ook de federale crisiscel en de betrokken inspecties bekijken de voorstellen.

De betrokken bedrijven worden bevoorraad vanuit Tunesië en Marokko met ‘kritische producten die beschermend kunnen werken’. En ook uit de buurlanden worden ‘medische stoffen’ ingevoerd. “Wij sturen vervolgens de stuks naar de assemblageplaatsen in België, Tunesië of Marokko om daar de producten in elkaar te steken. Dat komt vrij snel terug naar ons”, klinkt het.

Tunesië is intussen ook in lockdown, maar voor bepaalde producten, zoals deze, worden wel uitzonderingen gemaakt, stelt Van Landeghem. “Al blijft dat afhangen van lokale regeringen. Wij hopen dat die uitzonderingen ook voor ons zullen blijven gelden.”

Hergebruik

Daar blijft het niet bij. De federatie bekijkt samen met enkele laboratoria, waaronder Centexbel, of er ook pistes zijn om mondmaskers te desinfecteren en op die manier te hergebruiken.

De federatie uit dan ook bedenkingen bij de wegwerpmaskers die momenteel door de regering massaal worden geïmporteerd, vooral op vlak van duurzaamheid. “Die maskers moet je na één keer weggooien. Gaan we het daar lang genoeg mee volhouden? Hopelijk wel, maar we bereiden ons best voor op het ergste”, zegt Van Landeghem.

Behalve deze bedrijven die hun steentje proberen bijdragen, zijn er nog andere textielbedrijven die de handen uit de mouwen steken. Zij werden door lokale autoriteiten gevraagd om zich in te zetten voor het produceren van mondmaskers. “Na een oproep van een lokaal ziekenhuis gaan zij dan aan de slag,” zegt Van Landeghem.
De beursgenoteerde lingerieproducent Van de Velde is er zo één. Daar worden 1.000 tot 1.500 mondmaskers per dag gemaakt, op vraag van het Algemeen Stedelijk Ziekenhuis in Aalst.

Dokter met beschermende kledij (Foto: Artur Tumasjan (Unsplash))

Minder productie elders

Het is echter niet allemaal zo rooskleurig. Lang niet alle Belgische textielbedrijven worden ingezet tijdens deze coronacrisis.

Volgens federaal vakbondssecretaris van het ABVV Eli Verplancken hebben ook al heel wat textielbedrijven hun deuren gesloten. De (grote) bedrijven die de voorgeschreven veiligheidsmaatregelen kunnen garanderen produceren wel nog. “Maar minder dan anders. Er is meer werkloosheid.” Verplancken schat de werkloosheid in de sector op zo’n 50 procent.

Vinciane Mortier (ACV): ‘We mogen de wasserijen die het linnen van de ziekenhuizen wassen zeker niet vergeten’

Ook vakbondssecretaris Vinciane Mortier van het ACV beaamt dat al heel wat bedrijven in de sector stilliggen. “Bovendien maken de bedrijven die nog open zijn zich momenteel op om gefaseerd de werkzaamheden te stoppen.”

Het gaat er momenteel dus hard aan toe in de textielsector, maar net daarom ziet Van Landeghem ook kansen. “Door lokaal in te zetten op bedrijven om mondmaskers en beschermmateriaal te produceren, kan je daar mensen aan het werk zetten.”

Een klein aantal bedrijven in de zachte textielsector werkt intussen nog hard verder, omdat ze als cruciaal worden gezien. “De wasserijen mogen daarbij zeker niet vergeten worden. Zij wassen het linnen van de ziekenhuizen”, stelt Mortier. Volgens haar is daar bovendien een grote nood aan beschermingsmiddelen, maar wordt er binnen de sector gekeken naar ondersteuning.

Globalisering

Behalve de zorgen over beschermingsmiddelen, rijzen er steeds meer ongeruste vragen over de economie in het algemeen. Ook lokale bedrijven die nu hun nek uitsteken om mondmaskers te produceren vrezen moeilijkheden na de coronacrisis.

“We gaan allemaal ooit die dure mondmaskers die onze regering haalde uit het buitenland moeten terugbetalen”, zegt Van Landeghem. Volgens hem zullen onze bedrijven de prijs mee betalen. “En wat gaat er dan gebeuren met onze lokale industrie die toch een bepaalde kostprijs heeft?”, vraagt hij zich af.

Van Landeghem vreest dat aankopers hun toevlucht zullen nemen tot de goedkoopste producten, en dat zal de Belgische lokale economie niet ten goede komen. “Door dit denken uit het verleden zijn we onze lokale kritische industrie net kwijtgespeeld en zitten we nu in de problemen”, zegt hij. “Ongelimiteerde globalisering en het internationaal afhankelijk zijn, heeft duidelijk zijn limieten, en dat is door de coronacrisis erg duidelijk geworden.”

Van Landeghem vindt het dan ook hoog tijd om lokaal zo veel mogelijk bedrijven te activeren, zodat België ook morgen economisch goed draait.

Auteur: Samira Atillah

Samira Atillah werkte in het Genkse jeugdwerk en vervolgens als medewerkster in het Federaal Parlement. In 2018 verscheen van haar ‘Zijn naam was Youssef,’ (Houtekiet-2018). Het boek legt de situatie bloot van vluchtelingen die van Calais naar Engeland trekken.

Haar bijzondere interesse gaat uit naar socio-economische thema’s en migratie. In het verleden schreef ze geregeld opinies voor Vlaamse media over deze onderwerpen.

Word lid

Word jij lid van Apache? Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu al vanaf 6,25 euro per maand.


Ja, ik word lid

Word nu lid van Apache en geniet van deze voordelen:

  • Toegang tot alle ruim 4.000 artikels
  • Deel de artikels gratis met je vrienden
  • Toegang tot alle dossiers en het volledige archief
  • Treed in discussie met journalisten en andere lezers
  • Korting op events en andere journalistieke producten, zoals e-books