Wat dreef twee jonge meisjes in de armen van IS?

13 juni 2018 Yoeri Maertens
AP Seierstad, Åsne (c) Kagge Sturlason
Åsne Seierstad ((c) Kagge Sturlason, AP)

De Noorse auteur/journalist Åsne Seierstad schreef eerder al over de nasleep van de oorlog in Afghanistan ('De boekhandelaar van Kaboel' (2002)) en een relaas over Anders Breivik, de blanke, extreemrechtse Noor die het land terroriseerde in 2011 ('Een van ons' (2013)). In 'Twee zussen' (net in Nederlandse vertaling uit) vertelt ze het verhaal van een Noors-Somalisch gezin dat twee dochters naar Syrië ziet vertrekken.

'Twee zussen' (Åsne Seierstad, De Geus, 2018)
'Twee zussen' (Åsne Seierstad, De Geus, 2018)

Het boek kwam er op expliciete vraag van Sadiq, de vader van de zusjes. "Ik wil dat mensen de signalen herkennen. Zelf waren we blind. We dachten dat het voorbij zou gaan. Intussen weten we wel beter."

Seierstad beschrijft het radicaliseringsproces van de zusjes Juma stap voor stap. Voor ook maar iemand hen kan tegenhouden, nemen ze het vliegtuig richting Syrië. Daarmee gooien ze ook hun kinderdromen overboord. In plaats van diplomaat of advocaat, worden ze huisvrouwen in Raqqa.

In haar jeugd was Ayan nochtans een echte feministe, die zich fel uitsprak tegen de onderdrukking van de vrouw: "'Ben je niet tevreden met jezelf? Ben je vaak gestrest? Hoeveel jongens hebben vanavond naar je gekeken? Wanneer had je de laatste keer seks? Al die geniepige vragen waardoor je je een buiten-wc in India voelt. En wat nog erger is, we moeten armzalige kleine ratten van mannen baren voor wie we zorgen en van wie we houden tot ze zelf mannen worden die op hun beurt weer een vrouw zullen onderdrukken.'"

Van een koerswijziging gesproken.

'We willen de moslims zo graag helpen en de enige manier waarop we hen werkelijk kunnen helpen is door bij hen te zijn in hun leed en hun vreugde'

De enige verklaring die de ouders krijgen, is een afscheidsboodschap die hen via e-mail bereikt: "Op dit moment worden de moslims langs alle kanten aangevallen en we moeten iets doen. We willen de moslims zo graag helpen en de enige manier waarop we hen werkelijk kunnen helpen is door bij hen te zijn in hun leed en hun vreugde. Het voldoet niet langer om thuis te zitten en geld te sturen. Met dit in gedachten hebben we besloten naar Syrië te gaan om daar zo goed als we kunnen te helpen. We weten dat het absurd klinkt, maar het is haqq (de waarheid, nvdr.) en we moesten wel gaan."

Verwoede pogingen van hun vader Sadiq om hen terug naar Noorwegen te halen, mogen niet baten. Ayan en Leila willen van geen terugkeer weten.

Naar aanleiding van de lancering van de Nederlandse vertaling van het boek sprak Apache met de auteur.

AP Seierstad, Åsne (c) Kagge Sturlason
Åsne Seierstad ((c) Kagge Sturlason, AP)

Radicalisering

Het boek behandelt een onderwerp dat Europa lange tijd verbijsterde: Wat zorgt ervoor dat jongeren hun relatief veilige bestaan hier opgeven om naar Syrië te trekken en zich aan te sluiten bij IS?

Seierstad benadrukt dat het onmogelijk is om iedereen over dezelfde kam te scheren. Iedereen heeft zijn of haar eigen drijfveren. Toch zijn er een aantal profielen.

“Ik denk niet dat er een pasklaar antwoord bestaat. Sommigen vertrekken uit een zoektocht naar de betekenis en zin van het leven, op zoek naar wat ze met hun leven kunnen aanvangen."

Voor anderen is hun radicalisering gebaseerd op andere redenen. Zoals ook vermeld werd in het stuk van Le Soir over radicalisering in gevangenissen, gaan sommige rekruteerders specifiek op zoek naar zwakke individuen. Mensen die op zoek zijn naar de zin van het leven, maar vooral naar gezelschap en de behoefte hebben om ergens bij te horen. Dus radicalisering kan ook gebeuren uit een zoektocht naar een thuis.

Nog anderen hebben wel degelijk iets achter te laten. 50 tot 60 % heeft een strafblad. Deze criminelen kunnen hun oude leven achterlaten en zich profileren als een herboren moslim op weg naar het paradijs."

"In het geval van de zusjes Juma waren er eigenlijk geen speciale problemen. Naast de problemen waar iedere migrant mee worstelt natuurlijk. Ze komen uit een immigrantenfamilie, hebben een donkere huidskleur in een overwegend blank land en leefden in een armere buurt in een welstellende wijk. Bij hen was de ommezwaai hoofdzakelijk religieus geïnspireerd. De aanzet werd gegeven door hun koranleraar en van daaruit begon de geleidelijke reis die hun uiteindelijk naar Syrië bracht,” vertelt Seierstad.

Inkijk in radicaliseringsproces

Aangezien haar boek een unieke inkijk in het fenomeen van radicalisering biedt, hoeft het niet te verwonderen dat het ondertussen zowel door leerkrachten, maatschappelijk werkers als jeugdwerkers ter hand wordt genomen. De zussen vormen dan ook een schoolvoorbeeld van een geleidelijke radicalisering.

Schoolvoorbeeld van een geleidelijke radicalisering

Toch was dit niet de drijfveer voor het schrijven van het boek, zegt Seierstad. “Wanneer ik het schrijfproces aanvatte, had ik helemaal geen idee waar het boek zou eindigen. Ik zette er mijn schouders onder, omdat dit grotendeels onontgonnen materie was, waar nog amper iets over geschreven was.”

Ook al komt het radicaliseringsproces heel duidelijk naar voor in de loop van het boek, toch werd geen enkel signaal tijdig opgemerkt.

Zo vraagt Ayan in het begin van het boek om haar broer Ismael uit het huis te zetten, omdat hij 'geen moslim' is, aangezien hij nooit bidt. Voorts weigeren zowel Ayan als Leila nog langer aan de gymnastiekles deel te nemen, op basis van religieuze overwegingen en dragen ze, ondanks een verbod, een allesverhullende nikab op school.

Seierstad: “We mogen niet vergeten dat dit verhaal dateert uit 2013. De zusjes Juma maakten dan ook deel uit van de eerste golf die naar Syrië vertrok. Van IS was op dat moment nog helemaal geen sprake. Vandaar ook dat de ouders dachten dat dit wel zou overwaaien. Ze dachten dat het niets meer en niets minder was dan typisch puberaal gedrag. Vandaag de dag zou dit volgens mij veel vroeger opgemerkt worden. Nu weet men namelijk wat de verschillende signalen zijn”.

Noorwegen mee verantwoordelijk?

Ook al lieten de veiligheidsdiensten een aantal steken vallen, toch vindt Seierstad het te gemakkelijk om de verantwoordelijkheid op de overheid af te schuiven.

"In Noorwegen is het over het algemeen goed gesteld met de inburgering van immigranten. Het is niet zoals in Frankrijk, waar moslims zich voornamelijk in de lagere regionen van de samenleving bevinden en samentroepen in de banlieues. Maar natuurlijk is er nog een weg te gaan en is de inburgering nog steeds voor verbetering vatbaar.”

Voor Seierstad speelde vooral de moeder van het gezin een sleutelrol in het radicaliseringsproces:

'De moeder vormde dan ook meer een gevaar voor haar dochters dan Noorwegen'

“In mijn ogen was het feit dat de moeder helemaal niet geïntegreerd was en geen woord Noors sprak heel belangrijk. De moeder vormde dan ook meer een gevaar voor haar dochters dan Noorwegen. Het is ook zij die haar dochters onbedoeld inwijdt in de meer duistere regionen van de islam, enkel en alleen omdat ze wou dat haar dochters meer zoals haar waren. Is dat dan de schuld van Noorwegen? Nee, zij koos ervoor om nooit Noors te leren. Ik ga dus niet akkoord met de versie dat wij hen ertoe aanzetten. Zij kozen dit uit eigen vrije wil, dus enkel en alleen zij zijn verantwoordelijk voor hun lot. Vergeet niet dat deze meisjes echt alle mogelijkheden hadden in Noorwegen.”

Link tussen islam en extremisme?

Seierstad benadrukt dat het belangrijk is en blijft om de islam die moslims dagdagelijks beleven te onderscheiden van de radicale, extremistische versie van IS:

Het is extreem belangrijk om deze twee duidelijk gescheiden te houden. En dat is ook wat ik mijn boek getracht heb te doen. Zo schrijf ik bijvoorbeeld dat er op zich niets verkeerd is met Koranscholen. De meeste zijn dan ook vergelijkbaar met zondagsscholen (waar het christelijk geloof onderwezen wordt, red.). Maar in dit geval, scheelde er gewoon iets aan deze specifieke leerkracht.

Toch kwam er reeds kritiek op Seierstads boek vanuit de moslimgemeenschap. Zo beweert Naseem Chaudhry in Aftenposten – de grootste krant in Noorwegen – dat Seierstad amper onderscheid aanbrengt tussen de reguliere islam en de versie van IS. Daarnaast zoomt ze niet genoeg in op de specifieke situatie waarin een migrantengezin zich bevindt. Vooral het gevoel een buitenstaander te zijn, blijft onderbelicht, aldus Chaudhry.

'We kunnen toch niet alles verklaren omdat iemand ons kwaad aanstaarde?'

Seierstad reageert: “Het probleem is dat ik daar gewoon amper iets over kon vinden. Niemand heeft me daar iets over gezegd, noch de vader, noch de broer. De moeder, daarentegen, gaf wel aan dat ze aangestaard werd op straat omwille van haar kledij.

Maar zij is de enige die dit aangeeft. En je dient in het achterhoofd te houden dat ze in een voornamelijk blanke wijk terechtkwam en dat het hoofdzakelijk oudere mensen waren die haar aanstaarden. Ik ben er inderdaad van overtuigd dat mensen haar soms nakeken, maar dit komt deels misschien ook vanuit de vraag ‘Wie is deze nieuwe vrouw in onze wijk?’ Maar dan denk ik, 'Ok, deal with it.' We kunnen toch niet alles verklaren omdat iemand ons kwaad aanstaarde?

Ayan heeft denk ik één enkele tweet waarin ze schrijft dat Noorwegen zo racistisch is, maar ze gaat er niet dieper op in. Ik heb deze tweet ook in mijn boek opgenomen, maar dat is dan ook het enige wat ik erover kon vinden.”

‘Het had mij ook kunnen overkomen’

Zoals hierboven reeds aangehaald, schreef Seierstad vroeger al een boek over Anders Breivik. Vandaar de vraag waar de inleving het gemakkelijkst was. Aan de ene kant heb je een blanke, extreemrechtse terrorist die Noorse jongeren doelbewust uitschakelde, aan de andere kant twee Noors-Somalische zusjes die besluiten om naar Syrië te trekken om daar mee het kalifaat gestalte te geven.

“In alle eerlijkheid, het was stukken gemakkelijker om mij met de twee meisjes te identificeren. En dat is omdat ze gelukkige tieners leken, met een goede jeugd en op zoek naar de zin van het leven. Op een bepaalde manier had mij dit ook kunnen overkomen. Daarnaast is er natuurlijk ook het feit dat ik hun radicalisering stap voor stap kon volgen.

Verder hebben ze nog iets met mij gemeenschappelijk. Voor hen was dit een soort romantisch avontuur. Ook ik ben op vrij jonge leeftijd naar conflictzones getrokken. Sommigen zeiden me dat ik mijn leven riskeerde, maar mijn reactie was dan ‘Wel als ik sterf, dan sterf ik’. Heel fatalistisch dus, net als de meisjes, die zeggen dat dat dan Gods wil is. Op die manier was het gemakkelijker om me met hen te identificeren.

'In het geval van Breivik denk ik niet dat ik ooit iets gevonden heb waarmee ik mij kon identificeren'

In het geval van Breivik denk ik niet dat ik ooit iets gevonden heb waarmee ik mij kon identificeren. Alles rond hem was dan ook veel minder tastbaar: zijn ongelukkige kindertijd, zijn zoektocht naar aandacht, zijn disfunctionele familie, zijn zoektocht om ergens bij te horen, maar telkens afgewezen te worden, hoe hij het dark net en het fascisme ontdekt …

We mogen niet vergeten dat de meisjes (nog) geen terroristen zijn, terwijl Breivik doelgericht plande om jonge mensen te vermoorden. Natuurlijk moet ik me in zekere mate inleven om over hem te kunnen schrijven, maar ik begaf me echt op vreemd terrein. De meisjes, daarentegen, vertrekken vanuit een droom. Dit is niet het geval met iedereen die naar IS trekt, maar in hun geval, zijn ze er echt rotsvast van overtuigd dat dit het beste is wat hen kon overkomen. Dit is het plan van God, het ware leven. Dus zij vertrekken met goede intenties.”

Het vraagstuk rond de kinderen en vrouwen van het kalifaat

Natuurlijk diende ook de kwestie rond de zogenaamde ‘kinderen van het kalifaat’, kinderen van IS strijders die opgroeiden in IS gebied en zich nu grotendeels ophouden in allerlei vluchtelingenkampen, verspreid over Syrië en Irak, aangekaart te worden. Net als in België, is dit ook in Noorwegen momenteel een ‘hot topic’.

Aisha Shezadi, die in het boek ter sprake komt, dook een tweetal weken geleden op in een Koerdisch vluchtelingenkamp in Syrië. Daar ontmoette ze een Noors-Koerdische mensenrechtenactivist, die ze een handgeschreven brief meegaf gericht aan het Ministerie van Buitenlandse Zaken, waarin ze vraagt om gered te worden. Ze is echter nog steeds geradicaliseerd, maar heeft ‘problemen’ met IS.

'Als Noren in het buitenland in de problemen komen door hun eigen toedoen, dan is er heel weinig dat we kunnen doen'

Tot op heden heb ik nog geen officieel antwoord van Noorwegen gezien, naast het feit dat ze aangeven dat Aisha naar een land vertrok waar ten stelligste werd aanbevolen om weg te blijven.

Noorwegen kan dan ook heel weinig doen om Noren te helpen als ze in de problemen komen in het buitenland. Deze reactie is te vergelijken met een Noor die in Thailand opgepakt zou worden voor drugshandel. Als Noren in het buitenland in de problemen komen door hun eigen toedoen, dan is er heel weinig dat we kunnen doen. Maar, zoals ik reeds zei, een echte officiële verklaring is er nog niet gekomen.”

Dit doet denken aan de Belgische situatie, waar VRT-journalist Rudi Vranckx erin slaagde om twee Belgische moeders te lokaliseren in een Koerdisch vluchtelingenkamp in Syrië. Deze moeders pleitten ervoor om hun kinderen terug naar België te brengen om hen zo een veilige toekomst te garanderen. Ook al zou dat naar alle waarschijnlijkheid betekenen dat de moeders in de gevangenis zouden belanden. Child Focus schaarde zich reeds achter hun vraag. Een echte oplossing laat echter ook hier nog steeds op zich wachten.

“De kinderen terughalen zonder hun ouders lijkt me niet echt een oplossing. Wat als ze een ongelukkige jeugd doormaken en te weten komen dat België hun moeders liet verkommeren in een oorlogsgebied? Er is nu eenmaal geen simpele oplossing voor het probleem.

Volgens mij kijkt Noorwegen momenteel vooral de kat uit de boom om te proberen te achterhalen hoeveel vrouwen en kinderen er precies zijn. Tot op heden is Aisha het enige gekende geval.

Verder kan een oplossing ook enkel op bilateraal niveau tot stand komen, van staat tot staat. Noorwegen zal niet onderhandelen met een Koerdische militie, dus dan zou er onderhandeld moeten worden met Assad …”

Nog nieuws over de zusjes?

Ondanks de focus op de Noors-Somalische familie, hoop ik dat mijn boek ook aantoont dat de grootste slachtoffers van het conflict de Syriërs zelf zijn

We zijn twee jaar verder sinds de publicatie van het boek. Heeft Seierstad ondertussen nog iets van de meisjes vernomen?

“De laatste communicatie dateert van een jaar geleden, toen de zusjes nog steeds overtuigd leken van hun keuze. Ik weet dat ze vóór de val van Raqqa gevlucht zijn naar de grens met Irak, maar sindsdien ontbreekt elk spoor. Mogelijk zijn ze ondergedoken of zijn ze ondertussen niet langer in leven.”

Syriërs als ware slachtoffers conflict

Voor we het gesprek afronden, wil Seierstad toch nog iets kwijt:

“Ondanks de focus op de Noors-Somalische familie, hoop ik dat mijn boek ook aantoont dat de grootste slachtoffers van het conflict de Syriërs zelf zijn. Jihadis trekken naar hun land om daar oorlog te voeren tegen het Westen. En dan heb je nog Assad die terug een stuk sterker staat en Rusland en Saoedi-Arabië en Iran etc.”

Waarna ze een diepe zucht slaakt ...

LEES OOK