Ideeën die de wereld kunnen veranderen (6): coöperatieven en commons

 Leestijd: 6 minuten1

Deze zomer stelt Apache tien ideeën voor die de wereld zoals we hem kennen grondig zouden kunnen veranderen. Ideeën die nieuwe inzichten kunnen bieden en het maatschappelijk debat aanwakkeren, zonder rekening te houden met ‘links’ of rechts’. Die de utopist in ons naar boven brengen, of ons alleszins kunnen doen dromen van verandering. Vandaag deel 6: coöperatieven en commons.

Sommige economen geloven dat ‘het einde van het kapitalisme’ is aangebroken, dat de economie van de toekomst niet langer gebaseerd is op concurrentie, maar op coöperatie. Die coöperatie verloopt volgens hen volgens een distributief model en niet langer via hiërarchische organisaties die centraal geleid worden. De opkomst van de online economie blies coöperatieven en op commons gebaseerde samenwerkingsvormen immers nieuw leven in. Internet maakt het mogelijk om op grote schaal informatie en kennis te delen en om netwerken uit te bouwen die lokaal opereren, maar toch wereldwijd samenwerken.

Welke coöperatieve initiatieven bestaan er op dit moment? Hoe kunnen ze groeien zonder winst en eigenbelang voorop te stellen en zijn het werkelijk indicaties van een nieuw tijdperk?

Partago: “Samen voor een gezonde stad”

Partago is een Gentse coöperatie die elektrische auto’s ter beschikking stelt aan haar 110 coöperanten. Die hebben een kapitaal van gemiddeld 1.000 euro bijgedragen en beschikken op dit moment over zes electrische auto’s, verspreid over Gent, die ze kunnen gebruiken met een speciaal ontwikkelde app. Via de smartphone kan de auto geboekt en gelokaliseerd worden en wordt ook de autodeur geopend.

Coöperanten zijn tegelijk klant én aandeelhouder en kijken daarom verder dan de winst

Het bedrijf wordt in het dagelijks bestuur geleid door Joachim Jacob, de oprichter en zaakvoerder, en zijn team. Voor de strategische keuzes nemen de gebruikers/coöperanten zelf beslissingen. Joachim gelooft sterk in de democratische meerwaarde van deze organisatievorm: “Uiteraard willen we ook een winstmarge genereren bovenop onze kosten, maar dat is niet het enige doel. We willen ons kunnen verplaatsen in de regio rond Gent op een duurzame en ecologisch verantwoorde manier, én aan een redelijke prijs. De hele gebruikersgemeenschap die we hiervoor opbouwen heeft meer waarde dan alleen het kapitaal van de onderneming”, vertelt hij.

Ook coöperanten beklemtonen dat ze tegelijk klant én aandeelhouder zijn, en zo verder kijken dan de winst. Ze vinden het belangrijk om actief deel te nemen aan de keuzes die gemaakt worden en onderstrepen dat ze het fijn vinden dat ze zelf iets kunnen doen om hun omgeving te veranderen, in plaats van te verwachten dat dit van iemand anders komt.

Partago (Foto: ID (c) Frederiek Vande Velde)

Partago (Foto: ID )

Netwerk-coöperaties

Partago wil zich consolideren in de regio van Gent en heeft niet de ambitie om buiten de stad actief te zijn. “Coöperaties die in een andere stad een gelijkaardig intiatief willen opstarten, willen we graag ondersteunen met onze expertise, en we kunnen zelfs onze app ter beschikking stellen onder bepaalde voorwaarden”, aldus Joachim.

Recent werd Partago gecontacteerd door de Catalaanse coöperatie Sommobilitat die een gelijkaardige coöperatie voor elektrisch autodelen heeft opgericht in Barcelona. De samenwerking kan een win-winsituatie worden voor beiden, waarbij elk zich op het lokale niveau blijft concentreren maar bepaalde kosten, zoals de verdere ontwikkeling van de app, kunnen gedeeld worden. Beide coöperaties denken eraan om een Europees ‘Electric Car Sharing Netwerk’ op te richten dat initiatieven in andere steden kan ondersteunen.

Als we niet opgepeuzeld willen worden door monopoliebedrijven zoals Uber, moeten we een netwerk uitbouwen van coöperaties

Ricard Jornet is een van de oprichters van Sommobilitat. Hij vertelt dat de samenwerking een ideologische keuze is voor een ander economisch systeem: “Als we niet opgepeuzeld willen worden door monopoliebedrijven zoals Uber, moeten we een netwerk uitbouwen van coöperaties”. Ricard betoogt zelfs dat coöperatieve organisaties die samenwerken een concurrentieel voordeel hebben in vergelijking met bedrijven die een gelijkaardige activiteit centraal organiseren: “Die moeten een grotere en dure organisatiestructuur onderhouden en willen een grotere winstmarge overhouden. Voor coöperaties daarentegen zijn winst en groei niet de belangrijkste drijfveren, en daarom is de bereidheid om informatie, expertise en softwaretoepassingen uit te wisselen geen bedreiging voor de eigen ontwikkeling. Zo wordt het eenvoudiger om netwerken op te starten rond eenzelfde doelstelling, en de kosten kunnen gemakkelijker over het hele netwerk verspreid worden. Dat maakt het distributieve model veel efficiënter en goedkoper.”

Fairmondo: corruptie tegengaan

Wereldwijd zijn er tal van gelijkaardige voorbeelden, in verschillende sectoren. Fairmondo is een ‘coöperatieve marktplaats’ die werd opgericht in Berlijn in 2012 en die online producten verkoopt, een dienst vergelijkbaar met Ebay of Amazon.

Oprichter Felix Weth wil met Fairmondo in de eerste plaats een online coöperatief bedrijfsmodel creëren dat op een transparante en democratische manier werkt. “Ik heb verschillende jaren door Afrika gereisd en werd er getroffen door de systematische corruptie die vooral aan de jonge generatie kansen op ontwikkeling ontneemt. Door ons softwareplatform als open source ter beschikking te stellen van lokale coöperatieven, willen we jongeren in ontwikkelingslanden een kant-en-klaar model aanbieden voor economische onwikkeling op een transparante manier”, licht hij toe. In het Verenigd Koninkrijk heeft een lokale coöperatie Fairmondo UK opgericht, en tal van andere landen werken eraan om een gelijkaardig project op te starten.

Tegen monopolies grote internetbedrijven

Ook in de Verenigde Staten zijn er heel wat voorbeelden van coöperaties die een variant zoeken op het centraal georganiseerde businessmodel van Uber. De interneteconomie is er sterk ontwikkeld: apps bieden werk aan verplegers in de thuiszorg of schoonmaakpersoneel in hotels, op een vergelijkbare manier waarop Uber zijn taxibestuurders contracteert.

De monopoliepositie van nieuwe internetbedrijven zoals Uber leidt tot sterke afhankelijkheid en onzekerheid voor de werknemers

De New Yorkse academicus Trebor Scholz klaagt aan dat de monopoliepositie van deze nieuwe internetbedrijven leidt tot een sterke afhankelijkheid en onzekerheid voor de werknemers, die als freelancers nauwelijks enige inspraak hebben in de bedrijfsbeslissingen, die weinig transparant verlopen. “In dit monopoliemodel zijn de beslissingen en de noden van het bedrijf niet goed op mekaar afgestemd. De beslissingen worden vooral genomen in het belang van de aandeelhouders, en hun belangen verschillen van die van de werknemers en gebruikers. Uber is hiervan een duidelijk voorbeeld: hun model lijkt gewoonweg niet te werken. Vijftig procent van de taxibestuuders van Uber geeft het na zes maanden op omdat ze niet uit hun kosten komen”, zegt Scholz.

Volgens Scholz werden als reactie tegen dit monopoliemodel verschillende kleinschalige coöperatieven opgericht: “In New York organiseren werknemers uit de thuiszorg of schoonmaaksector hun diensten lokaal binnen een coöperatie, en er zijn ook taxicoöperaties in verschillende staten.” Het zijn op dit moment vaak lokale iniatieven, maar de organisatie internetofownership.net, waarvan Trebor Scholz medeoprichter is, probeert om een netwerk op te bouwen om de verschillende initiatieven met elkaar in contact te brengen.

Busstop in Afghanistan

Wikipedia is het meest vanzelfsprekende voorbeeld van een nieuwe productievorm die mogelijk is door het internet. Kennis wordt gecreëerd door een grote groep burgers wereldwijd en staat vrij ter beschikking zonder copyright. Ongeveer 27.000 vrijwilligers organiseren zich zonder hiërarchische organisatie op een efficiënte manier. Het platform haalt naar schatting 3 miljard dollar ‘uit de markt’: de encyclopedie-industrie is door Wikipedia als het ware gedeprivatiseerd, want ze kunnen niet op tegen het distributieve ‘commons’ organisatiemodel.

Asylos kan het passende bewijs leveren om het oordeel in een asielprocedure te doen kantelen ten voordele van de asielzoeker

De in Brussel gevestigde organisatie Asylos kan in zijn organisatiemodel vergeleken worden met Wikipedia. Asylos is een Europees netwerk dat data vergaart voor asielprocedures. Ellen Riotte, een van de initiatiefneemsters, vertelt dat het netwerk is ontstaan om hulp te bieden in specifieke situaties. Wanneer een advocaat in een asielprocedure moet aantonen dat het verhaal van een asielzoeker klopt, heeft hij soms nood aan erg specifieke fact checks, zoals de naam van een busstop in Afghanistan of de datum van een betoging in Tsjetsjenië. Asylos beschikt over een groep vrijwillige experten die de advocaat kan inschakelen om deze informatie op te sporen. Ze spreken de lokale talen en hebben een netwerk van contacten in de regio waar ze werken. Asylos kan op die manier, soms na slechts enkele uren heel efficiënt onderzoek, het passende bewijs leveren om het oordeel in een asielprocedure te doen kantelen ten voordele van de asielzoeker.

Op dit moment heeft de organisatie wereldwijd een groep van ongeveer honderd vrijwillige experten die hun diensten ter beschikking stellen van advocaten, ngo’s of individuen die specifieke informatie nodig hebben. “De online databank wordt binnenkort als open source gedeeld met andere organisaties die rond dezelfde thema’s actief zijn. Dat kan de efficiëntie nog vergroten”, zegt Ellen.

‘Gewoon de wereld verbeteren’

In Nieuw-Zeeland biedt een netwerk van professionals allerlei software aan die mensen kunnen gebruiken om “een sociale of ecologische meerwaarde te creëren” onder de naam Enspiral.

Chelsea Robinson, klimaatactiviste en medewerkster van Enspiral, licht enkele programma’s toe: “met Loomio, een soort Facebook, kunnen organisaties samen beslissingen nemen op een transparante manier. Chalke vormt een platform om lessen te organiseren of volgen in je eigen buurt om zo vrij kennis te delen, en Bucky Box is een app voor ecologische voedselcoöperaties die de bestelling en verdeling van voedselkorven organiseert.”

Craig Ambrose, als programmeur verbonden aan Enspiral, vertelt dat hun open source project marktverstorend werkt omdat “de software van Enspiral techisch vergelijkbaar is met die van de grote namen van de informatietechnologie in Silicon Valley, maar dat hen het erom gaat te wereld te verbeteren en gewoon in hun levensonderhoud te voorzien.”

Ook de interne organisatie van Enspiral gebeurt geheel volgens commons logica: geen centrale hiërarchische organisatie, maar een netwerk van medewerkers dat via een systeem van een tijdbank werkt, waarbij beslissingen genomen worden door een zo breed mogelijke basis – soms online via discussies en stemmingen en enkele keren per jaar offline op de grotere vergaderingen. Medewerkers benadrukken dat deze echte betrokkenheid in het beslissingsproces maakt dat ze zich meer inzetten voor het project. Op vijf jaar tijd groeide de organisatie tot 150 medewerkers, het aantal gebruikers van de software blijft exponentieel stijgen.

Een nieuw economisch tijdperk?

Zal internet ervoor zorgen dat de economie in de toekomst grotendeels werkt volgens een coöperatieve logica? Initiatiefnemers van coöperaties en commons voelen alleszins dat hun initiatieven veel navolging krijgen en een mentaliteitsverandering op gang brengen. Gebruikers geloven in hun projecten om de sociale waarde en het democratische, transparante karakter, waarbij het idee van winst maken alleen niet voldoende is.

Het is naïef te verwachten dat een hele economische logica zomaar kan worden omgedraaid

Toch is het naïef te verwachten dat een hele economische logica zomaar kan worden omgedraaid. Het leven van Wikipedia hing aan een zijden draadje, precies omdat sterke financiële belangen zich erdoor bedreigd voelden. De infrastructuur achter Amazon is zo overweldigend dat het lachwekkend is om te denken dat een coöperatie als Fairmondo hen zomaar een marktsegment kan afnemen. De financiële spierkracht van Uber wordt geschat op 64 miljard dollar: een coöperatief georganiseerde taxidienst die wereldwijd vertakt zou zijn, waarvan sommigen in de VS dromen, zou geen makkelijke weg voor zich hebben.

Het succes van coöperatieve organisaties hangt natuurlijk af van de individuele beslissing van de gebruikers. Wanneer het gebruiksgemak van een coöperatieve elektrische deelauto of een van open source software even groot is als een equivalent binnen een meer concurrentiële model, dan vergt het niet veel moeite om de overstap te maken. De grote vraag is hoeveel mensen er bewust voor kiezen om dit soort alternatieve modellen te gebruiken. Het wordt alleszins spannend om deze evolutie de komende jaren te volgen.

Auteur: Bart Grugeon Plana

Bart Grugeon is historicus en werkt als journalist voor La Directa in Barcelona en ook voor andere internationale nieuwssites. Hij schrijft over culturele en maatschappelijke thema’s en heeft een bijzondere interesse voor de deeleconomie en nieuwe vormen van “commons based peer production”. Zijn publicaties kan je vinden op zijn website: www.contributing2commons.org

Word lid

Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu nog aan 6,66 euro per maand.


Ja, ik word lid

Word nu lid van Apache en geniet van deze voordelen:

  • Toegang tot alle ruim 4.000 artikels
  • Deel de artikels gratis met je vrienden
  • Toegang tot alle dossiers en het volledige archief
  • Treed in discussie met journalisten en andere lezers
  • Korting op events en andere journalistieke producten, zoals e-books