Wiskundetaal

2

Onderzoek aan de Universiteit Hasselt wijst uit dat studenten die meer uren wiskunde volgden in het secundair er een hogere slaagkans hebben. No shit Sherlock, denkt u. De Universiteit Hasselt heeft immers vooral Exacte en Biomedische richtingen in het aanbod, het wiskundepakket is er een serieuze dobber. Nochtans durf ik beweren dat studenten die meer uren wiskunde volgden ook in Humane wetenschappen vaker slagen. Voor je het weet ga je daaruit foute conclusies trekken, zoals dat je leerlingen vooral moet aanmoedigen meer wiskunde te volgen.

Herman LoosHet is niet de eerste keer in mijn leven dat ik dit vraagstuk krijg voorgeschoteld. Als assistent aan de universiteit stelde ik jaar na jaar vast dat het aantal uren wiskunde rechtstreeks correleerde met de score op een voorkennistest geschiedenis. Wiskunde als voorspeller voor godbetert een historische feitenquiz. De vraag ligt dan voor de hand: word je slimmer van wiskunde of volgen slimmere studenten meer uren wiskunde? Of zijn beide waar?

Tekststructuur

Ik kan verklaren waarom ik zelf een wiskundige richting volgde. Naast druk van mijn ouders speelde vooral dit mee: minder uren wiskunde beperkt je studiekeuze in het hoger onderwijs. Kiezen voor economie, moderne talen of humane wetenschappen is geen vereiste om in het hoger onderwijs in deze richtingen mee te kunnen. Ik had, mede dankzij een wiskundeleerkracht die me twee jaar lang heeft getreiterd en gekleineerd, een hekel aan wiskunde maar die hekel was niet groot genoeg om wiskunde zoveel mogelijk uit mijn pakket te weren. Ik ben vast niet de enige die als tiener die overweging maakte: wiskunde laat je enkel vallen als het echt te zwaar is.

In het vak wiskunde leer je een analytische denkwijze aan die nergens anders aan bod komt. Dat wil echter niet zeggen dat binnen pakweg het taalonderwijs analytische vaardigheden niet aangeleerd kunnen worden. Enkel leek dat, tijdens mijn schooltijd tenminste, bijzaak. Teksten op een wetenschappelijke manier ontleden, heb ik nooit geleerd. Nochtans is begrip van de structuur van een tekst minstens een even goede voorspeller voor studieresultaten als het gevolgde aantal uren wiskunde.

Diagnostische taaltest

Begrip van de structuur van een tekst is minstens een even goede voorspeller voor studieresultaten als het gevolgde aantal uren wiskunde

Het Instituut voor Levende Talen in Leuven heeft een diagnostische taaltest ontwikkeld die, net zoals de graadmeter van het aantal gevolgde uren wiskunde, de slaagkansen in het hoger onderwijs voorspelt. Niet enkel voor de studenten Sociale wetenschappen die ik als assistent begeleidde, dezelfde bewering gaat op voor studenten aan de faculteit Wetenschappen. Meer zelfs: via deze taaltest slaag je erin een student als individu te bereiken, niet als deel van een statistische groep. Dat heeft enorme gevolgen.

Enerzijds vermijd je de val om studenten automatisch extra begeleiding te geven omdat ze minder wiskunde volgden, een idee dat is geopperd, of om ze naar meer wiskundige richtingen te duwen. Deze werkwijze is immers stigmatiserend en bovendien een verspilling van middelen. Anderzijds mogen de testresultaten gezien worden als een aanmoediging om het niet-wiskundeonderwijs op een meer diagnostische manier aan te pakken. Analytische vaardigheden train je immers niet enkel met limietberekening of goniometrie; ook zwoegen op de structuur van een tekst van Pierre Bourdieu bereidt leerlingen perfect voor op het hoger onderwijs. Zouden beleidsmakers begrijpen welk sommetje te maken op basis van deze tekst?

Auteur: Herman Loos

Herman Loos is auteur van Menselijke grondstof: over leven op de bodem van de Europese arbeidsmarkt (EPO). Hij is docent filosofie en ethiek aan hogeschool Odisee (Brussel) en docent sociologie aan AP Hogeschool (Antwerpen). Hij schreef columns voor Apache en publiceert ongeregeld opiniestukken en gastbijdragen bij uiteenlopende media.

Word lid

Word jij lid van Apache? Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu al vanaf 6,25 euro per maand.


Ja, ik word lid