PS schakelt hinderlijke corruptiespeurders uit

2

Moeten dertig corruptiespeurders, die al jaren uitstekend presteren in een reeks hypergevoelige politiek-financiële dossiers, straks als ordinaire misdadigers voor de correctionele rechtbank verschijnen op beschuldiging van valsheid in geschrifte, gebruik van valse stukken en knevelarij? Dat is de vraag die de raadkamer van Charleroi morgen (woensdag 16 oktober) op haar bord krijgt. Dit is het onwaarschijnlijke verhaal van de opgang en de ondergang van de cel Polfin in Jumet.

Formateur Elio Di Rupo stelde gisteren zijn Vlinderakkoord voor (Foto Danny Gys - Reporter)

Premier Elio Di Rupo (Foto Danny Gys – Reporter)

Flashback naar 4 oktober 2005. Elio Di Rupo, toen nog geen premier maar wel voorzitter van de Parti Socialiste, beklimt het spreekgestoelte op een inderhaast door hemzelf bijeengeroepen speciaal statutair congres van zijn partij. Tijdens zijn speech wordt de zaal muisstil. “Ik wil geen parvenu’s meer”, roept de partijvoorzitter. “Ik ben de parvenu’s spuugzat. Er is geen plaats voor parvenu’s in de PS!” Kort voordien had Jean-Claude Van Cauwenberghe, de sterke man van de PS Charleroi, na een stroom schandalen ontslag moeten nemen als Waals minister-president. De fraudezaken rond de sociale huisvestingsmaatschappij La Carolorégienne stapelden zich op. Di Rupo was het beu en kondigde aan dat hij grote kuis zou houden in eigen rangen.

De opkuisoperatie duurde langer dan verwacht. De geviseerde parvenu’s en affairisten, vaak politici met een sterke lokale achterban, lieten zich niet zonder slag of stoot opzij zetten en boden taai weerstand. Di Rupo zelf volgde Van Cauwenberghe tijdelijk op als minister-president van de Waalse regering. Hij stuurde een van zijn beste luitenanten naar Charleroi. Maar ook Paul Magnette moest compromissen sluiten met de clan-Van Cauwenberghe, zo bleek nog vorig jaar bij de samenstelling van de kieslijsten voor de gemeenteraadsverkiezingen.

Het oprollen van de fraudezaken rond La Carolorégienne en aanverwante dossiers was grotendeels het werk van speurders van de Centrale Dienst voor de Bestrijding van de Corruptie (CDBC), een onderdeel van de federale politie in Brussel. Ze kregen daarbij de steun van onderzoeksrechter France Baeckeland (inmiddels rechter bij het hof van beroep in Luik) en van Christian De Valkeneer, sinds 2005 de nieuwe en onkreukbare procureur van Charleroi (inmiddels procureur-generaal van Luik). De samenwerking met de lokale en federale politie in Charleroi verliep minder vlotjes. Sommige lokale flikken bleken al te dicht bij de verdachten te staan en zouden zelfs stiekem bepaalde huiszoekingen hebben gedwarsboomd.

ook Paul Magnette moest compromissen sluiten met de clan-Van Cauwenberghe, zo bleek nog vorig jaar bij de samenstelling van de kieslijsten voor de gemeenteraadsverkiezingen

Groen licht

Na overleg tussen de top van de federale politie en de magistratuur werd daarom begin 2009 besloten een speciale cel op te richten, grotendeels bestaande uit vanuit Brussel gedetacheerde speurders van de CDBC. Paul Van Thielen, destijds de grote baas ad interim van de federale politie, ging akkoord, op voorwaarde dat de operatie geen bijkomende kosten zou opleveren voor de federale politie. De cel werd gebaseerd in Jumet, een deelgemeente van Charleroi. Ze moest zich uitsluitend concentreren op politiek-financiële dossiers en kreeg daarom de naam Polfin. (De eenheid mag niet verward worden met de cel-Jumet of cel-Waals Brabant, die speurt naar de Bende van Nijvel en in hetzelfde gebouw was gehuisvest. Sommige leden van Polfin voerden occasioneel ook opdrachten uit voor onderzoeksrechter Martine Michel, die het Bende-onderzoek leidt. GT, PE)

“Alle lichten stonden op groen”, zegt een van de speurders. De cel, bestaande uit een dertigtal manschappen, vloog er stevig in. In 2011 werd Patrick Moriau, PS-kamerlid en burgemeester van Chapelle-lez-Herlaimont, in beschuldiging gesteld van passieve corruptie in het dossier Cittadelle-Citta Verde. Hij was als lobbyist opgetreden voor de Italiaanse bouwpromotor Gruppo Moro, met schimmige aandeelhouders in het Groothertogdom Luxemburg en de Britse Maagdeneilanden. Die groep wou een enorm winkelcentrum bouwen in de gemeente Farciennes. Mogelijk als beloning voor bewezen diensten had Gruppo Moro geld gestopt in een muziekfestival in de gemeente van Moriau. In de jaren tachtig, toen Moriau secretaris-generaal van de PS was, raakte hij verwikkeld in de smeergeldaffaire Agusta-Dassault. Na een aanslepend procedure werd hij in 2007 schuldig bevonden aan valsheid in geschrifte en het gebruik van valse stukken, maar niet veroordeeld. Ook in de zaak Cittadelle-Citta Verde werd hij nooit veroordeeld: Moriau overleed vorige zomer.

Begin dit jaar lekte uit dat de wereldberoemde regisseur Franco Dragone, de man achter de shows van Cirque du Soleil, verdacht wordt van fiscale fraude, witwassen, zwartwerk en subsidiefraude. Zijn bedrijf, de Franco Dragone Entertainment Group in La Louvière, zou in ons land quasi geen belastingen betalen. De winsten van zijn shows in gokparadijzen als Macao of Las Vegas zouden via een netwerk van postbusbedrijven op de Britse Maagdeneilanden, Luxemburg en Hongarije weggekanaliseerd worden. Het onderzoek loopt nog.

 

 

Mexicaans drugskartel

Met Edmée De Groeve, een strategische pion van de PS en een intimus van Di Rupo, nam de cel Polfin een andere parvenu in het vizier. De Vlaminge was tussen tegelijkertijd voorzitter van Brussels South Charleroi Airport (BSCA), de NMBS én de Nationale Loterij. Ze donderde van haar troon toen duidelijk werd dat ze zwaar had gesjoemeld met haar onkostenvergoedingen en snoepreisjes cadeau had gedaan aan bevriende politici. Vorige zomer werd De Groeve hiervoor veroordeeld tot vijftien maanden met uitstel. Via De Groeve arriveerden de speurders ook bij Didier Bellens, de CEO van Belgacom, eveneens van PS-signatuur. Een gebouw van Connectimmo, de vastgoedpoot van Belgacom, in Bergen (de thuishaven van Di Rupo) werd voor een verdacht lage prijs verkocht aan Xelis Siva, een firma van De Groeve. Dat resulteerde in de inverdenkingstelling van zowel De Groeve als Bellens voor respectievelijk actieve en passieve corruptie.

Met Edmée De Groeve, een strategische pion van de PS en een intimus van Di Rupo, nam de cel Polfin een andere parvenu in het vizier

In het kader van het onderzoek naar De Groeve deed de cel Polfin ook een huiszoeking in het gemeentehuis van Bergen. Daaruit bleek dat gemeentesecretaris Pierre Urbain, alweer een vertrouweling van Di Rupo, vreemde geldbeleggingen deed via Panamese en Luxemburgse vennootschappen en hiervoor samenwerkte met een Amerikaanse organisatie die banden had met berucht Mexicaans drugskartel. Urbain werd geschorst, moest aftreden en werd in verdenking gesteld wegens lidmaatschap van een criminele organisatie, misbruik van vertrouwen en inbreuk van de bankenwetgeving.

Het mag duidelijk zijn dat de cel van Jumet de voorbije jaren op vele gevoelige tenen heeft getrapt. In de hierboven genoemde dossiers ging het niet langer om kleine foefelaars uit de omgeving van Jean-Claude Van Cauwenberghe, maar om directe medewerkers van Di Rupo die met miljoenen goochelden en opereerden op internationale schaal. In vele gevallen bleek bovendien dat de premier meer met de zaak te maken had dan hij zelf zou willen toegeven.

Bagatel

Ondertussen ontdekten de speurders echter dat ze zélf het doelwit waren van een strafonderzoek. In juni 2011, toevallig of niet kort na de inverdenkingstelling van Belgacom-baas Bellens, blokkeerde de federale politie (om op dat moment nog onduidelijke redenen) de betaling van de onkosten voor maaltijden en verplaatsingen van de leden van de cel Polfin. Het bleek dat ze jarenlang zogenaamd een verkeerd formulier hadden ingevuld: F007 in plaats van F021. Een administratieve bagatel, zou men denken. Al die tijd werden de onkostenformulieren immers goedgekeurd door de hiërarchie van de federale politie en normaal uitbetaald.

Wat begon als een opmerking hierover door Alwin Lox, de chef van de personeelsdienst van de federale politie, werd vervolgens een disciplinair onderzoek. Dat gebeurde op vraag van Valère De Cloet, de toenmalige (inmiddels gepensioneerde) directeur-generaal ad interim van de federale gerechtelijke politie. De Cloet, een voormalig lid van het Comité P, heeft een duidelijk PS-etiket. En vervolgens werd het disciplinair onderzoek een volwaardig gerechtelijk onderzoek, zogenaamd tegen onbekenden, maar in feite tegen alle 34 speurders van de cel Polfin. Dat gebeurde met de zegen van Claude Michaux, de inmiddels gepensioneerde procureur-generaal van Bergen, alweer PS.

Omdat het om een onderzoek tegen onbekenden ging, kregen de verdachten geen inzage in het dossier, konden ze zich nauwelijks verdedigen en kregen ze ook geen juridische bijstand van hun werkgever. Bovendien werd het onderzoek geleid door Jean-Paul Raynal, de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg van Charleroi, alweer een PS’er – en dus niet door de onderzoeksrechter van dienst, zoals gebruikelijk is. Raynal had die beslissing zelf genomen “omwille van het delicate karakter van het dossier”. Kortom, de hinderlijke corruptiespeurders werden met de hulp van een reeks PS-figuren vakkundig in de tang genomen, gedestabiliseerd, gecriminaliseerd en uitgeschakeld.

De PS’ers die de machinatie tegen de speurders hebben opgezet, hebben hun doel bereikt: de strijd tegen de corruptie in Wallonië ligt op apegapen

Kafka

Het Comité P en de Bijzondere Belastinginspectie (BBI) werden ingeschakeld. Alle leden van Polfin werden verhoord en moesten zich uitgebreid verantwoorden voor meestal pietluttige bedragen. Ze werden, zo bleek nu pas, verdacht van onder andere knevelarij – een beschuldiging die kan leiden tot ontslag. Om de zaak nog ingewikkelder te maken werd het interne reglement over de onkostenformulieren intussen gewijzigd, en vervolgens werd die aanpassing weer teruggeschroefd. De geviseerde speurders voelden zich alsof ze in een absurde roman van Kafka waren verzeild. “Ik heb de indruk dat ik hier wordt beschuldigd van een moord”, verklaarde een van hen tijdens zo’n verhoor, “terwijl ik tweeduizend kilometer van de plaats van de misdaad was en dit sinds het begin van het onderzoek kan bewijzen aan de hand van mijn vliegtuigticket, de getuigenis van de hotelbaas ter plaatse en mijn vakantiefoto’s. Ik heb de indruk dat dit onderzoek uitsluitend gevoerd wordt ten laste van de speurders van Polfin, met de bedoeling ons te pesten en te bekladden.”

Zeer voorspelbaar leverde het onderzoek niets op. Het Comité P vond hoogstens anomalieën, geen misbruiken. “Het dossier is een slag in het water”, zegt commissaris Hugues Tasiaux, de chef van Polfin. “Het bestaat enkel om druk op ons uit te oefenen.” De nieuwe procureur van Charleroi, Pierre Magnien, kon niet anders dan op 28 juni jl. een vordering opstellen waarin hij ontslag van rechtsvervolging vraagt voor de 34 speurders. De kans dat de raadkamer morgen die stelling volgt en de speurders niet naar de correctionele rechtbank verwijst, is groot.

Maar intussen lijkt het kwaad al geschied. Eind vorig jaar was er een nieuwe vergadering van de top van de federale politie en de magistratuur, waarop werd beslist om de cel Polfin op te doeken. In principe moesten alle speurders vanaf 1 december terug naar Brussel, maar sommigen kunnen nog een tijdje in Jumet of Bergen blijven verder werken. Alain Luyckx, de alom gerespecteerde baas van de CDBC, heeft depressief de dienst verlaten en werd tijdelijk vervangen voor Michel Sacotte. Talrijke andere speurders kregen een burn-out, gingen op ziekteverlof of zochten gedegouteerd en gedemotiveerd andere oorden op. Van de oorspronkelijke dertig leden van Polfin blijft er momenteel nog maar de helft over, met alle gevolgen vandien voor de lopende onderzoeken. Zij die met de hulp van PS-figuren de machinatie tegen de speurders hebben opgezet, hebben hun doel bereikt: de strijd tegen de corruptie in Wallonië ligt op apegapen.

Auteur: Georges Timmerman

Werkte vijftien jaar als freelancer voor onder meer Knack, Trends, VRT-radio, Belgian Business Magazine en Markant. Van 1992 tot 2009 redacteur bij De Morgen. Verzorgde de economische, politieke en algemene berichtgeving. Gespecialiseerd in onderzoeksjournalistiek, fraude- en corruptiezaken, georganiseerde misdaad en inlichtingendiensten. Was bij De Morgen voorzitter van de redactieraad en leidde de personeelsdelegatie tijdens het collectief ontslag 2009.

Auteur: Philippe Engels

De biografie van deze auteur is niet beschikbaar.

Word lid

Word jij lid van Apache? Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu al vanaf 6,25 euro per maand.


Ja, ik word lid