Egards

1

Tijdens mijn bezoek aan het belastingkantoor van Mirande eerder deze week, werd ik behandeld met egards. Dat is het juiste woord. Het leek alsof ik plots een beter mens was geworden. Ik kwam praten over de zaak die ik moet opstarten. Ik word ondernemer. De reden daarvoor is eenvoudig: de Fransen willen me niet, zelfs niet voor de meest onnozele job; het contract dat ik met een Amerikaanse organisatie afsloot, bepaalt dat ik mijn zaakjes zelf op orde moet zetten.

Wat ik zocht, was de meest transparante manier om sociale bijdragen en belastingen te betalen. Wat ik kreeg, was een kruiperige, bijna verontschuldigende uitleg waarom ik, als ondernemer, net zoals ambtenaren of gewone gesalarieerden, een deel moet afdragen aan de staat. Dat irriteerde me. Ik maakte duidelijk dat dit de meest normale zaak ter wereld is, en dat ik graag wilde weten hoe ik die meest normale zaak ter wereld kon regelen zonder al te veel administratieve overlast.

Mensenstem

Geduldig stelde de dame de mogelijkheden voor. Ze suggereerde de beste oplossingen voor mijn zaak en tekende alles netjes uit op papier. Ze noteerde telefoonnummers van diensten die me zouden voorthelpen. Toen ik die diensten belde, werd de telefoon onmiddellijk afgenomen. Ik hoorde een vriendelijke, betrokken mensenstem en maakte probleemloos een afspraak. Mij werd succes gewenst door alle betrokkenen. Ik, de ondernemer, viel bijna om van de schouderklopjes.

Het is ooit anders geweest. De pôle emploi  (Franse VDAB) heeft mijn dossier van werkzoekende op een jaar tijd twee keer geschorst om onduidelijke redenen. Telefonisch deze schorsing aanvechten was onmogelijk. Je kwam na een half uur nog steeds niet voorbij het computerprogramma met de sonore stem. Tijdens een voortgangsgesprek verweet een medewerkster me geen moeite te doen omdat ik weigerde een maand in de Bordelaise te gaan werken als wijngaardsnoeier. De Bordelaise is 250 kilometer van mijn huis.

Als werkzoekende werd ik op sociale diensten soms behandeld als een luierik, soms als een idioot, soms als een paria. Nu, als ondernemer, ben ik plots een meneer. Ik krijg schouderklopjes en felicitaties.

Anderhalf jaar lang heb ik de meest vuile en fysiek zware jobs uitgeoefend. Tijdens die periode heb ik onvoldoende sociale rechten opgebouwd. Een dag niet gewerkt, was een dag geen inkomen. Op sociale diensten werd ik soms behandeld als een luierik, soms als een idioot, soms als een paria. Occasionele werkgevers aan wie ik duidelijk maakte dat ik niet in het zwart wilde werken – ik bouwde immers nog aan mijn sociale rechten – haalden de neus op en verlengden mijn weekcontract niet. Er zijn genoeg gewillige sukkelaars.

Gelijkgestemden

Nu, als ondernemer, ben ik plots een meneer. Ik krijg schouderklopjes en felicitaties. Ik vraag me af hoe lang het duurt voor dit normaal wordt. Voor je gaat geloven dat je een stuk beter bent dan de anderen, dat je door je eigenbelang na te streven het algemeen belang dient. Voor je in je clubje gelijkgestemden gaat klagen over de inertie van de politiek, over de vetzuchtige staat. Voor je bedenkt dat het verstandig is om een economische schok te veroorzaken in het belang van de economie. Van jouw economie. Jouw bedrijfje.

Auteur: Herman Loos

Herman Loos is auteur van Menselijke grondstof: over leven op de bodem van de Europese arbeidsmarkt (EPO). Hij is docent filosofie en ethiek aan hogeschool Odisee (Brussel) en docent sociologie aan AP Hogeschool (Antwerpen). Hij schreef columns voor Apache en publiceert ongeregeld opiniestukken en gastbijdragen bij uiteenlopende media.

Word lid

Word jij lid van Apache? Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu al vanaf 6,25 euro per maand.


Ja, ik word lid