Verliest PiS binnenkort de macht in Polen?

 Leestijd: 7 minuten0

De Polen stemmen zondag 28 juni voor de eerste ronde van de presidentsverkiezingen. Wat is er aan de hand bij onze oosterbuur, en is het mogelijk dat Recht en Rechtvaardigheid binnenkort de macht verliest?

Terwijl het er een maand geleden nog uitzag dat de huidige president Andrzej Duda (Recht en Rechtvaardigheid – PiS) het in de eerste ronde met gemak zou halen, lijkt het er nu op dat de verkiezing verrassend competitief is dankzij de late toetreding van de burgemeester van Warschau, Rafał Trzaskowski (Burgercoalitie – KO). De kans dat Duda het niet haalt in de tweede ronde is reëel, wat een politieke aardverschuiving zou betekenen in het land.

Eerste poging: Duda vs. Kidawa-Błońska

Eigenlijk zouden er dit weekend geen verkiezingen plaats vinden in Polen. De oorspronkelijke datum van de eerste ronde van de presidentsverkiezingen werd begin februari vastgelegd op 10 mei, met een mogelijke tweede ronde op de 24ste van diezelfde maand. Maar net zoals in de rest van de wereld, zorgde de uitbraak van de COVID-19 pandemie ervoor dat het onmogelijk werd om verkiezingen te organiseren op de oorspronkelijk vastgelegde datum.

Toen de pandemie arriveerde in Polen begin maart, was zittend president Andrzej Duda met voorsprong de favoriet om een tweede termijn binnen te halen. De voornaamste oppositiekandidate, Małgorzata Kidawa-Błońska van de Burgercoalitie (KO), leek er niet in te slagen om de oppositie rond haarzelf te verenigen, met een gemiddelde peilingsscore in de eerste ronde onder 25% en geen enkele peiling die wees op een mogelijke overwinning in de tweede ronde. 

De pandemie plaatste Kidawa-Błońska en andere oppositiekandidaten echter voor een cruciaal dilemma: met de introductie van een strikte lockdown op 10 maart, werd het niet alleen onmogelijk om campagne te voeren, maar werd het ook volstrekt ongepast. Tegelijkertijd kreeg Duda, net zoals andere regeringsleiders in Europa, een enorme boost dankzij zijn rol als staatsdragend figuur tijdens een (inter)nationale crisis, wat in de peilingen ook gereflecteerd werd met scores van 60% en meer. 

Alles leek erop te wijzen dat, mochten de verkiezingen alsnog doorgaan op de oorspronkelijk geplande datum van 10 mei, Duda een overweldigende verkiezingsoverwinning zou behalen in de eerste ronde. Kidawa-Błońska besloot op te roepen tot een boycot van de presidentsverkiezingen, een besluit dat haar eigen peilingscijfers deed kelderen tot een dieptepunt van 4% en er ook voor zorgde dat niet zij, maar de voormalige journalist Szymon Hołownia plots de leidinggevende figuur werd binnen de Poolse oppositie.

Verkiezingen per post?

Terwijl Duda hoge toppen scheerde in de peilingen, brak er een heftige politieke strijd los binnen de regering rond de vraag of de presidentsverkiezingen alsnog plaats moesten vinden op 10 mei. Formeel bestaat de regering niet enkel uit PiS, maar ook uit een aantal kleinere partijen, en de voorzitter van coalitiepartner Porozumienie (Vrij vertaald: de Overeenkomst partij), tevens de minister voor Wetenschap en Hoger Onderwijs, Jarosław Gowin, drong erop aan om de verkiezingen uit te stellen.

Die beslissing van Gowin kwam als een donderslag bij heldere hemel: PiS is vele malen groter dan haar coalitiepartners, maar in het huidige parlement zou de uittreding van Porozumienie betekenen dat de regering geen meerderheid meer heeft. 

De Poolse president Andrzej Duda (rechts) en premier Mateusz Morawiecki (Foto: W. Kompała (KPRM))

Begin april nam Gowin ontslag uit de regering, maar besloot tegelijkertijd om het kabinet van premier Mateusz Morawiecki te blijven steunen. Hierdoor werd de politieke patstelling niet doorbroken, maar net verdiept: hoe Porozumienie aan boord houden en tegelijkertijd de verkiezingen laten doorgaan begin mei?

Gowin stelde een verandering aan de grondwet voor die het mandaat van Duda met twee jaar zou verlengen, een voorstel dat echter meteen gekelderd werd door de Poolse oppositiepartijen, wiens stemmen nodig zijn om de vereiste twee-derde meerderheid te halen. Midden april leek Kaczyński dan toch een antwoord gevonden te hebben: de verkiezingen volledig door laten gaan per post.

In sneltempo werd er geprobeerd om een wet door het parlement te jagen die de verkiezingen per post zou mogelijk maken, met de Poolse Post als organisator. Dit leidde tot de absurde situatie waarbij de regering argumenteerde dat de verkiezingen moesten doorgaan op 10 mei omdat de grondwet dit voorschreef. Tegelijkertijd schond de regering de grondwet door de kieswet zes maanden voor verkiezingsdag aan te passen, iets wat expliciet als ongrondwettelijk bestempeld werd door het Poolse Grondwettelijke Hof in 2011.

Pas op 7 mei werd besloten om de verkiezingen uit te stellen, een beslissing die technisch gezien ongrondwettelijk is. Pas op 3 juni werd de huidige verkiezingsdatum van 28 juni vastgelegd, met een tweede ronde op 12 juli.

Tweede poging: Duda vs. Trzawskowski

Het is moeilijk om de eerste poging tot presidentsverkiezingen niet te zien als een politiek circus, waarbij zowel Recht en Rechtvaardigheid (PiS) als de Burgercoalitie (KO) aanzienlijke electorale schade leden. Meteen na de aankondiging dat de verkiezingen uitgesteld zouden worden, verloor Duda 10% in de peilingen, en Kidawa-Błońska slaagde er niet meer in om boven de 10% grens uit te komen.

Kort leek er een politieke opportuniteit te zijn voor twee andere kandidaten: Władysław Kosiniak-Kamysz van de Poolse Boerenpartij en de eerder vermelde Szymon Hołownia, een voormalige journalist bij onder meer de Poolse commerciële omroep TVN.

Trzaskowski slaagt er in zich te distantiëren van de vele blunders van zijn partij, en zich voor te stellen als een meer onafhankelijke kandidaat

Beide profileerden zich als centristische kandidaten die het land konden verenigen en daarmee de duopolie van ‘POPiS’ zouden doorbreken. POPiS is een pejoratieve benaming die zowel Recht en Rechtvaardigheid (PiS) als het Burgerplatform (PO), de grootste partij binnen de Burgercoalitie (KO), aanduidt als een en dezelfde partij. Zowel PO als PiS bestuurden het land afwisselend sinds 2005 en beide vinden hun historische roots binnen de Solidariteit-beweging uit de jaren 80.

Zowel Kosiniak-Kamysz als Hołownia haalden afwisselend peilingsresultaten die erop wezen dat een van hen de nieuwe oppositiekandidaat zou worden, maar midden mei was het vooral Hołownia die aan momentum leek te winnen.

Het momentum van beide kandidaten werd echter vrijwel meteen gestopt toen de huidige burgemeester van Warschau, Rafał Trzaskowski, naar voren geschoven werd als de nieuwe kandidaat van de Burgercoalitie (KO). In tegenstelling tot Kidawa-Błońska, die in oktober 2019 al de parlementsverkiezingen verloor tegen PiS, won Trzaskowski in 2018 onverwacht de burgemeestersverkiezingen voor Warschau in de eerste ronde.

Terwijl de nationale partij onder leiding van Grzegorz Schetyna de ene politieke blunder na de andere beging, kon Trzaskowski zichzelf een profiel aanmeten als niet alleen een competente bestuurder, maar ook als een socialere KO-politicus. Hij deed dit door de introductie van een reeks sociale programma’s in zijn eerste twee jaren als burgemeester van de Poolse hoofdstad.

Die positie als burgemeester lijkt nu een godsgeschenk voor Trzaskowski: ondanks het feit dat hij net zoals Kidawa-Błońska al jaren onderdeel is van het establishment van hun eigen partij, slaagt Trzaskowski er toch in zich te distantiëren van de vele blunders, en zich voor te stellen als een meer onafhankelijke kandidaat – terwijl dat laatste net de belangrijkste aantrekking was van Hołownia.

‘LGBT zijn geen mensen, dat is ideologie’

De verkiezingscampagne lijkt een elektroshock gekregen te hebben door de toetrede van Trzaskowski. Volgens het grootste deel van de opiniepeilingen zou hij ruwweg 30% halen in de eerste ronde, met ongeveer 42% voor Andrzej Duda. Belangrijker zijn echter de peilingen voor de tweede ronde, waar een heleboel resultaten erop lijken te wijzen dat Trzaskowski een realistische kans maakt om overtuigend te winnen.

Tegelijkertijd lijkt het er ook op dat Trzaskowski momentum heeft, met onverwacht grote opkomsten voor verkiezingstoespraken in kleinere steden, traditioneel eerder de bakermat van PiS. 

Terwijl in 2015 de presidents- en parlementsverkiezingen in het teken stonden van de Syrische vluchtelingencrisis, probeert Duda nu de LGBTQ+-gemeenschap te demoniseren

In reactie hierop, besloot de verkiezingscampagne van Duda om verder naar rechts op te rukken: in de meeste peilingen zouden de verzamelde kiezers van PiS en het extreemrechtse Konfederacja (een los samenwerkingsverband tussen een aantal extreemrechtse partijen en het monarchistische Konfederacja Korony Polskiej (Confederatie van de Poolse Kroon) voldoende moeten zijn om te winnen in de tweede ronde.

Terwijl in 2015 de presidents- en parlementsverkiezingen in het teken stonden van de Syrische vluchtelingencrisis, probeert Duda nu de LGBTQ+-gemeenschap te demoniseren. Tijdens een campagne-evenement begin juni verklaarde Duda dat de gemeenschap niet bestaat ‘uit mensen, maar uit ideologie’, en dat hij niet zou toestaan dat ze ‘kinderen zouden seksualiseren’.

De uitspraak van Duda lokte meteen straatprotesten uit en zorgde ook voor internationale verontwaardiging, maar Duda ging vrijwel meteen nog een stap verder door te verklaren dat ‘LGBT erger is dan het communisme’ en ‘neo-bolsjevisme’. Het z zijn uitspraken die de hele gemeenschap dehumaniseren en gelijkstellen aan landsverraders, en ook gelijkenissen vertoond met historische antisemitische retoriek.

Ondanks de cynische politieke berekeningen die schuil lijken te gaan achter Duda’s uitspraken, is het onduidelijk of deze uitspraken Duda politiek geholpen hebben: in de directe periode na zijn homofobische uitspraken verloor hij net steun in de peilingen.

Wat ook opvalt aan deze laatste fase van de campagne, is de volstrekte afwezigheid van Lewica (Links). Terwijl Pools links er in oktober 2019 voor het eerst in een decennium opnieuw in geslaagd was om verenigd naar de kiezer te trekken en in een klap de derde partij te worden, met ruwweg 13% van de stemmen, haalt de kandidaat voor Lewica, Robert Biedroń, amper 4% in de huidige peilingen.

De pandemie ondermijnde de campagnestrategie van Biedroń om vooral in middelgrote steden menigtes op de been te brengen, een strategie die in mei integraal overgenomen is door Trzaskowski. Het feit dat Biedroń tijdens de Europese verkiezingen in 2019 beloofde om geen mandaat op te nemen in het Europees Parlement, en dat uiteindelijk toch deed, werd door vele kiezers hem niet in dank afgenomen.

Ook Biedroń’s seksuele oriëntatie wordt tegen hem gebruikt: veel oudere Lewica kiezers weigeren steevast om een ‘pedał’ (een homofobe belediging die ook dient als geuzennaam voor mensen binnen de LGBTQ+-beweging) tot president te verkiezen.

Het feit dat Lewica het meest linkse verkiezingsplatform in dertig jaar Poolse democratie formuleerde, lijkt weinig zoden aan de dijk te brengen. Dit plaatst veel jongere Lewica kiezers voor een dilemma: stemmen voor Biedroń, met de kans dat Duda alsnog wint in de eerste ronde, of stemmen voor Trzaskowski, die tot nu toe geen woord gerept heeft over Duda’s homofobe uitspraken.

Transformatie

Het is belangrijk om voor ogen te houden dat het succes van Trzaskowski in de peilingen relatief is: het is onduidelijk wie er effectief zal gaan stemmen aangezien de COVID-19 pandemie alles behalve voorbij is, en ook zijn er vragen rond het verkiezingsproces zelf.

Deze verkiezing draagt. het potentieel in zich om een transformatief moment te zijn

Tegelijkertijd blijft Duda de gedoodverfde favoriet om te winnen in de eerste ronde, en het zou niet de eerste keer zijn dat de peilingen er volstrekt naast zitten: in 2015 voorspelde bijna geen enkele peiling de overwinning van Duda, en internationale media berichtten dat de kans dat de toenmalige president Bronisław Komorowski zou verliezen zo goed als ondenkbaar was. Er is daarom ook weinig verbeelding nodig om Duda alsnog nipt 50% te zien halen in de eerste ronde. 

Het is onmogelijk om te voorspellen hoe de tweede ronde zal verlopen, vooral omdat het erg moeilijk is om met zekerheid te zeggen hoe de kiezers voor de kleinere kandidaten zullen reageren op een tweestrijd tussen Duda en Trzaskowski. Zo hebben de kiezers voor Hołownia een erg sterke antipathie voor beide kandidaten, en bij de kiezers van Konfederacja is er een diepe haat tegenover PiS omdat ze jarenlang een monopolie hielden op rechts. 

Toch lijkt het erop dat deze verkiezing het potentieel in zich draagt om een transformatief moment te zijn. Momenteel heeft de Poolse oppositie al een (nipte) meerderheid in het Poolse Senaat, waardoor ze wetgeving kan amenderen en vertraging.

Mocht het presidentschap plots in de handen van de oppositie komen, zou dat ook betekenen dat ze oppositie de mogelijkheid heeft om wetsvoorstellen van de regering-Morawiecki te vetoën. Zo’n situatie is het equivalent van politiek dynamiet, een waarbij Jarosław Gowin opnieuw in beeld komt.

Het debacle rond de eerste poging om deze verkiezingen te houden, heeft duidelijk gemaakt dat Gowin en zijn partij niet onvoorwaardelijk PiS en Kaczyński zullen blijven volgen. Ook is Gowin geen vreemde om van politieke kant te verwisselen: tussen 2011 en 2013 was hij minister van Justitie binnen de PO-regering van Donald Tusk.

Mocht Trzaskowski erin slagen om president te worden, is het niet ondenkbaar dat Gowin de politieke calculatie maakt om alsnog de regering-Morawiecki te laten vallen, met het oog op een KO-minderheidsregering die nieuwe parlementsverkiezingen uitschrijft.

Toch roept zo’n scenario meer vragen dan antwoorden op, en het is onduidelijk of een overwinning voor Trzaskowski voldoende zal zijn om de politieke machtsverhoudingen in het land opnieuw naar links te trekken na jarenlange verrechtsing en erosie van de Poolse democratie.

  Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Zelf een bijdrage insturen, doe je hier.

Auteur: Jonas Vanderschueren

Jonas Vanderschueren is doctoraatsonderzoeker aan de KU Leuven en het Kunsteninstituut van de Poolse Academie voor de Wetenschap, waar hij specialiseert in hedendaags Pools theater. Eerder was hij hoofdredacteur van het literair tijdschrift Kluger Hans en was hij ook verbonden aan de Universiteit Gent.