Identiteit: keuze en gebruik

 Leestijd: 6 minuten0

Wie bent u? Dat is een behoorlijk existentiële vraag. En het is best moeilijk er snel een beknopt antwoord op te verzinnen – onze identiteit is mogelijk net zo uniek als onze vingerafdrukken, en een stuk complexer. Persoonlijkheid en fysiek voorkomen maken er ongetwijfeld deel van uit, beide aspecten waarover we nauwelijks controle hebben. We kunnen wel onze best doen om fit en slank te blijven, maar onze lengte kunnen we niet echt aanpassen, net zomin als – tenminste niet zonder intense chirurgische activiteit – de vorm van ons gelaat of onze schoenmaat.

Een meta-analyse van 207 studies concludeerde dat het mogelijk is met de hulp van een therapeut bepaalde persoonlijkheidseigenschappen te wijzigen, maar al met al verandert onze persoonlijkheid slechts weinig over onze levensloop. We kunnen ons aangeboren geslacht niet wijzigen – het feit dat sommige mensen beduidend ongemak ondergaan om hun biologie eraan te laten aanpassen bevestigt dit – en we kunnen ook onze aangeboren seksuele voorkeur niet kiezen.

Bouw uw eigen identiteit

Er zijn echter flink wat elementen van onze identiteit waarover we wél controle hebben, direct of indirect. We kunnen onze vrienden kiezen, onze diverse sociale kringen, en ons professioneel netwerk. We kunnen het type auto kiezen waarmee we rijden, het soort kleren dat we dragen, de muziek die we beluisteren, de krant die we lezen, de televisieprogramma’s die we bekijken.

Niet elk facet van ons leven is echt een deel van onze identiteit natuurlijk – slechts weinigen zullen zich als bloemkoolliefhebber identificeren. Andere zijn dan weer opmerkelijk relevant voor hoe we onszelf zien: de wereldbeker voetbal afgelopen zomer heeft bij menigeen de nationale identiteit uit de winterslaap gewekt, bijvoorbeeld. We construeren ook identiteiten voor anderen op dezelfde manier: wie niet met een BMW of een SUV rijdt, denkt zo soms dat al wie dat wel doet een specifieke identiteit heeft.

Een BMW SUV – twee identiteiten voor de prijs van één (Foto: Luc CC BY)

Het zal niet verrassen dat we ons het dichtst voelen bij mensen met wie we belangrijke elementen van onze identiteit delen, wellicht het meest nog met onze naaste familie, zoals het oude spreekwoord het bloed kruipt waar het niet gaan kan illustreert. Maar dat betekent niet dat we noodzakelijk altijd de kant kiezen van onze dichtste verwanten. Dat ondervond Paul Gosar, een Amerikaans Republikeins congreslid, die graag wil herkozen worden in November. Zes van zijn negen zussen en broers treden op in een politiek reclamefilmpje… ter ondersteuning van zijn Democratische tegenstrever, en stellen zijn politieke keuzes aan de kaak.

De macht van de partijlijn

Dit is ongewoon, maar alvast een mooie illustratie van de kracht van politieke identiteit. In een recent paper stellen Jay van Bavel en André Pereira, twee psychologen aan de universiteit van New York, een op identiteit gebaseerd model voor dat helpt verklaren hoe mensen partijgetrouwheid boven beleidspunten, en zelfs boven de waarheid stellen.

Afgelopen week nam de Britse premier Theresa May deel aan de EU-top in Salzburg, waar ze hoopte haar zogeheten Chequers-plan nog eens te pushen, en er steun voor te krijgen van haar 27 collega’s en hun voorzitter. Het ging echter niet volgens plan. Mevrouw May kreeg in ondubbelzinnige bewoordingen te horen dat haar plan niet werkbaar was. Met minder dan twee weken te gaan voor het jaarlijkse partijcongres keerde ze huiswaarts in een allesbehalve triomfantelijke stemming. In een televisietoespraak waarin ze de natie toesprak eiste ze dat de “EU respect moet tonen voor het VK in de Brexit-onderhandelingen”. Donald Tusk, de president van de Europese Raad had eerder een foto online geplaatst waarin hij mevrouw May een petit four aanbiedt, met als bijschrift “sorry, geen krieken” (een allusie naar de weigering van de EU om het VK toe te laten de krenten uit de regelgevingspap te pikken – cherry-picking in het Engels). Van hun kant wees de EU erop dat ze al meerdere keren hadden verklaard dat het Chequers-plan onaanvaardbaar was (de Independent voorziet in een handig lijstje “Alle keren waarop de EU ‘neen’ heeft gezegd tegen Theresa Mays Chequers-Brexit-plan”).

“U kunt uw taart hebben én ze opeten, maar dan wel zonder krieken” (via Instagram)

De reacties in de pers en op sociale media waren te voorspellen. Van de pro-Brexit kant hoorde men boos geroep van ‘belediging’ en ‘vernedering’; in de pro-Europese hoek hoorde je vooral spreken over zelfveroorzaakte schade, en borduurde men voort op de spot van Tusk, met referenties naar de onfortuinlijke Zwarte Ridder uit Monty Python en de Heilige Graal (die almaar verder blijft strijden, ondanks het feit dat zijn ledematen één voor één worden afgehakt, wat hij als “slechts een vleeswonde” afdoet).

Hoe sterker je jezelf identificeert met de ene of de andere kant, hoe meer je feiten wegwimpelt of negeert die niet die gekozen identiteit ondersteunen, zo lijkt het wel. Er was zo bijvoorbeeld erg weinig sympathie aan de ene kant voor het schofferen en de vernedering die mevrouw May zichtbaar had ervaren, en voor de netelige situatie waarin ze zich bevindt. En er was geen spoor van erkenning dat men zich bij de EU toch wel wat onhoffelijk, onbuigzaam en arrogant had gedragen. Aan de andere kant was er weinig bereidwilligheid in te zien dat de rode lijnen van May, die ze zelf twee jaar geleden had getrokken – voornamelijk om politieke redenen, en niet gebaseerd op enige evidentie dat dit wel degelijk was waarvoor “het Britse volk had gekozen” – het belangrijkste obstakel zijn naar een compromis. Er waren evenmin veel tekens dat men aanvaardde dat de tactiek om te trachten verdeeldheid te zaaien in de EU wellicht niet zo wijs was geweest.

In de VS is de kandidaat-opperrechter van president Trump, Brett Kavanaugh, het onderwerp van (momenteel drie) beschuldigingen van seksuele aanranding. Ook hier splitsen de commentaren volgens een ideologische scheidingslijn. Progressieven en Democraten verwerpen de ontkenningen van de beklaagde en scharen zich achter de aanklagers, de vrouwen die het slachtoffer zouden zijn geweest van Kavanaughs grensoverschrijdend gedrag. Conservatieven en supporters van de president en zijn partij kiezen de kant van de beklaagde, en trekken de oprechtheid van de aanklagers in twijfel: waarom wachtten ze precies tot nu met hun aanklacht? (Dit gaf aanleiding tot de #WhyIDidntReport hashtag in de sociale media, waaronder slachtoffers van seksueel geweld antwoordden op de vraag. Het is niet duidelijk of de vaak aangrijpende verhalen veel effect hebben gehad op de standpunten van hen die Kavanaughs steunen.)

Misleid door identiteit

De partijgeest kan uw cognitieve vermogens parten spelen, en confirmation bias en gemotiveerd redeneren aanwakkeren. Kan dit worden vermeden? Al kan het wat moeite kosten, er is geen fundamentele reden waarom we niet in staat zouden zijn een situatie te benaderen zonder misleid te worden door onze identiteit. Maar dit is niet zonder risico.

Zo postte econoom Robin Hanson een Twitter poll kort nadat Christine Ford Blasey naar voren was gekomen met haar aanklacht tegen Kavanaugh:

Dit leidde tot een stroom van commentaren (neem een kijkje), waarin nauwelijks wordt uitgegaan van de aanname dat Hanson enkel een idee wilde krijgen van hoe waarschijnlijk of onwaarschijnlijk zo’n aanklacht zou zijn. De meesten dichtten hem (seksistische, eerder dan politieke) berekende bijbedoelingen toe. (Daarin zit dan weer ironie verscholen, want hij is de medeauteur van “Elephant in the Brain, Hidden Motives in Everyday Life”, een boek over de werkelijke drijfveren van onze dagelijkse handelingen.) Hanson lichtte de achtergrond van zijn poll toe in een blogpost. Daaruit moest blijken dat het wel degelijk om een ernstige poging ging om los van een a priori standpunt  een zaak te benaderen met een sterk polariserend karakter (niet enkel volgens politieke maar ook volgens man-vrouw scheidingslijnen) – met andere woorden, zonder een specifieke identiteit te laten doorwegen.

Men kan natuurlijk de oprechtheid van Hanson in vraag stellen. Wie echter enigszins bekend is met zijn werk weet dat dit soort van afstandelijke, van emoties ontdane vraagstelling karakteristiek is voor de manier waarop hij de wereld gadeslaat.

De intensiteit van de reacties op zijn poll toont dat het niet genoeg is je eigen identiteit aan de kant te schuiven om een sereen debat te verzekeren rond verdeeldheid zaaiende en controversiële thema’s. Anderen kunnen immers alsnog een identiteit op jou projecteren – als ware je een hoffelijke BMW-rijder – en speculeren over je werkelijke motieven. Mensen die krachtig vasthouden aan hun eigen identiteit zien, zo schijnt het, een even diepgaande identiteit in alle anderen, vooral zij die ingaan tegen de beginselen van hun eigen aangenomen identiteit. (Dit kan bijvoorbeeld de recente tweet verklaren van Republikeins senator Lindsey Graham over de identiteit van de advocaat van het derde vermeende slachtoffer – die vertegenwoordigt namelijk ook Stormy Daniels.)

Identiteit is krachtig, gebruik ze op een wijze manier

Identiteit is nochtans geen kwalijke zaak. We zijn sociale wezens, en we hebben er nood aan bij groepen te horen waarmee we ons kunnen identificeren. Er is zelfs niets mis aan, nu en dan gebruik te maken van iemands identiteit. Rebelleren hoort tot de identiteit van menig tiener, en als je die kunt benutten om ze gezonder te laten eten, waarom dan niet?

Maar ze is een machtig gegeven. We moeten vermijden dat onze identiteit de waarheid vervormt, dat ze ons dubieus (of erger) gedrag laat goedpraten als het gaat om mensen met wie we een identiteit delen, of dat ze ons bijbedoelingen laat zien in het gedrag van wie onze mening niet deelt zonder dat daar aanwijzingen voor zijn.

Zoals Robin Hanson zegt in een andere blogpost waarin hij verwijst naar de controverse volgend op zijn tweets: “Laten we in de plaats terugkeren naar de oorspronkelijke intellectuele standaard: reageer vooral op wat mensen werkelijk zeggen, en ga niet te hard op zoek naar wat ze eigenlijk zouden kunnen hebben bedoelen in verspreide fragmenten van wat ze eerder zouden hebben gezegd of gedaan.”

Laten we telkens wanneer we ons sterk emotioneel meegesleept voelen (ten goede of ten kwade) door wat iemand zegt, of door wat over iemand wordt gezegd, even pauzeren, en ons inbeelden dat de persoon waar het om gaat niet iemand is die onze identiteit deelt, maar wiens identiteit er haaks op staat (of vice versa). Zouden we hetzelfde voelen?

Zo niet: laten we dan oppassen voor de identiteitsvooringenomenheid, en evalueren hoe we onze identiteit beter kunnen kiezen en gebruiken. Het zal onze eigen kleine wereldje beter maken – en wellicht ook de grote wereld daarbuiten.

  Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.

Auteur: Koen Smets

Koen Smets is een deskundige op het gebied van organisatie-ontwikkeling, met een fascinatie voor menselijk gedrag op de grens tussen het rationele en het irrationele. Hij is op Twitter als @koenfucius.