Achter de façade van de start-upcultuur

 Leestijd: 3 minuten

5

Hoe rock ’n roll en hip is het om te werken bij een start-up? Véél minder dan je zou denken, zegt de Amerikaanse auteur en journalist Dan Lyons in zijn zonet verschenen boek Disrupted: My Misadventures in the Start-Up Bubble. “Neem de pingpongtafel en het gratis bier weg en je houdt vaak niets meer dan een negentiende-eeuwse sweatshop over.” Een bittere waarheid, ook in Vlaanderen.

Zijn vaste job ruilen voor een onzeker bestaan als werknemer bij een start-up? Jeroen (schuilnaam), een softwareontwikkelaar van eind twintig, had er drie jaar geleden best zin in. Vol enthousiasme ging hij werken bij een start-up die opereert vanuit de Boerentoren in Antwerpen. Een bedrijfje dat media-aandacht kreeg dankzij stevige kapitaalinjecties. Maar achter de schermen ging het er minder fraai aan toe. “Ik kreeg 600 euro bruto minder betaald dan afgesproken bij ons gesprek. 1.900 euro bruto per maand, daar moest ik het mee doen. Peanuts. Zeker omdat het ook lange werkdagen zijn. Maar erger nog: in de eerste maanden kreeg ik voor mijn fulltime job maar een vrijwilligersbijdrage van 800 euro per maand.”
Peptalk
Het is precies die boodschap die de Amerikaan Dan Lyons, voormalig technologiejournalist bij Newsweek, optekent in zijn ontluisterende boek. Toen hij als 52-jarige journalist weg moest bij Newsweek ging hij werken bij Hubspot, een blits bedrijfje dat alle clichés van een start-up belichaamt: gratis bier, pingpongtafels, aandelenopties en jongeren in shorts en sneakers die zich van een jargon bedienen dat voor buitenstaanders al even onbegrijpelijk als hip is. Lyons mikt in zijn boek vooral op de veel bejubelde arbeidscultuur bij start-ups, waar lage lonen en lange werkdagen schering en inslag zijn. In ruil krijgen medewerkers voordelen zoals T-shirts, gratis bier, een onbeperkt aantal vakantiedagen en happy hours op de werkvloer. Vrijheid, blijheid.

Dit artikel is enkel toegankelijk voor leden