Het lek achter De Standaard Wikileaks
Wie afgelopen weekend onder de kop ‘Hoe De Standaard inzage kreeg in de diplomatieke documenten van Wikileaks’ ook een antwoord op die vraag verwachtte, bleef op zijn honger. Het verhaal achter de gelekte documenten is er dan ook een dat de krant liever niet vertelt. Volgens hoofdredacteur Karel Verhoeven schrijft zijn krant er niet over omdat er afspraken zijn gemaakt.
De officiële versie wil dat De Standaard van de Noorse krant Aftenposten volledige en onbeperkte toegang kreeg tot de via Wikileaks gelekte diplomatieke ‘cables’. Gratis en belangeloos. Geen euro voor betaald. Gewoon een verhaal, zoals Karel Verhoeven schrijft, van “partners die eenzelfde journalistieke temperament delen” en “kwaliteitskranten die ook in dit tijdperk van internetlekken het oude journalistieke metier bedrijven.”
Waarborgen
Die andere partners met eenzelfde journalistieke temperament zijn het Zweedse Svenska Dagbladet, het Deense Politiken, het Nederlandse NRC Handelsblad en het Duitse Die Welt. Allemaal kregen ze van Aftenposten toegang tot de originele Wikileaks-cables. Zo ontstaat er naast de originele samenwerking tussen Wikileaks en een aantal kwaliteitsbladen zoals The Guardian en Le Monde een soort tweede circuit, met Aftenposten als draaischijf.
De Standaard garandeert dat de documenten authentiek zijn: “Slechts één zaak is zeker over hoe Aftenposten de documenten in handen kreeg: ze kwamen niet via Julian Assange. Maar De Standaard heeft waarborgen dat de documenten authentiek zijn.”
Welke die waarborgen zijn, verneemt de lezer niet. Mag hij het niet weten of weet De Standaard het zelf niet? Feit is dat over hoe de ‘cables’ van Wikileaks bij Aftenposten zijn terechtgekomen vooralsnog geen bewijzen op tafel liggen. Wel staat vast dat het niet allemaal even koosjer gebeurde. En er is meer: een piste die zeer plausibel oogt en bovendien vragen oproept bij de garanties over de authenticiteit van de documenten.
Holocaustontkenner
Daarbij komt de Noorse mediagroep Schibsted in beeld, eigenaar van onder meer Aftenposten en van Svenska Dagbladet. Daarnaast ook de Zweedse journalist Johannes Wahlström en diens vader, die onder de schuilnaam Israel Shamir werkt.
Wahlström is een journalist die bekend staat om zijn fel gecontesteerde antisemitische publicaties in verschillende bladen van uitgever Schibsted. Maar relevanter is de zware journalistieke fout die de journalist in 2005 maakte. Voor het linkse Zweedse blad Ordfront schreef Wahlström in 2005 een artikel over de vermeende controle vanuit Israël op de Zweedse media. Midden-Oosten-specialisten hekelden het stuk en stelden dat het was opgebouwd volgens een klassiek antisemitische bewijsvoering. Ordfront verontschuldigde zich voor de publicatie van het artikel nadat verschillende journalisten die in het artikel aan het woord kwamen te kennen hadden gegeven dat Johannes Wahlström de quotes die hij hen in de mond had gelegd, had verzonnen.
De zoon mag dan al geen te beste naam hebben, zijn vader ‘Israel Shamir’ is nog veel meer omstreden. De man zwalpt tussen extreem links en extreem rechts, frequenteert islamisten, ontkent het bestaan van de Holocaust en is een groot bewonderaar van de Iraanse president Mahmoud Ahmadinejad. In Zweden gaat hij door het leven als Jöran Jermas, één van zijn vele schuilnamen. Shamir werd geboren in Siberië maar verhuisde later naar eigen zeggen naar Israël, waar hij als paracommando mee zou hebben gevochten in de Jom Kipoeroorlog in 1973 om vervolgens van kamp te veranderen.
Vader en zoon komen nadrukkelijk in beeld als evident ‘lek’ van de Wikileaks-cables richting Aftenposten. Evident omdat ze allebei voor Wikileaks werk(t)en. Israel Shamir is de man die de cables aan Russische media doorspeelde en daarbij volgens Novaya Gazeta met minstens één cable (over de speech van de Iraanse president Ahmadinejad voor de VN) knoeide. Zelf omschrijft Shamir zich als ‘geaccrediteerd medewerker’ van Wikileaks.
Het belang van Johannes Wahlström is veel groter. Hij werkt(e) wel degelijk voor Wikileaks én hij had er een zeer belangrijke taak. Wahlström besliste met welke freelancejournalisten Wikileaks samenwerkte in de landen waar geen afspraken bestonden met kwaliteitsbladen. Hij was het die de documenten van Wikileaks doorspeelde. Wahlström werkte daarbij onder meer samen met een freelancejournalist in dienst van de bladen van Schibsted. Die freelance journalist heet… Johannes Wahlström. Anders gezegd: Wahlström had toegang tot alle documenten van Wikileaks en ging ermee aan de slag voor de kranten van de Schibsted-groep.
Gestolen
De Standaard laaft zich aan een lek van een lek van een lek en bouwt daarop een indrukwekkende reeks
Behalve die dubbele rol is er nog een andere vreemde zaak. Na zijn zware uitschuiver werd Johannes Wahlström door het blad Ordfrond bedankt voor bewezen diensten, maar Wahlström mocht al snel opnieuw aan de slag als journalist en consultant bij verschillende (Zweedse) bladen van mediamagnaat Schibsted. Voor het Zweedse Svenska Dagbladet, maar ook voor Aftonbladet, waarvoor hij een alweer fel gecontesteerde artikelenreeks maakte over de met Schibsted concurrerende (Joodse) mediagroep Bonnier.
De conclusie lijkt voor de hand te liggen: het is Johannes Wahlström geweest die, al dan niet samen met zijn vader, de cables heeft doorgespeeld aan zijn werkgever Schibsted. Die heeft niet alleen de Zweedse kranten Aftonbladet en Svenska Dabladet, maar ook het Noorse Aftenposten in zijn portefeuille.
De Standaard laaft zich aan een lek van een lek van een lek en bouwt daarop een indrukwekkende reeks. Hopelijk zijn de garanties waarover de krant beschikt steviger dan de journalistieke geloofwaardigheid van de vermoedelijke (indirecte) bronnen. Dan is er nog de vraag of je het als krant kunt maken om te bouwen op informatie die vermoedelijk gestolen is en afkomstig uit extreem antisemitische hoek. Het antwoord daarop is voer voor discussie, maar alleszins mag er wat meer tegenover staan dan een nietszeggend stukje over ‘hoe De Standaard inzage kreeg in de diplomatieke documenten van Wikileaks’.
Gevraagd naar een reactie zegt Karel Verhoeven dat er duidelijke afspraken zijn gemaakt met Aftenposten om niet te communiceren over de manier waarop de Wikileaks-documenten bij die krant zijn beland. “De afspraken zijn duidelijk: we vertellen hoe we met Aftenposten samenwerken, maar we communiceren niet over de manier waarop die krant aan de documenten is gekomen. Reageren op de namen die u noemt, doe ik bijgevolg ook niet. Ik kan wel kwijt dat we lange gesprekken hebben gevoerd over de manier waarop we met de documenten aan de slag zouden gaan. Er is op geen enkele manier betaald en er zijn geen wederdiensten gevraagd. Elke deelnemende krant is zelf verantwoordelijk voor wat er wordt gepubliceerd.”























Zeer interessant.
Zijn die wikileaks documenten ook niet beschikbaar via torrents. Ok, geen betrouwbare bron maar men kan ze dan wel vergelijken met de documenten die via de aftenpost verkregen zijn. en zo zien of een van de 2 andere informatie weergeeft.
Tom,
Interessant verhaal, maar ik vind dat je hier de journalistieke plicht hebt om ook jouw bronnen te vernoemen, zijnde:
http://hurryupharry.org/2011/01/31/aftenposten-assange-and-the-redemption-of-johannes-wahlstrom/
Ik las je stuk en dacht: amai, die Tom is goed geïnformeerd. Maar toen kwam ik terecht op de website van “De Wereld Morgen”, waar in grote lijnen hetzelfde verhaal te lezen stond. Maar dan mét bronvermelding.
Eén van de ergerlijkste eigenschappen van de klassieke media is dat ze op internet vrijwel nooit naar hun bronnen linken. Als Apache zich wil onderscheiden van de rest, ligt hier een kans, lijkt mij.
@Kris De Decker
De link die je toont is niet mijn bron. Als je goed kijkt, dan zie je dat dat stuk gisterenavond online is gezet. Op dat moment was ons stuk al een tijdje klaar. Het is pas vanmorgen online gezet om de hoofdredacteur van ds om een reactie te kunnen vragen. Dat vonden we, na overleg en ondanks het feit dat het om een opiniestuk gaat in dit geval noodzakelijk. Het stuk van de wereld morgen, pas online gezet in de late namiddag, neemt ons verhaal deels over. Ik weet niet of ze ons stuk hebben gelezen. Dat verschillende journalisten met dit verhaal bezig zijn is logisch. Dat we dat niet allemaal van elkaar weten ook. Overigens, de links naar de originele (Zweedse) stukken over de omstreden medewerkers van Wikileaks staan wel degelijk in ons artikel. Die dateren van begin december, van voor aftenposten aan de cables kwam. Ze leken op dat moment vooral bedoeld om wikileaks in diskrediet te brengen.
interessant. Maar de vraag blijft …onbeantwoord : is de informatie die de Standaard in handen heeft authentiek ? om daar een sluitend en correct antwoord op te vinden zou iemand eigenlijk de gegevens die WikiLeaks heeft met die zoals de Standaard ze heeft moeten kunnen vergelijken ? Geduld …wellicht komt het antwoord daarop van Wikileaks zelf nog de komende maanden.
Ook al is de informatie die DS ons doorspeelt soms indrukwekkend en van grote waarden, heeft DS niet het recht om hun bronnen geheim te houden?
Neen, dat heb je blijkbaar enkel als Apache journalist.
@Geert Dubois
Wilt u het eigenlijk wel begrijpen? Ziet u echt niet het verschil tussen in een wijde boog om een bron heen fietsen, doen alsof ze niet eens bestaat en een off The record bron zo goed mogelijk duiden? Ik ben best bereid om dingen via comments verder te duiden, maar dat veronderstelt een beetje intellectuele eerlijkheid … Zonder heeft zo’n discussie geen enkele zin.
@Pieter
Als ik het een beetje begrepen hebt is het bestand dat dmv een torrent te downloaden is, op een zo goed als onkraakbare manier gecodeerd. De sleutel om het te decoderen zou Assange vrijgeven als er hem iets gebeurde. Zonder die sleutel is dat bestand waardeloos.
“Sverige Dagbladet” (“Zweden het Dagblad”), “Sverige Dabladet” (“Zweden het Dablad”) en “Sverige Avondbladet” (“Zweden het ‘Avond’-blad”): allemaal kranten die niet bestaan, behalve in dit artikel en de laatste zelfs ook in de tags.
“Svenska Dagbladet” (“Het Zweedse dagblad”) en “Aftonbladet” (“Het avondblad”) zijn de wél bestaande Zweedse kranten bij Schibsted (zie ook: http://www.schibsted.com/en/Our-brands/Media-Houses/).
Wellicht misleid door automatische vertaalsoftware?
Med vänliga hälsningar,
Karel Vissers
@Karel
Er zijn inderdaad enkele vertaalfouten ingeslopen.
We passen het spoedig aan.
Bedankt om het te melden.
@Tom
Mijn reactie kun je lezen op
http://www.mediakritiek.be/blog/2011/02/bronnengeheim_het_heilige_principe_van_journalisten.html
Ides
Tom Cochez is repeating something which seems like a very popular conspiracy theory: That Aftenposten is cooperating with somebody who has an anti Israel agenda, and that the information we print from Wikileaks is stinched and smelly, with an aim to play a certain role.
To clearify: If you bothered to check with other sources, you will see that Johannes Wahlstrøm in several interviews has denied that he is Aftenposten’s source on “the leak of the leak”. We have actually never been in contact with him, neither with his father, Israel Shamir.
Johannes Wahlstrøm gave us initially, indirectly via our Swedish sister paper, Svenska Dagbladet (also owned by Schibsted), access to most U.S cables from Oslo. But more or less at the same time we succeeded to get our hands on the full trove of cables.
We always protect our sources, and will of course not reveal them.
It is ridiculous to claim that journalists or news organizations should be transparent on their sources. In Norway we protect sources, and we are prepared to go to jail for them.
Aftenposten has not paid a single euro for getting access, not in the first phase during cooperating with SvD, and not in the second round with full access from sombody else than Julian Assange and Wikileaks.
Our Wikileaks coverage here:
http://www.aftenposten.no/nyheter/uriks/wikileaks/
The theories and questions raised here by Mr. Cochez are totally ridiculous, off target and off topic.
Jan Gunnar Furuly
journalist
Aftenposten
@Jan Gunnar Furuly
I commented on your post and on the one of Ides Debruyne on mediakritiek.be.
http://www.mediakritiek.be/blog/2011/02/bronnengeheim_het_heilige_principe_van_journalisten.html
Het artikel op Apache is allerminst een oproep aan DS om bronnen bekend te maken. Bronnenbescherming is een van de belangrijkste verplichtingen die je als journalist hebt. Het artikel op Apache is een pleidooi voor transparantie. Dat is een belangrijke nuance. Om maar iets te zeggen: de uitleg die je hierboven geeft, had ik als lezer van DS bijvoorbeeld heel graag gelezen.
Er zijn een paar bijzonderheden aan (de communicatie over) ‘de bronnen’ achter de Wikileaksreeks in DS (een reeks die trouwens straffe verhalen oplevert en te weinig weerklank vindt).
Om te beginnen wordt de bron compleet niet geduid. Er wordt gedaan alsof ze niet eens bestaat. Bronnenbescherming ontslaat je als journalist niet van de plicht om je bron in de mate van het mogelijke te duiden. Dat kan perfect op een manier waarbij je die bron niet in gevaar brengt en ze tegelijk toch (desnoods maar een heel klein beetje) situeert. Dat kan niet altijd, maar heel vaak wel. Als het kan, dan ben je dat aan je lezers verplicht. Doe je dat niet, dan komt het neer op gratuit schuilen achter het bronnengeheim. Een kwalijk neveneffect is dat je daarmee zorgt voor een soort inflatie van dat bronnengeheim.
Je zou die redenering natuurlijk ook op de originele Wikileaks kunnen toepassen, maar er is een belangrijk verschil. De vraag is of het hier nog wel om een ‘bron’ in de volle betekenis van het woord gaat. Is iemand die origineel bronnenmateriaal steelt zelf opnieuw een bron van dat materiaal? Om het gelijk aanschouwelijk te maken: als iemand straks een kraakje zet in Groot-Bijgaarden en de Wikileaks documenten van DS meeneemt om ze vervolgens aan DM te verpatsen, is die mens dan een bron of toch vooral een dief?
Als je zegt dat het een bron is, dan moet je hem inderdaad beschermen. De vraag is of je dat vanuit ethisch oogpunt kan. Mocht het om materiaal gaan dat nog niet openbaar wordt gemaakt via andere mediakanalen, dan heb je een heel sterk democratisch argument om de afweging te maken. In het andere geval lijkt het meer op een kwalijk neveneffect van een losgeslagen concurrentiestrijd. Er gewoon over zwijgen en hopen dat niemand vragen stelt, lijkt me als keuze alleszins iets te gemakkelijk.