Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.

Categoriek verkeerd

31 mei 2021 Koen Smets
type case (2)
(Foto: CC BY 2.0 Thomas Quine (Flickr))

Dat hielp ons alvast op weg, maar zo we maakten ook minder categoriefouten – een concept waar we toentertijd natuurlijk nog geen benul hadden. Categoriefouten krijg je wanneer je een eigenschap verkeerdelijk toeschrijft aan een categorie, bijvoorbeeld als ik had gevraagd of mijn zus aan een man of een vrouw dacht, terwijl ze eigenlijk de eettafel beneden in gedachten had. Onderdelen van de categorie ‘voorwerp’ kunnen immers niet het attribuut 'man/vrouw' hebben.

Categorieën als heuristieken

We gebruiken categorieën vaak als vuistregel of heuristiek: door na te gaan of tot een bepaalde categorie behoort, kunnen we bepalen of we het meenemen in (of uitsluiten uit) de opties waaruit we een keuze maken. Zo zullen we waarschijnlijk geen sandalen kiezen om te dragen op een huwelijksreceptie: ook al zijn ze deel van de schoeiselcategorie, ze behoren niet tot de categorie ‘geschikt voor deftige aangelegenheden’.

Voorkeur kan ook bepalend zijn voor een categorie. Een nieuwe film kan een favoriete actrice of acteur in de hoofdrol hebben, of gemaakt zijn door een regisseur wiens eerdere films je zeer hebt geapprecieerd. Een andere film is dan weer een musical of een romantische komedie, en dat is je ding niet. Op basis van de categorieën waartoe een film behoort, hoef je geen tijd te besteden aan het opzoeken en lezen van filmbesprekingen, en besluit je aan de hand van de categorievuistregel of je denkt ervan te zullen genieten.

Categorieke gebreken

Helaas, hoe efficiënt vuistregels ook kunnen zijn, ze kunnen ons ook om de tuin leiden. Twee specifieke denkfouten zijn nauw verbonden met categorieën. Wanneer we redeneren dat iets wat geldt voor een categorie als geheel ook waar is voor elk lid ervan, dan begaan we de divisiedenkfout. De Nederlanders zijn de grootste mensen ter wereld, maar het zou verkeerd zijn te beweren dat daarom elke Nederlander uitzonderlijk groot is.

Het spiegelbeeld ervan is de compositiedenkfout, die we maken wanneer we besluiten dat, omdat iets geldt voor een onderdeel van de categorie, het ook waar is voor de hele categorie. Wie veronderstelt dat, omdat één veelvuldige winnaar van de Ronde van Frankrijk werd betrapt op het gebruik van verboden middelen, de hele sport vergeven is van de doping, of omdat één burgemeester op bedenkelijke manier voor familie en zichzelf vroegtijdige vaccinatie organiseerde, dat typisch is voor alle politici, maakt deze fout.

Bij deze beide denkfouten vervagen (of negeren we) we het onderscheid tussen verschillende categorieën, en het is precies wanneer dat gebeurt, dat de betrouwbaarheid van ons oordeel in gevaar komt.

download
'We vinden jullie nummer maar niets, maar jullie zijn fijne buren' (Foto: NPO/NOS/AVROTROS Nathan Reinds)

Op 22 mei vond het langverwachte Eurovisiesongfestival plaats, uitgesteld van vorig jaar. De meest belangrijke regel in de stemprocedure is dat noch de vakjury, noch het publiek mag stemmen voor de artiest die hun land vertegenwoordigt (of tenminste het land van waaruit ze stemmen). Het ligt voor de hand hoe ‘vertegenwoordigt mijn land’ voor velen een vuistregel zou zijn die met gemak een meer objectief oordeel over de kwaliteit van de vertoning zou overschaduwen. De regel moet dus het meest flagrante nationalistische stemmen verhinderen, maar helemaal weg is het toch niet, zoals blijkt uit een paper van Alex Mantzaris en zijn collega’s (University of Central Florida). Zij onderzochten de stemmen tussen 1957 en 2017 en vonden bewijzen voor de hypothese van regionale verstandhouding, waarbij landen elkaar met een hoge score bedenken, en van voorkeurbehandeling waarin nabijheid en culturele affiniteit primeren, in plaats van artistieke verdienste.

Zo’n favoritisme in de entertainmentsector is misschien wat frivool en niet iets om je al te veel over op te winden, maar de categorievuistregel ligt ook elders op de loer. Zo zouden we uiteraard een beslissing moeten beoordelen op basis van de robuuste logica en de kracht van de evidentie, maar de categorie ‘beslissingen die ons ten goede komen’ kan ons best wel eens verleiden om die redenering achterwege te laten. Wanneer een nieuw boek wordt gepubliceerd waarin de auteurs radicale beweringen verkondigen, dan moeten we die eigenlijk evalueren op basis van de stevigheid van hun argumentatie, en of de auteurs nu tot de categorie ‘slimme mensen’ dan wel ‘klootzakken’ behoren zou daarin geen rol mogen spelen. Maar is het niet makkelijker toe te geven aan de lokroep van de categorievuistregel?

Als een naaste collega die tot de categorie ‘mensen aan wie ik loyaal ben’ behoort beschuldigd wordt van ongepast gedrag, zullen we die zaak dan met dezelfde onpartijdige houding benaderen als wanneer het zou gaan om iemand van de categorie ‘complete onbekenden’ of ‘mensen met wie ik niet opschiet’? De categorievuistregel wenkt ons met aandrang.

Zoals alle heuristieken, kan ook de categorievuistregel (die we veel vaker gebruiken dan we beseffen) een nuttige snelkoppeling zijn – maar enkel wanneer hij correct gebruikt wordt. Het negeren van afwegingen die optreden bij een keuze of een oordeel, en nalaten er bewust over te redeneren, is een courant probleem. In dit geval echter gebeurt de hoofdzonde, de werkelijke categoriefout, wanneer we de lijnen uitwissen die het onderscheid maken tussen een voor die situatie relevante categorie en een irrelevante.

Wanneer we die lijn negeren komen we immers terecht in de categorie van ‘mensen die de categorievuistregel verkeerd toepassen’.

Uitgelichte afbeelding: CC BY 2.0 Thomas Quine (Flickr)

LEES OOK