Een stikstofbom onder Vlaanderen: regering staat voor harde keuzes

27 november 2020 Stef Arends
POLITICS FLEMISH PARLIAMENT PLENARY SESSION
Vlaams minister van Omgeving Zuhal Demir (N-VA) en minister van Landbouw Hilde Crevits (CD&V) (Foto: © Nicolas Maeterlinck (Belga))
STIKSTOFBOM

Vlaamse natuurgebieden kreunen onder de stikstofvervuiling door de veehouderij. Landbouwers en natuurbeheerders staan zo lijnrecht tegenover elkaar. In het dossier Een stikstofbom onder Vlaanderen bekijken we de herkomst en gevolgen van de overdaad aan stikstof in Vlaanderen en hoe het in de toekomst anders en beter kan. Het onderzoek en de drie toekomstscenario’s zijn bedacht in samenwerking met Marijke Dossche

Als er iets duidelijk werd uit de analyse van de Vlaamse stikstofproblematiek, is het dat er dringend nood is aan een langetermijnvisie. Het huidige Programma Aanpak Stikstof (PAS) zorgt samen met het liberale landbouwbeleid voor een ongecontroleerde schaalvergroting in de landbouw. Wie geld heeft, kan investeren in (op papier) duurzame technieken en uitbreiden. Wie dat niet heeft en te dicht bij natuurgebied zit, moet stoppen.

Door die schaalvergroting en het afschaffen van Europese productiebeperkingen, daalden de voedselprijzen, maar stegen de grondprijzen. Voor boeren die niet meekonden in de race to the bottom was er niet altijd een vangnet, wat leidde tot desastreuze sociale gevolgen.

Nog steeds komt in 85% van de Vlaamse natuurgebieden meer stikstof terecht dan het ecosysteem aankan. Maar de ontwikkeling van natuurgebieden wordt sterk beperkt. Om de ploeterende boeren te beschermen tegen extra milieu-eisen, werden gebieden afgebakend waar in principe geen natuur ontwikkeld mocht worden.

Veehouders die op industriële wijze proberen te overleven voelen zich geviseerd, terwijl de familiale landbouwer financieel in de steek gelaten wordt. “Iedereen wil scharreleieren, maar niemand wil ervoor betalen”, klinkt het.

Drie denkrichtingen

Om helderheid te krijgen in de mogelijke oplossingen, en om het debat aan te zwengelen over de landbouw van de toekomst, namen we drie uiterste scenario’s onder de loep: de boer als econoom, de boer als romanticus en de boer als futurist.

Schema's toekomstscenario's 5-01
Om de transitie naar een duurzame toekomst voor natuur en landbouw inzichtelijk te maken, werkte Apache drie denkrichtingen uit. (Beeld: © Stef Arends)

In 'de boer als econoom' keken we hoe schaalvergroting schadelijke uitstoot drastisch zou kunnen terugbrengen. De intensivering en concentratie van veehouderijen zou ruimte kunnen maken voor natuur op andere plekken. Dierenwelzijn en maatschappelijke acceptatie zijn hierbij heikele punten.

Vervolgens namen we het 'romantische scenario' onder de loep. Het werd duidelijk dat milieu-eisen en ruimtegebrek op dit moment een zware last zijn voor de familiale landbouw. Ook natuurontwikkeling ondervindt hinder van deze bedrijven met hun gespreide ligging. Toch bleek verzoening mogelijk, door ‘landbouwinclusieve natuur’ te combineren met een heroverweging van de exportgerichte markt.

Het 'futuristische scenario', hoewel niet van vandaag op morgen te realiseren, komt snel op ons af. Door dierlijke productie te vervangen door precisiefermentatie blijkt ordegroottes minder ruimte nodig. Bovendien zetten micro-organismen laagwaardige grondstoffen vrijwel zonder verlies om in hoogwaardig voedsel. Over tien jaar zou deze technologie al binnen handbereik zijn. De vrijgekomen ruimte kan in dit scenario worden besteed aan natuurontwikkeling, en aan akkergrond voor biocyclische veganlandbouwers.

Nuances en combinatievisies

Het is uiteraard niet zo dat de toekomst van de landbouw nu tot drie opties beperkt is. Zo pleit Natuurpunt-voorzitter Lieven De Schamphelaere voor een landbouwsector met twee uiteinden.

“Hoogtechnologische plantaardige bulkproductie enerzijds, en daarnaast een samenwerking tussen kleine boeren en natuurbeheerders, met subsidies op basis van geleverde ecosysteemdiensten”, vat hij zijn visie samen. De veestapel zou dan wel naar beneden moeten, benadrukt hij: “Anders gaan we het milieutechnisch nooit halen”.

Bond Beter Leefmilieu ziet dan weer grofweg het romantische scenario voor zich, maar wil industriële veestallen ook niet verbieden. “Ik kijk er eerder naar als een meersporenbeleid”, zegt Laurens De Meyer. “Op bepaalde plaatsen kan er nog ruimte zijn voor intensieve veehouderij, maar op de meeste plaatsen niet.”

Er gaan steeds meer stemmen op om die niet-grondgebonden stallen te weren van het platteland, en ze in plaats daarvan te concentreren op industrieterreinen. Onder andere het zware vrachtverkeer dat met deze grote bedrijven gepaard gaat, zou daar voor minder hinder zorgen.

“Bovendien moet er een veel duidelijker regelgevend kader zijn. Nu betaalt de maatschappij voor de luchtwassers van megastallen, maar ik vind niet dat de overheid dat moet stimuleren. Als je er meer de marktlogica er gaat inbrengen, zul je veel minder van zulke stallen hebben”, besluit De Meyer.

Kuijpers Kip in Grubbenvorst
De stal van Kuijpers Kip in het Nederlandse Grubbenvorst telt op dit moment 250.000 dieren, en het bedrijf zal de productie in de komende jaren verviervoudigen. (Foto: © Stef Arends)

Driecompartimentensysteem

Daar is emeritus professor Plantenbiotechniek Wannes Keulemans het niet helemaal mee eens. Hij neigt grotendeels naar het economische scenario, maar ziet het wel als een noodzakelijkheid om daar een afbouw van de veestapel aan toe te voegen.

“Als men zou vertrekken van de conventionele landbouw, de productiekloof (verschil tussen de effectieve voedselopbrengst en de opbrengst die met maximale efficiëntie behaald kan worden, red.) gedeeltelijk gedicht zou worden en de veestapel beperkt afgebouwd, kan de Europese landbouw klimaatneutraal worden. Dan zal de milieu-impact per kg product verminderen en zal er ook ruimte zijn voor natuurherstel”, stelt Keulemans. Hij pleit ervoor om ‘duurzame intensivering’ juist wél te stimuleren.

Prof. Wannes Keulemans: 'De Europese landbouw kan klimaatneutraal worden, kan de milieu-impact per kg product verminderen én ruimte maken voor natuurherstel'

Hoewel Keulemans van mening is dat de biodiversiteit het best kan worden hersteld door landbouw en natuur te splitsen, is er in zijn voorstel ook ruimte voor agro-ecologische landbouw: “In een driecompartimentensysteem wordt intensieve landbouw gescheiden van natuurgebied door meer extensieve landbouwvormen, zoals biolandbouw of agro-ecologie”.

In een nota in het kader van een presentatie van Keulemans voor het Vlaams Parlement, noemt hij het ‘onbegrijpelijk’ dat in geen enkel beleidsdocument gerept wordt van een afbouw van de veestapel.

“Een kleine berekening leert dat een reductie van de veestapel met 20%, de broeikasuitstoot op Europees niveau met 63 Megaton CO2-equivalent zou verminderen, en 25.000.000 hectare land zou vrijmaken voor bebossing (20 keer de oppervlakte van Vlaanderen, red.), wat weer een positief klimaateffect heeft van 187 Megaton CO2-equivalent per jaar”.

Boerenbond wil 'diversiteit' bewaren

Nog afwezig in het verhaal tot nu toe: de Boerenbond. De grootste landbouworganisatie van België houdt met een indrukwekkende studiedienst alle beleidsontwikkelingen nauwlettend in de gaten. Toch wil woordvoerder Vanessa Saenen geen duidelijke visie delen op de landbouwsector waar Boerenbond naar streeft. De Boerenbond koestert de diversiteit van de sector.

Vanessa Saenen (Boerenbond): 'De diversiteit van de landbouwsector is waardevol in al zijn vormen en verdient onze steun'

“Soms wordt de indruk gewekt dat louter de omvang van een modern landbouwbedrijf negatieve gevolgen heeft voor dierenwelzijn en milieu. Dit is een ongenuanceerde voorstelling, want in zowel kleine als grote landbouwbedrijven werkt men elke dag met de grootst mogelijke zorg voor hun dieren en het milieu en moet men voldoen aan dezelfde hoge standaarden”, laat Saenen weten.

“Landbouwers zoeken - net als andere bedrijfsleiders - antwoorden op diverse uitdagingen: zichzelf en de familie voorzien van een inkomen, een kwalitatief product op de markt brengen waarvoor de consument een eerlijke prijs wil betalen, oog hebben voor dierenwelzijn en milieuproblematieken.”

“De ene doet dit door in te zetten op schaalvergroting en moderne/innovatieve technieken om zo het hoofd te bieden aan de hoogste eisen op het gebied van dierenwelzijn en gezondheid. De andere zoekt die antwoorden in extensivering, al dan niet gecombineerd met korte keten, of biologische landbouw. Deze diversiteit is waardevol in al zijn vormen en verdient onze steun.”

Het Instituut voor Landbouw-, Visserij en Voedingsonderzoek (ILVO) hanteert eenzelfde uitgangspunt. “Geen tijd verliezen met polariserende discussies (klein bedrijf/groot bedrijf of conventioneel/niet-conventioneel). Ook hier is diversiteit noodzakelijk”, stelde administrateur-generaal Joris Relaes in een presentatie voor de commissie Landbouw van het Vlaams Parlement.

Maar de scenario’s die deze week werden gepubliceerd op Apache, laten zien dat een groot deel van de familiale landbouwers door de ongereguleerde markt juist geen eerlijke prijs ontvangt voor de producten die zij leveren. De ‘diversiteit’ neemt hierdoor dan ook zienderogen af.

Guy Depraetere is biologisch vleesveehouder en actief in de ABS-commissie vleesvee. (Foto © Stef Arends)
Guy Depraetere is biologisch vleesveehouder en actief in de commissie vleesvee van het Algemeen Boerensyndicaat. (Foto © Stef Arends)

De visie Demir of de visie Crevits?

De komende maanden wordt het dus in spanning afwachten tot minister van Omgeving Zuhal Demir (N-VA) het nieuwe Programma Aanpak Stikstof bekendmaakt. Dat had eigenlijk vorig jaar al klaar moeten zijn. De deadline werd toen verplaatst naar ‘eind 2020’, maar inmiddels is bekend dat het programma dit jaar niet meer afgeraakt.

Omgevingsminister Zuhal Demir (N-VA): 'Vlaanderen is één van de meest vervuilde regio’s wat betreft reactieve stikstof in Europa'

“De komende maanden worden vervolgstappen verwacht richting een definitieve PAS”, laat woordvoerder van de minister Andy Pieters weten. “Een exacte datum van definitieve goedkeuring is er niet, al is het zeker niet de bedoeling deze problematiek vooruit te schuiven. Het werk moet goed gebeuren”, voegt hij toe.

De woordvoerder van Demir laat verder weten niet vooruit te willen lopen op de inhoud van het PAS. Het Departement Omgeving, dat voor de uitwerking van het programma zorgt, is minder geheimzinnig over de richting van het beleid. Woordvoerder Brigitte Borgmans laat weten dat het departement op dit moment verschillende beleidsscenario’s exploreert. Daarbij wordt zowel gekeken naar een generieke aanpak als een gebiedsgerichte aanpak van de stikstofvervuiling.

Met andere woorden, er worden zowel extra maatregelen overwogen die voor alle (landbouw)bedrijven in Vlaanderen gelden, als specifieke beperkingen voor bedrijven in de buurt van kwetsbare natuurgebieden. Die generieke aanpak ontbrak bij het vorige PAS, waardoor grote vervuilers die geen kwetsbare natuur in hun omgeving hadden, ongehinderd konden uitbreiden, en natuurgebieden nu zelfs van op een afstand alsnog extra overlast ondervinden.

Het Programma Aanpak Stikstof zal ook worden afgestemd met Nederland, laat Borgmans weten. Dat is belangrijk, want sinds de stikstofcrisis bij onze noorderburen doen geruchten de ronde dat er een verhuisbeweging van megastallen richting België op gang is gekomen. Die trend bestond al, en een verschil in de aanpak van stikstofvervuiling zou een nieuwe migratiebeweging kunnen triggeren.

Er zal ook periodiek worden gemeten of de in het nieuwe programma beoogde vermindering van de stikstofvervuiling ook daadwerkelijk gehaald wordt, staat verder te lezen.

Hoewel de minister Zuhal Demir (N-VA) verantwoordelijk is voor het omgevingsbeleid en dus ook voor het Programma Aanpak Stikstof, werkt zij daarvoor wel samen met minister van Landbouw Hilde Crevits (CD&V).

Landbouwminister Hilde Crevits (CD&V): 'De uitdaging voor alle EU-lidstaten is een duurzame reductie van de emissies en investeren in herstelmaatregelen'

Gevraagd naar haar ambities voor het reduceren van de ammoniakuitstoot in Vlaanderen, benadrukt minister Crevits dat stikstofdepositie van verschillende bronnen afkomstig is in Vlaanderen en omliggende regio’s.

“De problematiek verengen tot de ammoniakreductie is een onvolledig uitgangspunt gezien de vele mogelijke bronnen. De uitdaging voor alle lidstaten van de Europese Unie is een duurzame reductie van de emissies en om te investeren in herstelmaatregelen, zonder de economische ontwikkelingen en voedselzekerheid van de bevolking in het gedrang te brengen”, zo schrijft de minister.

Dat ammoniak de bron is voor meer dan de helft van de stikstofdepositie in de Vlaamse natuurgebieden, en dat de uitstoot van de landbouw in tegenstelling tot die van andere sectoren de afgelopen vijf jaar nauwelijks is gedaald, lijkt nochtans een vraag over de ammoniakreductie te rechtvaardigen.

Bovendien is de overmatige stikstofdepositie geen Europees probleem, maar een regionaal probleem. Iets waar minister Demir haar reactie aan Apache fijntjes op wijst.

“Vlaanderen is één van de meest vervuilde regio’s wat betreft ‘reactieve stikstof’ in Europa. Samen met Nederland en de Po-vlakte in Noord-Italië zijn we de slechtste leerlingen van de klas. 46% van onze stikstofneerslag komt aanwaaien uit het buitenland. 54% van de Vlaamse stikstofdepositie is 'onze eigen schuld'. Van die 54% is ongeveer driekwart afkomstig uit de landbouw (veeteelt en pluimvee). Het spreekt voor zich dat er dus inspanningen nodig zullen zijn”, klinkt het in duidelijke taal.

POLITICS FLEMISH PARLIAMENT PLENARY SESSION
Vlaams minister van Omgeving Zuhal Demir (N-VA) en minister van Landbouw Hilde Crevits (CD&V) (Foto: © Nicolas Maeterlinck (Belga))

Overleg met boerenorganisaties

Er is over het nieuwe PAS opmerkelijk genoeg nog geen overleg geweest met de boerenorganisaties. Lieven De Stoppeleire van het Algemeen Boerensyndicaat liet eerder al aan Apache weten ‘bezorgd’ te zijn door de onduidelijkheid over de regels die in de maak zijn.

Boerenbond-woordvoerder Vanessa Saenen is eveneens niet tevreden: “De laatste beslissing over PAS waarvan Boerenbond kennis heeft dateert van 2017. (…) Nadien en zeker vanaf de start van de nieuwe regering is er geen inhoudelijk overleg geweest.”

Opvallend is dat er ondertussen wel uitgebreid overleg is geweest met Natuurpunt. Het is de vraag of dat betekent dat minister Demir, meer dan haar voorgangers, werk wil maken van het herstel van de biodiversiteit.

Demir benadrukt dat ze zeker van plan is om binnenkort met de landbouwers te overleggen. Om een rechtvaardige landbouw- en voedseltransitie te bewerkstelligen, lijkt het alvast noodzakelijk dat de sociale gevolgen voor landbouwers niet uit het oog worden verloren.

Want hoewel gebleken is dat landbouw en natuur op verschillende manieren naast elkaar kunnen bestaan, gaf het Nederlandse Adviescollege Stikstofproblematiek een treffende waarschuwing aan de overheid daar: “Er moet onder ogen worden gezien dat niet alles kan in ons land, zonder dat dit beperkingen voor iets of iemand oplevert.”

Dit onderzoeksartikel kwam tot stand met de steun van het Fonds Pascal Decroos voor Bijzondere Journalistiek.
LEES OOK