Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.

Komt een vrouw terug van skireis

22 januari 2021 Nora Timmermans
nicolai-berntsen-VXiG4N229uY-unsplash
Foto: Nicolai Berntsen (Unsplash)

Eén vrouw overtreedt de regels, 5.000 mensen in quarantaine: de enorme gevolgen van een 'onschuldig' skireisje. De vrouwonvriendelijke toon van het artikel dat op 19 januari in De Morgen verscheen, is stuitend. Alleen, als gescheiden vrouw op skireis gaan, terwijl ex-man en dochter thuis achterblijven. Onschuldig is dat allesbehalve, zo blijkt uit de aanhalingstekens in de titel. Terwijl de vader in relatie tot hun dochter steeds wordt aangeduid als ‘haar papa’, gaat het niet over ‘haar mama’ maar enkel over ‘de vrouw’ of ‘de moeder’. 

Een rechtvaardig coronabeleid is en blijft een collectieve, politieke verantwoordelijkheid

We kunnen ons afvragen of de reactie ook zo streng was geweest als het ging over een alleenstaande man of over een gezin dat samen ging skiën. Maar ook zonder misogyne intenties is de morele veroordeling die uit de tekst spreekt, problematisch. 

Privilege

Ik ben de laatste die een lans wil breken voor skireizen in tijden van covid. Of voor skireizen in tijden zonder covid. Het is begrijpelijk dat het wrevel opwekt dat er risico’s worden genomen in het kader van wat wordt gezien als een plezierreisje. De situatie staat symbool voor alle privileges die maken dat de dagelijkse realiteit van een globale gezondheidscrisis toch voor iedereen anders is. 

Toch is het belangrijk om te benadrukken dat toeristische reizen niet verboden, maar hoogstens afgeraden waren. Dat was een politieke keuze. Een rechtvaardig coronabeleid is en blijft een collectieve, politieke verantwoordelijkheid. 

Morele paniek

Door daarentegen de individuele verantwoordelijkheid van de ander te benadrukken, kunnen we ons van hen onderscheiden. Het laat ons toe om de ander te zien als ‘anders dan wij’. We zagen het eerder met de lockdownfeestjes en de winkelaars op de Meir.

De Amerikaanse schrijver, activist en filosoof Susan Sontag schreef in 1978 Illness as Metaphor over het gebruik van metaforen in zowel de medische als de dagelijkse omgang met tuberculose in de negentiende eeuw en kanker in de twintigste eeuw. Kanker wordt vaak beschreven als ‘een vijand’, die moet worden ‘verslaan’ of ‘teruggedrongen’. Patiënten worden beschouwd als ‘slachtoffers’.

Het is geen goed idee individuele morele verantwoordelijkheid te verbinden aan de situatie die aanleiding heeft gegeven tot de besmetting, zoals bij de skireis gedaan wordt

Hoewel de argumenten van Sontag ook kritische bedenkingen oproepen, tonen ze wel aan dat die metaforen de politieke, de publieke en uiteindelijk zelfs de medische houding ten opzichte van een ziekte mee vorm geven. Ze laten toe patiënten te stigmatiseren en te culpabiliseren en staan soms een adequaat beleid in de weg.

Sontags opvolger Aids and its Metaphors (1988) is evenmin vrij van pijnpunten. Maar na de morele paniek die ontstond naar aanleiding van de HIV-pandemie in de jaren 80, kunnen we niet meer ontkennen dat hoe we over een ziekte of virus denken en praten verstrekkende gevolgen heeft. Niet de Spaanse griep begin twintigste eeuw, maar wel de HIV-pandemie in de jaren 80 is een van de meest recente pandemieën. Laat ons dat niet te snel vergeten. 

Het is geen goed idee individuele morele verantwoordelijkheid te verbinden aan de situatie die aanleiding heeft gegeven tot de besmetting, zoals bij de skireis wel gedaan wordt. We worden allemaal besmet door iemand anders. Zelfs voor wie de regels strikt volgt, is een besmetting nooit helemaal uit te sluiten. Om nog maar te zwijgen van de vele andere honderdduizenden die de afgelopen maanden de regels min of meer met de voeten hebben getreden, om welke reden dan ook. De ander is niet anders dan wij. 

Laten we onszelf er even aan herinneren dat Sars-Cov-2 een virus is. Het oplopen van een virus is op zich geen moreel laakbare handeling. Een goed jaar geleden durfden we een verkoudheid of de griep ook nog een virus te noemen.  

Met de vinger wijzen

De berichtgeving in de media is de voornaamste bron van de manier waarop we betekenis creëren in de coronacrisis. Media hebben dus een enorme verantwoordelijkheid, in de eerste plaats in het mee bepalen van onze houding (en dus uiteindelijk ook ons gedrag) ten opzichte van het virus.

Het zijn de regels − en de belangenafwegingen die meespelen in het maken daarvan − die we in vraag moeten (blijven) stellen en niet de motieven of het gedrag van de mensen rond ons

De situatie in Edegem en Kontich was een gelegenheid om te informeren eerder dan om met de vinger te wijzen. Om in kaart te brengen hoe snel het virus zich kan verspreiden bijvoorbeeld, om te wijzen op het belang van het afwachten van de beide testresultaten, ook als je geen symptomen hebt. Of om nog eens uit te leggen wat de quarantaineregels precies inhouden, en waar je ze kan vinden. In dit geval werd het dus vooral een gemiste kans. 

Door de klemtoon zo duidelijk te leggen bij de morele verantwoordelijkheid van die ene vrouw en bij uitbreiding van de individuele burger, zijn de media ook verantwoordelijk voor het feit dat de politieke dimensie van het coronabeleid al te vaak naar de achtergrond verdwijnt. Daar zijn politici hen overigens zeer dankbaar voor.

Het zijn de regels − en de belangenafwegingen die meespelen in het maken daarvan − die we in vraag moeten (blijven) stellen en niet de motieven of het gedrag van de mensen rond ons. Want als er een ding is dat vaststaat, is het dat niets menselijks ons vreemd is. 

Uitgelichte foto: Nicolai Berntsen (Unsplash)

LEES OOK