Loon naar werken

 Leestijd: 4 minuten0

Jaren geleden vroeg een van mijn dochters me waarom niet iedereen evenveel verdient. Zou het niet eerlijker zijn als iedereen precies hetzelfde kreeg? Als iemand in de klas jarig is en snoepjes meebrengt, dan worden die toch ook netjes gelijk verdeeld over alle leerlingen?

Ik legde uit dat niet alle beroepen hetzelfde zijn. Sommige betekenen hard labeur, of zijn onaangenaam of gevaarlijk, of je moet er ’s nachts voor werken of tijdens het weekend. Mensen zouden niet de hele dag lange zware lasten willen dragen, riolen schoonmaken, antennes plaatsen op hoge gebouwen, of treinen besturen om 5 uur ’s ochtends als die jobs niet wat meer opleverden dan jobs waarbij je de hele dag aan een bureau zit om op een klavier te tokkelen. Bovendien zijn sommige jobs zo moeilijk dat er niet zoveel mensen zijn die ze kunnen doen. Een werkgever die zo iemand nodig heeft, moet een voldoende hoog salaris aanbieden, anders gaan ze bij de concurrentie werken.

Gratis werken, maar niet voor niets

Niets in deze uitleg zal u verbazen, maar was dat het hele verhaal? Zoals zo vaak wanneer het over economische begrippen gaat, wordt een en ander wat meer gecompliceerd zodra je naar de details begint te kijken.

Het stinkt, maar het betaalt goed (Foto: CC BY 2.0 Seattle Municipal Archive (Flickr))

Een arbeidsovereenkomst is eigenlijk een economische transactie tussen werkgever en werknemer. De werkgever heeft een nood waaraan de werknemer kan voldoen, en het beantwoorden van die nood vertegenwoordigt een zekere waarde voor de werkgever.

Dat is het geval voor de persoon die zijn huis wil laten behangen, maar net zo goed voor de supermarkt die de rekken gevuld wil of voor de ICT-firma die software wil ontwikkelen.

Het is die waarde die bepalend is voor het maximumloon dat de werkgever bereid zal zijn te betalen aan een werknemer. Wanneer werknemers, van hun kant, kiezen om voor een werkgever te werken, ervaren zij een opportuniteitskost: ze geven alle andere dingen op die ze zouden kunnen doen met die tijd.

Sommige van deze andere dingen zijn productief (bijvoorbeeld een alternatieve job die een inkomen oplevert, of taken in huis zoals schoonmaken of schilderen, die kosten besparen omdat er niemand moet worden voor ingehuurd); andere zijn dat niet (zoals TV kijken of met de kinderen spelen), maar zijn aantrekkelijk om andere redenen.

Dit alles bepaalt voor beide partijen in zo’n transactie een grens waar ze niet overheen gaan: werkgevers zullen niet meer betalen dan een gegeven bedrag (willingness to pay of WTP), en werknemers zullen niet minder accepteren dan een bepaald bedrag (willingness to accept of WTA). Zolang WTA kleiner dan of gelijk is aan WTP zal er werk worden geleverd.

‘Betalen’ doet vermoeden dat we het over geld hebben, maar is dat het enige dat belangrijk is?

Maar wacht even. ‘Betalen’ doet vermoeden dat we het over geld hebben, maar is dat het enige dat belangrijk is? Vrijwilligers bijvoorbeeld krijgen geen geld en geven toch hun tijd op – en vaak is dat tijd waarvoor ze, als het overuren waren op het werk, zelfs een hoger loon zouden verwachten dan normaal.

Er lijkt een soort van immateriële, mentale baat te bestaan, die vrijwilligers kan compenseren voor hun inspanningen, en die equivalent is met het bedrag dat ze zouden moeten uitbetaald krijgen als ze de taak niet als vrijwilliger zouden uitvoeren. Er bestaat een correlatie tussen het welbevinden dat mensen ervaren (die mentale baat), en engagement in vrijwilligerswerk, maar is dat omdat blijere mensen zich daar sowieso toe aangetrokken voelen, of omdat vrijwilligerswerk mensen blijer maakt?

Onderzoek toont aan dat er een link bestaat tussen vrijwilligerswerk en een positieve verandering in het welbevinden

Recent onderzoek door Ricky Lawton en collega’s boog zich over deze vraag, en kwam tot de conclusie dat er een link bestaat tussen vrijwilligerswerk en een positieve verandering in het welbevinden – equivalent met een inkomensverschil van zo’n 1000 euro per jaar.

Met andere woorden, als een lid van een mediaan Brits huishouden dankzij vrijwilligerswerk een zekere toename in welbevinden ervaart in vergelijking met een niet-vrijwilliger, dan zou deze persoon zijn inkomen moeten zien dalen met 1000 euro per jaar om die toename ongedaan te maken.

Dit kan helpen verklaren waarom sommige dokters ervoor kiezen te werken voor Artsen zonder Grenzen tegen een beginsalaris van 2039 dollar per maand (zo’n 1700 euro), aanzienlijk minder dan wat ze kunnen verdienen als dokter in een conventionelere omgeving. Als werken als vrijwilliger of voor een goed doel een betekenis kan geven die equivalent is met een geldbedrag, dan kunnen andere aspecten van een job die een positieve invloed hebben op ons welbevinden wellicht een vergelijkbaar effect hebben.

Sommige banen bieden specifieke extra voordelen – gratis koffie of vers fruit, een goedkoop gymlidmaatschap, een bijkomende ziekteverzekering en zo meer. Die hebben vaak een financiële waarde die voor de werknemer hoger is dan de werkelijke kost voor de werkgever, dus zo’n combinatie van salaris en voordelen is al meteen economisch zinvol voor beide partijen.

Maar ze kunnen ook een immateriële waarde inhouden: een werkgever die zulke voordelen aanbiedt, suggereert dat daar een aantrekkelijker bedrijfscultuur heerst dan die van een werkgever die enkel een salaris biedt en niets meer – ook al is dat salaris aanzienlijk hoger.

Immaterieel en toch gewichtig

En wat met eigenschappen van een baan die helemaal immaterieel zijn? Denk aan twee banen die identiek zijn in elk materieel opzicht (inkomen, voordelen, tijd en kosten om naar en van het werk te pendelen) – het soort situatie dat mijn dochtertje zo lang geleden beschreef.

De eerste baan laat u behoorlijk onverschillig, terwijl u bij de tweede elke dag weer met een goed gevoel huiswaarts keert – bijvoorbeeld omdat de werkplek zo aangenaam is, of omdat de job zelf meer betekenis heeft voor u. Deze laatste baan zal wellicht aantrekkelijker zijn, en om de eerste job op hetzelfde niveau te brengen zou die een hogere wedde moeten aanbieden. Diegenen voor wie het ‘enkel om het geld te doen is’, kiezen dan voor de eerste baan, de anderen prefereren de laatste.

We’re Only in It for the Money. Niet echt, hoor! (Foto: Cover album (Wikimedia))

Jamie McCallum, een socioloog en zelfverklaard activist, argumenteert in een nieuw boek, Worked Over (hier besproken), dat de verschuiving naar meer betekenisvol werk samenvalt met stagnerende salarissen – werk is niet langer een persoonlijk offer dat ten volle moet worden gecompenseerd, maar ‘iets wat we doen voor ons eigen goed’.

Hij citeert studies die beweren dat een betekenisvolle baan 20.000 dollar per jaar meer waard is, en dat 90% van de werknemers bereid zijn een deel van hun voordelen op te geven in ruil voor meer betekenisvol werk.

Dit laat vermoeden dat het mogelijk is ‘betekenis’ te gebruiken als een ‘instrument dat, zonder veel kosten, tot meer inspanning kan aanzetten’. Waarom zou je werknemers meer betalen als je ze betekenis kunt geven voor niets?

Volgens socioloog McCallum valt de verschuiving naar een meer betekenisvol werk samen met stagnerende salarissen

Wanneer je het zo kadert, dan klinkt het inderdaad als een bedekte vorm van uitbuiting. Maar is het werkelijk dat? Als we inderdaad zowel door extrinsieke invloeden zoals geld als door intrinsieke invloeden zoals betekenis en voldoening, is er dan een reden waarom de ene meer zou moeten tellen dan de andere?

De dokters die een keuze hebben tussen een loopbaan in de mainstream geneeskunde en werken voor Artsen zonder Grenzen, moeten een afweging maken tussen deze extrinsieke en intrinsieke motivaties. Voor sommigen zal een relatief inkomen meer dan gecompenseerd worden door de voldoening medische zorg te verstrekken aan mensen in de hoogste de wereld rond. Anderen zullen de voorkeur geven aan het hogere inkomen van een conventionelere job.

En al is de afweging misschien niet altijd zo extreem, zo is het ook in de meeste andere situaties. Misschien vergat ik in mijn uiteenzetting aan mijn dochtertje zovele jaren terug erbij te zeggen dat een job een verschillende betekenis kan hebben voor verschillende mensen. Misschien verklaart dat, meer dan wat ook, waarom niet alle banen evenveel betaald worden.

Want loon naar werken is meer dan enkel geld.


Uitgelichte afbeelding: kues1 (Freepik)

  Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Zelf een bijdrage insturen, doe je hier.

Auteur: Koen Smets

Koen Smets is een deskundige op het gebied van organisatie-ontwikkeling, met een fascinatie voor menselijk gedrag op de grens tussen het rationele en het irrationele. Hij is op Twitter als @koenfucius.