De coronacrisis legt pijnlijke wantoestanden in asielcentra bloot

 Leestijd: 3 minuten0

De lockdown heeft een diepe impact op ons allen, maar de gevolgen voor kwetsbare groepen zoals asielzoekers zijn bijzonder hard. ‘Als je in een asielcentrum verblijft, dan staat je leven op pauze’, zegt Ahmed. ‘Sinds ik hier zit, intussen al acht maanden, dacht ik dat het niet erger dan dit kon worden. Ik had echter ongelijk, want door de lockdown voelt het alsof ik helemaal niet meer leef.’

‘Social distancing’ in overvolle asielcentra

Alle activiteiten in asielcentra zijn stilgelegd en daarmee ook de buitenactiviteiten. De asielzoekers kunnen niet langer naar een bibliotheek gaan, een taalcursus of opleiding volgen of zelfs in een belwinkel met hun familie videobellen.

Er heerst ook veel angst voor het coronavirus. In verschillende asielcentra hebben asielzoekers positief getest op het virus, maar ze hebben niet de ‘luxe’ om zich in quarantaine te plaatsen. De bezettingsgraad is volgens minister Maggie De Block (Open Vld) 96%. Hierdoor kunnen de coronamaatregelen niet gerespecteerd worden.

Door de besparingen van Maggie De Block kampen we nu met een tekort aan plaatsen en zijn de opvangcentra overbelast

De staatssecretaris voor Asiel en Migratie kreeg in 2013 veel lof voor het besparen van 175 miljoen euro in amper twee jaar tijd. Dit budget was echter bedoeld voor Fedasil en opvangplaatsen van het OCMW. Door de besparingen kampen we nu met een tekort aan plaatsen en zijn de opvangcentra overbelast.

Deze overbelasting maakt het haast onmogelijk voor asielzoekers om zich aan de richtlijnen van social distancing te houden. Het legt bovendien ook veel druk op de mensen die in opvangcentra werken.

Binnen 30 dagen moesten 297 uitgeprocedeerde asielzoekers vrij om meer plaats te maken in centra, dit terwijl het vliegverkeer stil lag

Fedasil, het Rode Kruis en andere betrokken instanties zetten zich op alle mogelijke manieren in om de coronacrisis te managen. “Maar ze moeten het doen met de beperkte middelen die ze hebben. Door een doorgezette besparingslogica van opeenvolgende regeringen botsen de goede wil en goed uitgeschreven scenario’s van de sector met de realiteit: overbevolkte opvangcentra en een personeelstekort dat al jaar en dag wordt aangeklaagd”, zegt Joost De Potter van Vluchtelingenwerk Vlaanderen.

De lijst van wantoestanden is lang. Bij het begin van de coronacrisis in maart liet de Belgische overheid 297 uitgeprocedeerde asielzoekers vrij om meer plaats te maken in centra en aan de coronamaatregelen te voldoen. Deze asielzoekers kregen het bevel om het Belgisch grondgebied binnen 30 dagen te verlaten, terwijl het vliegverkeer stil ligt. Als minister van volksgezondheid zegt De Block dat we allemaal in ons kot moeten blijven.

Als minister bevoegd voor migratie zet diezelfde Maggie De Block asielzoekers op straat. Het is voor ons een onbegrijpelijke logica. Niet enkel is dit een schending van de basisrechten van asielzoekers, de overheid schendt hiermee ook haar plicht om mensen te beschermen. Ze brengt zo de volksgezondheid in gevaar.

Online aanvragen veroorzaakt veel drempels voor asielzoekers

De schending van het recht op openbare dienstverlening wordt nog eens versterkt door het feit dat asielzoekers nu hun aanvraag online moeten doen. Dit is een handige ingreep van de Belgische regering om toch de wet te respecteren.

Volgens verschillende vluchtelingenorganisaties en volgens vrijwilligers van het Burgerplatform voor Steun aan Vluchtelingen zorgt dit in de praktijk voor vele drempels, meldde Radio 1 (08/05).

Ten eerste zijn er weinig vluchtelingen die toegang hebben tot het internet of over de nodige apparatuur beschikken. Ten tweede is het formulier slechts in twee talen beschikbaar: in het Frans en in het Nederlands. Er kan toch niet verwacht worden van elke vluchteling dat ze één van deze talen verstaat en dus begrijpt wat ze moet invullen. Ten derde moet de vluchteling die erin slaagt om een aanvraag in te dienen vier tot vijf weken wachten op een antwoord.

Kwetsbare groepen beschermen

Het UNHCR (UN Refugee Agency) zegt nochtans duidelijk: “Het coronavirus kan alleen worden bestreden als er een inclusieve aanpak is die ieders recht op leven en gezondheid beschermt.” In het begin van de crisis gaf het UNHCR enkele normen mee, met name dat er niemand geweigerd mocht worden. België ging hier in overtreding doordat het tijdelijk niet mogelijk was om asiel aan te vragen.

Als toekomstige sociaal werkers willen we ons inzetten voor een België dat kwetsbare groepen beschermt en de mensenrechten hoog in het vaandel draagt

Er is een betere aanpak nodig, indien ons land de mensenrechten wil respecteren. Portugal heeft in coronatijden aangetoond dat een andere aanpak mogelijk is. In Portugal kregen asielzoekers bijvoorbeeld een tijdelijke verblijfsvergunning om hen, en bij uitbreiding de rest van de bevolking, te beschermen tegen het coronavirus. “In crisistijden moet een solidaire samenleving de toegang van migranten tot gezondheid, stabiliteit, werk en huisvesting garanderen”, zei de Portugese minister van Binnenlandse Zaken Eduardo Cabrita.

De Commissaris voor de Rechten van de Mens van de Raad van Europa, Dunja Mijatovic, was lovend over de Portugese aanpak. Volgens Mijatovic zijn de maatregelen die Portugal nam “een goede manier om kwetsbare personen te beschermen”.

Dat het anders en beter kan, kunnen we ook bewijzen met voorbeelden uit Vlaanderen. In het asielcentrum van Leopoldsburg zijn ze wel bezig met corona en de gezondheid van de asielzoekers. Daar werden containers geplaatst waarin asielzoekers die besmet zijn met het virus verblijven, waardoor ze worden gescheiden van de mensen die niet besmet zijn.

We hebben gedurende deze lockdown ook prachtige voorbeelden van solidariteit gezien. Laten we niet enkel tijdens maar ook na de lockdown zorgzaam zijn voor kwetsbare groepen zoals asielzoekers. Als toekomstige sociaal werkers willen we ons inzetten voor een België dat kwetsbare groepen beschermt en de mensenrechten hoog in het vaandel draagt.


Uitgelichte foto: Fedasil

  Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Zelf een bijdrage insturen, doe je hier.

Auteur: Mira Cockx, Salina Persiau, Femke Vandenbergh, Cloë Van Gastel en Kenna Verstrepen

Mira Cockx, Salina Persiau, Femke Vandenbergh, Cloë Van Gastel en Kenna Verstrepen zijn studenten Sociaal Werk aan UCLL.