(Af)gezonder(d)?

 Leestijd: 3 minuten0

Net als veel mensen sta ik de laatste tijd vaker achter het fornuis en moest ik vorige week vaststellen dat er geen speltbloem meer was in de winkel. Net als veel mensen geniet ik in mijn kot stiekem van de rust die ik anders bij God in Frankrijk ga zoeken. Net als veel mensen sta ik stil bij wat het leven mij tot nu toe heeft gebracht en de mogelijkheden en keuzes die voor mij liggen. En net als veel mensen stuit ik vaker dan gewoonlijk op een gevoel van onzekerheid.

Misschien zijn het de twijfels die ik zelf ervaar – het hernieuwde bewustzijn van onze kwetsbaarheid als mensen – die mij mild stemmen ten opzichte van klungelige PowerPoint-presentaties en andere pr-blunders van de stuurlui des vaderlands.

Niet iedereen kan nu eenmaal Obama zijn en zelfs hij kon de wereld niet redden. Het minste wat je trouwens van Wilmès kan zeggen is dat ze onverstoorbaar is en haar positie niet in de eerste plaats benut om soundbites te debiteren voor de galerij.

Bankjes en mondmaskers

Toch vind ook ik het maar vervelend dat ik tijdens mijn wandeling of fietstocht niet eens vijf minuten op een bankje mag zitten, tenzij ik me uit als iemand met beperkte mobiliteit. Ja, misschien zijn bankjes gevaarlijke mensenmagneten en dus besmettingshubs, maar net als in halflege treinen kan ik toch ook hier tot twee meter afstand houden van niet-gezinsleden?

Opvallend trouwens hoe de oorspronkelijke richtlijn om “in het park niet urenlang op een bank te blijven zitten” de eerste dagen in de media letterlijk werd geciteerd en binnen een week ‘in real life’ uitmondde in afgeplakte bankjes, al dan niet met verbodspictogrammen. Uit vrees dat de gewone man (of de doorsnee ordehandhaver) geen nuance verteert? Of uit vrees zonder meer?

Net als in halflege treinen kan ik toch ook hier tot twee meter afstand houden van niet-gezinsleden?

Verslijt mij niet voor corona-ontkenner: ik heb het begrepen van dat platdrukken van de curve en kom nog minder buiten dan anders. Ik dank dagelijks de sterren (ook zonder gecoördineerd handgeklap) dat ik leef in een land met een even uitgelezen als toegankelijke gezondheidszorg – en denk daar ook in het stemhokje aan.

Ecuadoraanse en andere Amerikaanse toestanden zijn voor mij gelukkig niet meer dan nachtmerries uit het nieuws. Maar wat moet ik met een mondmasker op de tram? In de zorg, jazeker. Maar op de tram? (En de trein? In Duitsland op langeafstandstreinen echter onnodig!)

Luister aandachtig naar de televisievirologen en je meent zowaar te begrijpen dat het eerder een geruststellend ritueel is dan een onontbeerlijke maatregel.

Getuige de toegestane alternatieven: sjaal of bandana zijn óók beter dan niets, in afwachting van de resultaten van de Nationale Naaiactie! Mag ik in plaats daarvan alsjeblieft een bezweringslied zingen aan de bushalte?

Wel of geen bezoek?

Angst is uiteraard onvermijdelijk en rituelen zijn noodzakelijk. Idealiter werken rituelen echter bevrijdend in plaats van de angst in de hand te werken. En laten het nu juist de bevrijdende rituelen zijn die het in deze crisis moeten ontgelden.

Samen eten en drinken: njet.

Samen dansen of supporteren: vergeet het.

Samen afscheid nemen: kan niet.

Dat is de schuld van het virus en niet van de maatregelen. Nu het uitzicht op versoepeling echter stilaan aan het einde van de tunnel gloort, mogen we niet vergeten om naast werken en winkelen ook onze menselijkheid uit de wacht te halen.

Dat de moegetergde rusthuizen bij de gedachte aan de organisatorische lijdensweg in paniek eisten om ook niet één bezoeker per bewoner toe te laten ondanks de beslissing van de Veiligheidsraad kun je ze moeilijk kwalijk nemen. Natuurlijk willen we de ouderen beschermen.

Het lijkt wel alsof we de vijand (of onszelf?) met onze digitale krijgsdans willen overtuigen dat we niet bang zijn

Alleen zijn rusthuisbewoners en andere gepensioneerden behalve potentiële coronaslachtoffers ook mensen. In die hoedanigheid moeten de oudjes die daar nog toe in staat zijn (ja, ze bestaan!) misschien zelf keuzes kunnen maken? Of mogen ze wel voor euthanasie kiezen, maar niet voor bezoek?

Kan het geld dat winkelketens investeren in contactloze verkoop om zo snel mogelijk weer open te mogen niet versluisd worden naar de ziekenhuizen en woonzorgcentra voor het stroomlijnen van veilige bezoekprocedures?

Skypen voor je leven

Al zien de zwierige Zoomers het mogelijk anders, voor mij (en ik ben geen negentig) heeft zo’n videochat meer weg van een gevangenisbezoek achter plexiglas dan van een gezellige babbel. Het lijkt wel alsof we de vijand (of onszelf?) met onze digitale krijgsdans willen overtuigen dat we niet bang zijn.

Wij – een stelletje gewone stervelingen? Een kudde (sch)apen die bij elkaar warmte en beschutting zoeken? Ten prooi aan een primaire behoefte als het aanraken en ruiken van onze soortgenoten? Nee hoor, wat vies!

Voor de bedrijfscontinuïteit is die borstklopperij vast een bonus, maar tegen onszelf kunnen we toch ook eerlijk zijn? Onszelf toelaten te beseffen dat voor altijd afscheid nemen van je geliefden via Skype pure horror is en anders móet, desnoods met adequaat mondmasker én beschermende kleding? Of zijn we daar te bang voor?


Uitgelichte afbeelding © Maia Van Langendonck

  Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Zelf een bijdrage insturen, doe je hier.

Auteur: Maia Van Langendonck

Maia Van Langendonck is freelancevertaler en vindt woorden wonderlijk. In haar vrije tijd windt ze zich op over de condition humaine.