Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.

Carpe diem

17 september 2019 Gunter Verhoeven
mosque-hassan-2852007_1920
Afbeelding van Antonio Doumas via Pixabay

Toen ik in het vijfde middelbaar zat en een aantal leraars mijn kijk op de wereld verruimden, droomde ik ervan om zelf ooit les te geven. Na een carrière als student in Leuven stapte ik in het onderwijs. Ik koos voor het vak godsdienst. Niet om mijn geloof te verkondigen, zieltjes te winnen of een mening op te dringen aan mijn leerlingen. Ik koos voor godsdienst omdat mij dat een vak leek waar je voldoende ruimte had om jonge mensen op zoek te laten gaan naar de essentie van het leven. En die schuilde volgens de leraren Latijn, Nederlands, wiskunde, geschiedenis en godsdienst die mij leerden reflecteren over het bestaan niet in wat je zo allemaal hebben kan maar in wie je zoal allemaal zijn kan voor een ander.

Als religieuze tradities één element met elkaar gemeen hebben dan is het wel de boodschap dat je het eeuwige leven kan verdienen door te investeren in een zo goed mogelijke relatie met je naaste. En met dat eeuwige leven bedoelen we nu even niet het rijstpap-met-gouden-lepeltjes- of zeventig-maagden-verhaal waarmee zo graag een karikatuur gemaakt wordt van religie.

Met dat eeuwige leven bedoel ik dat we in al onze menselijke sterfelijkheid in staat zijn om een onuitwisbare indruk na te laten op onze nabestaanden. En als het even kan een zo positief mogelijke. En voor we het beseffen praten we over Liefde, die verbindende kracht die ons steeds opnieuw oproept om tijd te maken voor anderen, ook als we daar zelf niets bij te winnen of te verdienen hebben. Tenzij een ervaring van voldoening, betekenis, geluk, zinvolheid en zelfs schoonheid. Hoewel de stukken om tot deze inzichten te komen mij evengoed werden aangereikt in andere vakken dan godsdienst, maakte dat laatste vak wel twee lesuren per week tijd om met al die diverse fragmenten aan mijn eigen levensbeschouwelijke kijk op het leven te puzzelen.

Vandaag vinden steeds meer stemmen het nodig om die puzzelruimte voor onze toekomstige generaties te halveren. Velen van deze stemmen zijn voorstander uit ideologische overwegingen. Zij vinden dat het in een pluralistische samenleving niet meer betaamt dat leerlingen op school ingewijd worden in een of andere godsdienst. Zij hebben misschien nooit de rijkdom van het vak ervaren zoals ik dat deed toen ik nog op een katholiek college zat.

Je hoeft een hedendaagse godsdienstleraar niet te leren wat een geseculariseerde samenleving is: hij staat er midden in

Of zij denken wellicht dat het vak godsdienst decennia later nog steeds gegeven wordt zoals het vermaledijde vak catechese in hun niet altijd even goeie ouwe tijd. Anderen vergeten wel eens dat het katholiek onderwijs die twee lesuren heel anders organiseert dan het gemeenschapsonderwijs. In onze school zitten alle leerlingen met verschillende levensovertuigingen samen in de les. Je hoeft een hedendaagse godsdienstleraar niet te leren wat een geseculariseerde samenleving is: hij staat er midden in. In onze lessen zoeken wij samen naar zin en ontdekken daar de duidelijke verschillen maar ook de vele overeenkomsten tussen bijvoorbeeld christendom en islam. Maar evengoed tussen gelovig en ongelovig zijn. Zowel gelovigen als ongelovigen zeggen zinvolle dingen. En tussen ongelovige mensen kan je even grote idioten vinden als tussen gelovige mensen. We kijken op een andere manier naar dezelfde werkelijkheid. We benoemen hetzelfde leven op verschillende wijzen.

Maar er zijn ook tegenstanders van levensbeschouwelijke vakken op school met minder fraaie bedoelingen. Meestal vertegenwoordigen zij een politieke kleur. Sommigen onder hen willen de macht van de kerk in Vlaanderen voorgoed breken. Anderen zijn bang van en boos op moslims. Er zijn er zelfs die bereid zijn hun eigen grondbeginselen te verkopen in ruil voor deelname aan de macht (Judas en Daens draaien zich beiden om in hun graf). En daarom wilde ik even getuigen.

Het gaat mij als godsdienstleraar niet om het katholieke blazoen van mijn school, het conserveren van oude tradities, een onstuitbare evangelische missioneringsdrang of een inquisitie tegen mijn vrijzinnige landgenoten. Het gaat mij om de leerling die aan het einde van de rit dankbaar kan terugkijken op die twee lesuren per week waarin hij of zij kritisch en in dialoog met andersgezinden mocht bouwen aan een eigen mens-, wereld- en (indien de leerling dat belangrijk vond) godsbeeld. Een godsdienstleraar is een zaaier van zinnige woorden. Of die woorden zullen kiemen en betekenis krijgen is niet aan hem. Het is aan de leerling om te oogsten. En dan doet het deugd om jaren later te horen dat een leerling heeft kunnen plukken uit het lesaanbod van toen.

LEES OOK
Frank Olbrechts / 26-08-2021

Priesters gaan vrij om met vrouwonvriendelijke tekst van apostel Paulus

Het Vaticaan behoudt de tekst, priesters voorzien veelal zelf omkadering.
Het Nieuwe Testament
Frederik Polfliet / 09-06-2021

Waarheen met de lekenstaat?

Volgens voormalig politicus Herman Lauwers staat de lekenstaat in de weg van harmonieus samenleven.
Noah Holm (Unsplash)
Chris Van Camp / 11-12-2015

Zuïst versus staatskist

Net als in Ijsland moeten we ook in Vlaanderen een deel van onze oogst afstaan aan religieuze clubs waar we niet noodzakelijk lid van zijn. En omdat Rome geen C4 aanvaardt en je…
CHRIS VAN CAMP