Een boek voor de spoken

 Leestijd: 4 minuten0

Tien jaar geleden moest iedereen Roberto Bolaño gelezen hebben. Daarna werd het snel stil rond de Chileense schrijver. Veel te snel, oordeelt het Museum van Hedendaagse Kunst Antwerpen. M HKA serveert een expo rond Bolaño’s Antwerpen én een exclusieve uitgave van die raadselachtige roman. Waarom raakte Bolaño bij ons in vergetelheid? En wat is het verhaal achter Antwerpen?

Dat Roberto Bolaño in 2009 plots hot was, had alles te maken met de Nederlandse lancering van zijn postume meesterwerk 2666. De encyclopedische roman over de vrouwenmoorden in de fictieve Mexicaanse grensstad Santa Teresa was de must read van het moment; wie niet wilde onderdoen voor zijn lezende vrienden en familieleden, kon in die tijd maar beter meepraten over Bolaño.

De roman 'Antwerpen' van Roberto Bolaño komt opnieuw tot leven in de tentoonstelling in het M HKA.

De roman ‘Antwerpen’ van de Chileense auteur Roberto Bolaño komt opnieuw tot leven in de tentoonstelling in het M HKA.

Jammer en vreemd genoeg vonden de vertalingen die volgden op 2666 weinig Nederlandstalige lezers. En dat terwijl Bolaño in de Spaans- en Engelstalige wereld terecht doorgaat voor de belangrijkste Latijns-Amerikaanse schrijver van de eeuwwisseling.

Jakhalzen en dode schrijvers

Hypes, ook de literaire, komen en gaan nu eenmaal. Na Bolaño kwamen Karl Ove Knausgård, John Williams en Lize Spit. Of een auteur de rage overstijgt, heeft vaak evenveel te maken met zijn of haar werk zelf dan met de marketing errond.

Enkele jaren na Bolaño’s dood in 2003 veroverde de beruchte Amerikaanse literair agent Andrew Wylie de auteursrechten. Wylie, beter bekend als ‘de jakhals’, maakte van 2666 een wereldwijde hit en verplichtte uitgeverijen om de rest van Bolaño’s oeuvre razendsnel te lanceren. Zo publiceerde Bolaño’s Nederlandse uitgever Meulenhoff in geen tijd maar liefst vier nieuwe vertalingen en een verse editie van De wilde detectives. Het resultaat? Verzadigde recensenten en lezers en teleurstellende verkoopcijfers. Alleen een mirakel kon Bolaño doen herrijzen.

Uitgeverij Lebowski deed wat het kon, maar slaagde er niet in om van Bolaño een aanwezige schrijver te maken, laat staan een longseller

Als er een uitgeverij in staat was om zo’n wonder te verrichten, was het het Amsterdamse Lebowksi, dat Bolaño’s oeuvre in 2013 overnam van Meulenhoff. Tenslotte hadden zij zomaar een bestseller gemaakt van John Williams’ Stoner, een roman van een onbekende, dode auteur, met een hoofdpersonage dat uitblinkt in onopvallendheid. Hetzelfde bereiken met Bolaño, een bekende dode auteur met excentrieke personages, leek een koud kunstje.

Lebowski deed wat het kon, maar slaagde er niet in om van Bolaño een aanwezige schrijver te maken, laat staan een longseller. Wellicht was het kalf al verdronken. Intussen maakten andere, jongere – en vooral: levende – Spaans-Amerikaanse auteurs internationaal furore: de Colombiaan Juan Gabriel Vásquez, de Chileen Alejandro Zambra, de Mexicaanse Valeria Luiselli. Bovendien was Bolaño’s onuitgegeven werk minder toegankelijk dan de succesromans 2666 en De wilde detectives en de verhalen uit Moordende hoeren.

Obscure dichter

Een van die onuitgegeven boeken was Antwerpen. Lebowski liet de roman vertalen, maar bracht hem enkel uit als e-book. Naar aanleiding van de tentoonstelling in M HKA verschijnt er nu dus eindelijk een gedrukte versie.

Is ‘Antwerpen’ eigenlijk wel een roman? Bolaño zelf twijfelde alvast zowel aan het genre als aan de toegankelijkheid van de tekst, die dateert uit 1980

Maar is Antwerpen eigenlijk wel een roman? Bolaño zelf twijfelde alvast zowel aan het genre als aan de toegankelijkheid van de tekst, die dateert uit 1980. Bolaño was op dat moment zevenentwintig en woonde illegaal in Barcelona. Hij probeerde te overleven met jobs als afwasser, vuilnisman en nachtwaker op een camping. Zijn periode als ‘infrarrealistisch’ dichter in Mexico-Stad, die hij later zou vereeuwigen in De wilde detectives, had hij net achter zich gelaten; een gevierd romancier was hij nog lang niet, hoogstens een obscure dichter die stilaan met fictie begon te experimenteren.

Poëzie of proza?

In het tweeëntwintig jaar na dato geschreven voorwoord van Antwerpen blikt Bolaño terug op die tijd: ‘Vanzelfsprekend bracht ik deze roman nooit naar een uitgeverij. Ze zouden de deur voor mijn neus hebben dichtgegooid en ik zou de kopie zijn kwijtgeraakt.’ Hij borg de kopie op in een lade en haalde ze er pas uit in 1993, toen de diagnose van zijn ongeneeslijke ziekte hem ertoe aanzette om een bloemlezing van zijn poëzie te maken. Hij doopte het bewuste manuscript ‘Mensen die zich verwijderen’ en nam het op in de bloemlezing die… wederom in een la verdween.

Pas in 1999 werd Bolaño plots beroemd, toen hij de prestigieuze Premio Rómulo Gallegos kreeg voor 'De wilde detectives'. (Foto: Flickr (cc) Gabriela Márquez Lara)

Pas in 1999 werd Bolaño plots beroemd, toen hij de prestigieuze Premio Rómulo Gallegos kreeg voor ‘De wilde detectives’. (Foto: Flickr (cc) Gabriela Márquez Lara)

Pas in 1999 werd Bolaño plots beroemd, toen hij de prestigieuze Premio Rómulo Gallegos kreeg voor De wilde detectives. Opeens vonden uitgevers alles wat de schrijver uit zijn lade viste, vanzelfsprekend geschikt voor publicatie. Bolaño herdoopte de tekst Antwerpen en liet hem in 2002 voor het eerst uitgeven. Ondertussen beschouwde hij het boekje als een roman. Toch zou het ook nog als poëzie verschijnen, in La universidad desconocida (2007, nog niet in het Nederlands vertaald), de postume uitgave van de bloemlezing die Bolaño in 1993 samenstelde.

Poëtisch proza

Roman of poëzie, over de leesbaarheid bleef Bolaño ten allen tijde sceptisch. In interviews verkondigde hij doodleuk dat het hem in de tijd dat hij Antwerpen schreef, geen moer kon schelen of zijn teksten al dan niet begrijpelijk waren. En in het prachtige voorwoord zegt hij: ‘Ik schreef dit boek voor de spoken.’ De lezers zijn in elk geval gewaarschuwd.

Waarom gaf Bolaño in godsnaam de titel Antwerpen aan een boekje dat zich niet in de Scheldestad afspeelt?

De ‘roman’ bestaat uit zesenvijftig korte hoofdstukken die niet in paragrafen zijn opgedeeld, gemiddeld anderhalve bladzijde beslaan en enigmatische titels dragen als ‘Ik ben mijn eigen betovering’, ‘De Nijl’ of – niet het minst mysterieus – ‘Antwerpen’. Waarom gaf Bolaño in godsnaam de titel Antwerpen aan een boekje dat zich niet in de Scheldestad afspeelt en er op het eerste gezicht zelfs niets mee te maken heeft? Het is slechts een van de vele vragen die de lezer zelf moet beantwoorden.

Wie begint te lezen, krijgt meteen de indruk dat de woorden en zinnen op zich perfect begrijpelijk zijn. Veel minder helder daarentegen is hun onderlinge samenhang, net zo min als het verband tussen de hoofdstukken. Als je het boekje als een roman leest, werkt dat al snel frustrerend. Antwerpen is poëtisch proza van de bovenste plank, en dat laat zich beter smaken met mondjesmaat.

Roodharig meisje

Beetje bij beetje ontdek je leidmotieven, terugkerende decors en personages en, jawel, iets dat vaagweg op een verhaal begint te lijken. De leidmotieven: de herfst, de tijd die wegtikt, de wrede liefde. De decors: een camping aan de Catalaanse kust, een bos, een strand, verlaten snelwegen. De personages: een roodharig meisje, een bultenaar, een sadomasochistische politieagent, een slapeloze schrijver. De embryonale intrige: het onderzoek naar een reeks gewelddadige gebeurtenissen in de buurt van de camping. Maar dat laatste is al geen vaststelling meer, eerder een veronderstelling. Wat opgaat voor alle boeken van Bolaño, geldt dubbel en dik voor Antwerpen: zijn literatuur laat zich niet analyseren, wel interpreteren.

Precies dat is wat Nav Haq, de curator van de tentoonstelling in M HKA, wil doen: de talloze stiltes, blanco ruimtes en ontbrekende schakels in Antwerpen vullen met een veelvoud aan artistieke interpretaties. Het gaat daarbij niet zozeer om kunst rechtstreeks geïnspireerd door Bolaño, maar om oude en nieuwe werken die net als het boek vragen doen rijzen over wal en zee, identiteit en ontheemding, herinneren en vergeten. Geen betere manier om de schrijver zélf te ontrukken aan de vergetelheid waarin hij in het Nederlandse taalgebied ten onrechte is beland.

Meer info over de tentoonstelling in het M HKA is hier te vinden.

  Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.

Auteur: Jasper Vervaeke

Jasper Vervaeke is gastprofessor Spaans-Amerikaanse literatuur (UGent en UAntwerpen), freelance redacteur (Brussels parlement) en taalassessor (Selor). Hij publiceerde artikels, recensies, essays, verhalen en vertalingen (Spaans-Nederlands) in vaktijdschriften, literaire magazines en kranten.