Vreemde vrijstellingen: over verzekeringen en waarschijnlijkheden


Bent u een gokker? Als we de lotto en zelfs nu en dan eens op de paarden of op een voetbalwedstrijd wedden buiten beschouwing laten, dan is uw antwoord vast ‘neen’. En toch…

…zijn we allemaal gokkers. Wanneer we een verzekering afsluiten, dan gokken we. We gaan een weddingschap aan met de verzekeraar dat ons huis zal afbranden, dat we voortijdig zullen overlijden, of dat we een botsing zullen hebben met onze auto. Als ons huis nooit vuur vat, als we de 90 halen, of als we superveilige bestuurders zijn, dan verliezen we: al de premies die we hebben betaald zijn voor niets geweest, en dat geld zijn we kwijt.

Voor de verzekeraar is het omgekeerd natuurlijk: zij verliezen wanneer ze moeten uitbetalen en dat bedrag is hoger dan de premies die we hebben betaald.
En wanneer we ons niet verzekeren – bijvoorbeeld wanneer we op reis gaan – dan gokken we ook. We sparen de premie uit, maar het risico bestaat dat we vallen en onze arm breken, besmet worden met malaria of zoiets. Als dat gebeurt, dan draaien we wel zelf op voor de kosten.

Rare fenomenen

Nochtans hebben de meeste mensen geen idee wat het werkelijke risico is dat hun huis afbrandt, dat ze zullen overlijden voor de kinderen uitgevlogen zijn, of dat ze ergens tegenop zullen botsen. Maar voor verzekeraars is die kennis van vitaal belang: om concurrentieel te zijn moeten zij bijzonder goed zijn in het inschatten van de risico’s die ze dekken. Als ze die overschatten zullen hun premies hoger zijn dan nodig en verliezen ze klandizie, en als ze ze systematisch onderschatten zal het niet lang duren voor ze bankroet gaan.

Niettemin stoten we op rare fenomenen in de verzekeringsmarkt. Als u ooit een vergelijkende website hebt gebruikt om na te gaan wat het u zou kosten om uw auto te verzekeren, dan hebt u ongetwijfeld gemerkt dat wanneer u naar beneden scrolt vanaf de beste aanbiedingen bovenaan, u premies ziet verschijnen die twee, drie keer, soms zelfs zes keer meer zijn dan de goedkoopste premie. Al deze voorstellen gebruiken exact dezelfde informatie, en je zou dus verwachten dat de verzekeraars zo niet met identieke, dan toch met vergelijkbare bedragen zouden voor de dag komen – tenzij ze de relevante risicofactoren op een zeer verschillende manier behandelen.

Alle verzekeraars gebruiken exact dezelfde informatie. Je zou dus verwachten dat ze zo niet met identieke, dan toch met vergelijkbare bedragen zouden voor de dag komen

Het risico dat wij volgens de verzekering vertegenwoordigen wordt berekend aan de hand van talrijke aspecten: leeftijd, beroep en woonplaats van de verzekeringnemer, type en ouderdom van de auto enz. Hoe deze factoren worden omgevormd tot een schatting van het risico is meer zwarte kunst (met vleugje statistiek) dan harde wetenschap, maar dat vormt wel het verschil tussen winst en verlies voor de verzekeraar.

We zitten echter niet helemaal vast aan hun inschatting van dat risico. We hebben de mogelijkheid de verzekeraar te overtuigen dat we eigenlijk een kleiner risico zijn dan zij denken, en zodoende van een lagere premie kunnen genieten. Dat is de rol van de vrijstelling eigen risico (in de Vlaamse volksmond ook wel eens franchise genoemd) – het gedeelte van een schadeclaim dat we zelf betalen vooraleer de verzekering zelf met geld voor de dag komt.

Afgezien van deze kleine aanrijding met een duikboot ben ik echt wel een veilige bestuurder (foto: : Marinmuseum Karlskrona CC BY)

Enkele weken geleden moest ik mijn autoverzekering hernieuwen, en ik wilde graag weten wat het effect van de vrijstelling zou zijn op de premie. Is er een optimale keuze voor de vrijstelling? Ik opende een spreadsheet, en vatte aan wat achteraf een leerzaam koppel uren zou blijken te zijn.

Ik ging ervan uit dat ik me, als ik echt een erg veilige bestuurder ben, eigenlijk geen zorgen zou hoeven te maken over zo’n vrijstelling, want het is onwaarschijnlijk dat ik mijn spaarvarken zal moeten aanspreken. Het gaat hier namelijk om een weddingschap tussen de verzekeraar en mijzelf. Hun inzet is de korting op mijn premie, en zij wedden dat ik een claim zal maken. In dat geval (en als de claim groter is dan het bedrag van de vrijstelling), dan winnen zij dat bedrag (want dat hoeven ze dan niet uit te betalen). Voor mij geldt het tegenovergestelde: als ik geen claim maak dan steek ik de korting op zak, maar als ik dat wel doe dan verlies ik de franchise.

Een teken van een laag risico

Doe ik voordeel met zo’n vrijstelling? Dat hangt ervan af: een vrijstelling van 500 euro in ruil voor een reductie in de premie van 1 euro lijkt een slechte deal. Maar we kunnen uitrekenen wat een vrijstelling aantrekkelijk maakt. Neem een bestuurder wiens risicoprofiel voorspelt dat hij gemiddeld om de 10 jaar een ongeval heeft (dus 10% kans op een claim – dit is het gemiddelde in het VK), met een gemiddelde schadeclaim (in het VK) van 3.000 pond. Zonder vrijstelling is het break-evenpunt voor de premie dus 300 pond (laten we de kosten en de winstmarge van de verzekeraar negeren om het simpel te houden). Met een vrijstelling van 100 pond zou de gemiddelde uitkering slechts 2.900 pond bedragen, en het overeenstemmende break-evenpunt voor de premie dus 290 pond.

Zo’n deal is neutraal: wat je wint aan lagere premies verlies je in de vrijstelling in geval van een claim. Om werkelijk profijt te doen met zo’n vrijwillige vrijstelling moeten we op zoek naar een deal waarbij we een grotere korting op onze premie krijgen. Bij mijn verzekeraar stelde ik vast dat een vrijstelling van 150 pond de premie reduceerde met bijna 24 pond. Als we dat toepassen op de gemiddelden in het VK zou de uitkering nu 2.850 pond zijn (3.000 – 150) en de jaarlijkse premie 274 pond (300 – 24). Het originele risico van 10% (300/3000) is nu slechts 276/2850 of 9,68%. De lagere premie betekent dat mijn vrijstelling van 150 pond mijn risicoprofiel heeft verbeterd.

En dat maakt mij inderdaad beter af: ik bespaar bruto 24 pond per jaar, waarvan ik een provisie van 15 pond aftrek om de vrijstelling te dekken. Over 10 jaar (de periode waarin ik gemiddeld een claim maak – 10%, weet u nog?) zal ik de nodige 150 pond bijeen hebben gespaard die ik zelf moet ophoesten, met daarbovenop nog eens 90 pond. Hoera!

Maar wacht, we zijn nog niet klaar. Wat als we de vrijstelling verhogen? Door daar 250 pond van te maken daalt mijn premie met nog eens 11 pond. Mijn risicoprofiel verbetert een klein beetje, tot 9,64% (265/2750), en nu stop ik elk jaar 10 pond op zak (ik moet nu namelijk 25 pond per jaar opzijzetten om de vrijstelling te dekken). Zou een franchise van 350 pond nog voordeliger zijn? Hier wordt het een beetje vreemd: de premie daalt tot 258 pond, een bruto besparing van 42 pond. Maar ik moet nu ook 35 pond achterhouden, dus mijn nettowinst daalt tot 7 pond. En het wordt nog erger: met een vrijstelling van 450 pond daalt de premie weliswaar nog verder, maar nu met slechts 1 pond. Mijn risico wordt dan 10,08% – slechter dan bij het begin! En dat weerspiegelt zich in het feit dat ik niet langer winst boek: ik betaal 43 pond minder dan origineel, maar ik moet 45 pond achterhouden voor de vrijstelling, dus ik schiet er elk jaar 2 pond bij in.

Wat leren we hieruit? Ten eerste kan een vrijwillige vrijstelling inderdaad een sterk signaal zijn dat ik beweer een lager risico te vertegenwoordigen dan de verzekeringsmaatschappij denkt – en dat ik daarvoor ook mijn eigen geld op het spel durf te zetten. Omdat ik bereid ben zelf voor de eerste schijf van een claim op te draaien (en geen frivole claims plan voor kleine schade) wil de verzekeraar met plezier mijn premie verlagen.

Ten tweede mogen we niet zomaar geloven dat dit zonder meer altijd het geval zal zijn. Verzekeraars kunnen misbruik maken van het feit dat we niet intuïtief een goede deal van een slechte deal kunnen onderscheiden. De korting op de premie weerspiegelt niet alrijd correct de vermindering in het risico. In mijn geval was er duidelijk een optimum bij een vrijstelling van 250 pond, en ik zou erbij hebben ingeschoten als ik voor het maximum had geopteerd.

Maar belangrijker nog… godzijdank voor de beloning van intellectuele en morele voldoening. Ik realiseerde uiteindelijk een netto besparing van 10 pond op mijn premie, en ik had kunnen eindigen met een nettoverlies van 2 pond. Dat resultaat rechtvaardigt nauwelijks twee uur gepruts met een vergelijkingswebsite en een spreadsheet. Maar de wetenschap dat ik de streken van de verzekeraar doorhad? Onbetaalbaar!

  Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.

Auteur: Koen Smets

Koen Smets is een deskundige op het gebied van organisatie-ontwikkeling, met een fascinatie voor menselijk gedrag op de grens tussen het rationele en het irrationele. Hij is op Twitter als @koenfucius.


Over dit artikel

BronApache [https://www.apache.be]
TitelVreemde vrijstellingen: over verzekeringen en waarschijnlijkheden
Auteur(s)Koen Smets
Permalinkhttps://www.apache.be/?p=92079
Gepubliceerd 11 januari 2019 @ 12:32
Opgevraagd16 juni 2019 @ 13:09
Klik hier om te printen