Andermans schoenen

 Leestijd: 3 minuten1

“Voor je op iemand kritiek hebt, moet je een mijl in hun schoenen stappen. Zo ben je een mijl verwijderd van ze wanneer je je kritiek spuit, én je hebt hun schoenen.” Zonder twijfel een uitstekende raad (die ook nog best grappig is) van humorist en komiek Jack Handey (tijdens een episode van het TV-programme Saturday Night Live uit 1991). Maar hij steunt op een veel oudere volkswijsheid die ons aanmoedigt de zaken vanuit andermans standpunt te bekijken, voor we hen veroordelen. Zijn we daar goed in?

Velen onder ons zullen wel eens vaker “Als ik jou was” hebben gezegd. Er is een film die “If I were you” heet, en een (ook weer humoristische) podcast, en wanneer je die Engelse zin googlet, vind je niet minder dan 38 miljoen hits (in het Nederlands toch ook nog bijna 400.000). Op het eerste zicht zou je denken dat er dus flink wat in andermans schoenen wordt gestapt. Maar wanneer we deze woorden zeggen, wat bedoelen we dan eigenlijk? Zijn we er echt op uit het gezichtspunt en de situatie van iemand anders te begrijpen?

Iedereen beter dan gemiddeld

Helaas zijn we onderhevig aan enkele lastige cognitieve eigenaardigheden die dat wat bemoeilijken. Zo hebben we de neiging situaties en gedrag te beoordelen naar onze eigen normen – dat noemt men egocentric bias.  We zijn overigens niet enkel (vanzelfsprekend) meer vertrouwd met hoe de wereld eruit ziet door onze ogen, maar we geloven ook dat ons vermogen om hem in te schatten beter is dan dat van anderen. Dit is een geval van het Lake Wobegon effect (of illusory superiority – denkbeeldige meerderwaardigheid), genoemd naar het fictieve stadje uit het werk van Garrison Keillor, waar “alle vrouwen sterk zijn, alle mannen er knap uitzien, en alle kinderen beter dan het gemiddelde.”

Egocentric bias laat ons geloven dat anderen een TV-komedie even grappig (of slecht) zullen vinden als wij, en dat ze dezelfde opinie hebben over uitheemse gerechten, populaire muziek, of auto’s – en als dat niet zo is, dan zou het verdorie zo moeten zijn. We zoeken naar de goedkeuring van wat we geloven, en de wetenschap (zelfs als die enkel in onze verbeelding bestaat) dat anderen onze meningen delen, levert die validatie perfect.

We maken ook gauw de fundamentele attributiefout. Filosoof Cristina Bicchieri beschrijft die als “de tendens te geloven dat wat andere mensen doen weerspiegelt wie ze zijn.” Wanneer we het gedrag van anderen beoordelen, schrijven we dat toe aan hun karakter, eerder dan aan uitwendige en situatiegebonden factoren. Als iemand die je hebt ge-e-maild nalaat te antwoorden, dan is dat omdat hij of zij een onattente vlerk is zonder manieren; maar wanneer wij het zijn die nog niet hebben geantwoord op een e-mail, dan is het omdat we het zo ongelooflijk druk hebben. Het is veel makkelijker de handelingen en motieven van anderen te reduceren tot wie ze zijn, dan de mogelijke alternatieve verklaringen voor hun gedrag te beschouwen.

Foto: Three-shots

Dat leidt ons er ook toe te geloven dat ons succes te danken is aan onze attitude, ons hard werk, en onze toewijding in het maken van keuzes (en daarbij de rol van geluk over het hoofd te zien). Wanneer anderen in de problemen komen, dan is dat omdat ze zich niet toeleggen zoals wij dat doen. Ze zouden gewoon in onze voetsporen moeten stappen. Zoals de schrijfster Sandra Newman tweette: “Rijke mensen geloven dat ze, als ze arme mensen waren, rijk zouden zijn.”

Wanneer we dus zeggen “Als ik jou was”, dan is het niet geheel verrassend dat we er waarschijnlijk meer op uit zijn om de andere persoon onze gezichtspunten en waarden aan te kaarten, en hen te laten profiteren van ons superieure advies, dan om te trachten een goed beeld te krijgen van hun situatie voor we hen bekritiseren.

Laat de snelkoppeling vallen

Zijn we dan gedoemd om ten eeuwigen dage ons leven in wederzijds onbegrip te leiden? Niet als we ervoor kiezen een beetje anders te denken wanneer we naar anderen kijken.

Eerder dan onze redenering te starten bij wat wij zouden doen “als we hen waren”, kunnen we een andere invalshoek kiezen. Wat als we in de plaats dachten, “onder welke omstandigheden zou ik op dezelfde manier handelen?” Wanneer een chauffeur je de weg afsnijdt, besluit niet meteen dat hij een egoïstische barbaar is. Vraag je in de plaats daarvan af in welke situatie jij op die manier zou rijden – staat je vrouw op het punt te bevallen, of spoed je je om het laatste vliegtuig te halen? Als je broer besluit niet te komen naar een reeds lang geplande familiereünie omdat hij naar de uitvaart van een collega moet, erger je dan niet omdat hij een werkmakker boven jou en je familie plaatst. Beeld je in plaats daarvan in van welke persoon de dood je zo zou aangrijpen dat je zelf zou wegblijven van een zeldzame familiebijeenkomst om hun begrafenis bij te wonen.

Wanneer je iemands beslissingen beoordeelt, of dat nu de buren, een collega, of een politieke of zakelijke leider is, probeer voorbij ideologie en stereotypen te zien, en vraag je af in welk soort context jouw beslissingen niet zo verschillende zouden zijn.

Mentale snelkoppelingen laten ons toe zonder moeite een beeld te vormen van de wereld: ons gezichtspunt is het juiste, en wanneer anderen zich gedragen op een manier die ons niet zint, dan is dat gewoon een teken van hun ware aard. Ons de complexe redenen verbeelden die achter dat gedrag zitten, is een stuk moeilijker – in andermans schoenen staan, kan pijnlijk zijn als ze niet goed passen.

Maar als het laten vallen van deze snelkoppelingen de kleine prijs is die we kunnen betalen om onze medemensen beter te begrijpen en hun keuzes te respecteren, is het dat niet waard?

  Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.

Auteur: Koen Smets

Koen Smets is een deskundige op het gebied van organisatie-ontwikkeling, met een fascinatie voor menselijk gedrag op de grens tussen het rationele en het irrationele. Hij is op Twitter als @koenfucius.