Met ‘cleantech’ het klimaat redden?

 Leestijd: 11 minuten5

Er is nieuws van het klimaatfront. Het respectabele Internationaal Energieagentschap (IEA) meldt dat de uitstoot van koolstofdioxide, verantwoordelijk voor de klimaatverandering, stabiliseert. Tezelfdertijd groeit de wereldeconomie. De relatieve ontkoppeling van economische groei (+ 3,1 procent) en koolstofuitstoot (+ 0 procent) sterkt de overtuiging dat we met technologische innovaties het klimaatprobleem kunnen aanpakken zonder de economische groei te hypothekeren.[1]

Kan een expanderende groene kapitalistische sector de economie verduurzamen en ons op weg naar een koolstofarme samenleving zetten? Bij het begin van deze eeuw, toen het klimaatprobleem niet meer over het hoofd kon worden gezien, maakte dat optimistische vooruitgangsidee opgeld. Climate stars als Al Gore, columnisten als Thomas Friedman en hoeraberichten van diverse regeringen over hun klimaatplannen, wekten de indruk dat we de klimaatklip zouden ronden zonder al te veel in de economie te moeten snijden.

Sindsdien kreeg het geloof in de ecokapitalistische recepten een lelijke knauw, wegens ontgoochelende internationale klimaatconferenties en een al even teleurstellende emissiehandel. Tot vandaag, want groeien zonder de vervuiling op te drijven, is een realiteit geworden, zo blijkt nu. De markt, geprikkeld met ‘slimme’ stimuli, helpt ons de klimaatklip te ronden; een transitie voorbij de kapitalistische groeieconomie hoeft niet. Of is die moeilijke oefening toch onvermijdelijk?

Cleantech, en het bredere plaatje

Technologische innovaties zorgen voor progressie op het vlak van schone-energiewinning. Het US Department of Energy publiceerde in september 2016 een zegebulletin, onder de hoofding ‘Revolution Now 2016’. Vijf schone-energietechnologieën zijn tussen 2008 en 2015 zwaar in prijs gedaald. Zo zakte de prijs  voor windturbines met 41 procent en die voor fotovoltaïsche cellen met 54 tot 64 procent. LED-verlichting werd zelfs 94 procent goedkoper. Het gebruik steeg navenant.

In 2015 waren windturbines goed voor 41 procent van alle energiecapaciteit die dat jaar in de VS is geïnstalleerd. De energieopwekkingscapaciteit van zonnepanelen steeg met 43 procent in vergelijking met 2014. In 2015 werden 200 miljoen performante LED-lampen verkocht, dubbel zoveel dan in 2014. Van januari tot augustus 2016 werden in het land meer dan 490.000 elektrische voertuigen aan de man gebracht.[2]

Toch gaat het allemaal veel te traag. Een stijging met 41 of 43 procent lijkt enorm, maar in absolute cijfers stelt het niet zoveel voor. Het IEA raamt dat het aandeel van de hernieuwbare-energiesector in de mondiale elektriciteitsproductie tegen 2040 amper 17 procent zal bedragen, ervan uitgaand dat het huidige transitieritme wordt gehandhaafd. Als de wereld ‘agressieve actie’ zou ondernemen om de broeikasgasuitstoot te verminderen, zou dat aandeel kunnen oplopen tot 31 procent, nog steeds een minderheid dus.[3]

De opmars van schone-energiewinning is natuurlijk fantastisch. Wie het bredere plaatje overziet, moet een feelgood-boodschap evenwel verwerpen. Geloven dat je met clean technology alleen – zonder in de economie te snijden – het klimaat zult redden, is een illusie.

Klimatoloog Kevin Anderson van het Tyndall Centre for Climate Change Research wijst erop dat het klimaat geen barst geeft om efficiëntie, enkel om emissies. De uitstoot neemt niet meer toe, maar blijft min of meer op hetzelfde niveau. Jaar na jaar blijf de wereld ongeveer 35 miljard ton broeikasgassen in de atmosfeer pompen.

Broeikasgassen verdwijnen niet zomaar. Zo blijft het belangrijkste broeikasgas, koolstofdioxide, ongeveer een eeuw in de atmosfeer hangen, tot het dankzij fotosynthese of via opname in de oceanen ‘verdwijnt’. Er is dus een rechtstreekse correlatie tussen de gemiddelde temperatuur die de aarde in 2100 zal laten optekenen en het totale volume van broeikasgassen dat in de loop van deze eeuw wordt uitgestoten.

Het volume aan broeikasgassen dat niet mag worden overschreden om de temperatuurstijging onder het kritiek omslagpunt te houden, wordt het koolstofbudget van de planeet genoemd.

(Foto: (c) Shutterstock)

(Foto: (c) Shutterstock)

Het koolstofbudget is de maatstaf

Het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC), dat onder auspiciën van de VN een wereldwijd netwerk van klimaatwetenschappers aanstuurt, heeft dat koolstofbudget berekend. Volgens het IPCC is het “waarschijnlijk” (“likely”) dat de planeet het gevaarlijke kantelpunt van een opwarming van de aarde met 2° Celsius (in vergelijking met pre-industriële temperaturen) zal bereiken zodra we ergens tussen 2011 en het eind van de eeuw 600 tot 1.200 miljard ton broeikasgassen hebben uitgestoten.[4]

Dat moet absoluut worden voorkomen, zo niet komen oncontroleerbare processen op gang die het leven op aarde grondig zullen verstoren. Een vicieuze cirkel zal de temperatuurstijging dan gaande houden, met aan de einder de ineenstorting van de stabiele beschaving zoals we die de afgelopen 12.000 jaar hebben opgebouwd. Vandaag krijgen we al een zwak voorsmaakje van wat ons dan te wachten staat. Honderdduizenden klimaatvluchtelingen zwerven nu al over de aardbol, op de vlucht voor verwoestijning, extreme droogtes, mislukte oogsten en een stijgende zeespiegel.

Wetenschappers ontdekten dat die zichzelf voedende spiraal al op gang lijkt te komen: de opwarming die nu iets meer dan 1°C bedraagt, zorgt ervoor dat micro-organismen in de grond hun ademhaling opdrijven, wat massa’s in de aarde opgeslagen broeikasgas in de atmosfeer stuwt.[5]

De poolkappen smelten en wit ijs wordt omgezet in blauw zeewater, wat de capaciteit van de planeet om zonnestralen te weerspiegelen doet afnemen, met temperatuurstijgingen tot gevolg. Als algenbestanden in de oceanen door de impact van de klimaatverandering verder uitdunnen, zal hun capaciteit om koolstof op te nemen afnemen, wat op zijn beurt de temperatuur op aarde nog meer zal doen toenemen. Het smelten van de permafrost zal in de aarde opgeslagen broeikasgassen vrijmaken, met dezelfde gevolgen.

Time is running out

Veel tijd rest ons niet meer om uit onze slaapwandeling naar het ravijn te ontwaken en voor doortastende actie te gaan. Sinds 2011 werd ongeveer 200 miljard ton broeikasgas de atmosfeer ingestoten, goed voor een derde tot een zesde van ons koolstofbudget. Tegen het huidige uitstootritme (ongeveer 35 miljard ton broeikasgassen per jaar) zal het koolstofbudget voor deze eeuw binnen 12 tot 30 jaar op zijn. Op dat moment is een temperatuurstijging voorbij het kritieke omslagpunt dus “waarschijnlijk”, zo waarschuwt het IPCC. Als dat gebeurt, zal geen menselijk ingrijpen die destructieve spiraal nog kunnen omkeren, vrezen wetenschappers.

Doemdenkerij? Het logge, ‘politieke’ IPCC werkt met erg voorzichtige cijfers en prognoses. De meest gerespecteerde klimaatwetenschapper op aarde is James Hansen. Hij stuurde decennialang het Goddard Institute for Space Studies van de NASA aan. Vandaag leidt hij het klimaatwetenschapsprogramma van het Earth Institute aan de universiteit van Columbia.

Hansen wijst het kantelpunt van 2°C, zoals het IPCC ons voorhoudt, af als roekeloos. Om op veilig te spelen, moeten we een opwarming met 1,5° als kantelpunt aanhouden. Als het van James Hansen afhangt, moeten we het aandeel van broeikasgaspartikels in de atmosfeer zelfs beperken tot 350 deeltjes per miljoen eenheden (ppm). Vandaag hebben we de kaap van 400 ppm al overschreden…[6]

Kortom, of je nu de doelstellingen van het IPCC of die van James Hansen en zijn team hanteert, vanuit klimatologisch standpunt is er iets anders nodig dan een stabilisatie van de koolstofuitstoot of een geleidelijke krimp ervan. Wat de mensheid en de aarde nodig heeft, en niet morgen maar vandaag, is een ingrijpende reductie van de emissies van broeikasgassen in de loop van de komende twee decennia.

Energiewinning verduurzamen volstaat niet

Schone-energiewinning, hoe efficiënt en omvangrijk ook, kan die klus onmogelijk klaren. We zagen dat het IEA raamt dat het aandeel van de hernieuwbare-energiesector in de mondiale elektriciteitsproductie tegen 2040 tussen 17 en 31 procent zal bedragen. Maar in dezelfde periode zal het energieverbruik met 48 procent toenemen, volgens de prognose van de Energy Information Administration (EIA) van de VS, wat dus betekent dat de groei van schone-energiewinning ruimschoots wordt tenietgedaan door de toename van fossiele-energiewinning…

De EIA schrijft heel terecht: “Economische groei – gemeten in bruto nationaal product – is een beslissende factor van de groei van de vraag naar energie.”[7] De conclusie is dan ook: schone-energiewinning stimuleren terwijl de koolstofuitstotende productie toeneemt, is dweilen met de kraan open.

Voorstanders van het groene kapitalisme en cleantech-specialisten focussen op de verduurzaming van de elektriciteitsopwekking, maar die sector is slechts een van de oorzaken van de klimaatverandering. Wereldwijd zorgt met fossiele brandstof gegenereerde elektriciteit en warmte-opwekking voor ongeveer 35 procent van de broeikasgasuitstoot; ongeveer 65 procent van de uitstoot komt van elders.

De industrie is verantwoordelijk voor 21 procent van de broeikasgasuitstoot, de bouwsector voor 6,4 procent, transport voor 14 procent, landbouw en evoluties in het landgebruik (vooral ontbossing) voor 24 procent.[8] Daarbij komt nog dat bij de productie van schone-energie-infrastructuur (windmolenparken, zonnepanelen en waterkrachtcentrales) ook broeikasgassen worden uitgestoten. Wetenschappers van Stanford University berekenden dat een omschakeling naar 100 procent hernieuwbare energie in het tijdsbestek van 20 jaar perfect mogelijk is. Maar dat vereist wel de productie van 3,8 miljoen windmolens, 89.000 centrales op zonne-energie, zonnepanelen op de daken, 900 stuwdammen…[9]

De wortels van het probleem liggen zelfs nog dieper dan dat. Onze economie is koolstofverslaafd. Erg weinig economische sectoren kunnen zonder steenkool of petroleum. Steenkool is essentieel voor de aanmaak van staal, cement en aluminium. Aardolie en zijn afgeleiden zijn essentieel voor petrochemische producten zoals plexiglas, nylon, kevlar en alle plastics. Olie zit in vrijwel alle verpakkingsmaterialen, maar ook in kledij, auto-onderdelen, vliegtuigen, meubels, auto’s, verven, brilglazen en nog veel meer. Petroleum is essentieel voor de vliegtuigsector, het wegtransport en de scheepvaartsector. De agroindustrie steunt op fossiele energie in elke fase van de productie, verpakking en distributie. Stikstofmeststof wordt vrijwel volledig gemaakt van gas.

Kortom, de correlatie tussen economische groei en steenkool-, petroleum en gasgebruik en –verbruik is vrijwel totaal. Wetend dat de wereldeconomie in 2016 met 3,1 procent groeide, en dat een groei met 3 procent door de internationale instellingen als een doelstelling wordt gehanteerd, zal de economische output in normale omstandigheden de komende 25 jaar verdubbelen.

Wat dit betekent voor de draagkracht van de aarde, en voor de draagkracht van de atmosfeer (en de bijhorende klimaatverandering), behoeft geen uitleg. Samengevat: technologische innovaties alleen zullen ons niet redden, en ook het zeer tech-driven Massachutes Institute of Technology erkent dat.[10]

De échte inconvenient truth

Een échte inconvenient truth dringt zich dus op: achteroverleunen en rekenen op cleantech zal niet volstaan. Een geplande afbouw van de grote vervuilers is essentieel, willen we de wereld van de klimaatverandering redden én tezelfdertijd de derde wereld de kans bieden om dankzij de industrialisering zich uit armoede en honger te emanciperen (wat daar onvermijdelijk voor extra uitstoot zal zorgen).

Zo’n afbouw vereist een confrontatie met de grootindustrie, in de eerste plaats met de fossiele-energieproducenten, en in tweede orde met de 500 transnationals die de wereldeconomie controleren. Het is zonneklaar wat ons eerst te doen staat: fossiele-energiebronnen die massa’s koolstof uitstoten in de grond houden en een moratorium op economische groei in de laatkapitalistische landen invoeren, gekoppeld aan een drastische inperking van de consumptie van luxegoederen in de rijkste landen.

We moeten beginnen met wat activisten omschrijven als to leave the coal in the hole, the oil in the soil, the gas under the grass. In haar klimaatboek met de sprekende ondertitel Capitalism versus the Climate ziet Naomi Klein onder ogen wat dat impliceert: een confrontatie met het kapitalisme, dat bedrijven veroordeelt tot het respecteren van dit ene devies: grow or die. Alleen al de fossiele-energiegiganten hebben niet-aangeboorde voorraden in hun boekhouding opgenomen die goed zijn voor 2.795 miljard ton koolstof, goed voor tweeënhalf tot vijf keer de maximale hoeveelheid koolstof die volgens wetenschappers tegen 2100 mag worden uitgestoten om de opwarming onder 2° te houden. Een gigantische koolstofbubbel, die als een zwaard van Damocles boven de planeet hangt.[11]

Die concerns zijn van plan om hun assets allemaal op de markt te gooien. Business as usual is hun leitmotiv. De markt is in onze samenleving de maatstaf van alle dingen, en die schrijft bedrijven voor dat investeringen in koolstofuitstoot winst opleveren en dus een prima zaak zijn, ook al voert dat de aarde naar een armageddon.

De fossiele-energiegiganten verwaarlozen hun toekomstige afzetmarkt alvast niet: in 2010, 2011 en 2012 zijn steenkoolcentrales gebouwd met een totale verbrandingscapaciteit die 2,5 keer groter is dan de totale capaciteit die ze in het laatste decennium van vorige eeuw hebben gecreëerd. Geplande investeringen voor de exploitatie van nieuwe fossiele-energiebronnen en de bouw van petroleum- en gaspijpleidingen die vele decennia in gebruik zullen blijven, worden geraamd op 14.000 miljard dollar.[12]

Zelfs als slechts een gedeelte van die assets en die investeringen worden gerealiseerd, brengt Big Oil de aarde voorbij het punt waarop de ontwrichting van de menselijke beschaving zoals we die kennen een bijna-zekerheid wordt. De ceo’s van IKEA, Umicore, BMW en co zijn niet minder gebrand op groei en dus op accaparatie van grondstoffen en energie, want ze zijn er om winst te maken, niet om de aarde te redden.

En dat gebeurt met steun van Belgische banken, ook met die van de Belgische ‘overheidsbank’:  BNP Paribas, ING, KBC en Belfius investeerden in de periode 2014-2016 tezamen meer dan 40 miljard euro in bedrijven met grote steenkool- en oliereserves en in elektriciteitsbedrijven die in hoge mate op steenkool draaien.[13]

Groeiverslaving

Het komt er dus op aan om de economie in overeenstemming te brengen met de behoeften van aarde en mensheid. Of anders gezegd, en om met klimaatwetenschapper Kevin Anderson te spreken, “om de fysieke werkelijkheid en de wetten van de thermodynamica” te laten primeren op “het huidige economische paradigma”.[14]

Een paradigma dat bedrijven aanzet om geld te verdienen, en niet om de wereld te redden, om Milton Friedman te parafraseren. De beslissingen van bedrijfsleiders zijn erg efficiënt voor op maximale winst beluste aandeelhouders, maar voor de samenleving en de aarde hebben ze desastreuse gevolgen. De interne dynamiek van het kapitalisme is gericht op een groei ad infinitum, die zorgt voor een opeenhoping van koopwaren waaronder de aarde begint te bezwijken. Groeien met afwenteling van de kosten op mens en natuur is in het kapitalisme geen ‘keuze’, ‘een verslaving’, ‘een obsessie’ of ‘een vloek’, maar het onontkoombare gevolg van de fundamentele drijfveer ervan.

Het verklaart de geplande veroudering van de pc’s en smartphones van Apple, de almaar snellere vernieuwing van automodellen, de ecologisch rampzalige dagbouw van steen- en bruinkoolmijnen, het op de markt gooien van duizenden toxische stoffen die zich opstapelen in pesticides, plastics, reinigingsproducten, cosmetica, meubelen en kledij… en ten slotte in onze lichamen.

Om nog maar te zwijgen over de kolonisatie van onze geesten door de reclame-industrie, die mensen opzadelt met gevoelens van frustratie, afgunst en gemis van dikwijls geheel overbodige producten en diensten. Voor het grootbedrijf is deze bonanza-economie heel erg rationeel, maar het duwt de mensheid en de aarde wel in sneltreinvaart naar de afgrond. Ecosocialist Richard Smith zegt het zo: “De rationele, efficiënte markt vernietigt erg efficiënt de planeet, en ons erbij”.[15]

Dat inzicht dringt zich meer en meer op, via een omweg – via de klimaatcatastrofe die voor de deur staat, en die een ware ecocide aankondigt.

Voorbij de ontkenningsfase

Helaas zijn we nog niet bereid om het onvermijdelijke van een postkapitalistische transitie onder ogen te zien. Zoveel aantrekkelijker is het armchair activism: we geloven graag dat slimme ingenieurs de broeikasgassen wel zullen wegtoveren, en ondertussen kopen we bioproducten en rijden we met de fiets naar het werk. Velen zitten nog in een ontkenningsfase – zoals een zieke die te horen krijgt dat hij een levensbedreigende kanker heeft.

Onze progressieve politieke partijen, ingekapseld in het bestel, doen het niet beter. Ze blijven op marktconforme maatregelen in de marge mikken. De regeringen, met duizend draden aan de economische powers that be verbonden, beseffen de werkelijke inzet van deze existentiële crisis echter wél. Want hoe verklaar je anders dat ze in het Klimaatakkoord van Parijs (2015) in woorden accepteerden om de opwarming van de aarde onder 1,5° te houden, maar niet verder kwamen dan te beloven acties te zullen ondernemen…  die niet zullen verhinderen dat de aarde tussen 2,7° en 3,5° zal opwarmen![16]

Beter doen achten ze niet realistisch, gezien hun onwil om de economische groeimotor stil te leggen, te beginnen met het kortwieken van vervuilende bedrijven en sectoren. Lord Nicholas Stern, auteur van het door de Britse regering bestelde Stern Review, dat oplijst met welke maatregelen het klimaatprobleem moet worden aangepakt, formuleerde het helder. Stern wijst pogingen om de koolstofconcentraties in de atmosfeer op 450 ppm te stabiliseren af, hoewel dergelijke concentraties een recept voor een catastrofe vormen. Want, zo rechtvaardigt Stern zijn standpunt, pogingen om onder 450 ppm te blijven zal “een onmiddellijke, grote en aanhoudende krimp van de wereldeconomie” veroorzaken. De conclusie van ecosocialist John Bellamy Foster is hard: “Om de tredmolen van winst en productie gaande te houden moet de wereld het risico op een ecologisch armageddon lopen.”[17]

Regeringen en mainstream partijen laten het afweten. Zonder druk van onderuit lijkt een ramp onafwendbaar. Zullen milieuactivisten, syndicalisten en bezorgde burgers op de afspraak met de geschiedenis verschijnen, met een beweging die ecologische en sociale eisen met elkaar verbindt en ijvert voor een duurzame en rechtvaardige transitie?

Voor een programma dat de overheid de instrumenten in handen geeft om de economie te verduurzamen. Een programma dat gaat voor de naasting van sleutelsectoren zoals de energiebedrijven, de financiële sector en geprivatiseerde openbare diensten; voor een uitstap uit de kernenergie en een radicale omslag naar hernieuwbare energie; voor een verbod op nieuwe infrastructuur die ons nog decennia opzadelt met vuile energiewinning; voor massale investeringen in goedkoop geïntegreerd openbaar vervoer; voor stadsontwikkeling gericht op een hoge woondensiteit en op het samenbrengen van essentiële diensten zoals crèches, scholen, ouderentehuizen en gezondheidszorg langs openbaartransportroutes en voetgangersvriendelijke gebieden; voor steun aan korteketenlandbouw en andere coöperatieven; enzovoorts. Waar wachten de vakbonden, Groen, Sp.a en Hart Boven Hard nog op? Het geduld van de planeet is op.

Dit artikel is de centrale stelling uit het boek ‘De laatste oorlog. Laten we het kapitalisme de aarde verwoesten?’ (werktitel) van Ludo De Witte, dat in september bij EPO verschijnt. 

[1] ‘IEA finds CO2 emissions flat for third straight year even as global economy grew in 2016’, 17/3/2017, www.iea.org.
[2] US Department of Energy, ‘Revolution Now 2016’, 9/2016, http://energy.gov.
[3] Raming IEA, in McKinsey, ‘Renewable energy: Evolution, not revolution’, March 2016, www.mckinsey.com. De Energy Information Administration raamt het cijfer voor 2040 op 22 procent, ergens tussen de twee uiterste cijfers van het IEA: ‘International Energy Outlook 2016’, 11/5/2016, www.eia.gov.
[4] Zie voor de cijfers, ‘Low growth in global carbon emissions continues for third successive year’, 14/11/2016, www.phys.org en www.tyndall.ac.uk. Berekening van het koolstofbudget voor de periode 2017-2100, op basis van K. Anderson, ‘Open Letter: The Prime Minister and Secretary of State at the Department of Energy & Climate Change’, 22/10/2014, http://kevinanderson.info/blog.
[5] ‘Scientists have long feared this ‘feedback’ to the climate system. Now they say it’s happening’, The Washington Post, 30/11/2016, en ‘Quantifying global soil carbon losses in response  to warming’, www.nature.com.
[6] National Oceanic and Atmospheric Administration, ‘Carbon dioxide levels rose at record pace for 2nd straight year’, 20/3/2017, www.noaa.gov.
[7] Energy Information Administration, ‘International Energy Outlook 2016’, 11/5/2016, www.eia.gov.
[8] Cijfers voor 2010, in IPCC, ‘Climate Change 2014. Synthesis Rapport’, pp. 46-47. Zie ook World Resources Institute, ‘Navigating the Numbers. Greenhouse Gas Data and International Climate Policy’ (2005), Figure 10.2, p. 57.
[9] Mark Z. Jacobson en Mark A. Delucchi (Stanford University), ‘A plan to power 100% of the Planet with renewables’, Scientific American, 26/10/2009. Zie ook Anthony James en Josh Floyd, ‘Phasing out fossil fuels for renewables may not be a straightforward swap’, 6/5/2016, http://energypost.eu.
[10] Jennifer Chu (MIT News Office), ‘Study: Technological progress alone won’t stem resource use’, 19/1/2017, http://news.mit.edu.
[11] Cijfers van het Carbon Tracker Initiative.
[12] Verbrandingscapaciteit, in Amy Leather, ‘Why capitalism is hopelessly addicted to fossil fuels’, 9/1/2017, http://climateandcapitalism.com; raming van Oil Change International, in M. Combes en N. Haeringer, ‘Et maintenant il faut sortir des energies fossiles’, 30/9/2016, www.alterecoplus.fr.
[13] Climaatcoalitie, ‘Fossielvrije banken in de strijd tegen de koolstofzeepbel. Divestmentonderzoek naar 4 grootbanken in België’, april 2017, www.bankroute.be.
[14] K. Anderson, ‘The hidden agenda: how veiled techno-utopias shore up the Paris Agreement’, 6/1/2016, http://kevinanderson.info/blog.
[15] R. Smith, ‘Beyond Growth or Beyond Capitalism?’, 15/1/2014 www.truth-out.org.
[16] Aldus Jos Delbeke (Directoraat-generaal Klimaat van de Europese Commissie) op een bijeenkomst van Metaforum, KULeuven, 24/11/2016.
[17] Nicholas Stern, A Blueprint for a Safer Planet, p. 39; John Bellamy Foster, The Ecological Revolution, p. 60, en John Bellamy Foster and Brett Clark, ‘The Planetary Emergency’, in Monthly Review, December 2012.

  Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.

Auteur: Ludo De Witte

Ludo De Witte is auteur van het boek ‘Als de laatste boom geveld is, eten we ons geld wel op’ (EPO, 2017). Eerder publiceerde hij onder meer ‘De moord op Lumumba’ en ‘Wie is bang voor moslims?’