Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.

'G4S is een symptoom voor een dieper probleem'

15 juli 2016 Bruno Meeus
3423522077_bb440fc66b_b
Hongerstaking VUB (Foto: Flickr CC)

Op 18 augustus 2015 berichtte Apache over de nakende privatisering van de asielopvang in België. Op dat moment kondigde staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken een aanbesteding aan voor 10.000 flexibele plaatsen in de asielopvang. Dat voornemen kwam er na voorafgaande jaren van besparingen in de asielopvang en een stijgend aantal nieuwe aanvragen voor asiel. Apache observeerde toen dat de aanbesteding op maat geschreven leek voor private partners zoals SODEXO. Het waren uiteindelijk vooral de vertrouwde partners van Fedasil zoals het Rode Kruis die hun capaciteit zouden uitbreiden. Maar met het consortium G4S-Corsendonck dat in Gent en in Turnhout een aantal tijdelijke opvangplaatsen zou voorzien, kregen voor het eerst ook winstgedreven partners toegang tot de asielopvang in België. Vorige maand kondigde Francken aan dat 10.000 plaatsen opnieuw zouden worden gesloten.

De contracten met G4S-Corsendonck lopen ten einde, maar ook een groot aantal plaatsen van organisaties zoals Vluchtelingenwerk Vlaanderen en haar Franstalige partners - organisaties die zich vaak kritisch uitlaten over het gevoerde asielbeleid - worden geschrapt. Wat zal er gebeuren wanneer het aantal asielaanvragen opnieuw stijgt? Komt het middenveld opnieuw in het vizier? Of zal er in de toekomst steeds meer voorkeur gegeven worden aan private partners en wordt het middenveld monddood gemaakt? We vroegen het Jonathan Darling, expert in Britse asielopvang.

Is de vrees van Vluchtelingenwerk Vlaanderen volgens u terecht?

"Het lijkt inderdaad erg op een van de dingen die gebeurde in het VK. De contracten die een aantal organisaties zoals Refugee Action en Refugee Council kregen om inloopcentra te voorzien, werden in 2013 overgedragen naar een private partner (Migrant Help), een volledig winstgericht bedrijf. De officiële logica van de Home Office was de volgende: de dienstverlening zou worden gecentraliseerd in één contract, wat het goedkoper en administratief eenvoudiger zou maken. Daar is geen speld tussen te krijgen. Maar ja, dat betekende ook de financiële drooglegging van twee organisaties die herhaaldelijk de overheid het vuur aan de schenen hadden gelegd met gerechtelijke vorderingen en met meer algemene belangenverdediging van asielzoekers. De Home Office zou daarop zeggen: ‘we hebben nooit belangenverdediging ondersteund, dat is niet waarvoor we werden betaald’. Maar natuurlijk wist iedereen dat Refugee Action een deel van dat geld gebruikte om juist aan belangenverdediging te doen! De Home Office ergerde zich daar wel aan maar had hen uiteindelijk wel nodig voor het ondersteuningswerk. Maar ze realiseerden zich dus dat het goedkoper kon, en zonder die luis in de pels. Het resultaat is dat het ondersteuningswerk er niet meer is - er is enkel nog een telefoonnummer - en de mankracht voor belangenverdediging is er ook niet meer."

De mogelijkheden om te wegen op het beleid zijn dus wel verkleind?

"Absoluut. Maar goed, ik blijf hoopvol. Om te beginnen geloof ik ook niet echt in een grote samenzwering die dit allemaal uitstippelt. Je vecht volgens mij niet tegen een of ander groot blok dat moet omvergeworpen worden. En elke nieuwe situatie creëert weer nieuwe opportuniteiten. Ik denk dat dit ook in het Belgische geval interessant zou kunnen zijn moest het zover komen. Organisaties zoals Refugee Action en Refugee Council, én de lokale besturen, hebben in het VK nu geen enkele reden meer om nog vriendelijk te zijn tegen de Home Office. Ze zijn niet langer contractueel gebonden aan hen. Ze kunnen nu nog strijdlustiger tekeer gaan in de media. Lokale besturen krijgen van de Home Office geen financiële steun meer, maar G4S of Serco voorzien wel opvang op hun grondgebied. Wat houdt je dan tegen als lokaal bestuur om naar de Home Office te gaan en te zeggen: ‘dit is terrible, we moeten deze waanzin stoppen’. Want het zijn natuurlijk wel die lokale burgemeesters die ervoor moeten zorgen dat de mensen kunnen samenleven in hun gemeente. De Home Office moet omgaan met een toenemend aantal dwarsliggende steden en gemeenten. Of dat protest dan al dan niet een xenofobe toon gaat krijgen, is een andere zaak natuurlijk."

Er zijn dus altijd manieren om weerstand te bieden?

"Ja, ik probeer altijd dat sluiten en weer openen van mogelijkheden voor verzet tegelijkertijd te bekijken. Een van de dingen die ik uit dit onderzoek heb geleerd, is het belang van vriendengroepen in de lokale hulpverlening. In zo’n lokale besturen gaat het meestal om groepjes vrienden die al twintig jaar samenwerken. En zoals ik eerder al zei, zijn velen die zich hadden gespecialiseerd in asielkwesties hun job kwijt omdat de lokale besturen er geen geld meer voor krijgen. Een aantal van hen gaat dan bijvoorbeeld voor G4S werken. En dat is een gevaar. Degenen die nog voor de lokale besturen werken gaan hun vrienden bij G4S minder snel bekritiseren. Verzet verliest daar dus wel wat tanden. Dan zijn er de fora die worden georganiseerd door de Home Office, maar waar enkel over een beperkt aantal management-thema’s kan worden gepraat. Ook daar wordt het verzet dus gefnuikt."

"Maar, omdat de mensen die daar samenkomen mekaar vaak al zoveel jaren kennen, is er toch weer de mogelijkheid om buiten de agenda die op zo’n meeting wordt gezet, toch strategisch een aantal zaken door te duwen. Dat kan dan op het eerste zicht over de meest pietluttige dingen gaan. Bijvoorbeeld, via zulke meetings hebben ze de regels kunnen veranderen over hoeveel koffers mensen mogen meenemen wanneer ze in een eerste vorm van opvang worden ondergebracht. Mensen moesten allerlei bezittingen weggooien omdat ze maximaal twee koffers mochten binnenbrengen. Men kreeg Serco in dit geval zover dat ze toestemden om vier koffers toe te laten. Dat kan je zien als een insignificant iets in de wereld. Maar als dit je enige bezittingen zijn, en je moet daar een deel van weggooien, dan maakt dat bijzonder veel uit."

Voorlopig zijn we nog niet zover in België. Een van de manieren waarop weerstand tegen G4S in Vlaanderen is gevoerd, was tegen de ‘moraliteit van hun geld’, omdat G4S ook betrokken is bij allerhande veiligheidswerk in Israël bijvoorbeeld. Is dat soort frame ook gebruikt in het VK om weerstand tegen de privatisering te organiseren?

"De reacties tegen de privatisering in het VK volgden in feite twee modellen als je dat zo kan zeggen. Het model dat door de ondersteuningsgroepen en vluchtelingenorganisaties werd gebruikt was: ‘de privatisering is problematisch want expertise gaat verloren. Ze kennen de context niet, ze zijn hier alleen om winst te maken’. En dan tegelijkertijd was er een meer activistisch model dat zich vooral tegen de bedrijven zelf richtte en vaak gerelateerd was aan bredere anti-privatiseringsbewegingen. Er was een groep met de naam ‘no to G4S’ die volgens mij nog altijd bestaat. Hun argument is dat G4S geen contracten van onze overheid zou mogen krijgen omdat het een problematisch bedrijf is dat onder meer aan deportatie doet."

"Kijk, ik ben het helemaal eens met die ’no to G4S’-campagne. Het is duidelijk geen bedrijfsethiek die moet worden ondersteund. Maar het specifieke punt van privatisering van de asielopvang gaat daardoor verloren. De kwestie wordt dan aan de ene kant een grotere anti-corporate, anti-privatiseringsagenda. En aan de andere kant ga je tekeer tegen een specifiek bedrijf. En dat is eigenlijk een beetje gemakkelijk voor de Home Office. Zij kunnen zeggen, ‘deze mensen zijn radicale, gekke, extreemlinkse activisten en ze haten dit bedrijf. We mogen geen bedrijven haten, zij brengen taksen binnen’. Het is een gemakkelijke uitweg. Waar ik mee worstel in sommige van die campagnes is: wat wil je nu? Welke uitkomst heb je voor ogen? In de meeste gevallen is de uitkomst die je wilt: ‘voorzien in een zekere graad van ondersteuning en accommodatie voor asielzoekers die beter is dan wat we nu hebben.’ Dus dan is de vraag die ik me stel, wat is de manier om dat te bereiken?"

En die is?

"Argumenteren dat het probleem het winstbejag van bedrijven is – en dat is zonder enige twijfel een probleem, laat dat duidelijk zijn – gaat je niet helpen om tot die verbeterde omstandigheden voor asielzoekers te komen binnen een jaar of twee. Het is vrij evident dat de overheid die contracten niet gaat veranderen. Ik denk dat je dus een en-en-strategie nodig hebt."

"Je kan nog steeds argumenteren tegen winstbejag van bedrijven en privatisering, maar tegelijkertijd moet je ook een claim articuleren over ‘hoe willen we dat dit systeem er uitziet? Hoe kunnen we het effectief laten werken in een medium en korte termijn?’ Wanneer die contracten van start gingen, zouden bedrijven zoals G4S daar voor vijf jaar zijn. Wat er ook zou gebeuren. Eenvoudigweg argumenteren dat we moeten stoppen om contracten te hebben met G4S, brengt je niet veel verder. Terwijl, als je zegt: ‘de dienstverlening die wordt voorzien, is die wel goed genoeg, is er goede accommodatie, krijgen deze mensen de zorg die ze zouden moeten krijgen?' Dat is al een pak moeilijker om op te antwoorden. En dat betekent niet dat je het andere niet tegelijkertijd kan doen."

"Ik denk bovendien dat het moeilijk is om het allemaal vast te hangen aan één bedrijf, gedeeltelijk omdat het de andere uit de wind zet. En gedeeltelijk omdat je daarmee het risico loopt om hetgeen er voor kwam te gaan romantiseren. Het probleem met huisvesting voor asielzoekers in het VK bijvoorbeeld is niet G4S, G4S is een symptoom van een dieper probleem. En dat dieper probleem was er al evenzeer wanneer het Glasgow stadsbestuur, of het Birmingham stadsbestuur de huisvesting verzorgde. Het komt vermoedelijk meer onder de aandacht nu G4S het doet."

 

LEES OOK