Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.

Nationaliteit – het zielige anachronisme van onze beschaving

31 juli 2015 Koen Smets
Koen Smets
Koen Smets
Koen Smets
Koen Smets

Zijn eerste argument is het feit dat hij zijn Belgische nationaliteit kon behouden. Dit suggereert dat een formele associatie met 'ons' land van belang is. En voor velen heeft het burgerschap inderdaad een emotionele dimensie: het zijn niet enkel de ultranationalisten die zich op een of andere manier toch verbonden voelen met hun geboorteland.

EEN BELANGRIJK SYMBOOL, EEN BELANGRIJK RECHT

Daaraan is de symbolische waarde van het bezit van een paspoort wellicht niet vreemd. Symbolen zijn immers een betekenisvol element in hoe we onszelf definiëren, in de eerste plaats onze naam. Onze achternaam staat voor de band met onze familie, en onze voornaam weerspiegelt onze individuele eigenheid binnen de familie en daarbuiten. Zulke symbolen geven we niet gemakkelijk prijs. Als we dat toch doen, dan is dat bijna altijd om heel persoonlijke redenen, bijvoorbeeld een vrouw die bij haar huwelijk de naam van haar echtgenoot aanneemt (dat is courant in het Verenigd Koninkrijk), of mensen die zichzelf een andere voornaam (heel vaak een afleiding of afkorting) aanmeten dan diegene die op hun geboorteakte staat. (Zo besloot ikzelf blijkbaar – ik kan het me niet herinneren – op een bepaald ogenblik mijn eigen voornaam in te korten.)

Maar het symbool van onze nationaliteit is toch wat anders dan iets persoonlijks als onze naam, en het is opmerkelijk dat het toch zo'n grote persoonlijke rol speelt. Waarom is de bodem waarop wij (of onze ouders) zijn geboren van zulk groot belang? En waarom vooral het land, en niet de provincie, de stad of zelfs de straat? Waarom heeft net die landsgrens zo'n grote betekenis? Een geboren Luikenaar deelt zijn Belgische nationaliteit met wie ter wereld kwam in Oostende, 200 km verderop, en iemand die in Aachen werd geboren is even Duits als iemand die het levenslicht zag in München, 650 km daarvandaan – en dat terwijl Luik en Aachen op een boogscheut van elkaar liggen.

Eén lapje grond, drie nationaliteiten
Eén lapje grond, drie nationaliteiten

Er is dus blijkbaar iets wat het zuiver rationele domein overstijgt, iets wat een emotionele band vertegenwoordigt met soortgenoten. Dat blijkt ook uit het standpunt van Bart Turtelboom – zijn tweede motivatie om Brit te worden is “als je ergens voor een lange periode gaat wonen, dan word je staatsburger”. Je kunt je inderdaad voorstellen dat wie jarenlang als een native in een ander land woont zich meer en meer kan gaan identificeren met zijn adoptieve landgenoten. Maar staatsburger worden doe je dan wel bij voorkeur zonder je oorspronkelijke nationaliteit op te moeten geven.

De symboliek schuilt vooral in de officiële erkenning: we kunnen ons Brit, Braziliaan of Belg noemen, maar een echte, officiële nationaliteit verkrijgen we enkel door onze geboorte of onze afkomst – of als een bijzondere gunst. Dit recht vinden velen blijkbaar belangrijk genoeg om het enerzijds slechts onder uitzonderlijke omstandigheden te willen opgeven, of anderzijds kosten noch moeite te sparen om een andere nationaliteit te verwerven.

Ook de overheid beschouwt uw nationaliteit zeer zeker als een kostbaar recht. Wie een nieuw staatsburgerschap wil verwerven mag zich doorgaans verwachten aan een ingewikkelde en dure procedure. Om u een idee te geven van wat Bart Turtelboom heeft moeten doorstaan:

En een recht dat de overheid u toekent kan ze ook als straf afnemen, zoald bijvoorbeeld van ex-Syrië-strijders.

OFFICIËLE ERKENNING, OFFICIËLE DISCRIMINATIE

Natuurlijk gaan met een bepaalde nationaliteit ook werkelijke rechten en plichten gepaard (zoals Turtelboom zelf ook meegeeft). En daar hangt toch een wat kwalijk geurtje rond: waar discriminatie op grond van sekse, ras of godsdienst in de meeste landen wettelijk verboden is, kan men overal ongehinderd mensen discrimineren op basis van hun nationaliteit. Op internationale luchthavens zie je bijvoorbeeld verschillende routes bij de immigratiecontrole, overeenkomstig het paspoort van de reizigers. (Stel u even de reactie voor mocht men rezigers naargelang hun huidskleur willen kanaliseren.)

“We are human beings… but with the wrong nationality”
“We are human beings… but with the wrong nationality”

En mocht dat soort burgerschapsonderscheid u nog eerder onschuldig lijken, wat dacht u van het voornemen van Brits Prime Minister David Cameron om de toegang tot uitkeringen en steun serieus wil inperken voor wie niet de Britse nationaliteit bezit? (Dat is alvast niet langer een probleem voor Bart Turtelboom natuurlijk). Of van het feit dat duizenden migranten in Calais Groot-Brittannië niet binnen mogen, enkel omdat ze burgers zijn van landen als Somalië en Afghanistan, en niet van Luxemburg of Italië?

Het is overigens niet alleen een buitenlandse zaak: vele tienduizenden mensen verblijven “illegaal” in Vlaanderen en Brussel. Dat maakt deze mensen niet alleen strafbaar, het betekent ook dat ze een heel beperkte toegang hebben tot rechten en diensten in België. (Ze hebben dan weer wel dezelfde plichten als andere inwoners). En hun precaire situatie is enkel en alleen het gevolg van het feit dat ze niet de juiste nationaliteit hebben.

De overheid maakt kwistig gebruik van het formele concept van nationaliteit als middel om aan geïnstitutionaliseerde discriminatie te doen, maar het gaat om meer dan een instrument. De segregatie van burgers op basis van het paspoort dat ze hebben is helaas nog steeds een essentieel onderdeel van onze westerse samenleving. Wie niet beschikt over het gepaste staatsburgerschap,die hoort er niet bij.

Nationaliteit is een anachronisme dat geen plaats verdient in een moderne maatschappij.

LEES OOK