Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.

Onze innerlijke drijfveren

31 december 2021 Koen Smets
veren
Achter veelvuldige en complexe beslissingen vinden we eigenlijk slechts drie drijfveren. (© Veronica Foale/Flickr)

De evolutieleer wordt echter algemeen gezien als een meer plausibele verklaring voor het ontstaan van leven op onze planeet dan creationisme. En het is net zo met het ontstaan van economisch gedrag: de allereerste eencellige organismen moesten immers ook keuzes maken. Aanvankelijk kwam het er enkel op neer de correcte keuze te maken. Bijvoorbeeld tussen voortbewegen naar of net weg van een omgeving, naargelang die rijk aan voeding dan wel toxisch was bijvoorbeeld.

Maar soms moest ook worden gekozen tussen het behouden van energie door in een bepaalde omgeving te blijven, ook al was er almaar minder voedsel, en het spenderen van die schaarse energie om de biezen te pakken en weg te zwemmen in de primordiale soep, op zoek naar een meer voedselrijke omgeving. En al hadden die schepseltjes nog geen brein, hun capaciteit om goede keuzes te maken gaven ze toch maar mooi door via hun DNA (of beter: diegenen die de goede keuzes maakten, kregen daarvoor de kans, zodat de volgende generatie dat ook zou kunnen).

amoeba2
Portret van een pril economisch wezen. (© National Museum of Wales/Flickr)

Het maken van de ‘juiste’ keuze werd beloond (wie dat deed, overleefde en gedijde goed), de ‘verkeerde’ keuze werd afgestraft (dat betekende namelijk omkomen of verhongeren). Naast overleven en welvaren werd ook succesvol voortplanten beloond met het voortbestaan van het genetische materiaal van individuele organismen met een beperkte levensduur. 

Zij die faalden, stierven uit maar succes wachtte hen die de goede keuzes maakten en de slechte vermeden. Beloning en straf, dat zijn in economische termen prikkels of stimulansen. Het omgaan met schaarse middelen, afwegingen maken, reageren op prikkels: die primitieve organismen maakten wel degelijk economische beslissingen. En de eerste mensen waren dus inderdaad óók economen, al was het omdat hun voorouders dat al een eeuwigheid lang waren. 

Drie wedijverende motivaties

Maar als meer complexe leden van de dierenwereld en ook al blijven overleven, bloeien en succesvol onze genen doorgeven centraal in de keuzes die we maken, toch moeten we flink wat beslissingen nemen waarin deze overwegingen niet of maar van nabij figureren. Achter die veelvuldige en complexe beslissingen vinden we eigenlijk slechts drie drijfveren.

Eerst en vooral zijn we begaan met onze eigen economische winst en verlies. Die hebben sowieso de sterkste band met ons fundamentele streven (overleven, gedijen en ons voortplanten), want om dat te doen hebben we nood aan materiële hulpmiddelen zoals voedsel, beschutting en werktuigen. Het is belangrijk die te verwerven en ze niet kwijt te spelen. Bovendien, omdat we wedijveren met anderen om die schaarse middelen, kan dat streven relatief zijn. Langer overleven, beter gedijen en talrijker voortplanten dan een concurrent maken ons meer succesvol. Als wij dus beslag kunnen leggen op meer middelen, dan zijn er minder voor hen en dat komt ons ook prima uit.

Maar we zijn ook sociale wezens, die op vele manieren de steun en de medewerking van anderen nodig hebben. Een tweede bekommernis is dan ook ons aanzien in de ogen van onze medemensen: zijn we betrouwbaar, behulpzaam, vrijgevig en zo meer. Wanneer we een keuze hebben tussen verschillende mogelijkheden, dan kan het soms goed zijn diegene te kiezen die onze reputatie vrijwaart of verbetert. Actief zijn als vrijwilliger of een rondje betalen op café kunnen bijvoorbeeld beslist je aanzien in de ogen van anderen aanzwengelen.

En we zijn ook morele wezens: mensen beschikken over een ingebakken zin voor wat goed en kwaad is, die mede onze keuzes bepaalt. Zelfs wanneer er geen instrumenteel motief is om ofwel een economische baat te verwerven of onze reputatie een zetje te geven. Zo weerhoudt die ons er bijvoorbeeld van zaken te stelen, zelfs wanneer we dat ongezien en ongestraft kunnen doen, of zet ons ertoe aan een wildvreemde, wiens boodschappentas scheurde, te helpen om zijn kruidenierswaren weer bijeen te zoeken.

Deze motieven kunnen met elkaar in tegenstrijd zijn (en dat gebeurt best wel vaak). Als vrijwilliger geef je kostbare tijd op en een rondje kost geld. Niet stelen betekent een mogelijk voordeel opgeven en iemand helpen zijn bezittingen op te rapen kost je ook tijd. Bij vele keuzes die we maken, komt dus een afweging kijken tussen economische, sociale en morele motieven.

hoarding loo roll
Is hamsteren het juiste ding doen? (© Carlos ZGZ/Flickr)

Stel je bijvoorbeeld voor dat er een tekort is aan toiletpapier (zoals je je beslist nog herinnert, hadden we daar recentelijk mee te maken en het zou best nog wel eens kunnen gebeuren). Thuis heb je nog een voorraadje voor een tiental dagen en je had gehoopt er nog wat extra in te slaan, want het wordt almaar moeilijker er nog te vinden. En ja, zoals verwacht is het rek met wc-rollen leeg. Maar komt daar toch niet een personeelslid aangestapt met zes pakken van negen rollen om op dat lege rek te zetten! Anderen hebben dat ook in de gaten, maar jij staat er vlakbij. Je zou hier in een klap je persoonlijke toiletpapierschaarste kunnen oplossen door snel het hele zootje in je winkelkarretje te gooien en naar de kassa te snellen. Dat zou een flinke economische baat zijn, maar wel met een sociaal prijskaartje, want je riskeert reputatieschade: de andere winkelbezoekers (onder wie je er minstens een herkent) zouden je als een gemene hamsteraar zien.

Misschien toch beter maar een enkel pak nemen. Dat is minder, maar toch nog iets én je reputatie blijft intact. Je bejaarde buren die slecht ter been zijn, hadden je echter vanmorgen nog verteld dat ook zij bijna geen toiletpapier meer hadden. Het juiste doen zou natuurlijk zijn een extra pak voor hen te nemen, maar zo zet je je reputatie weer op het spel! Zou je dan misschien je eigen pak moeten opgeven om dat te vermijden?

Belangrijkste motief

Welke van de drie motieven zou moeten primeren, zowel in deze hypothetische situatie, als in het algemeen?

Soms is het overigens nog ingewikkelder: anderen proberen ons gedrag te beïnvloeden met slim gekozen stimulansen. Dat kunnen economische prikkels zijn, zoals een werkgever die een bonus vooropstelt voor overwerk of het afsluiten van een groot zakelijk contract. Dat kunnen ook sociale prikkels zijn, zoals een platform op sociale media dat ons een hogere status belooft door meer likes en volgers als we vaker materiaal posten dat gebruikers aanspreekt, of op het werk het vooruitzicht op een promotie tot een rol die ‘senior’ in de functiebeschrijving heeft als we goed presteren.

Dat kunnen zelfs morele prikkels zijn, zoals de belofte van een religie van gelukzalig eeuwig leven als je maar slecht gedrag afzweert en een deugdelijk leven leidt (uiteraard wel in overeenstemming met hun definitie daarvan). Zulke prikkels hebben als direct doel de keuze te veranderen, die we zouden hebben gemaakt zonder die stimulans. Wat zijn we bereid op te geven in ruil voor een geschikte prikkel? 

Het is aan ons om de mogelijkheden die voor ons liggen te beoordelen en af te wegen. Niemand anders dan wijzelf maken de keuze. Maar daarbij is het een goed idee de woorden indachtig te zijn van Romeins keizer en stoïcijns filosoof Marcus Aurelius, uit Boek 6 van zijn Overpeinzingen: “Dat je enkel het juiste doet. De rest heeft geen belang.” Of we nu economische baten dan wel sociale erkenning nastreven of een combinatie van beide, zolang we weten dat we juist handelen, doet het niet ter zake wat we precies doen.

Moge al je beslissingen in 2022 juiste beslissingen zijn. Gelukkig Nieuwjaar!

LEES OOK