Omwonenden van megastallen voelen zich niet gehoord door onderbemande inspectiediensten

12 juli 2021 Delia Filippone, Giel Lehouck
stal
(Illustratiebeeld © Delia Filippone)

“Ook wij worden bedreigd”, zucht de omwonende* van een megastal uit een dorp in het westen van de provincie Limburg. De man verzette zich tegen een omgevingsvergunning voor een bijkomende megastal. “Onze gevel hangt vol met graffiti.”

Het voorval is helaas niet uniek. Voor het dossier Geen kip te zien en toch zijn er te veel sprak Apache met verschillende inwoners uit Wuustwezel die gelijkaardige ervaringen meldden. Omwonenden zijn vaak terughoudend om openlijk hun kritiek te uiten, zo bleek uit gesprekken.

Omwonenden zijn vaak terughoudend om openlijk hun kritiek te uiten op megastallen 

“En wat doe je met mensen die de melding gedaan hebben”, zegt de omwonende uit Limburg. “Bestaat er voor hen een soort klokkenluider-bescherming? Het antwoord hier is nee.” De man vindt het vooral belangrijk dat er vertrouwelijk wordt omgegaan met mensen die een klacht indienen. Want vaak heeft de landbouwer over wiens bedrijf of aanvraag de klacht gaat, wel een vermoeden wie van de omwonenden een klacht heeft ingediend.

De Limburger situeert het probleem wel eerder bij de handhaving dan bij de milieu-inspectie zelf. “Je kan een probleem wel aankaarten, maar als er niets met je klacht gebeurt, is het alsof je staat te roepen in de woestijn. Een effectieve milieu-inspectie zonder de handhaving die correct optreedt, is in feite zinloos.”

Industriële landbouw

Een semester lang werkten studenten journalistiek van de Limburgse Hogeschool PXL rond het thema van de industriële veeteelt. In een drieluik voor het dossier Industriële Landbouw focussen ze op de milieu-inspectie, gezondheid van omwonenden en de gevolgen van schaalvergroting. De studenten bundelden hun ervaringen en kennis in een eindrapport.

Hij vraagt zich ook af wat de milieu-inspectie exact doet met de klachten van omwonenden. “Wat doet men ermee in het vergunningsbeleid? Bekijkt men inbreuken als deel van vergunningen? Het antwoord is waarschijnlijk nee.”

Herkenbaar

Verhalen van omwonenden die het gevoel hebben nergens terecht te kunnen met hun klacht zijn herkenbaar voor de Limburgse Milieukoepel. De organisatie houdt zich bezig met thema’s als landbouw, ruimtelijke ordening en milieu. “We krijgen wel wat klachten binnen van mensen die bekommerd zijn om iets”, vertelt coördinator Jan Vandegoor. “We reageren zelf ook geregeld op openbare onderzoeken en op omgevingsvergunningen die worden aangevraagd.”

Jan Vandegoor (Limburgse Milieukoepel): 'We proberen los te geraken van het conflictmodel van bezwaarschriften, en willen op voorhand overleg plegen'

Toch is een klacht indienen niet meer de eerste stap voor de Limburgse Milieukoepel. “Eigenlijk proberen we los te geraken van dat conflictmodel”, zegt Vandegoor: “Als de omgevingsaanvraag loopt, kunnen we niets anders meer doen dan een bezwaar indienen en eventueel in beroep gaan. Meestal zit je dan in een klein hoekje, terwijl we op voorhand vaak al overleg hadden kunnen plegen om bepaalde zaken te vermijden. Dat is ook onze boodschap, we willen in overleg werken en niet altijd tegenwerken.”

Telkens weer een bezwaar indienen en in beroep gaan, eist na een tijd dan ook zijn tol van de omwonenden. Voor Ronald Jacobs, beleidsmanager van Natuurpunt Oost-Brabant, wordt het leven van sommige omwonenden gewoon onhoudbaar. “Ik ken heel fijne mensen die eigenlijk levende wrakken geworden zijn doordat ze naast een intensieve veehouderij wonen waar ze dagelijks fijn stof, stank en ammoniak moeten inademen. Ik raad hen veelal aan om hun woning te verkopen, maar ze vinden het moeilijk om hun thuis achter te laten.”

Jacobs gaat zelf weleens ter plaatse om te kijken hoe erg de overlast is. Hij ervaart dat mensen al blij zijn dat er iemand naar hen luistert. “Ik begrijp de milieu-inspectie niet. Ik heb het gevoel dat ze soms rond de pot draaien. Hebben ze niet de kennis? Hebben ze niet de wil? Het lijkt wel alsof de handhaving verstek laat gaan.”

Ronald Jacobs (Natuurpunt Oost-Brabant): 'Soms praat ik met een buurtbewoner en slaap ik er ’s nachts niet van'

Volgens Jacobs wordt de lijdensweg, die veel buurtbewoners van megastallen soms doorgaan, onderbelicht. “Het is ook bewezen dat de geuroverlast en bijbehorende stress hun gezondheid aantast. Soms praat ik met een buurtbewoner en slaap ik er ’s nachts niet van.” Al benadrukt Jacobs wel dat lang niet elke veeteler in de fout gaat. “De meeste landbouwers hebben wel respect voor de natuur, de biodiversiteit en de buren.”

Verdrievoudiging klachten

De meeste milieuklachten die de Omgevingsinspectie ontvangt, zijn afkomstig van vergunde ‘klasse 1-bedrijven’. Dat zijn de meest vervuilende bedrijven, waarvan er ongeveer evenveel tot de zware industrie als de intensieve veehouderij behoren. Concreet gaat het bij veeteelt om kippenstallen vanaf 20.000 dieren of varkensstallen met meer dan 100 varkens of runderstallen met meer dan 500 kalveren of 200 koeien.

Het aantal klachten dat de Omgevingsinspectie de afgelopen jaren ontving, is verdrievoudigd, zo blijkt uit het laatste Omgevingshandhavingsrapport. In 2013 waren er ongeveer 1.400 klachten, in 2019 waren dat er dat ruim 4.500. Het gaat dan over klachten over exploitatie, lozing en veiligheid, maar vooral geurhinder.

Terwijl de klachten een duidelijke groei meemaken, wordt er steeds minder gecontroleerd. Sigrid Raedschelders, afdelingshoofd van de Afdeling Handhaving van het Departement Omgeving, wees de dalende tendens in het aantal controles en gecontroleerde bedrijven aan Vlaamse personeelsbesparingen. Ze deed die uitspraak eind mei op een hoorzitting over de omgevingshandhaving in de Commissie voor Leefmilieu, Natuur, Ruimtelijke Ordening en Energie van het Vlaams Parlement.

De Afdeling Handhaving zou met meer personeel meer controles kunnen uitvoeren, en dat zou de pakkans en ook de naleving verhogen

“Op een 180-tal medewerkers zullen 57 medewerkers de leeftijd van 55 jaar bereikt hebben in 2021, waarvan achttien de leeftijd van 60 jaar”, zegt Raedschelders aan Apache. “Die cijfers bieden enigszins een beeld van de te verwachten uitstroom de komende jaren vanwege pensionering, en van het aantal wervingen dat nodig is, willen we het huidige inspectiepeil behouden.”

Tijdens de hoorzitting erkende het afdelingshoofd dat men met meer personeel meer controles zou kunnen uitvoeren, en dat de pakkans zou verhogen. “Dat zou het nalevingsgedrag in de praktijk wellicht ook verbeteren”, klinkt het.

Een groot deel van de handhavingstijd gaat naar reactief optreden. “Er wordt gereageerd op klachten van burgers die hinder ondervinden, en van organisaties die wijzen op mogelijke schendingen”, zei Sigrid Raedschelders. “In onze samenleving worden de burgers steeds mondiger. Dat leidt tot een stijging van het aantal klachten.” Voor de pro-actieve handhaving worden jaarlijks acties op poten gezet.

Versnippering

Het is belangrijk om te weten dat zowel gewestelijke als niet-gewestelijke overheden bevoegd zijn voor de handhaving van allerlei omgevingsklachten, waaronder milieu-inbreuken. Lokale besturen en -lokale politie, maar ook intergemeentelijke samenwerkingsverbanden of parketten hebben allemaal specifieke bevoegdheden. Dat leidt tot versnippering.

Op gewestelijk niveau kregen, naast de Afdeling Handhaving van het Departement Omgeving, ook andere Vlaamse overheidsdiensten, zoals het Agentschap voor Natuur- en Bos (ANB) of de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) een handhavingsbevoegdheid. Omgerekend in voltijdse arbeidskrachten werken in Vlaanderen ongeveer 420 mensen aan de handhaving van het omgevingsbeleid.

De gewestelijke omgevingsinspectie richt zich vooral op de meest vervuilende bedrijven, de zogenaamde Klasse 1-bedrijven. Gemeenten richten zich op minder vervuilende bedrijven (klasse 2 en 3), al wordt daar volgens Johan Danen (Groen) te weinig op gecontroleerd of gehandhaafd.

Gemeentelijke diensten zijn vaak rechter en partij, merkte het Vlaams Parlementslid op tijdens een recente hoorzitting in het Vlaams Parlement. De Vlaamse overheid stuurt klachten over Klasse 2- en Klasse 3-bedrijven door naar de lokale besturen. Maar ook de Vlaamse overheid kan niet elke klacht behandelen. Elke melding wordt afgetoetst aan de “gewestelijke handhavingsprioriteit”.

Controles

Van de net geen 50.000 controles in 2019, waren ruim 32.502 voor rekening van het Vlaams Gewest en bijna 11.000 voor de gemeenten. De 36% inspectiecapaciteit van de gemeenten staat voor 22% van de vaststellingen, de 45% inspectiecapaciteit van Vlaanderen staat voor 65% van de vaststellingen.

“De lokale handhaving is zeer divers”, zei Christophe Pelgrims, afdelingshoofd Beleidsontwikkeling en Juridische Ondersteuning van het Departement Omgeving in het Vlaams Parlement. “Heel wat grotere steden en gemeenten bouwen een actief lokaal handhavingsbeleid uit, ze hebben de juiste mankracht en hebben zelf expertise opgebouwd. Een groot deel van de lokale besturen kan daar veel minder op inzetten, kan beperkt tijd besteden aan dossiers, en daar vallen opnieuw gaten in de handhaving.”

Afdelingshoofd Raedschelders voegde er wel aan toe dat de gewestelijke Omgevingsinspectie lokale besturen zo goed mogelijk moet ondersteunen.

stal
(© Delia Filippone)

Geen slagkracht bij gemeenten

Wettelijk is voorzien dat elke gemeente of stad minstens één gemachtigde milieutoezichthouder moet hebben. Afhankelijk van de grootte van de gemeente, of afhankelijk van het aantal bedrijven, zijn er dat soms twee of meer.

Volgens Erik Thewissen, milieu-inspecteur bij de milieupolitie van de politiezone Limburg Regio Hoofdstad, hebben niet alle gemeenten in Limburg een milieutoezichthouder. “Overal is er meer werk voor minder volk”, stelt Thewissen. “Je kunt ook niet van vandaag op morgen een nieuwe milieutoezichthouder hebben die de vorige kan vervangen, want die opleiding duurt meer dan een jaar. Je moet ook wat inzicht hebben in wiskunde, fysica en chemie.”

Milieu-inspecteur Erik Thewissen: 'Overal is er meer werk voor minder volk'

Vroeger waren er veel meer bevoegdheden voor de milieu-inspectie op provinciaal en gewestelijk niveau. Als het gaat over vergunningen, zijn veel bevoegdheden naar het lokale niveau gebracht. Dat betekent ook dat de handhaving naar het gemeentelijke bestuur verhuisd is, waardoor de milieu-inspectie op provinciaal en regionaal niveau eigenlijk minder lokale controles uitvoert.

Volgens milieujurist Hendrik Schoukens (UGent), tevens schepen voor Groen in Lennik, is het geen geheim dat het aantal publieke milieucontroleurs in Vlaanderen vermindert. “De kans bestaat dat dit gaat uitgroeien tot een daadwerkelijk tekort aan inspecteurs, maar zo ver zijn we nog niet.” Er is wel dringend een nieuw systeem nodig waarin de bevoegde takken elkaar op de hoogte kunnen brengen van enige overtredingen, meent hij. “Want zoals het nu is, verliest men te veel aan efficiëntie.”

Milieu-jurist Hendrik Schoukens (UGent): 'Combineer een hoop tijdrovende taken met een steeds kleiner wordende groep aan inspecteurs, en je begint te beseffen waarom alles niet zo vlot verloopt'

“Alles wordt ook ingewikkelder en er komt veel meer voorbereidingswerk bij te pas. Simpelweg staaltjes nemen en deze opsturen is niet meer voldoende vandaag de dag”, zegt Schoukens. “Combineer een hoop tijdrovende taken met een steeds kleiner wordende groep aan inspecteurs, en je begint te beseffen waarom alles niet zo vlot verloopt.”

Ondanks de daling in het aantal controles, blijft het aantal aangiftes toch stijgen. “We zijn nog niet op het punt gekomen dat men het vertrouwen in de inspectie volledig kwijt is”, verklaart Schoukens.

Minister van Omgeving Zuhal Demir (N-VA) kondigde eerder dit jaar aan dat er een centraal ‘sanctieregister’ komt waar alle inspectiediensten toegang tot hebben. Dat register maakt het ook mogelijk om recidive in rekening te brengen.

 

*naam en adres bekend op de redactie

Verantwoording

Dit artikel en het achterliggende journalistieke onderzoek werden begeleid door Hogeschool PXL-docent Eric Pompen (ex-journalist Trends) en Apache-journalist Steven Vanden Bussche. Aan de oefening namen volgende studenten deel: Alizée Bours, Britt Claes, Delia Filippone, Bregje Iding, Giel Lehouck, Ianthe Keuninckx, Katja Kuda, Nick Martens, Bono Marting, Noa Oudermans, Faustina Pauwels, Lisa Pauwels, Amber Schepers, Noa Sneyers, Siebe Vanheusden, Sophie Vanormelingen, Stijn Winkels.

LEES OOK
1 REACTIE
Stijn Van Hees12-07-2021 10:10:05
In dezelfde context plant George Monbiot een 'live investigative documentary' deze week, ongetwijfeld een aanrader voor lezers en auteurs van dit artikel: https://rivercide.tv/