Reizen naar morgen met bouwplannen van gisteren

 Leestijd: 6 minuten1

De plannen rond het Gentse Gravensteen raken een gevoelige snaar bij heel wat inwoners. Is het evenwicht tussen leefbaarheid en toerisme uit balans in de Arteveldestad? Zowel Gent als Vlaanderen mikken op een kentering van meer naar beter toerisme, maar de uitlopers van beleidskeuzes uit het verleden blijven voorlopig de toon zetten.

Meer dan 100 bekende Gentenaren, historici en archeologen ondertekenden vorige week een open brief die zich kant tegen de verbouwingsplannen voor het Gravensteen. Een paviljoen met giftshop op het grasperk naast de burcht, een gat in de muur en een lifttoren tegen de gevel: bekend Gent kan het niet smaken.

Simulatie van de plannen met het Gravensteen (Beeld: Stad Gent/Murmuur, Dhooge & Meganck en Sabine Okkerse)

Het Gentse stadsbestuur benadrukte dat de aanpassingen vooral in het teken van toegankelijkheid staan: zonder paviljoen en lifttoren kunnen mensen in een rolstoel de burcht niet bezoeken.

Toch voelt het voor sommigen alsof de Gentenaar moet wijken voor de toerist. Vooral dat de plannen raken aan een van de weinige stukjes groen in de binnenstad is een doorn in het oog. “Net als u zijn we ook voor kwalitatief toerisme”, stelt de open brief. “Want dat was toch de bedoeling: niet per se méér toerisme, maar béter toerisme?”

Zwarte gaten

“Wij zijn absoluut niet voor meer toerisme. We passen voor meer toerisme, we willen geen Venetië worden”. Gents Schepen van Cultuur, Stadsontwikkeling en Ruimtelijke Planning Sami Souguir (Open Vld) was afgelopen weekend stellig in De Zevende Dag. Souguir reageerde op de vraag of het Gent wel echt te doen was om toegankelijkheid en niet eerder om capaciteitsuitbreiding van het Gravensteen. De schepen stelde dat het Gravensteen net een voorbeeld is van die Gentse omzichtigheid, omdat er een duidelijke plafonnering van 500.000 bezoekers per jaar is voorzien.

Professor Jan van der Borg (KU Leuven): ‘Toerisme Vlaanderen keek in 2016 nog heel sterk naar economische return en internationale competitiviteit’

Toen de krijtlijnen voor de toekomst van het Gravensteen in 2016 werden uitgezet, lagen de ambities net iets anders. De werken die vandaag heet hangijzer zijn, kaderen binnen een breder Gravensteenplan dat Time Castle werd gedoopt. Het plan kwam er na een oproep van Toerisme Vlaanderen, dat wou investeren in toeristische hefboomprojecten. Die projecten moesten “een ingrijpend verschil kunnen betekenen in de beleving van het toeristisch product en onze bestemming ‘top of mind’ maken ten opzichte van concurrerende producten en bestemmingen”.

Om in aanmerking te komen voor Vlaamse middelen, moesten de ingediende projecten een grote economische return genereren en voldoende schaalgrootte hebben. Toerisme Vlaanderen verwachtte een businessplan dat minstens 100.000 extra bezoekers zou lokken. Time Castle legde de lat zelf nog iets hoger: het plan mikte op een stijging van 300.000 naar 500.000 bezoekers per jaar.

“Toerisme Vlaanderen keek toen nog heel sterk naar economische return en internationale competitiviteit”, vertelt Jan van der Borg, professor toerisme-management aan de KU Leuven. In 2016 zetelde hij in de jury die de hefboomprojecten van Toerisme Vlaanderen selecteerde. “De algemene eis was om geen overheidsgeld te stoppen in economische zwarte gaten. Als jurylid ben je natuurlijk juridisch verplicht om projecten te kiezen die aan die eisen voldoen, maar ik denk dat we gezien de criteria die toen op tafel lagen de juiste keuze hebben gemaakt.”

Foto: © Naomi Ryckewaert

‘Reizen naar Morgen’

“In 2016 werd inderdaad de ambitie geuit om naar 500.000 bezoekers te gaan” reageert schepen Souguir. “Dat leek toen zeer ambitieus, maar de realiteit heeft ons sindsdien wat ingehaald. Het aantal bezoekers steeg pijlsnel. Door die forse groei is het streefdoel omgezet naar een limiet. De wereldwijde grote toename van toerisme pre-corona heeft op alle niveaus tot reflectie aangezet, ook in Gent en bij Toerisme Vlaanderen”, stelt Souguir. “We werken naar een leefbaar en positief samengaan tussen bewoners en reizigers.”

Gents schepen Sami Souguir: ‘De wereldwijde grote toename van toerisme pre-corona heeft op alle niveaus tot reflectie aangezet, ook in Gent en bij Toerisme Vlaanderen’

Van der Borg bevestigt dat de tijdgeest ook op Vlaams niveau is gerijpt. Toerisme Vlaanderen werkte de voorbije jaren een visie uit, ‘Reizen naar Morgen’, die de scherpste kantjes van haar economische drift vijlt en kiest voor duurzaamheid en leefbaarheid.

Het strikt economische verhaal moet worden bijgestuurd van ‘meer’ naar ‘meerwaarde’, klinkt het. “‘Reizen naar Morgen’ is een innovatieve strategie, maar ze is nog niet zo oud”, zegt Van der Borg. “Het verhaal zit goed, maar het is nog te wollig en nietszeggend. De vertaalslag naar het werkveld moet nog gemaakt worden.”

Terwijl de Vlaamse visie naar morgen reisde, ging het Gravensteen aan de slag met de criteria van gisteren. In 2018 lanceerde toenmalig Vlaams Bouwmeester Leo Van Broeck een open oproep om het infrastructuurluik van het Time Castle-plan uit te werken. Maarten Liefooghe, expert in architectuurtheorie en -geschiedenis, maakte deel uit van de jury die het ontwerpteam koos.

“Je moet als erfgoedbeheerder heel sterk staan in dit soort dossiers”, zegt Liefooghe. “Je moet volledig voldoen aan wat Toerisme Vlaanderen wenst. Je moet ook bezig blijven met de inhoud van het erfgoed en de gevoeligheden waar je publiek van wakker zal liggen. Dat laatste is hier wellicht wat te weinig gebeurd,” zei Liefooghe daarover in De Morgen.

Stijging van hotelcapaciteit

Voor de coronacrisis groeide toerisme in Gent met stevige tred, en dat liet zich niet alleen voelen in een stijgend aantal Gravensteenbezoekers. Uit een bewonersonderzoek in 2019 blijkt dat Gentenaren aanzienlijk vaker last hebben van drukte en overlast dan twee jaar daarvoor. Meer Gentenaren vinden dat de hoofdstraten aan diversiteit verliezen, het aantal bewoners waarvoor toerisme bijdraagt aan het bewaren van de culturele identiteit valt sterk terug.

Beleidskeuzes uit het verleden zullen nog een tijd bepalend zijn: de hotels die vandaag vergund of in aanbouw zijn, zullen de hotelcapaciteit in Gent met 50% doen toenemen

Die signalen pikte het Gents stadsbestuur ook op. Schepen van Toerisme Bram Van Braeckevelt (Groen) werkte een beleidsnota uit die in lijn ligt met de Vlaamse omslag van meer naar beter. “Tot voor kort stond toerisme wereldwijd voor een ongelooflijke stijging”, vertelt Van Braeckevelt. “Net daarom vond ik het cruciaal om de leefbaarheid van de stad centraal te zetten. Dat is de eerste stap om ongebreideld massatoerisme te vermijden en Gent als authentieke stad te behouden en te koesteren.”

In zijn nota, die binnenkort wordt voorgelegd aan het gemeentebestuur, stelt Van Braeckevelt onder andere voor om hotels en trekpleisters beter te spreiden buiten het historisch centrum, het aantal cruise-toeristen te beperken en een diverser en lokaler winkelaanbod te stimuleren. Eerder voerde Gent ook al een vakantiewoningenstop door.

Toch lijkt het alsof beleidskeuzes uit het verleden nog een tijd bepalend zullen zijn: de hotels die vandaag al vergund of in aanbouw zijn, zullen de hotelcapaciteit in Gent met 50% doen toenemen. “Als die dossiers juridisch correct zijn, hebben we als stad geen grond om te weigeren”, reageert Van Braeckevelt. “We zullen moeten monitoren of het evenwicht tussen vraag en aanbod niet onder druk komt te staan.”

Jan van der Borg: ‘Gent is een unieke, robuuste stad, daarom ben ik niet zo bang dat ze van vandaag op morgen de richting van Venetië of Brugge uit zou gaan’

Pijnlijke uitschieter is het zakenhotel van Van der Valk dat dit voorjaar zou openen. Het hotel naast de Ghelamco Arena telt 250 kamers, 14 congres- en vergaderzalen en een skybar met panoramisch uitzicht. Gent is in dit geval niet enkel vergunner maar ook grondeigenaar. Voor het strategisch gelegen stuk grond betaalt Van der Valk slechts 370 euro per jaar. Die prijs staat in een erfpachtovereenkomst die Gent eind jaren 80 met bouwbedrijf Ghelamco sloot en die het bouwbedrijf later overdroeg aan Van der Valk. De stad probeerde in 2019 nog tevergeefs de prijs te heronderhandelen. De erfpachtovereenkomst loopt nog tot 2087.

“Een stad heeft zeker instrumenten om bepaalde vormen van toerisme te faciliteren en andere vormen juist niet”, vertelt van der Borg. “Gent is ook een unieke, robuuste stad, daarom ben ik niet zo bang dat ze van vandaag op morgen de richting van Venetië of Brugge uit zou gaan. Ik denk wel dat men op termijn zeker moet opletten, onder andere voor Disneyficatie van het erfgoed”.

Gravensteen in Gent (Foto: CC BY-NC-ND 2.0 Stijn Hosdez (Flickr))

Disneyficatie

Vooral het woord Disneyficatie schoot het Gentse stadsbestuur in het verkeerde keelgat. Toen Jan Dumolyn, historicus aan de UGent en ondertekenaar van de open brief, het woord in de mond nam, reageerden schepenen Van Braeckevelt en Filip Watteeuw (Groen) prompt met een opiniestuk in De Standaard. Dumolyn en anderen maakten zich schuldig aan elitaire misvattingen, klonk het. Ingrepen zoals de Come­dy audio­g­ui­de, ingesproken door Wouter Deprez, en het evenement Winterwonderkasteel zijn volgens de schepenen een kwestie van democratisering van kennis en cultuur.

“De vrees voor Disneyficatie wegzetten als elitair vind ik goedkoop”, reageert Dumolyn. “Het is een valse tegenstelling tussen goede verhalen vertellen en historische kennis overbrengen. Er zijn heel wat voorbeelden van sites en musea die de twee op een veel betere manier combineren. Het STAM in Gent bijvoorbeeld: goed doordacht, onderbouwd én aangenaam.”

Historicus Jan Dumolyn (UGent): ‘Je mag erfgoed exploiteren, maar doe het dan op een goede manier’

“Disneyficatie is een soort gladde geschiedenis waarbij in stereotypen en merchandising wordt gedacht. Een kasteel? Aha, vikings en sprookjes! Historische Huizen Gent (het agentschap dat onder andere het Gravensteen beheert, red.) heeft geweigerd om zelfs maar te luisteren naar ons. Ze lijken wel bang om iets te vertellen over geschiedenis. Die angst om het een beetje inhoudelijk te maken is helemaal onterecht. Mensen zijn niet dom, je onderschat hen door ervan uit te gaan dat ze alleen maar onnozele verhaaltjes willen.”

Het is volgens Dumolyn wel positief dat de schepenen toegeven dat er nood is aan een globale visie op historisch erfgoed. “Ze verwijzen naar het Masterplan Historisch Patrimonium dat er nu komt, maar dat plan bevestigt wat we zeggen: het heeft bijna geen aandacht voor middeleeuws erfgoed. Het is fragmentarisch en weinig systematisch.”

“Het gaat hier niet enkel om de Gravensteensite. Het Geeraard de Duivelsteen werd verkocht aan een private ondernemer zonder duidelijkheid over wat ermee gaat gebeuren. Ook voor het Pand, een vijftiende-eeuws Dominicanenklooster waar de UGent nu wegtrekt, is de toekomst onduidelijk”, zegt Dumolyn.

“Toerisme op zich is niet iets negatiefs. Er gaat weinig geld naar bescherming van monumentaal erfgoed, dus als de middelen via toerisme komen, zijn we daar zeker niet tegen. Al moet de sense of place wel bewaard worden. Mensen voelen zich verbonden met bepaalde gebouwen, landschappen en praktijken. Wie boos is over deze plannen, voelt zich daarin aangetast. Je mag erfgoed exploiteren, maar doe het dan op een goede manier”, stelt Dumolyn.

Auteur: Koba Ryckewaert

Koba Ryckewaert studeerde politieke wetenschappen aan de UGent en is sinds 2019 hoofdredacteur van journalistiek productiehuis Sonderland. Sonderland werkt telkens een jaar lang rond één thema, in 2019 is dat ‘onderdak’.

Word lid

Word jij lid van Apache? Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu al vanaf 6,25 euro per maand.


Ja, ik word lid

Word nu lid van Apache en geniet van deze voordelen:

  • Toegang tot alle ruim 4.000 artikels
  • Deel de artikels gratis met je vrienden
  • Toegang tot alle dossiers en het volledige archief
  • Treed in discussie met journalisten en andere lezers
  • Korting op events en andere journalistieke producten, zoals e-books