Technicus daagt onderaannemers Proximus voor arbeidsrechtbank

 Leestijd: 4 minuten2

Een installatie- en onderhoudstechnicus die vijf jaar als zelfstandige voor Proximus werkte, stapt naar de Antwerpse arbeidsrechtbank om het ‘boetesysteem’ van het telecombedrijf en enkele onderaannemers aan te klagen. Volgens de technicus gaat het om ‘zeer goed georganiseerde schijnzelfstandigheid’ met een boete- en puntensysteem dat er voor zorgde dat hij jarenlang zeer weinig betaald kreeg. De onderaannemers ontkennen dat het om schijnzelfstandigheid gaat.

Aanklager M.N. was op zoek naar werk als technicus en kreeg een aanbod om als zelfstandige prestaties te leveren voor Proximus via onderaannemers. Hiervoor werd een standaard samenwerkingsovereenkomst afgesloten. Zowel Proximus als onderaannemers JVP Consulting GCV en VH Telecom BVBA beloofden volgens de technicus dat hij minstens 5.000 euro per maand zou verdienen.

De opdrachtgevers hanteerden echter een boete- en puntensysteem dat ervoor zorgde dat er maandelijks geknibbeld werd aan de beloofde vergoeding, in het voordeel van JVP Consulting GCV. Die stelt dat Proximus de boetes oplegde. JVP Consulting schoof de boetes wel door naar de zelfstandige technicus, ze werden automatisch afgetrokken van zijn factuur.

M.N. vermoedt dat de betrokken onderaannemers “jarenlang hogere bedragen hebben ontvangen” voor zijn prestaties. Hij denkt dat de onderaannemers de sociale wetgeving hebben ontdoken, en zich hebben verrijkt op zijn prestaties. Terwijl hij zelf machteloos stond tegenover dit systeem.

Volgens Monique Ramioul, hoofd van de onderzoeksgroep arbeid en organisatie aan het HIVA Onderzoeksinstituut voor Arbeid en Samenleving van de KU Leuven, komen dergelijke boetesystemen steeds vaker voor bij bedrijven. “Ook platformwerkers krijgen bepaalde sancties opgelegd door onder meer koerierbedrijven Uber en Deliveroo. Deze bedrijven wisselen de shiften van koeriers als ze onvoldoende zouden presteren. De ‘strafshift’, op een dinsdagnamiddag bijvoorbeeld, zorgt voor minder inkomsten voor de gestrafte koerier.”

Volgens Ramioul is een boetesysteem een mechanisme om te disciplineren. De structuur met verschillende onderaannemers zorgt ervoor dat de verantwoordelijken moeilijk traceerbaar zijn. “Bovendien worden de vakbonden buitenspel gezet”, zegt ze.

Boetes

M.N. installeerde voor Proximus internet, telefonie en andere producten bij klanten. Voor zijn werk kreeg hij niet de beloofde 5.000 euro per maand, dit dus door de boetes die zijn loon benadeelden. Volgens M.N. kon je een boete krijgen om verschillende en willekeurige redenen. “Ik kreeg de eerste maand al 350 euro aan boetes. Een boete kun je krijgen als er klachten zijn van klanten. Het probleem is dat die klachten niet verder onderzocht worden”, zegt M.N.

Foto: Pikrepo

“Bovendien kreeg ik ook geen mogelijkheid om de boetes tijdig aan te klagen. Je komt het pas enkele maanden later te weten, omdat de factuur pas enkele maanden na uitvoering betaald werd”, zegt hij.

M.N. kreeg ook boetes als de betreffende onderaannemers niet voldoende technici per dag konden leveren. Op die manier was ziek worden eigenlijk geen optie. “Anders kreeg je ook weer een boete van 450 euro per dag”, zegt hij.

Verder kreeg hij boetes als hij geen bekabeling kon vinden in huizen. “Dat kan wel eens gebeuren als mensen in een nieuw huis wonen en zelf niet weten waar bepaalde aansluitingen zich bevinden. In dat geval moeten er speciale teams komen om kabels te lokaliseren. Ik draaide op voor die rekening.”

Puntensysteem

De technicus moest na verloop van tijd meer doen dan enkel technische opdrachten. Hij werd ook ingeschakeld om extra’s te verkopen aan klanten.

“Als iemand alleen maar internet had, moesten we ook televisie verkopen. Op een bepaald moment moesten we aan 8% van de klanten extra’s kunnen verkopen. Eerst zeiden ze dat het niet verplicht was, daarna kreeg ik een boete van 100 euro telkens als ik geen extra’s kon verkopen”, zegt M.N., die via e-mail het boetesysteem aankaartte bij de onderaannemer.

Uit mailverkeer dat Apache kon inkijken, blijkt dat de technici in een puntensysteem gestopt werden met onder andere oranje, groene, en rode kaarten. Dit systeem bepaalde of techniekers wel of niet voldoende presteerden. Uit de e-mail blijkt ook dat loonverlies dreigde voor technici die onvoldoende opties verkochten. Op lange termijn dreigde zelfs jobverlies.

Volgens onderzoekster Ramioul is het opmerkelijk dat een groot bedrijf als Proximus “zijn hand niet omdraait om dit soort bedenkelijke praktijken toe te passen”.

Het is echter geen uitzondering meer, en wordt volgens haar ook steeds vaker voor in de bouwsector, luchthaven, en dus ook bij zogenaamd platformwerk en koerierdiensten. “In dit geval is het een sterk disciplinerings- en sanctioneringsmechanisme dat rechtstreeks invloed heeft op het loon op basis van prestaties, beschikbaarheid en flexibiliteit”, zegt ze.

Schijnzelfstandigheid

Wat dit verhaal moeilijk maakt, is dat het volgens M.N. gaat om een goed georganiseerd systeem van schijnzelfstandigheid, waarmee technici worden gelokt en aangeworven. M.N. wil met de rechtszaak aantonen dat hij dus eigenlijk een schijnzelfstandige was, en wil al het verloren geld als ‘werknemer’ terugeisen.

Volgens onderzoekster Ramioul toont dit verhaal alvast aan dat dit soort van hybride relaties, waarbij mensen werken voor onderaannemers van onderaannemers, niet uitzonderlijk zijn en dat daardoor verantwoordelijkheden kunnen worden afgeschoven.

“Door het feit dat bedrijven een deel van het werk uitbesteden aan een andere werkgever, ontsnapt ook een deel van de arbeidsomstandigheden aan de rechtstreekse verantwoordelijkheid van de basisorganisatie. De finale verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid kan dan moeilijk worden getraceerd.”

Een ander gevolg is volgens Ramioul dat de vakbonden bij dit fenomeen buitenspel worden gezet. “Deze onderaannemers ontsnappen aan een controlesysteem dat vaak door de vakbonden kan worden bewaakt. De vakbonden hebben geen enkel controlerecht over deze werknemers”, zegt ze.

Miranda Ulens, algemeen secretaris van het ABVV en voorzitter van het Vlaams ABVVtreedt Ramioul daarin bij. “Wij hebben geen bevoegdheid over zelfstandigen die werken voor onderaannemers. Als vakbond kun je dan ook niet tussenkomen”, klinkt het.

Ulens zegt daarom werk te maken van het precair statuut van schijnzelfstandigen. “We bekijken tijdens onderhandelingen met de Nationale Arbeidsraad (NAR) en op microniveau wat we daaraan kunnen doen. Ook onderzoeken we hoe we deze mensen kunnen bijstaan en recht kunnen laten gelden. Maar op dit moment is het nog vechten tegen de bierkaai.”

De verantwoordelijkheid

De arbeidsrechtbank zal in dit geval een oordeel moeten vellen. De cascade van onderaannemers maakt de zaak alvast niet gemakkelijk.

JVP Consulting GCV, met wie M.N. een contract afsloot, blijkt volgens de aanklacht en bijgevoegde bewijsstukken onderaannemer te zijn van VH Telecom voor wie de prestaties dienden geleverd te worden om het contract met Proximus uit te voeren. VH Telecom factureerde dan weer voor alle zelfstandige onderaannemers samen per maand een bedrag aan APK INFRA NV, die volgens de aanklager rechtstreeks in opdracht van Proximus opdrachten liet uitvoeren.

Volgens de aanklacht betaalde JVP Consulting uiteindelijk maar een fractie van de gefactureerde bedragen aan M.N., met als uitleg dat Proximus de boetes zou opgelegd hebben. Daar kon JVP Consulting volgens M.N. echter nog geen bewijs van leveren.

Volgens Yves Van hoo, manager van VH Telecom, moeten technici installaties afwerken volgens “de regels van de kunst”. Van hoo ontkent aan de telefoon aanvankelijk dat het om een boetesysteem gaat. “De installaties moeten voldoen aan de opgelegde regels”, klinkt het. Volgens hem gebeurt die controle door Proximus.

Van hoo geeft uiteindelijk wel aan dat Proximus bepaalt of er een boete komt. “Omdat ze dan nieuwe techniekers moeten sturen naar ontevreden klanten. Ik heb die boetes niet uitgevonden. Ze liggen vast sinds 2010, door Proximus”, zegt hij.

“Een goed werkende installatie levert bepaalde meetwaarden op en zowel technicus als opdrachtgever kunnen dit controleren. Wanneer er een boete gegeven wordt, mag er ook steeds tekst en uitleg gevraagd worden om over de boete te discussiëren. Zeer regelmatig wordt de boete geannuleerd”, zegt Van hoo. Bovendien geven ‘anderen’ (in de sector) ook boetes. Volgens Van hoo is er geen sprake van schijnzelfstandigheid.

Proximus reageerde niet op de vragen van Apache.

De arbeidsrechtbank zal moeten oordelen wie verantwoordelijk is voor het boetesysteem en of de praktijk waarbij boetes worden doorgeschoven naar de technicus en niet naar de onderaannemers rechtvaardig is. Ook zal de rechtbank moeten bepalen of er sprake is van schijnzelfstandigheid en of de betrokken bedrijven de aanklager nog geld verschuldigd zijn.

Auteur: Samira Atillah

Samira Atillah werkte in het Genkse jeugdwerk en vervolgens als medewerkster in het Federaal Parlement. In 2018 verscheen van haar ‘Zijn naam was Youssef,’ (Houtekiet-2018). Het boek legt de situatie bloot van vluchtelingen die van Calais naar Engeland trekken.

Haar bijzondere interesse gaat uit naar socio-economische thema’s en migratie. In het verleden schreef ze geregeld opinies voor Vlaamse media over deze onderwerpen.

Word lid

Word jij lid van Apache? Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu al vanaf 6,25 euro per maand.


Ja, ik word lid

Word nu lid van Apache en geniet van deze voordelen:

  • Toegang tot alle ruim 4.000 artikels
  • Deel de artikels gratis met je vrienden
  • Toegang tot alle dossiers en het volledige archief
  • Treed in discussie met journalisten en andere lezers
  • Korting op events en andere journalistieke producten, zoals e-books