Vandeurzen treuzelt met aanpak opsluiting in de kinderpsychiatrie

 Leestijd: 4 minuten0

Twee maanden na het schrijnend inspectierapport over vrijheidsbeperkende maatregelen in de kinderpsychiatrie legt Vlaams minister van Welzijn Jo Vandeurzen (CD&V) geld voor onderzoek op tafel. “Maar zonder een gedegen visie zijn al die voorstellen onvoldoende of zullen ze tegenstrijdige effecten hebben”, zegt Evi Verbeke van het Kollectief Zonder Dwang.

Op vraag van Jo Vandeurzen ging de zorginspectie langs in de kinderpsychiatrie van alle Vlaamse ziekenhuizen om te controleren welke vrijheidsbeperkende maatregelen zij nemen bij hun jonge patiënten. Die maatregelen gaan van beperkingen in contact met de buitenwereld tot het opsluiten of in bedwang houden met medicatie of fixatiemateriaal.

De inspectieronde gebeurde onaangekondigd tussen december 2016 en maart 2017. De inspecteurs ondervroegen ook 192 patiënten en controleerden 312 patiëntendossiers.

Afzondering als gewoonte

De Hoge Gezondheidsraad schrijft voor dat vrijheidsbeperking zo weinig en zo kort mogelijk moet gebeuren. Vrijheidsberoving kan enkel als laatste noodmiddel bij acuut of ernstig gevaar voor de patiënt of anderen. Dergelijke maatregelen hebben immers een grote impact op de patiënt en houden vaak ook een risico in voor de hulpverlener.

Ziekenhuizen mogen vrijheidsberoving dus niet als straf of preventieve maatregel inzetten. Bovendien moet het altijd in een beveiligde omgeving en onder strikt toezicht plaatsvinden.

In sommige ziekenhuizen is vrijheidsberoving zelfs onderdeel van het dagelijks leven

Uit het rapport blijkt dat driekwart van de afdelingen patiënten afzondert om andere redenen dan acuut en ernstig gevaar. In sommige ziekenhuizen is vrijheidsberoving zelfs onderdeel van het dagelijks leven. Volgens het rapport hanteren 31 van de 36 afdelingen algemene leefregels die de vrijheid van hun patiënten beperken.

Op 5 afdelingen worden de jonge patiënten ’s nachts opgesloten in hun kamer. Op 1 afdeling gebeurt dat tijdelijk bij de start van de opname. Op 4 van de 36 afdelingen worden patiënten overdag systematisch opgesloten in hun kamer.

Jo Vandeurzen (Foto: Belga (c) Thierry Roge)

Afzondering als straf

Bij acuut en ernstig gevaar kan een hulpverlener een patiënt afzonderen. Het kind wordt dan ondergebracht in zijn eigen kamer of in een aparte ruimte (separatie) of in een speciaal voorziene afzonderingskamer (afzondering). In uitzonderlijke gevallen kunnen hulpverleners ervoor kiezen om de patiënt in de afzonderingskamer ook vast te houden of vast te binden.

Slechts 2 afdelingen van de 36 pasten de voorbije drie jaar geen separatie of afzondering toe. “In 2015 werden 692 patiënten of 14,6% van de in totaal 4.734 opgenomen patiënten afgezonderd of gesepareerd”, staat te lezen in het rapport.

Het merendeel van de afzonderingen en separaties gebeurt – zoals de richtlijn voorschrijft – omwille van acuut en ernstig gevaar. Toch gebeurt het ook om andere redenen, meer bepaald in 37,2% van de gevallen. Dat was omwille van een sanctie, overlast of op vraag van de patiënt.

En ook al is het volgens richtlijnen niet toegestaan om patiënten onder de twaalf jaar af te zonderen of te separeren, toch gebeurt het. Van de afdelingen die kinderen jonger dan twaalf jaar behandelen, laat 90% afzondering en/of separatie toe bij hen.

Gevaar voor ophanging

Volgens de richtlijn van het Europees Comité ter Preventie van Foltering (CPT) uit 2012 mag een afzondering nooit langer duren dan 24 uur. In 3,5% van de onderzochte dossiers was dat toch het geval.

De kamer waarin een patiënt worden opgesloten moet ook voldoen aan veiligheidsvoorschriften. In een kwart van de speciaal voorziene afzonderingsruimtes kunnen patiënten zichzelf pijn doen of zich verhangen. Bij de gecontroleerde separatieruimtes is dat 54,5%.

De inrichting van de ruimte leidt er op sommige plaatsen toe dat patiënten moeten worden vastgebonden

De inrichting van de ruimte leidt er op sommige plaatsen ook toe dat patiënten moeten worden vastgebonden. In het rapport staat te lezen dat “op sommige afdelingen de onveiligheid van de infrastructuur een beïnvloedende factor is voor het toepassen van mechanische fixatie”.

In een derde van de gevallen worden patiënten vastgebonden zonder dat er sprake is van acuut en ernstig gevaar. En 35% van de afdelingen die kinderen jonger dan twaalf jaar behandelen laat mechanische fixatie ook toe bij hen. Het CPT legt de leeftijdsgrens voor mechanische fixatie nochtans op zestien jaar.

In De Meander in Gent slaagden ze erin om het aantal isolaties op 1 jaar tijd te verminderen met 56% door het schrappen van regels

Oplossingen Vandeurzen

Bij het uitbrengen van het rapport liet minister Vandeurzen weten dat hij de problematiek daadkrachtig wil aanpakken. Nu blijkt voor een aantal maatregelen hoeveel geld hij wil uittrekken en op welke termijn we resultaat zullen zien.

Voor het opmaken van een richtlijn inzake vrijheidsbeperkende maatregelen kende Vandeurzen 136.000 euro toe aan het Steunpunt Volksgezondheid, Welzijn en Gezin. Zij zijn intussen gestart met het onderzoek en ronden dat normaal af op 14 december 2018.

Het mag niet, maar het gebeurt toch dat kinderen en jongeren in een crisissituatie in een cel moeten verblijven, of in de volwassenenpsychiatrie terechtkomen. Dat komt door de lange wachtlijsten in de kinderpsychiatrie. De minister wil dat voorkomen en trekt 68.000 euro uit voor een preventieonderzoek. Eind oktober van volgend jaar weten we meer.

In 2018 kent Vandeurzen ook middelen toe voor bouwkundige ingrepen in de kinderpsychiatrie. Hoeveel dat zal zijn, moet nog blijken uit gesprekken met het werkveld. Hij zal ook vormingen voorzien omtrent omgaan met agressie.

Gevaar voor technisch protocol

Volgens Evi Verbeke, psychologe en lid van het Kollectief Zonder Dwang, een vereniging die ervoor pleit om dwangmaatregelen tot een minimum te herleiden, is het goed dat Vandeurzen voorstellen doet en daar geld voor vrijmaakt. Alleen zullen die in het niet vallen als er niet wordt gewerkt aan een bijhorende visie.

Verbeke: “Mijn grootste vrees is dat het aantal isolaties zal verminderen door agressieve kinderen te weren uit de psychiatrie”

Verbeke pleit voor een minder medische benadering van de geestesgezondheidszorg: “Hopelijk zal de richtlijn verder gaan dan technieken over wat hulpverleners moeten doen in bepaalde situaties. Het Kollectief pleit voor een menselijke aanpak waarbij de band tussen de hulpverlener en de patiënt centraal staat. Zonder een gedegen visie bestaat het risico dat de zaken die Vandeurzen voorstelt onvoldoende zullen zijn en tegenstrijdige effecten hebben. Mijn grootste vrees is dat zonder die mentaliteitswijziging het aantal isolaties zal verminderen door agressieve kinderen te weren uit de psychiatrie. Dan zou een grote groep kinderen geen hulp meer krijgen”, waarschuwt Verbeke.

Minder regels = minder agressie

Als we het aantal isolaties willen verminderen moeten we volgens Verbeke onder andere vrijheidsbeperkende regels verminderen. Minder regels zorgen voor minder agressie en dus minder isolaties. Dat bewijst een good practice in Gent.

Verbeke werkt voor De Meander, een afdeling van Psychiatrisch Centrum Caritas. Daar konden ze op één jaar tijd 56% van de isolaties verminderen door vrijheidsbeperkende regels te schrappen. Ze hielden twee cruciale regels over: 1. wie onder invloed is, moet naar zijn kamer en 2. geweld wordt niet toegestaan. Daarnaast wordt de noodzaak van respect hebben voor anderen stevig benadrukt.

“Als je merkt dat jongeren weleens met hun telefoon bezig zijn terwijl je in gesprek bent, zou je een regel kunnen instellen dat telefoons niet toegestaan zijn en ze afnemen. In plaats daarvan laten wij hen hun telefoon houden, maar leggen we uit dat het niet respectvol is. Daar hebben ze meer begrip voor”, legt Verbeke uit, “en het zorgt voor minder agressie.”

De Meander moet in maart 2018 de deuren sluiten wegens een tekort aan middelen.

Verbod onder 16 jaar

De beste oplossing is volgens het Kollectief Zonder Dwang een verbod op isolaties bij jongeren onder de zestien jaar. Sommige kinderen houden immers een trauma over aan het afzonderen.

“Voor een groep kinderen maakt de afzondering een blijvende indruk na. Ze worden alleen in een kamer gezet en weten niet hoe lang dat zal duren. Bij sommigen verergert het zelfs de klachten. We horen bijvoorbeeld dat hun psychotische waan wordt versterkt in de afzonderingskamer of dat patiënten hallucineren”, zegt Verbeke.

Daarnaast is het volgens de psychologe ook schadelijk voor de vertrouwensband tussen de hulpverleners en het kind. “De therapie staat en valt met de band tussen de hulpverlener en de patiënt. Als je iemand afzondert, neem je dat vertrouwen weg. En kinderen hebben net meer nood aan verbintenis met anderen. En extra trauma’s geven aan kinderen is toch niet het doel van de psychiatrie?”, stelt Verbeke.

Auteur: Kaja Verbeke

Kaja Verbeke volgde na haar Master Journalistiek aan de UGent de postgraduaat Internationale Researchjournalistiek van het Fonds Pascal Decroos. In 2015 werd haar reportage over de Mapuche-indianen uitgezonden in het programma Vranckx (Canvas), en trok ze langs verschillende steden met een bijhorende foto-expositie.

Word lid

Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu nog aan 6,66 euro per maand.


Ja, ik word lid

Word nu lid van Apache en geniet van deze voordelen:

  • Toegang tot alle ruim 4.000 artikels
  • Deel de artikels gratis met je vrienden
  • Toegang tot alle dossiers en het volledige archief
  • Treed in discussie met journalisten en andere lezers
  • Korting op events en andere journalistieke producten, zoals e-books