Open brief aan Geert Bourgeois: ‘Hoe lang gaat u nog zwijgen?’

 Leestijd: 9 minuten2

Apache-hoofdredacteur Karl van den Broeck schrijft een open brief aan Geert Bourgeois, de vader van de wet op het bronnengeheim. ‘Wat denkt u van de strapatsen van uw minister Liesbeth Homans?’

Geachte heer minister-president,
Beste Geert Bourgeois,

Het is met veel eerbied dat ik u deze brief schrijf. Eerbied en ook een beetje terughoudendheid. Dit wordt geen vriendelijk epistel, maar een boze brief. En u bent eigenlijk de laatste politicus aan wie een journalist boze brieven zou willen sturen.

Weinig mensen weten dat u in de perswereld de statuur heeft van een heilige

Weinig mensen weten dat u in de perswereld de statuur heeft van een heilige. U was het die in 2002 een wetsvoorstel indiende dat het bronnengeheim voor journalisten moest beschermen. U was toen Kamerlid en kersvers voorzitter van een nieuwe partij; de N-VA. Na de verkiezingen van 2003 was u nog de enige verkozene van uw partij, en samen met nota bene FDF-‘er Olivier Maingain bleef u ijveren voor de goedkeuring van uw wetsvoorstel.

Toen de wet in 2004 eindelijk goedgekeurd kon worden, werd u geïnterviewd in De Journalist, het vakblad van de Vlaamse Vereniging van Beroepsjournalisten. Het moet zowat het meest lovende interview geweest zijn dat u ooit voerde. “Als in de Kamer iemand het vaderschap van de nakende wet op het journalistieke zwijgrecht mag opeisen, is het Geert Bourgeois wel”, zo begint het artikel.

Slinkse wegen

U was zich bewust van het feit dat veel mensen u niet spontaan associëren met dit thema: “Ik moet toegeven dat die bekommernis voor het journalistieke bronnengeheim niet echt spoort met het beeld dat mensen doorgaans van mij en mijn partij hebben”, bekende u schoorvoetend. Maar u bent een jurist en u steigert wanneer regels worden overtreden of worden misbruikt. Zo vond u het onrechtvaardig dat journalisten via slinkse wegen buiten spel werden gezet, zoals een kort geding met eenzijdig verzoekschrift (waarbij ze zich niet kunnen verdedigen, KvdB), of burgerrechtelijke procedures (terwijl persmisdrijven voor assisen horen te worden uitgevochten, KvdB). “Vorige zomer (in 2003, KvdB) dan is de Belgische Staat in Straatsburg veroordeeld voor een reeks onwettige huiszoekingen op redacties. Die zaak was voor mij de ultieme aanleiding om tot een Belgische wetgeving te proberen komen”, zei u. “Aan een vrije pers hecht ik enorm veel belang. En het journalistieke bronnengeheim is wel degelijk een element daarin.”

 

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Geert Bourgeois (Foto: Flickr CC)

Ook toen u tussen 2004 en 2008 minister van Media was in de Vlaamse regering bleef u op uw lijn.  Op 3 mei 2007, World Press Freedom Day, was u te gast bij de Wereldomroep in het Nederlandse Hilversum en sprak u voor meer dan 200 journalisten, politici en directies van mediabedrijven over ‘uw’ wet.

“Persvrijheid met een adequate bescherming van het bronnengeheim is de hoeksteen van de democratie”, zei u in 2007 op World Press Freedom Day

U pleitte er onder meer voor om de Belgische wet, die tot de meest verregaande van Europa behoort, uit te breiden zodat ook de inlichtingendiensten de bronnenbescherming van journalisten in de toekomst moeten respecteren.

U waarschuwde ook voor een nonchalante omgang met de wet: “De minister van Justitie moet krachtdadig optreden en schuinsmarcheerders in de pas doen lopen. Als we nu al het signaal geven dat de politiediensten, de parketten en de onderzoeksrechters het niet te nauw moeten nemen met deze jonge wet, is het immers een lege doos.”

Een andere waarschuwing die u toen deelde met het publiek, klinkt vandaag wel érg… revolutionair:

“Een minstens even groot gevaar schuilt in het wetsontwerp van de minister van Justitie om de inlichtingendiensten in ons land verregaande bevoegdheden te geven om in milieus te infiltreren en mensen af te luisteren. Die plannen dreigen het bronnengeheim ernstig uit te hollen”, zei u.

En: “Ik hoop dat niemand terug wil naar Big Brother-toestanden (…). Persvrijheid met een adequate bescherming van het bronnengeheim is de hoeksteen van de democratie.”

Anonieme bronnen

Ik schrijf dus een brief naar mijn held, en de held van mijn vakbroeders en –zusters. Ik doe dat omdat er de laatste tijd nogal wat aanvallen zijn op journalisten die aan onderzoeksjournalistiek doen en dus werken met anonieme bronnen. (Voor de goede orde: dat zijn geen onbekende bronnen, maar bronnen van wie wij de identiteit kennen maar die wij willen beschermen.)

U bent ongetwijfeld op de hoogte van de problemen waarmee Apache te kampen heeft. Wij worden gedagvaard door een projectontwikkelaar en een ex-ambtenaar en ex-kabinetschef van Bart De Wever. Zij eisen 350.000 euro van ons omdat wij hen schade zouden hebben berokkend met een artikelenreeks over een dubieuze vastgoeddeal in Antwerpen.

Wraakroepend is dat de klagers in het verleden zelden of nooit wilden reageren op onze artikels en nu plots met grof geschut ten strijde trekken

Normaal wordt zo’n geschil tussen een medium en bedrijven en burgers die zich benadeeld voelen, uitgevochten met andere wapens: een recht van antwoord, een klacht bij de Raad van de Journalistiek of – desnoods – een rechtszaak met een eis tot morele schadevergoeding. Deze claim is volgens mediaspecialisten een pure intimidatiepoging, en dient enkel om ons te dwingen onze bronnen bekend te maken. Want dàt is natuurlijk het echte doel van deze procedure.

Wraakroepend is dat de klagers in het verleden zelden of nooit wilden reageren op onze artikels en nu plots met grof geschut ten strijde trekken.

‘Lasterlijk medium’

‘Wat heb ik te maken met een rechtszaak tussen een nieuwsmedium enerzijds en een bedrijf en een burger anderzijds?’ zult u ongetwijfeld opwerpen. Rechtstreeks niet veel, natuurlijk. De man in kwestie werkt al lang niet meer voor Bart De Wever. Maar toch. Uw voorzitter noemde Apache ooit een ‘lasterlijk medium’. U weet dat dat een straffe uitspraak is. Laster is een begrip dat in het strafrecht staat. Enig bewijs om die beschuldiging te staven hebben wij van de heer De Wever nog niet mogen ontvangen. En interviews geeft hij niet aan ons.

Ik weet niet of u veel invloed heeft op de man die u destijds opvolgde als voorzitter? Maar misschien kunt u hem een paar citaten toesturen uit toespraken en interviews die u in het verleden gegeven heeft.

Neem nu de hartverwarmende woorden die u op 2 december 2015 uitsprak in het Vlaamse parlement. U werd toen in de bloemetjes gezet voor uw twintig jaar parlementair en/of ministerieel mandaat. Na een reeks lofredes van een aantal van uw collega’s nam u het woord. Ik haal er één paragraaf uit: ‘De trias politica wordt niet alleen door ons belichaamd. We weten al lang dat er een vierde macht is – schertsend wordt die ook vaak, zeker door ons politici, in alle deemoed, de eerste macht genoemd. De eerste macht heeft belang bij de vierde macht, bij de vrije en onafhankelijke pers die kritisch rapporteert. Laten we proberen om naar een goede relatie te gaan, waarbij we ons focussen op de essentie om te vermijden dat we media hebben die – ik mag het ook hier zeggen, ik ben vrij om te spreken – naar mijn smaak te vaak focussen op het detail, op het accident, op het incident, en die naar het aanvoelen en vaak tot het ongenoegen van veel parlementsleden te weinig focussen op de essentie van het debat.’

Of mag ik nog een oudere tekst citeren. Het is een stukje uit een vlammende interpellatie die u hield in de Kamer op 14 november 2001. U voerde toen oppositie tegen de paarsgroene regering-Verhofstadt I en u sprak de premier toen rechtstreeks aan:

De manier waarop uw partij omgaat met de pers, is voer voor een diepgravend onderzoek

‘Mijnheer de eerste minister, de klad zit erin. Ik begrijp best dat u ophoudt met communiceren en dat uw communicatiebeleid faalt. Het wordt u trouwens aangewreven dat het veel gemakkelijker is om positieve boodschappen de wereld in te sturen dan te communiceren als het moeilijk wordt, zoals nu. Het is uw goed recht om te zwijgen. U doet maar. U moet echter wel ophouden met uw pogingen om de pers te beïnvloeden. Met deze paarsgroene regering, waarmee alles anders zou worden, moet dat ophouden. Persmensen melden mij onophoudelijk dat deze regering voortdurend poogt de pers te beïnvloeden, bijvoorbeeld om zaken uit het nieuws te halen. Uw woordvoerder zit ook nu symbolisch bij de persmensen. Niet alleen uw woordvoerder, maar ook uzelf schaamt zich niet om rechtstreeks tussenbeide te komen. U belt naar redacties om te melden wat er wel of niet in het nieuws mag of moet verschijnen. Democratie is nochtans afhankelijk van een onafhankelijke pers, van een onafhankelijke vierde macht. U zit fout als u uw beleid alleen op die manier kunt verkopen. U moet met die beïnvloeding ophouden. Als u zelf niet wilt communiceren, tot daaraan toe, maar laat de pers ten minste haar werk in volle onafhankelijkheid doen.’

Woorden die ons nog steeds uit het hart gegrepen zijn. Maar durft u vandaag, zestien jaar later, zonder blozen te beweren dat uw ministers (en uzelf?) zich niet bezondigen aan diezelfde praktijken die u destijds Verhofstadt verweet? De manier waarop uw partij omgaat met de pers, is voer voor een diepgravend onderzoek. Wij bij Apache kunnen erover meespreken.

Wij deden niets verkeerds of tersluiks, meneer de minister-president. Wij wilden gewoon een investeringskrediet krijgen zoals ontelbare start-ups in dit land

Off the record

Het valt op dat politici in de oppositie veel lovender zijn voor de pers dan politici die in de meerderheid zitten

Het valt op dat politici in de oppositie veel lovender zijn voor de pers dan politici die in de meerderheid zitten. Dat blijkt ook uit een laatste citaat uit uw interview in De Journalist in 2004. U zei toen onomwonden dat “zonder de journalistieke zwijgplicht en het daarmee samenhangende zwijgrecht ook politici veel minder vrijuit zouden kunnen spreken.” Heel wat ‘hete’ informatie in de pers wordt immers ‘off the record’ doorgegeven of gelekt uit geheime zittingen of documenten. Zonder perslekken kan de pers zijn werk niet naar behoren doen. En als de pers niet functioneert krijgt de oppositie ook geen voet aan de grond.

U zei ook: ‘Mijn omgang met journalisten is trouwens eerder omgekeerd: ik krijg een pak meer informatie van hen dan zij van mij. De pers slaagt er veel beter in informatiebronnen aan te boren dan de politiek, en ook daarom ben ik voor deze wetgeving gegaan.’

Bij dit alles vraag ik me af wat u zoal denkt van de strapatsen van uw viceminister-president en partijgenote Liesbeth Homans

Bij dit alles vraag ik me af wat u zoal denkt van de strapatsen van uw viceminister-president en partijgenote Liesbeth Homans. Twee weken geleden bracht Knack aan het licht dat zij via haar kabinetsmedewerker een kredietdossier van onze uitgever (de CVBA De Werktitel) van tafel liet vegen bij de investeringsmaatschappij Trividend. Eensluidende – maar anonieme – getuigen bevestigen dat haar kabinet forse druk uitoefende om ons dossier niet verder te behandelen. Het was nochtans zo goed als afgerond.

Investeringskrediet

Homans stuurde een verdediging uit die kant noch wal raakte. Trividend zou alleen maar projecten mogen steunen die sociale tewerkstelling realiseren. Dat is een onwaarheid. Een leugen zeg maar. Trividend mag ook coöperaties steunen en doet dat regelmatig.

Zij vertelde ook dat ze niet geloofde dat Trividend ons zelf had gecontacteerd om ons dossier te herbekijken. Dat is nochtans gemakkelijk aan te tonen aan de hand van mailverkeer en andere, zelfs openbare, bronnen.

Wat me nog het meest tegen de borst stuit is dat Homans de mensen van Trividend heeft afgedreigd. Als zij ons dossier zouden goedkeuren, zou de geldkraan worden dichtgedraaid. Valt mevrouw Homans dan ook niet onder uw kwalificatie van 2007: schuinsmarcheerder?

Wij deden niets verkeerds of niets tersluiks, meneer de minister-president. Wij wilden gewoon een investeringskrediet krijgen zoals ontelbare start-ups in dit land. De instantie die in Vlaanderen dit soort participaties stroomlijnt is – toepasselijk – de Participatiemaatschappij Vlaanderen (PMV). Ze wordt geleid door uw partijgenoot Koen Kennis. Zij stuurden ons vorig jaar nog door naar… Trividend omdat wij een coöperatieve vennootschap zijn en dus onder hun vleugels thuishoren.

Hoeveel argumenten moet u nog hebben, minister-president? Of bent u samen met mij overtuigd dat uw minister gelogen heeft en een erg doorzichtig politiek manoeuvre heeft uitgehaald? En hoelang gaat u hierover nog zwijgen?

Vlaamse schatkist

Gaat u ons dossier alsnog laten opvissen door Trividend of kunnen wij voorgoed naar onze lening fluiten? Lening? Eigenlijk wilde Trividend een ‘converteerbare’ lening toestaan aan ons, eentje die na twee jaar wordt omgezet in kapitaal. Blijkbaar hadden ze wel vertrouwen in de solvabiliteit van de CVBA De Werktitel. En een lening met een intrest van 4 procent, zou ook aardig wat geld in het laatje hebben gebracht bij Trividend. De Vlaamse gemeenschap is er de grootste aandeelhouder, dus zo zouden wij ook een klein beetje de Vlaamse schatkist gespekt hebben. Daar kan u toch niets op tegen hebben, of wel?

Het zal u opgevallen zijn dat partijgenoten van u niet zo goed begrijpen dat wij in een land leven waar de meerderheid niet zomaar alles naar zich kan toetrekken

Het zal u opgevallen zijn dat partijgenoten van u niet zo goed begrijpen dat wij in een land leven waar de meerderheid niet zomaar alles naar zich kan toetrekken. De Grondwet biedt daartoe heel wat garanties, maar er is meer. In 1972 werd het ‘heilige’ Cultuurpact afgesloten dat moest verhinderen dat de CVP in Vlaanderen en de PSB in Wallonië een – respectievelijk katholieke en socialistische – eenheidscultuur zouden opleggen.

In dat pact staat minutieus uitgelegd dat de overheid neutraal moet blijven en alle ideologische strekkingen evenwaardig moet behandelen. Verenigingen en groeperingen van Vlaams-nationalistische en ja zelfs communistische signatuur moeten ook aanspraak kunnen maken op subsidies.

Die praktijk zorgde ervoor dat de partij waaruit de N-VA ontstond, tussen 1972 en 2003 alle kansen kreeg (zij het soms met veel gesteggel) om zich te manifesteren in het Vlaamse politieke en maatschappelijke landschap. Dat cultuurpact is – net zoals uw wet op het bronnengeheim – uniek. Weinig landen kennen een wettelijke verankering van de participatie van burgers in het (cultuur)beleid.

Uw partijgenoot Theo Francken, gesteund door een horde Twitter-buffels, heeft dat niet zo begrepen. Hij begrijpt niet waarom organisaties als Vluchtelingenwerk Vlaanderen gesubsidieerd worden. Of waarom KifKif of de sociaal-artistieke werkplaats Victoria de Luxe geld krijgt waarmee mensen betaald worden die openlijk kritiek leveren op het beleid en op politici van de meerderheid.

Hellend vlak

Ik heb mijn hoop op u gesteld, minister-president Bourgeois. Ik hoop dat u uw partijgenoten een spoedcursus ‘pluralisme’ en ‘persvrijheid’ geeft en dat u uw minister (Homans) tot de orde roept.

U weet als geen ander dat het hellend vlak waarop we ons nu bevinden niet veel meer mag overhellen. Want dan turen we allemaal in de afgrond.

En als ik een stoute opmerking mag maken. U mag uw drieste collega’s ook vertellen dat de rechten van de minderheid én de persvrijheid wel eens heel goed van pas zouden kunnen komen wanneer uw partij na een volgende stembusgang in de oppositie zou belanden. Niet dat ik u en uw partij dat toewens. Journalisten moeten geen stemadvies geven, nietwaar.

U weet als geen ander dat het hellend vlak waarop we ons nu bevinden niet veel meer mag overhellen. Want dan turen we allemaal in de afgrond

Toen u in 2003 als enige N-VA-verkozene in het parlement zat, paste het parlement de wet op de partijfinanciering aan waardoor uw partij toch nog overheidssteun kon krijgen. Nu uw partij de grootste is, heeft ze een oorlogskas van 23 miljoen euro aangelegd. Dat geld is bijna volledig afkomstig van de belastingbetaler.

Er is veel kritiek op dit systeem, maar het is in elk geval beter dan het Amerikaanse waar bedrijven partijen kunnen ‘kopen’.

Beste Geert Bourgeois,

Morgen zullen een aantal parlementsleden van meerderheid en oppositie vragen stellen in het Vlaams Parlement. Misschien kunt u zich een beetje bemoeien met de antwoorden die zullen moeten worden gegeven, want de hoogmoedige en leugenachtige kreten die minister Homans op Twitter heeft geplaatst, zijn een minister van uw regering onwaardig.

Ik wens u nog een fijne dag en sta tot uw beschikking voor nadere toelichting.

Karl van den Broeck
Hoofdredacteur Apache

Auteur: Karl van den Broeck

Apache.be-hoofdredacteur Karl van den Broeck (°1966) is journalist sinds zijn 20ste. Eerst 18 jaar bij De Morgen, dan vijf jaar als hoofdredacteur bij Knack en sinds 2011 freelance. Cultuur (en dan vooral literatuur) politiek en geschiedenis zijn zijn passies. Tussendoor maakt hij tentoonstellingen en schreef hij een boek waarin hij probeert te verklaren waarom we nog altijd de indianen willen redden. Sinds 2014 is hij deeltijds Agora-coördinator bij BOZAR. In 2001 won hij de Vacature Persprijs. Op Twitter gekend als kvdbroec