‘Politici knijpen elkaar vandaag de strot dicht’

 Leestijd: 8 minuten2

Parijs, kort voor Pasen. Nog voor de aanslag op agenten op de Champs-Elysées van gisteravond. Hier en daar strooit de stad met zachtheid: in de parken, onder de zon en de lentebloesems, op de terrassen waar mensen de benen uitstrekken voor een kop koffie of apéro na het werk. Elders blijven eeltplekken, zeker na de terreur van november 2015. In grote musea als het Louvre en Beaubourg kom je er niet meer in zonder eerst je rugzak te scannen. Alles wat maar een beetje Joods is, wordt streng bewaakt door soldaten.

Op Goede Vrijdag is het hart van de stad – het plein voor de Notre-Dame – nog zorgvuldiger afgeschermd dan anders: dranghekken, politiepatrouilles, fouilles. De schrik voor nog een aanslag, een zoals in Nice of Berlijn, zit er diep in. Sommige toegangspoortjes langs de Seine zijn afgesloten, in alle vrijheid door Parijs kuieren, wordt een bezigheid uit een ver verleden. Soms lijkt het zelfs alsof er meer sirenes dan vroeger door de straten loeien.

Parijs balanceert, zoals de rest van Frankrijk, ook op een dikke week van de presidentsverkiezingen. Eerste ronde op zondag 23 april, de tweede en beslissende op 7 mei. De koorts laat zich voelen.

Onder de straatstenen

De stad is bezaaid met affiches: koppen van de elf presidentskandidaten netjes op een rij. Zeer old school is het wel, deze neutrale portretten – negen mannen en twee vrouwen. Minder traditioneel is de manier waarop voorbijgangers ze hebben ‘getagd’. Emmanuel Macron (En Marche) heeft een clownsneus en wordt bestempeld als iemand die ‘de rijken verdedigt’ en ‘zichzelf goed kan verkopen’. Bij Marine Le Pen (FN) staat ‘hoer’, haar tanden werden zwart gekleurd. Over een affiche van ‘dief’ François Fillon (Les Républicains) werd duivenstront uitgesmeerd. Het respect voor politiek en politici is erg ver te zoeken.

Voor veel Fransen ligt het vertrouwen in de politiek vandaag ergens diep onder de straatstenen

Ludieker wordt het met de affiches van het street art collectief Combo Culture Kidnapper. Hun alternatieve kandidaten zijn populaire stripfiguren of bekende Fransen, aangereikt via gebruikers van sociale media. Deze figuren knipogen naar partijen en schandalen, en hebben elk hun hashtag: Grognon (Moppersmurf), Cinderella, Marion ‘Cottillon’ Cotillard… De kunstenaars willen slogans ontcijferen, ontmaskeren zelfs.

Deze presidentsverkiezingen zijn dan ook niet zoals de vorige: voor veel Fransen ligt het vertrouwen in de politiek vandaag ergens diep onder de straatstenen. In zijn boek ‘Plus rien à faire, plus rien à foutre’ focust Brice Teinturier (opiniepeiler van Ipsos) zich op de groeiende groep Fransen die totaal onverschillig is tegenover de politiek. Hun aantal wordt geschat op 30 procent en Teinturier vindt deze tendens zelfs gevaarlijker dan dat mensen zouden stemmen op een extreme partij als het Front National.

Schoenen

In een café op Place Gambetta (20ste arrondissement) raken we aan de praat met zo’n ‘prafist’. Khaled, een veertiger die afkomstig is uit Tunesië, is leraar Arabisch aan een Tunesische school. Hij gelooft niet echt meer in de politiek. En hij gaat dus ook niet stemmen. Vreemd, als je weet dat Marine Le Pen er een programmapunt van maakt om scholen waar mensen de taal van hun land van herkomst kunnen leren, van de kaart wil vegen.

Met Khaled praten we over de aanslagen en de gevolgen daarvan voor Parijs. “Ja, de stad is veranderd”, daar is hij formeel in. Er is racisme en polarisatie, al ondervindt hij het niet vaak aan den lijve.

Of hij zich het beeld herinnert van de COP21, vraag ik hem: een Place de la République vol schoenen, uit protest. Daarna kwamen de ‘Nuits Debouts’: vredige bijeenkomsten van mensen die een andere politiek en maatschappij wilden voorstaan. Khaled nam er niet aan deel.

“Beeld je Parijs in zonder al die nationaliteiten. Parijs zou Parijs niet meer zijn”

Een dik jaar later zou je je kunnen afvragen in hoeverre politici zich nog in de schoenen van de burger kunnen verplaatsen. Ik vraag het Khaled. Hij glimlacht en geeft me een hand: “Dat is het nu net!”

Of hij niet ongerust is om Le Pen, willen we nog weten. Dat is hij. “Le Pen wil vreemdelingen weg. Beeld je Parijs in zonder al die nationaliteiten. Parijs zou Parijs niet meer zijn”.

Is een tegenstem dan toch niet belangrijk? “Misschien ga ik na dit gesprek toch nog stemmen”, lacht hij.

 

Khaled (Foto: Apache © Annelies De Waele)

Dezelfde teneur bij een kelner aan Beaubourg (4de arr.), die we de volgende dag ontmoeten. De woorden ‘politiek’ en ‘verkiezingen’ zijn voldoende voor een portie cynisme. “Ik ga niet stemmen, nee. Welke keuze laten ze ons? Geen. Er is niks nieuws onder de zon.”

“Macron wil nochtans verandering brengen”, proberen we. “Macron is een ex-bankier. Dat zijn de ergste. Misschien kunnen we beter het land verlaten. Maar waar naartoe?”

Gespleten puzzel

Zoals veel metropolen is Parijs een gespleten puzzel. Grosso modo is het zuidwesten rijker, en rechtser. Het noordoosten geldt als armer én linkser: er is meer ongelijkheid. Die is op oneindig veel plekken zichtbaar.

In de wijk Belleville, bij het gelijknamige park, (20ste arr.) zitten de gegoeden op de terrassen. Iets verderop, op straat, staat een groepje zwarte jongeren heftig te discussiëren.

We vragen of ze straks gaan stemmen. “Ik wel”, zegt een van de jongens. Hij is pas achttien en mag dus een eerste keer naar de stembus. “Je voterai pour Mélenchon (La France insoumise). Er zijn er van ons die niet gaan, maar ik vind het belangrijk. We moeten Le Pen stoppen.”

Een van zijn oudere vrienden klinkt bitter, hij verwijst naar de mensen aan de overkant, op het terras. “Ja, wij gelden als een ander soort mensen”, klinkt het. “Politiek zegt me niks. Het is een poppenspel, politici zijn marionetten. Punt.”

In het park verderop zit een vrouw een krant te lezen. Ze heet Josiane, haar kleinkinderen bezetten de speeltuin. Ze was administratief bediende en is nog niet zo lang met pensioen. Ze woont zelf in de wijk Belleville, een vrij gegoede buurt.

“De aanslagen hangen nog altijd als een schaduw boven de stad, mais on vit avec”

“De aanslagen hangen nog altijd een beetje als een schaduw boven de stad”, geeft ze toe. “Mais on vit avec. In Belleville zitten de terrassen elke avond vol.”

Polarisatie en racisme? “Ja, maar gelukkig niet bij iedereen. Extreemrechts wint aanhang, maar dat geldt niet enkel bij ons. Europa zit in een crisis, mensen zoeken houvast.”

Josiane gelooft nog in de politiek en gaat dus volgende zondag ook stemmen. “Mijn eigen zoon van 33 heeft het opgegeven, ondanks het feit dat we hem hebben ingepeperd dat stemmen belangrijk is, het minimum wat je kan doen om deel te nemen aan de democratie. Niet iedereen wil de moeite doen om zich te informeren. Natuurlijk, de mensen werden al te vaak belogen en bedrogen. Zie Fillon. Toch blijft hij tot op zekere hoogte populair. Onbegrijpelijk. Misschien gaan anderen ook niet vrijuit, maar van hem weten we het alvast zeker.”

Josiane (Foto: Apache © Annelies De Waele)

Josiane (Foto: Apache © Annelies De Waele)

Zelf gaat ze voor de ‘communist’ Jean-Luc Mélenchon. “Er zijn veel mensen die eigenlijk helemaal akkoord gaan met zijn programma. Anderen denken dat het niet realiseerbaar is. Zijn ideeën spreken misschien zelfs meer mensen aan dan dat er voor hem zullen stemmen. Het is contradictorisch. Dit ligt deels aan de media: die helpen de mensen niet altijd bij het nadenken en de juiste keuzes maken.”

Heeft ze ooit deelgenomen aan Nuits Debouts?

‘Ik woon niet zo heel ver van de Place de la République, dus ik ging geregeld langs. En Nuits Debouts verdedigt ideeën waar ik altijd achter heb gestaan: eerlijk verdelen van rijkdom, meer rechtvaardigheid, minder individualisme, … Maar zonder strakke organisatie kan je de politiek niet echt in goede banen leiden. Partijen blijven blijkbaar nodig. Daardoor is Nuits Debouts wat uitgedoofd.’

“Ik geloof sowieso meer in bewegingen dan in één persoon. Dat is net de democratie: iedereen heeft zijn plek en zijn ervaring en draagt bij aan beslissingen. Mélenchon is een ervaren politieke rot: als de mensen hem niet aan de mouw zullen trekken, zal hij in de kabinetten misschien snel vergeten waar hij voor staat.’

En Macron?

“Non, pas du tout”, klinkt het resoluut. “Zijn programma is François Hollande bis. Europa moet een dreun krijgen, de dingen moeten anders aangepakt: minder macht aan multinationals, een correcte inning van de belastingen, om zo de economie aan te zwengelen. Macron is jong en heeft een nieuw gezicht, hij communiceert via moderne communicatiemedia. Maar zijn programma is me niet ecologisch genoeg.”

En wat met Le Pen? Jaagt ze angst aan?

“Het FN doet alsof het aan de goeie kant staat. Ik ben totaal anti-racistisch, ik denk helemaal niet dat buitenlanders de oorzaak van onze problemen zijn. De wereld is geëvolueerd, in geen moment ben je aan de andere kant. Grenzen dienen hoogstens nog om percelen democratie te handhaven. We leven in een geglobaliseerde wereld, niet op het vlak van goederen, maar op het vlak van mensen. Daar moeten we mee verder.”

“We leven in een geglobaliseerde wereld. Niet op het vlak van goederen, maar op het vlak van mensen. Daar moeten we mee verder”

Verdeeld Parijs

Mélenchon, dus. In recente peilingen harkt hij aan een sneltempo stemmen naar zich toe. Sommigen voorspellen dat hij in de tweede ronde uitkomt tegen Le Pen. Les extrèmes se touchent. Of zoiets.

“Mélenchon? Il est fou.” Aldus de eigenares van een kledingzaak nabij het Parc Buttes Chaumont (19de arr.). “Hij wil een Assemblee samenroepen en een nieuwe grondwet schrijven. Terug naar 1789 of zo. Nee, met Mélenchon zal de Franse economie hoogstens in een dip belanden.”

Verdeeld Parijs dus, vandaag vooral politiek. Op naar de Place de la République dan maar. Er gaat geen dag voorbij of je krijgt hier, op een steenworp van de Bataclan, een sociale actie, een betoging, een verzamelde mensenmenigte die tegen of (liefst) voor iets wil strijden. Sommigen lopen hier in hun eentje monotoon te zingen, ook een vorm van protest.

Ik spreek er Djezy aan. Hij zit een hamburger te eten. Hij is pas 20 en van Congolese origine, woont al zes jaar in Parijs, bij zijn moeder. Het grootste probleem  voor jongeren in Parijs? “Huisvesting. Die is veel te duur.”

“Ik ben net klaar met werken”, vertelt hij. Hij heeft een koksdiploma met specialisatie patisserie. Vroeger werkte hij in een sjiek restaurant, waar hij veel over politiek discussieerde met zijn baas. Sinds kort is hij aan de slag in een hamburgerkeet. “Nu geef ik leiding aan een paar mensen, dat gaat me beter af. Ik voel me meer gerespecteerd, en het betaalt meer.”

Djezy (Foto: Apache © Annelies De Waele)

Djezy (Foto: Apache © Annelies De Waele)

Djezy volgt het journaal, heeft partijprogramma’s gelezen en vergeleken. Van hem verwacht ik niet meteen dat hij voor Fillon zal stemmen.

“Je l’appelle papa Fillon. Je l’adore. Zomaar. Ik hou van risico’s nemen, dat heb ik zelf gedaan door van job te veranderen. Fillons persoonlijkheid spreekt me aan. Dat telt. Ik denk dat hij een goede keuze is voor Frankrijk. Frankrijk moet weer ‘hét’ Frankrijk worden. Ik ben chauvinist, jawel. Ik ben elders geboren, maar ik heb een groot respect voor de Fransen: ze zijn gastvrij. Of iemand racist is, heeft meer met karakter te maken. Overal zijn goede en slechte mensen.”

Contre-coeur

Aan de overkant van het plein kuiert Lucie, een tachtigjarige met Spaanse roots en twee honden van ongeveer haar leeftijd. Terwijl we praten, moeten we over en weer wandelen, anders protesteren de honden.

“Er zijn partijen die nog meer sociale voorzieningen willen. Maar wat kunnen we nog toevoegen? Er is al zoveel!”

Lucie weidt uit over haar leven, ze kan het niet laten om te vermelden dat ze een luxueuze flat bezit in hartje Parijs én een huis in de Midi. “Maar ik heb, samen met mijn man, heel mijn leven gewerkt!” En dan klinkt het: “Er zijn partijen die nog meer sociale voorzieningen willen. Maar wat kunnen we nog toevoegen? Er is al zoveel!”

Dat ze toch voor Fillon zal stemmen, bekent ze. Contre-coeur, zoals zovelen. “Weet u, mijn concierge zei me onlangs: “Hij heeft al een keer gestolen, hij zal het geen tweede keer doen.” Dat vond ik niet zo slecht gezien. Bent u nu geschokt? Ach, de peilingen! Mijn pronostiek voor de eindronde: Fillon-Macron.”

 

Lucie (Foto: Apache © Annelies De Waele)

We laten de straat even achter ons en gaan koffiedrinken in Café République, een huis van vertrouwen. Naast me zit Joséphine, een stille vrouw met strak achterover gekamd grijs haar. Ze eet een dagschotel met champignons en een crème brulée toe. Parijser kan niet.

Ze is 75 en woont in de banlieu, maar ‘niet daar waar er problemen zijn’. Zowat een jaar geleden heeft ze haar man verloren, de laatste maanden heeft ze veel voor hem gezorgd. Nu hij weg is, voelt ze een grote vermoeidheid. “Een contre-coup, zoiets ja.”

Als ik over de verkiezingen begin, trekt ze haar ogen op. Haar gezicht spreekt boekdelen. “Het is allemaal zeer malhonnête geworden. Kent u dat woord?”

De laatste jaren krijgen we hier toestanden zoals in Rusland: politici knijpen elkaar de strot dicht. Fillon, on l’a cherché. Zoals DSK destijds. Tegenstanders graven tot ze iets vinden. Maar als je goed speurt, kan je wellicht bijna iedereen van iets betichten. Nee, het is obscuur. Malsain.

Met haar stelling dat de malaise begonnen is bij Mitterand, staat ze lang niet alleen (ook Mia Doornaert haalt dit aan in haar recente boek ‘De ontredderde republiek’, adw). “Sinds Mitterand gaat politiek niet meer om het engagement, maar om de persoonlijke groei.”

“Sinds Mitterand gaat politiek niet meer om het engagement, maar om de persoonlijke groei”

Dat ze een oude voornaam heeft, zegt ze. Uit haar verhaal spreekt een hang naar het verleden. “Hoe de wereld veranderd is, dat steekt. Ik mis professionele sérieux, van poetsvrouw tot advocaat. Ik zie geen respect meer voor hoger geplaatsten.”

En ze mist ook het oude Parijs. “De Champs-Elysées is niet meer de mooiste straat ter wereld. Het is een boulevard met McDonald’s en ketens zoals overal. Dat doet pijn.”

Het is al ver over lunchtijd. Ze schrikt van het uur, drinkt haar espresso, betaalt de rekening en trekt haar jas aan. Ze wil niet op de foto en heeft geen kaartje of mailadres. Ze moet de métro halen, en dan nog een trein naar de voorstad. Daar moet ze volgende week gaan stemmen: het wordt een blanco.

Auteur: Annelies De Waele

Annelies De Waele is taalcoach Nederlands/Duits en freelance journalist.

Word nu lid van Apache en geniet van deze voordelen:

  • Toegang tot alle ruim 4.000 artikels
  • Deel de artikels gratis met je vrienden
  • Toegang tot alle dossiers en het volledige archief
  • Treed in discussie met journalisten en andere lezers
  • Korting op events en andere journalistieke producten, zoals e-books