Schulden bij de overheid, schulden bij een goede vriend

 Leestijd: 6 minuten4

Heel wat mensen hebben schulden bij de staat in de vorm van onbetaalde belastingen of boetes. De wetgever bouwde een aantal regels in om makkelijker schulden te kunnen innen bij burgers. Dwangbevelen bijvoorbeeld, waarbij de overheid zonder tussenkomst van een rechter beslag kan leggen op eigendom, loon of uitkering. “De overheid is daar wild van, omdat het zeer snel werkt en goedkoper is”, zegt de Belgische Vereniging van Incasso-ondernemingen (BVI).

Apache schreef eerder hoe het komt dat mensen met schulden uiteindelijk vaak het drievoud van hun originele schulden moeten betalen om uit de financiële ellende te geraken. Vooral professionele invorderaars, zoals deurwaarders, incassobureaus en advocaten, verdienen aan de schulden van anderen. Sp.a-voorzitter John Crombez wil de schuldindustrie aanpakken, maar de overheid zal ook in eigen boezem moeten kijken.

Beslag zonder rechter

Steven schrok zich maandag te pletter toen hij een brief van gerechtsdeurwaarderskantoor Modero in zijn brievenbus vond. Hij kreeg vierentwintig uur de tijd om twee GAS-boetes van 55 euro voor foutief parkeren te betalen. Bij wanbetaling zouden zijn meubels in beslag worden genomen.

Het was de eerste brief die Steven van de deurwaarder ontving. Eerder ontving hij enkel een brief van de stad Antwerpen om hem over de boetes te informeren, en waartegen Steven protest aantekende. Stad Antwerpen liet hem nog weten niet akkoord te gaan met zijn verzet.

“Waar ik vooral van schrok, is dat er beslag kan worden gelegd op mijn meubels zonder dat er een rechter aan te pas komt”, zegt Steven. “Daarom nam ik contact op met de Nationale Kamer van Gerechtsdeurwaarders. Blijkbaar kan een lokale overheid gewoon zelf voor rechter spelen en inderdaad overgaan tot inbeslagname. De persoon aan de lijn stelde zich bovendien zelf vragen of het allemaal wel zo democratisch is.”

Het dwangbevel van Steven

Principekwestie

Volgens de BVI, de koepel van incasso-ondernemingen, houdt de overheid er vanuit haar monopoliepositie een agressieve aanpak van invorderen op na. Zo maakt ze primair gebruik van het dwangbevel. Van zodra iemand niet binnen de termijn betaalt, kan de overheid beslag leggen op eigendommen, loon of uitkering. “De overheid is hier wild van, omdat het zeer snel werkt en goedkoper is dan de klassieke weg van de gerechtelijke invordering”, aldus Bart Vandesompele van de BVI.

BVI: “De overheid is wild van het dwangbevel omdat het zeer snel werkt en goedkoper is dan de klassieke weg van de gerechtelijke invordering.”

Volgens de BVI zet de overheid ook te weinig in op minnelijk invorderen. Dat blijkt uit een protestbrief van voorzitter Etienne van der Vaeren aan de Vlaamse vervoersmaatschappij De Lijn. De Lijn besloot om het innen van boetes enkel open te stellen voor deurwaarders, die naast minnelijk ook gerechtelijk invorderen. De BVI vindt uiteraard dat ook incassobureaus die opdracht moeten kunnen binnenhalen.

Maar de BVI ziet de beslissing van De Lijn ook als een duidelijke voorkeur van de staat voor de gerechtelijke procedure. “In België geeft de wetgever de voorkeur aan een gerechtelijk traject. Dat brengt hoge kosten met zich mee, en zet extra werkdruk op de rechtbanken. Europa denkt daar anders over: daar geeft men de voorkeur aan een alternatieve oplossing voor geschillen rond onbetaalde facturen”, staat er te lezen in de brief.

“Ik vind het niet kunnen dat ik door de overheid voor de rechtbank word gedaagd wanneer ik een dialoog vraag. Het is intussen een principekwestie geworden voor mij.”

Daar kan Matthias van getuigen. Hij probeerde zijn verkeersboete minnelijk af te handelen, maar zonder succes. Vier jaar geleden fietste hij door het rood en kreeg daarvoor een boete van 180 euro. “Ik heb de politie gevraagd of we het minnelijk konden regelen, omdat ik niet echt door het rood reed maar enkel voorbij de lijn stond, maar dat was niet mogelijk.” Omdat betaling uitbleef, werd hij gedagvaard. Naar de zitting ging hij niet. “Ik vind het niet kunnen dat de overheid mij voor de rechtbank daagt wanneer ik een dialoog vraag. Het is voor mij intussen een principekwestie geworden, maar ik zal daar zelf de gevolgen van moeten dragen, vrees ik.”

Wild van dwangbevelen

Volgens Sieghild Lacoere, woordvoerster van minister van Justitie Koen Geens, klopt het niet dat de voorkeur van de overheid uitgaat naar de gerechtelijke invordering. Geens zou zelf een grote voorstander zijn van bemiddelende oplossingen. Hij werkt momenteel aan een wetsontwerp om bemiddeling te promoten. “Een incassobureau inschakelen is niet noodzakelijk beter dan een gerechtsdeurwaarder. Het is een andere formule. Incassobureaus rekenen ook een kost aan voor het werk dat ze verrichten”, aldus Lacoere.

Ook Paul Hermans, communicatieverantwoordelijke bij deurwaarderskantoor Modero, gaat niet akkoord. “De realiteit en de cijfers spreken dit tegen. Zo wordt in samenspraak met de opdrachtgever bijvoorbeeld 71% van de dossiers van De Lijn in de minnelijke fase geregeld. In minder dan 5% van de dossiers van De Lijn volgt een gedwongen tenuitvoerlegging.” Hermans benadrukt dat gerechtsdeurwaarders sterk inzetten op hun rol als bemiddelaar, zelfs al is er van meet af aan een gerechtelijke titel voorhanden. “We wachten zo lang mogelijk met een dwangbevel, ook al behoort dat tot onze mogelijkheden”, zegt Hermans.

Foto: Apache / © Christina Richards

(Foto: Shutterstock © Christina Richards)

“De Algemene Administratie van de Inning en de Invordering start in elk dossier met een minnelijke fase. Elke schuldenaar krijgt minstens één uitnodiging tot betalen, en één herinnering, vaak zelfs meerdere”, zegt Francis Adyns, woordvoerder van de FOD Financiën. “Niet elk dossier wordt uitbesteed aan gerechtsdeurwaarders. We beschikken over verschillende mogelijkheden om tot invordering over te gaan zonder tussenkomst van een gerechtsdeurwaarder, en dus ook zonder deze kosten.”

Er wordt dan wel niet systematisch beroep gedaan op een dwangbevel via een gerechtsdeurwaarder, het dwangbevel op zich wordt wel vaak gebruikt.

Er wordt dan wel niet systematisch beroep gedaan op een dwangbevel via een gerechtsdeurwaarder, het dwangbevel op zich wordt wel vaak gebruikt. Adyns: “We kunnen voor verschillende schuldsoorten bij aangetekend schrijven een dwangbevel naar de schuldenaar versturen, iets waar vaak voor geopteerd wordt en wat enkel de kosten van de aangetekende zending met zich meebrengt. Deze maatregelen worden zeer veel gebruikt, omdat wij constant proberen de invorderingskosten tot een minimum te beperken.”

Pleidooi voor intern beleid

Ook Hilde Linssen van Netwerk Tegen Armoede stelt zich vragen bij de manier waarop de staat schulden int. “Je kan bijvoorbeeld aan de kant worden gezet met de wagen door de politie of fiscale ambtenaar als je als wanbetaler geregistreerd staat. Dat zorgt voor schrijnende taferelen voor wie in financiële problemen zit.”

De overheid besteedt openstaande rekeningen steevast uit aan deurwaarders en incassobureaus omdat ze daar zelf geen werknemers en beleid voor heeft.

Volgens Linssen ligt de manier waarop de staat zijn invorderingsbeleid heeft ontwikkeld aan de basis. De overheid besteedt openstaande rekeningen steevast uit aan deurwaarders en incassobureaus omdat ze daar zelf geen werknemers en beleid voor heeft. Volgens Linssen is dat een slechte zaak. Zo komen de schulden in handen van professionele invorderaars, die zich in een erg concurrentiële markt bevinden.

Netwerk Tegen Armoede pleit voor een eigen, intern invorderingsbeleid voor de overheid. “Vanaf de minnelijke fase zit de schuld al bij externen. Bovendien gaan de opdrachten steeds naar dezelfde grote kantoren. Je zou het daar eens moeten zien, het zijn echte fabrieken”, aldus Linssen. “Om overheidsopdrachten binnen te halen, moeten bedrijven altijd onder hun prijs gaan. De concurrentie is hard.”

De noodzaak voor een degelijk invorderingsbeleid stond in het ontwerp van het Vlaamse armoedeplan, maar werd uiteindelijk geschrapt. Volgens Adyns van de FOD Financiën bestaat er intern een zeer gedetailleerd beleid dat rekening houdt met de aard en de grootte van de schulden en de schuldenaar.

De FOD Economie moet volgens de armoedeorganisatie meer middelen en mankracht krijgen om de invorderaars beter te controleren. “De koepelorganisaties zeggen dan wel dat de cowboys uit de stiel verdwenen zijn, maar dat klopt niet. Wij zien die dossiers binnenkomen”, aldus Linssen. Volgens Chantal De Pauw, woordvoerster van de FOD Economie, controleert de dienst jaarlijks heel wat incassobureaus. In 2015 waren dat er 510. Zestien dossiers werden overgemaakt aan het parket. De Pauw benadrukt dat ook consumenten en bedrijven steeds melding kunnen maken van malafide praktijken van incassobureaus via Meldpunt België.

krachtige wapens

Door een aangepaste wetgeving kan de staat makkelijker schulden invorderen, waardoor ze een stap voor heeft op eventuele andere schuldeisers. “De fiscus heeft krachtige wapens. Ze geniet een voorkeurspositie door de wetten die de wetgever creëerde”, zegt economisch professor Bertel De Groote.

Sinds 1 december 2016 beperkt de fiscus afbetalingen tot 12 maanden. Dat staat te lezen in een brief die de ontvanger van Zottegem naar een OCMW stuurde. Voor schuldbemiddelaars en hulpverleners is de nieuwe invorderingsstrategie een doorn in het oog, omdat het in vele gevallen noodzakelijk is om afbetalingsplannen langer dan een jaar te laten lopen.

In de praktijk zorgt het er vooral voor dat andere, vaak kleinere schuldeisers zoals een huurbaas, moeten wijken voor de staat.

Zo komt er nog meer druk te staan op wie in de schulden zit. In de praktijk zorgt het er vooral voor dat andere, vaak kleinere schuldeisers zoals een huurbaas, moeten wijken voor de staat. Ook over de aangeboden oplossingen – een lening afsluiten of een collectieve schuldenregeling starten – zijn ze niet te spreken. Het zijn dure procedures, die vermeden zouden kunnen worden.

Voorrechten

Vooral schuldbemiddelaars moeten volgens economisch professor Bertel De Groote in acht nemen dat de overheid zich meer kan permitteren dan andere schuldeisers. Zo kan de fiscus voorrang nemen op de andere schuldeisers door openstaande bedragen te compenseren met belastingteruggaven. Daarnaast kunnen strafrechtelijke boetes niet kwijtgescholden worden door de rechter. Bij andere schulden is dat wel het geval.

“Wat voor zin heeft het om iemand een nieuwe start voor te houden zonder die uiteindelijk ook echt te bieden?”

Het doel van een collectieve schuldenregeling is nochtans iemand laten starten met een schone lei. “Je kan misdrijven niet ongestraft laten, maar wat voor zin heeft het om iemand een nieuwe start voor te houden zonder die uiteindelijk ook echt te bieden?”, vraagt de professor zich af. “Een samenleving is er ook niet mee gebaat als iemand met een schuldenlast blijft zitten.”

Mocht de fiscus er een ander invorderingsbeleid op nahouden, zouden we volgens De Groote zelfs heel wat mensen uit de collectieve schuldenregeling kunnen houden.

Auteur: Kaja Verbeke

Kaja Verbeke volgde na haar Master Journalistiek aan de UGent de postgraduaat Internationale Researchjournalistiek van het Fonds Pascal Decroos. In 2015 werd haar reportage over de Mapuche-indianen uitgezonden in het programma Vranckx (Canvas), en trok ze langs verschillende steden met een bijhorende foto-expositie.

Word nu lid van Apache en geniet van deze voordelen:

  • Toegang tot alle ruim 4.000 artikels
  • Deel de artikels gratis met je vrienden
  • Toegang tot alle dossiers en het volledige archief
  • Treed in discussie met journalisten en andere lezers
  • Korting op events en andere journalistieke producten, zoals e-books