Van een accordeon naar de rand van de afgrond

 Leestijd: 10 minuten0

Mensen met schulden moeten vaak het drievoud van hun originele schulden terugbetalen. Dat berekende de voormalige vrederechter Jan Nolf. Twee derde daarvan gaat naar de kosten voor deurwaarders en advocaten. “De schuldindustrie bestaat enkel en alleen ter glorie en ere van zichzelf”, vindt Nolf.

In Nederland woedt al even een debat over de schuldindustrie naar aanleiding van de documentaireserie ‘Schuldig’, over mensen met schulden in Amsterdam-Noord. De makers, Sarah Sylbing en Ester Gould, werden door Villamedia uitgeroepen tot Journalist van het Jaar 2016 omdat de serie het maatschappelijke en politieke debat over de omgang met mensen met schulden opentrekt.

Dat is ook wat John Crombez wil bereiken. Zaterdag publiceerde Gazet van Antwerpen een interview met de sp.a-voorzitter over zijn boek Crtl+Alt+ Del’ waarin hij van leer trekt tegen de schuldindustrie. “Een keer de schuldenbal aan het rollen gaat, lijkt het wel alsof er nog maar weinig interesse is om de oorspronkelijke schuld aangezuiverd te krijgen”, zegt hij.

De verhalen over extra kosten die de pan uit swingen, zijn ook in ons land talrijk. We lezen op sociale media dat iemand met een schuld van 25 euro 210 euro aan herinnerings- en deurwaarderskosten moet betalen. Een vrouw laat daarop weten in hetzelfde schuitje te zitten. Zij moet 180 euro betalen aan de deurwaarder omdat ze een tijdje terug per ongeluk tien euro te weinig stortte voor een verkeersboete. Ook anderen delen vervolgens hun verhalen en ergernis.

Foto: Apache / © Kaja Verbeke

Foto: Apache © Kaja Verbeke

Steeds dieper in de schuld

Volgens hulpverleners duwen de wettelijk vastgelegde tarieven, die professionele invorderaars mogen aanrekenen, mensen steeds dieper in de schuld. Op die manier schiet het systeem zijn doel voorbij, namelijk ervoor zorgen dat mensen de rekening snel betalen zodat de schuldeiser zijn geld ontvangt.

Er bestaan geen precieze cijfers over het aantal Belgen met schulden, noch over hoe groot de schuldenberg is. We weten volgens het Vlaams Centrum Schuldenlast enkel dat ongeveer 60.000 Belgische gezinnen in 2015 professionele hulp zochten voor hun financiële situatie.

In 14,5% van de gevallen zijn het de extra kosten die maken dat mensen professionele hulp inschakelen.

Het centrum somt een divers lijstje schuldoorzaken op: uitgaven voor basisbehoeften (energie, telecom, huishuur…), overbesteding, tekort aan administratieve vaardigheden, aanpassingsschulden (ziekte, scheiding…) en psychosociale problemen. Maar ook heel wat mensen bouwen een aanzienlijke schuldenberg op door de vele extra kosten en intresten bij niet-betaling. In 14,5% van de gevallen zijn het net die extra kosten die maken dat mensen professionele hulp inschakelen.

Een dure accordeon

Bij Ivan begon het met een accordeon. Zijn zoontje wilde graag muziekles volgen, waardoor Ivan een leasingcontract afsloot. Na drie jaar moest een restbedrag worden betaald en was het instrument van hem. Intussen kwam hij als zelfstandige in financiële problemen, wat een weerslag had op zijn persoonlijke situatie. “Ik kon het resterende bedrag van 760 euro niet meteen betalen, maar een muziekinstrument afnemen van je kind, doe je niet. Twee weken na de eerste herinnering zat er een dagvaarding in de bus”, zegt Ivan. “Intussen waren de kosten al vermeerderd met 400 euro.”

Ivan: “Ik had de moed niet meer om een brief open te doen, en liet de telefoon gewoon rinkelen. Ik stond zelfs op het punt om er een eind aan te maken.”

In de rechtbank werd een afbetalingsplan afgesproken, maar alle extra kosten waren voor Ivans rekening. Het geld dat hij wilde gebruiken om andere openstaande facturen te betalen, ging op aan gerechtelijke kosten en de advocaat van de tegenpartij. Zo raakte hij nog dieper in de problemen. Het regende brieven van verschillende incassobureaus en deurwaarders voor eenzelfde schuld, waardoor Ivan het overzicht kwijtraakte.

“Ik wist niet meer welke invorderaar bij welke schuld hoorde en aan wie ik moest betalen. Iedereen verdiende aan mijn miserie; ik zat met de handen in het haar. De kosten liepen intussen op en ik begon me af te vragen waarom ik zou betalen. Ik betaalde immers mijn schuld helemaal niet af, ik betaalde de invorderaars. Ik had de moed niet meer om een brief open te doen, en liet de telefoon gewoon rinkelen. Ik stond zelfs op het punt om er een eind aan te maken.”

Eigen schuld, dikke bult

Schuldeisers en hun invorderaars kiezen te snel voor de gerechtelijke invordering, wat de duurste weg is. Door het huidige systeem trekt de schuldenaar immers altijd aan het kortste eind, want alle kosten zijn voor zijn rekening.

Voor bedrijven loont het om de gerechtelijke weg te kiezen, ook bij minieme schulden. Enkel wanneer de schuldenaar in collectieve schuldenregeling gaat, kan het zijn dat de schuldeiser opdraait voor deurwaarderskosten en interesten.

Professionele invorderaars blijven steeds buiten schot. “Al deze extra kosten zijn wettelijk, maar ze helpen de schuldenaar niet sneller zijn schuld aflossen. De schuldindustrie bestaat enkel en alleen ter glorie en ere van zichzelf”, aldus Nolf.

“De maatschappelijke visie op schulden is nog steeds ‘eigen schuld, dikke bult’. Dat vertaalt zich in de wetgeving”, zegt Mohamed El Omari, coördinator van het Vlaams Centrum Schuldenlast. “Ons rechtssysteem gaat er nog steeds van uit dat een schuldeiser recht heeft op betaling. Bij niet-betaling mag hij kosten en intresten aanrekenen, en ook dwangmiddelen inzetten door te dagvaarden en beslag te leggen. Het perspectief en de situatie van de schuldenaar wordt daarbij vaak vergeten.”

Minnelijk invorderen

“We zien in de praktijk schadevergoedingen van 50 euro voor een schuld van 20 euro, of nalatigheidsinteresten van 10%, ook al bedragen de wettelijke intresten slechts 2,2%.”

Zolang de schuldeiser een openstaande rekening niet gerechtelijk, maar minnelijk invordert, mogen bedrijven enkel aanrekenen wat in de verkoopovereenkomst of in de algemene voorwaarden staat. Dat bepaalt de wet op de minnelijke invordering van 2002. Bovendien mogen die extra kosten enkel de voorzienbare schade bedragen. Bedrijven mogen volgens Test-Aankoop in de minnelijke fase dus geen boete of straf aanrekenen, maar in de praktijk lopen rekeningen toch op door een forfaitaire schadevergoeding, administratie-, dossier- en herinneringskosten en intresten. Het staat allemaal netjes aangegeven in het contract, dus moet een schuldenaar wel dieper in de buidel tasten.

In het magazine van Test-Aankoop, Budget & Recht, van januari 2016 staat: “Bepaalde leveranciers (energieleveranciers, telefoonoperatoren, ziekenhuizen, bedrijven…) hebben dan ook uitgebreide strafbedingen opgenomen in hun algemene voorwaarden om te verkrijgen wat de wet juist wilde vermijden: dat wanbetalers opdraaien voor de kosten van de schuldvordering door deurwaarders en andere professionele invorderaars.” Test-Aankoop pleit daarom voor wettelijke maximumbedragen.

Een aantal externe invorderaars probeert volgens El Omari het invorderingsbeleid van schuldeisers te beïnvloeden. “Zo laten ze in de algemene voorwaarden opnemen dat bij laattijdige betaling de deurwaarderskosten ook in de minnelijke fase mogen worden aangerekend, alhoewel die tarieven eigenlijk bedoeld zijn voor de gerechtelijke invordering.”

Hevige concurrentie

Ons rechtssysteem bevat volgens El Omari een aantal elementen die het invorderen van schulden financieel interessant maakt. Het wordt pas echt winstgevend als je je hierop toelegt en je het systeem van invorderen optimaliseert. De schuldvordering is als markt gegroeid en lucratiever geworden, waarbij er hevige concurrentie is ontstaan tussen incassobureaus en deurwaarders.

Ook binnen deurwaardersgroepen is er volgens El Omari stevige concurrentie. “In het deurwaarderslandschap is er een tendens naar schaalvergroting bezig. Denk maar aan het groot deurwaarderskantoor Modero, dat ook buiten het eigen arrondissement werkt. Dat kan omdat kleine gerechtsdeurwaarders in onderaanneming werken voor Modero.”

Schuldeisers betalen incassobureaus enkel op basis van de geïncasseerde vergoedingen. Ze hebben er dus alle baat bij om de schuldenaar zo snel mogelijk te doen betalen.

Schuldenaars worden vaak net zoals Ivan overspoeld door brieven. Ze klagen ook geregeld over de intimidatiepraktijken van incassobureaus. Dat zou volgens de Belgische Vereniging van Incasso-ondernemingen (BVI) tot het verleden behoren. Schuldeisers betalen incassobureaus enkel op basis van de geïncasseerde vergoedingen. Ze hebben er dus alle baat bij om iemand zo snel mogelijk te doen betalen. Volgens Bart Vandesompele, de woordvoerder van het BVI, bedraagt het commissiepercentage 10 à 15% van de geïncasseerde gelden. Voor de schuldeiser maakt het niet uit hoeveel incassobureaus er op de zaak worden gezet, ze betalen enkel wie de centen binnenhaalt. Wanneer een schuldeiser ook een deurwaarder inschakelt, gebeurt het geregeld dat incassobureaus ook blijven doorwerken.

In België hebben gerechtsdeurwaarders de macht van een ambtenaar, maar ze zijn ook zelfstandigen, die voor een eigen inkomen moeten zorgen. “Hoe langer een procedure tegen een schuldenaar loopt, hoe meer ze verdienen. In andere Europese landen zoals Duitsland zijn ze ambtenaar met een vast loon”, zegt Vandesompele. “Deurwaarders hebben in België twee petjes op. Dat moet veranderen.” Het Juridisch maatschappelijk kenniscentrum voor gerechtsdeurwaarders benadrukt dat deurwaarders geen schulden produceren, maar ze eerder proberen weg te werken door te bemiddelen en haalbare oplossingen aan te reiken. Ze zijn steeds gebonden aan wettelijk vastgelegde tarieven.

Foto: Apache © Kaja Verbeke

Foto: Apache © Kaja Verbeke

Kassa-kassazittingen

Jan Nolf wil een aanpassing van de rechtsplegingsvergoeding. Dat is de vergoeding die een schuldeiser bij een gerechtelijke invordering krijgt om de advocatenkosten te dekken. Hij zag in de praktijk een gasboete van 50 euro oplopen met een rechtsplegingsvergoeding van 1.320 euro omdat de schuldenaar de boete betwiste, maar ongelijk kreeg. Hij vindt dat de rechtbank een sociaal bedrag moet hanteren voor nutsvoorzieningen, school- en medische facturen en gasboetes.

De rechtsplegingsvergoeding wordt ook misbruikt. Heel wat advocaten weigeren minnelijke overeenkomsten omdat ze dan geen rechtsplegingsvergoeding opstrijken. Dat zegt een stagiair-advocate uit Oost-Vlaanderen. “Er is een nieuwe regeling waardoor je een onbetwiste schuldvordering niet via de rechtbank moet innen, maar rechtstreeks via de gerechtsdeurwaarder. Dan moeten dus geen gerechtskosten worden betaald, wat voor de schuldenaar goedkoper is. Mijn baas weigert dat steevast, omdat hij zo de rechtsplegingsvergoeding misloopt. Het is smerig en hij is niet de enige die het doet.”

Het gebeurt dat advocaten tot wel 200 zaken ineens behandelen op de rechtbank, goed voor zo’n 20.000 euro. Dat is mooi verdiend op een ochtend.

Bovendien behandelen advocaten soms honderden zaken op een ochtend in de rechtbank. Jan Nolf noemt het kassa-kassazittingen, omdat de advocaten er geen werk aan hebben, maar er wel erg veel aan verdienen. “De advocaten van grote invorderaars zijn vaak enkel een koerierdienst. Het gebeurt dat ze tot wel 200 zaken ineens behandelen op de rechtbank, goed voor zo’n 20.000 euro. Dat is mooi verdiend op een ochtend.”

Kosteloos alternatief

Maar er bestaat een kosteloos alternatief. Als justitie de gerechtelijke en advocatenkosten wil drukken, kan ze meer inzetten op de minnelijke schikking. Nolf beschrijft in zijn pas verschenen boek De kracht van rechtvaardigheid’ dat zowel de schuldenaar als de schuldeiser in plaats van een gerechtelijke procedure aan te spannen de zaak voor de vrederechter kunnen brengen. Samen bespreken ze een afbetalingsplan dat bindend is voor beide partijen. De kostprijs daarvan is nul euro.

Toch maken bedrijven weinig gebruik van deze procedure. De Watergroep bijvoorbeeld doet dat niet, omdat de meerderheid van de groep wanbetalers niet bereid is om vrijwillig ter zitting te verschijnen. Dat zegt communicatieverantwoordelijke Kathleen De Schepper. “Wanneer een debiteur niet verschijnt op een verzoeningszitting van de vrederechter, beschikt De Watergroep bovendien niet over een uitvoerbaar vonnis, en zal er alsnog moeten worden gedagvaard.”

Als rechter werkte Nolf actief aan een minnelijk beleid in Roeselare. “Ik concludeer dat in een derde van de gevallen een oplossing wordt gevonden. Het hebben van een dialoog tussen beide partijen bespaart niet alleen de schuldenaar heel wat extra kosten, waardoor de schuld sneller is afbetaald, ook justitie bespaart door het wegvallen van de gerechtskosten”, zegt Nolf. “Een goede justitie maakt zichzelf overbodig.”

Een ander alternatief is MyTrustO, maar dat is niet gratis. Gerechtsdeurwaarder Patrick Van Buggenhout startte het initiatief, beweging.net faciliteert het momenteel. MyTrustO wil anders omgaan met mensen met schulden door ethisch invorderen te promoten. Momenteel zijn er nog heel wat bekommernissen rond MyTrustO en is het daarom niet onbesproken bij schuldbemiddelaars en armoedeorganisaties.

Duurder dagelijks leven

“Omdat ik mijn elektriciteit niet kon betalen, installeerde de energieleverancier een budgetmeter. Tot mijn grote verbazing moest ik plots méér betalen dan anderen.”

Ook het dagelijks leven wordt duurder voor wie schulden heeft. Je komt op een zwarte lijst te staan bij bedrijven en bij de Nationale Bank. Ivan kwam er dankzij een bevriende advocaat terug bovenop, maar blijft zich frustreren over zijn extra dure energiefactuur. “Omdat ik mijn elektriciteit niet kon betalen, installeerde de energieleverancier een budgetmeter. Tot mijn grote verbazing moest ik plots méér betalen dan anderen.” Leveranciers gebruiken immers de marktprijs, maar dat is niet de goedkoopste. Toen hij recentelijk een nieuw contract wilde afsluiten, werd een borg van vier maanden gevraagd en moest hij een domiciliëringsopdracht van twee jaar ondertekenen.

Wat Ivan het meest mist bij invorderaars is begrip. Wekelijks belde een gerechtsdeurwaarder bij hem aan en hij kon maar net voorkomen dat zijn meubels voor Kerstmis werden opgehaald. Een andere keer nam een gerechtsdeurwaarder de balpen van zijn zoontje af om de meubels te inventariseren. “Je krijgt je situatie maar moeilijk uitgelegd aan degenen die in de sector werken. Advocaten, deurwaarders en rechters verdienen allemaal zoveel geld. Ze weten niet hoe het is om kleingeld te moeten tellen bij de bakker. Als je moet kiezen tussen een brood en een parkeerboete, is de keuze evident.”

Schiftingssysteem

Experten uit de sociale sector pleiten voor een systeem dat rekening houdt met de reden waarom iemand in financiële problemen raakt. Een schiftingssysteem moet de kwaadwillige schuldenaars scheiden van diegenen met een financiële tegenslag. “Het beleid houdt geen rekening met de reden van de schuld. Grote bedrijven al helemaal niet. Vooral de staat zou zich daarvoor moeten inzetten”, vindt El Omari.

Het Vlaams Centrum Schuldenlast roept bedrijven op om hun beleid inzake invorderingen aan te passen. “Het invorderingsbeleid moet menselijker”, vindt El Omari. “Overheden, overheidsbedrijven en non-profitorganisaties moeten bij de invordering van facturen en boetes socialer invorderen door de schuld zoveel mogelijk intern aan te pakken in plaats van uit te besteden.” Alternatieven zoals SOS Schulden Op School, dat problemen met schoolfacturen aanpakt, zijn daarom belangrijk.

Maar ziekenhuizen en scholen staan vandaag zelf ook onder economische druk. Ze moeten wel snel invorderen om overeind te blijven. “Ziekenhuisfacturen verjaren al na twee jaar dus kunnen ze niet lang wachten om actie te ondernemen”, zegt Steven Derycke, jurist voor het OCMW in Gent.

Om de boekhouding te kunnen sluiten, verkopen bedrijven openstaande rekeningen door. Dat heeft doorgaans weinig implicaties voor een schuldenaar, ware het niet dat oude schulden zo nieuw leven wordt ingeblazen met gigantische intresten als gevolg. Volgens een advocate van het OCMW nam Fiducré een kredietovereenkomst met Fortis over en betaalt de cliënt sinds 2000 het krediet af. De oorspronkelijke schuld bedroeg 588,826 BEF of 14,6 euro. Midden 2016 was de rekening opgelopen tot 12.357 euro, voornamelijk door nalatigheidsschulden. Gedurende 16 jaar werd ondanks betalingen quasi niet aan schuldafbouw gedaan, waardoor er continu intresten bijkwamen.

Snel en mondig

Het OCMW Gent ziet een verband tussen gerechtelijke invorderingen en collectieve schuldenregelingen. “De schuld is dan zo opgelopen dat we mensen moeten beschermen tegen deurwaarders en intresten. Een schuldbemiddelaar kan ook vragen om de extra kosten en interesten te laten kwijtschelden”, aldus Derycke. De tarieven voor een schuldbemiddelaar zijn dan wel vastgelegd, een collectieve schuldenregeling is duur.

Wie in schulden zit en geholpen wil worden, moet dus over het algemeen opnieuw geld op tafel leggen.

Door de druk op de budgetten hanteren ook heel wat OCMW’s en CAW’s dezelfde tarieven. Enkel budgetbeheer is in principe gratis. Bovendien duurt een collectieve schuldenregeling meestal zeer lang (maximum zeven jaar) en houdt het een zeer streng regime in. Wie in schulden zit en geholpen wil worden, moet dus over het algemeen opnieuw geld op tafel leggen.

Wie niet in deze incassomolen wil terechtkomen, moet vooral snel en assertief zijn. “Een schuldvordering blijft idealiter in de minnelijke fase, maar dat kan enkel als schuldenaars op tijd aan de alarmbel trekken”, zegt Derycke. “Het is van belang voor een schuldenaar om te communiceren met de schuldeiser of invorderaar. Elke afbetaling, hoe klein ook, toont goede wil.”

De opbouw van een schuld volgens Jan Nolf

Nolf berekende dat een onbetwiste schuld van 200 euro tegen de dag van het vonnis gemiddeld verdrievoudigde. Dat zegt hij in een gesprek met Apache. Twee derde van het totaalbedrag gaat naar de deurwaarder, advocaat en justitie. De kosten voor een aanmaning zijn intussen geïndexeerd. In 2017 rekent een deurwaarder daarvoor 17,66 euro aan. Ook de dagvaarding moet de schuldenaar betalen aan de deurwaarder.

De schuldenaar moet daarnaast gerechtskosten betalen aan de overheid (rolrecht) en de schuldeiser vergoeden voor de advocatenkosten (rechtsplegingsvergoeding/RPV). Nolf ging er in zijn berekening van uit dat een schuldenaar die de oorspronkelijke schuld niet kan betalen, het verhoogde bedrag afbetaalt in maandelijkse schijven. Bij elke afbetaling gaat er 2,31 euro naar de deurwaarder. Van elke 50 euro wordt dus maar 47,5 euro afgetrokken van de openstaande schuld. Ook deze bedragen werden intussen geïndexeerd naar 4,12 euro. Je betaalt bovendien eerst de kosten en interesten af, daarna vermindert pas de hoofdsom. Enkel voor kredieten geldt dat niet.

Bron: justwatch.be / © Jan Nolf Bron: justwatch.be © Jan Nolf

 

Ook de overheid is een belangrijke schuldeiser. Heel wat mensen hebben openstaande boetes of belastingen. De manier waarop de staat schulden int, is omwille van een aantal redenen bedenkelijk. Donderdagochtend verschijnt daarover meer op Apache. 

Auteur: Kaja Verbeke

Kaja Verbeke volgde na haar Master Journalistiek aan de UGent de postgraduaat Internationale Researchjournalistiek van het Fonds Pascal Decroos. In 2015 werd haar reportage over de Mapuche-indianen uitgezonden in het programma Vranckx (Canvas), en trok ze langs verschillende steden met een bijhorende foto-expositie.

Word nu lid van Apache en geniet van deze voordelen:

  • Toegang tot alle ruim 4.000 artikels
  • Deel de artikels gratis met je vrienden
  • Toegang tot alle dossiers en het volledige archief
  • Treed in discussie met journalisten en andere lezers
  • Korting op events en andere journalistieke producten, zoals e-books