Verhaal

1

‘Ik zie u het hoofd schudden… U bent geen fan van raketten in het algemeen?’ Het was een aandoenlijke Otto-Jan Ham die, met zijn tong stevig in de wang gedrukt, deze vraag stelde aan minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V). De minister had haar ogen al gerold toen de presentator van het televisieprogramma De Ideale Wereld liet weten dat minister van Defensie Steven Vandepunt (N-VA) overweegt om 600 miljoen euro te besteden aan Patriot-raketten.

JEROENMevrouw Crevits vroeg zich luidop af wat nog maar de helft van die som zou kunnen betekenen mits besteed aan onderwijs in plaats van een investering in wat goodwill jegens de NATO. Ze was nog een klein beetje voorzichtig wanneer het over dat bondgenootschap ging, maar minister Vandeput kreeg niettemin een veeg uit de pan: investeren in onderwijs betekent ook investeren in een veilige samenleving. Nu investeren in raketten, daar waren zowel de minister als de presentator het klaarblijkelijk over eens, is simpelweg ongeloofwaardig. Ik zie ook niet meteen een link met terreurdreiging of andere verwante uitdagingen van deze eeuw. Raketten kopen om de NATO blij te maken is een verhaal uit de vorige eeuw, uit de jaren tachtig om precies te zijn, en een mens mag zich afvragen of er nog iemand rondloopt die meent dat iedereen beter wordt van een hoop raketten meer.

Heerlijk om Peter Dedecker te horen verklaren dat gewoon toepassen wat de EU van ons verlangt ‘je reinste waanzin’ is, alsof concurrentievervalsing de norm is en het omgekeerde zottigheid

Het wringt en het zal blijven wringen. Deze federale regeringsploeg verlangt offers van ieder van ons, maar vindt het bijvoorbeeld plots moeilijk om 700 miljoen terug te vragen aan multinationals. Dat zal zeker ambetant zijn, want die zogenaamde ‘rulings’ zijn al een gangbare praktijk sinds 2004, maar wat moet zou, eigenlijk feitelijk, moeten. Belgischer kan deze aarzeling niet. Het was dan ook heerlijk om een N-VA’er zoals Peter Dedecker te horen verklaren dat gewoon toepassen wat de EU van ons verlangt ‘je reinste waanzin’ was, alsof concurrentievervalsing de norm is en het omgekeerde zottigheid. Leve België! Leve het gemarchandeer! Leve de multinationals! Leve de gepluimde edoch begripvolle burger!

Suspension of disbelief

Als je dat getreuzel en gefoefel combineert met de grote honger van de minister van Defensie die in het totaal graag negen miljard had gehad, als smeerkaas dik uit te smeren over een boterham van een paar jaren, dan kan je toch alleen maar vaststellen dat er een hoop gaten en illusies zitten in dat besparingsverhaal. Want het hallucinante is uiteraard het feit dat we die negen miljard op dit moment niet hebben. En als daarnaar wordt gevraagd, dan wordt er wat gefezeld over een economische heropleving, alsof een woestijnverdwaalde zijn maat wijs maakt dat er een kroeg is achter een volstrekt denkbeeldige hoek. Als schrijver fascineert deze vertelstrategie me, omdat het zo opzichtig niet klopt en op zo’n amateuristische manier mikt op wat men ‘suspension of disbelief’ noemt, die capaciteit van de menselijke soort om zich af en toe op sleeptouw te laten nemen en niet meer kritisch te zijn.

Hoe lang kan je mensen blijven wijs maken dat er vooral moet worden gesnoeid in de sociale zekerheid, terwijl je liever met je tengels van multinationals blijft en een minister hebt die forse investeringen in wapentuig wilt?

Hoe lang kan je mensen blijven wijs maken dat er vooral moet worden gesnoeid in de sociale zekerheid, terwijl je liever met je tengels van de multinationals blijft en je een minister hebt rondlopen die net nu forse investeringen in wapentuig wilt? Zelfs liberaal partijvoorzitter en dus coalitiepartner mevrouw Rutten liet weten niet in het ‘verhaal’ van de ‘hakbijl’ te geloven als het over besparen gaat zonder te ‘hervormen’, alleen maar om mensen ‘pijn’ te doen. Het is alsof een bende soapacteurs het maar niet eens geraken over de plotwendingen, terwijl ze mee aan het scenario hebben geschreven. Het verhaal dat deze ploeg brengt rammelt langs alle kanten.

En toch werkt deze ‘suspension of disbelief’ nog steeds, zij het in rudimentaire vorm. Het land houdt de adem in, trekt onderwijl de broeksriem aan, dient een hoop daarbij weg te slikken, maar wacht niettemin met een gortdroge keel op die nu al bijna mythische ontknoping van de ‘economische heropleving’. Want je zult wat zien, als het groeimodel alsnog overeind blijft en besparingen vruchten zullen afwerpen! Dan wordt het een tournée générale, met besparingsveteranen aan de tapkast die op elkaars schouders slaan en zeggen dat het kantje-boordje is geweest. Maar wat als het verhaal niet zo eindigt? Hoe krijg je dat verteld zonder dat de eerste straatsteen door de etalage van je illusie gaat?

Auteur: Jeroen Olyslaegers

Jeroen Olyslaegers (°1967) schrijft romans, theaterstukken en columns. Zijn nieuwste roman Wil komt in augustus uit bij de Bezige Bij. Hij werkte samen met Occupy Antwerp voor acties rond armoede in de stad en richtte met vrienden de zogenaamde ‘geefpleinen’ op. In 2014 kreeg hij de Edmond Hustinx-prijs voor zijn theateroeuvre en de Ark-prijs van het Vrije Woord.

Word lid

Word jij lid van Apache? Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu al vanaf 6,25 euro per maand.


Ja, ik word lid