Hoe een onbuigzaam IMF verdient aan de Griekse crisis

25 juni 2015 Jan Walraven
Directrice van het IMF Christine Lagarde
Directrice van het IMF Christine Lagarde
Directrice van het IMF Christine Lagarde
Directrice van het IMF Christine Lagarde

Sinds 2010 heeft het IMF al zo’n 2,5 miljard euro verdiend aan de Griekse schuldencrisis. Als Griekenland erin slaagt om tegen 2024 de 30 miljard euro aan leningen terug te betalen, zal het IMF in totaal 3,4 miljard euro aan intresten ontvangen hebben. Dankzij die leningen van het IMF en de eurolanden hebben Franse en Duitse banken ondertussen hun geld terug, en is Griekenland enkel nog geld verschuldigd aan de Eurolanden en het IMF zelf. Maar ook die willen dat geld kost wat kost terug.

Kwijtschelding

Het IMF heeft bij de twee reddingsplannen zo’n 30 miljard euro aan Griekenland geleend, waarvan het ondertussen al iets meer dan 9 miljard terugbetaald kreeg. De leden van het Fonds willen echter het volledige bedrag mét intrest terug van de Grieken. Daarom stelt Christine Lagarde, de Franse directrice van het IMF, zich bikkelhard op in de onderhandelingen tussen EU, ECB, IMF en Griekenland.

Omdat de Eurolanden, die nog meer geld uitleenden aan Griekenland dan het IMF, een gedeeltelijke kwijtschelding van de schuld niet zien zitten, eist Lagarde zware Griekse inspanningen, onder meer door te snijden in de Griekse pensioenen, zodat het begrotingsoverschot gebruikt kan worden om de IMF-leningen terug te betalen.

Griekenland gebruikte die leningen om aan zijn schuldverplichtingen te kunnen voldoen. Buitenlandse private kredietverleners, meestal Europese en andere banken, zijn daardoor ondertussen zo goed als vrij van Griekse schuld. De hulpleningen kwamen dus in principe neer op een indirecte bail-out van de banken.

Mattias Vermeiren, onderzoeker aan het Ghent Institute for International Studies, schat dat Europese banken indirect een kleine 100 miljard euro hebben ontvangen. “Dat wil niet zeggen dat al het geld enkel naar deze banken is gegaan. Ongeveer 20 procent van de totale bailout, wat neerkomt op bijna 50 miljard euro, werd bijvoorbeeld ook gebruikt om Griekse banken te herkapitaliseren.”

Onbuigzaam

Omdat de banken door het verschuiven van de schulden intussen gered zijn en omdat het internationale bancaire systeem bijgevolg veel minder 'Grieks risico' loopt, stellen sommigen dat een Grexit nu "minder kwaad" kan. ”De schuldeisers zijn nu de Eurozonelanden en het IMF, publieke instellingen die schuld in de toekomst kunnen verschuiven,” legt econoom Glenn Rayp (UGent) uit. En toch blijft de Trojka, met het IMF en Lagarde op kop, onbuigzaam ten aanzien van de Griekse premier Tsipras.

Econoom Glenn Rayp: Nu plots zeggen dat de strategie niet werkt zou behoorlijk choquerend zijn voor de Griekse bevolking

“Bij de start van de Griekse schuldencrisis was het IMF de minst radicale van de drie instellingen", zegt Glenn Rayp. "Het Fonds pleitte van in het begin voor een schuldherschikking. Dat er nu wordt vastgehouden aan het besparingsbeleid, is wellicht ook deels dogmatisch te begrijpen. Nu plots zeggen dat de strategie niet werkt zou behoorlijk choquerend zijn voor de Griekse bevolking,”

Ook de smalle interne basis waarop Lagarde steunt om zich met het IMF in Griekenland te engageren, verklaart mee de onbuigzaamheid. Het was onder andere op volgehouden vraag van Duits bondskanselier Merkel dat het IMF zich in 2010 – toen nog ander leiding van Dominique Strauss-Kahn – op de Griekse redding stortte. Het IMF deed en doet dat echter zonder duidelijk afgelijnd mandaat van zijn leden.

De Raad van Bestuur van het IMF, die over het dagelijkse beleid beslist, heeft een ruime interpretatie gegeven aan bestaande kredietlijnen om belangrijke bedragen ter beschikking te stellen aan Griekenland. Lijnen die algemeen bedoeld waren om een destabilisering van het internationale betalingssysteem tegen te gaan en waar ook Ijsland gebruik van maakte.

In die Raad van Bestuur zijn Europese landen sterk vertegenwoordigd, dus ook daar moet Griekenland geen plotse soepelheid verwachten. Bovendien houden ook opkomende groeilanden als Brazilië en Mexico de inmenging in Griekenland nauwlettend in de gaten. Deze groeilanden hebben al jaren felle kritiek op de westerse dominantie binnen het IMF.

Een te lakse houding aannemen ten aanzien van Griekenland ligt om die reden politiek gevoelig. Lagarde waakt erover dat ze niet betrapt wordt op een voorkeursbehandeling van een Europees land.

“Verschillende van die groeilanden werden bovendien in het verleden zelf door het IMF verplicht om pijnlijke aanpassingen te doen in ruil voor hulpleningen,” stelt onderzoeker Mattias Vermeiren. “Zij stellen zich vragen bij het feit dat het IMF met zoveel miljarden over de brug is gekomen om een westers land te redden. Miljarden waarvan het al in 2010 duidelijk was dat er een risico op default aan was verbonden. Wanneer Griekenland zijn IMF-schulden niet meer zou terugbetalen, zijn ook deze groeilanden een deel van hun geld kwijt.”

De niet-Europese leden van het IMF pleitten in 2010 al voor een zo groot mogelijke interne Europese inspanning (en dus een zo beperkt mogelijke inspanning van het IMF). Er was in 2010 echter wereldwijde paniek over de wereldeconomie en dat heeft bepaalde IMF-leden wellicht iets buigzamer gemaakt. Uiteindelijk is de redding van Griekenland voorlopig de grootste (relatief, in vergelijking met het Griekse aandeel in het IMF) in de geschiedenis van het IMF geworden.

Als de groeilanden hun geld niet terugkrijgen, mag Lagarde een herverkiezing als directeur van het IMF wellicht vergeten

Neerwaartse spiraal

Apache.be schreef eerder al over de opmerkelijke hypocrisie binnen het IMF. De studiedienst van het Fonds – ook wel staff geheten – kwam immers de laatste jaren tot nieuwe, afwijkende inzichten betreffende de Griekse crisis. Vermeiren haalt onder meer het gebrek aan effectiviteit van bezuinigingen tijdens economische recessie aan als één van die afwijkende inzichten.

Die nieuwe inzichten, die indruisen tegen de voorwaarden die eerder aan Griekenland werden opgelegd, worden echter niet opgevolgd door de Raad van Bestuur. Volgens Vermeiren onder druk van de Europese landen, maar ook van de groeilanden, die hun geld terug willen.

Als dat niet gebeurt, mag Lagarde een herverkiezing als directeur van het IMF wellicht vergeten. Grote groeilanden als Brazilië willen hun geld, dat in een land gepompt werd met een hoger BBP per hoofd, terug.

Sommige analisten gaan er echter vanuit dat Griekenland nooit in staat zal zijn om alle schuld, die ondertussen bijna 180% van het BBP bedraagt, af te lossen, en dat de Griekse depressie nooit zal eindigen zolang alle schuldeisers al hun geld terugeisen en besparingen blijven opleggen die de economie schaden. Als het IMF niet wil plooien, dan zullen uiteindelijk de Eurolanden dat wel moeten doen, willen ze Griekenland echt redden. Zoniet dreigt het land in een constante neerwaartse spiraal van bail-outs, besparingen en opnieuw bail-outs te blijven draaien.

LEES OOK