Vacature

11

Dit weekeinde meldde de krant de Tijd op haar voorpagina dat de banken vijfhonderd vacatures niet krijgen ingevuld. De banken kampen met een slecht imago sinds de financiële crisis van 2008 en jonge mensen zoeken liever elders hun heil. Wie uit dat tekenend verhaal nog meent te moeten opmaken dat de vier grootbanken in ons land tenminste nog investeren in werkgelegenheid komt eveneens van een kale reis terug. Er zijn immers meer vertrekkers dan mensen die worden aangenomen.

Jeroen OlyslaegersEr is een klopjacht gaande op fris, jong talent. Maar zij die echt fris zijn willen niets te maken hebben met de onfrisse praktijken van de afgelopen jaren. Gaat het louter om een imagoprobleem, iets wat kan worden recht gezet door een intense reclamecampagne vol lachende mensen en de geest van het optimisme? Wie dat probleem zo inschat heeft teveel tijd doorgebracht in een bankkluis of een vergaderzaal vol grafieken. In de echte wereld stijgt de woede dagelijks.

Leugens

In diezelfde krant worden talloze pagina’s gevuld met analyses aangaande Griekenland en een mogelijke Grexit en die zijn niet meteen poeslief over de rol van de banken. In de Morgen werd er de afgelopen dagen eveneens met scherp geschoten. Na zoveel jaren crisis schrijven onze kranten eindelijk waar de zogenaamde Griekse noodhulp naartoe ging. Econoom Geert Noels, een mens die meestal probeert om genuanceerd te klinken, heeft het onomwonden over leugens. In de Tijd lijst hij ze op rond de Griekse kwestie en hier is er een van:

(…) de redding van Griekenland in 2010 was in werkelijkheid een ‘bank bailout’, een redding van – vooral Franse en Duitse – banken. Daardoor werd een plan doorgedrukt dat geen toekomstperspectief gaf voor de Griekse bevolking.

Het leeuwendeel van ons geld is dus naar de banken gegaan, niet naar de Griekse bevolking. Ja, o lezer, u vermoedde dat al en we zijn met ongetwijfeld heel veel in heel de EU die dat vermoeden al langer hadden. Soms is het onderscheid tussen waarheid en leugen een kwestie van verhalen vertellen. Wat Noels en andere commentatoren zeggen is immers fundamenteel. Hiermee krijg je een narratief probleem over het nut van de Europese Unie. Ofwel blijf je verdedigen dat de Grieken in de eerste plaats moeten hervormen om mee Europa te redden, dat iedereen gelijk is voor de wet en dat deze crisis een test is. Dat is het officiële verhaal. Ofwel kan je niet voorbij het feit dat de zogenaamde leiders van deze Europese Unie zich hebben laten kapen door de banken en daarmee de burger met een gigantische rekening hebben opgezadeld.

Bezetting

De conclusie van dat laatste verhaal is verpletterend, want dan dien je vast te stellen dat ons belastinggeld structureel wordt bezet door de banken met hulp van hun koelies die wij onze politici noemen. Dan gaat het niet meer over het nakende bankroet van Griekenland, maar over het morele failliet van de Europese Unie die een paar jaar geleden met nog veel bombarie de Nobelprijs voor de Vrede heeft gekregen. De twee verhalen door elkaar brengen lijkt me onmogelijk, hoewel het niettemin op krantenpagina’s dagelijks in de praktijk wordt omgezet. De zucht naar het normale, naar het sprookje dat de EU nog steeds in de eerste plaats om haar burgers bekommerd is, kan men daar aantreffen naast de vaststelling dat we als burger simpelweg geen controle hebben over wat er nu echt gebeurt en dat we aan de rand van een democratische afgrond staan of erger: dat de banken ons al lang in die afgrond gekeild hebben.

Je kan niet voorbij het feit dat de zogenaamde leiders van deze Europese Unie zich hebben laten kapen door de banken en daarmee de burger met een gigantische rekening hebben opgezadeld

Dan wordt het wraakroepend om een EU-president Donald Tusk een paar dagen geleden op de radio te horen lispelen dat dit geen spelletje is. Want dat is het nu eenmaal wel. Dit is, o lezer, een degoutant spel waarvan de inzet groot is. Hier wordt gespeeld met ieders toekomst als in een casino. Dit heeft niets meer met rationaliteit of goed bestuur te maken. Er werd een spel opgevoerd waarbij alle betrokkenen wisten dat het van bij het begin corrupt was, een spel dat niet een of andere neveneffect was van het invoeren van de euro, maar integendeel als bron mag gelden van de euro zelf: het toelaten van de valse cijfers van Griekenland om in de muntunie terecht te komen en vervolgens het veld helemaal vrij te maken voor de grootbanken die van Griekenland een smerig speelterrein hebben gemaakt.

Dat is geen democratie, maar een kleptocratie, diefstal met legale middelen. Het primaat van de politiek in de Europese Unie is hiermee afgelopen. Het bestaat gewoon niet meer. Het imagoprobleem van onze plaatselijke banken verzinkt daarbij in het niet. Europa heeft immers een immens vacatureprobleem. De Europese burgers hebben nood aan politici die ons vertegenwoordigen, er is een morele en democratische vacature naar mensen met burgerzin. Zo lang dat dit niet kan worden afgedwongen, worden we simpelweg bezet.

Auteur: Jeroen Olyslaegers

Jeroen Olyslaegers (°1967) schrijft romans, theaterstukken en columns. Zijn nieuwste roman Wil komt in augustus uit bij de Bezige Bij. Hij werkte samen met Occupy Antwerp voor acties rond armoede in de stad en richtte met vrienden de zogenaamde ‘geefpleinen’ op. In 2014 kreeg hij de Edmond Hustinx-prijs voor zijn theateroeuvre en de Ark-prijs van het Vrije Woord.

Word lid

Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu nog aan 6,66 euro per maand.


Ja, ik word lid