FM Brussel en de dood van de kleine zenders

2

Op 20 mei 2015 kondigde media- en cultuurminister Sven Gatz aan dat de aloude FM-radio tegen 2025 uit de ether zal verdwijnen. Drie weken later lijkt de eerste boom – eentje met diepe wortels – alvast gekapt. Bedreigt de bijl die voor FM Brussel is gebruikt het hele Vlaamse radiolandschap?

(Foto George

(Foto John Georgiou)

Vlak voor de middag, op dinsdag 9 juni barst de bom: het doek is gevallen voor radiostation FM Brussel, zo luidt het op sociale media. Niet veel later wordt dat bericht ook officieel bevestigd. Eind deze maand zal de Vlaamstalige, onafhankelijke zender definitief worden opgedoekt, zo luidt de beslissing van de Raad van Bestuur van de vzw Vlaams-Brusselse Media: de koepelorganisatie waar naast FM Brussel ook Brussel Deze Week, brusselnieuws.be, tvbrussel en Agenda deel van uitmaken. Jeroen Roppe, tot voor kort aan het roer van FM Brussel, wordt hoofdredacteur van de eengemaakte mediacluster. Anne Brumagne, hoofdredacteur van Brussel Deze Week, wordt – samen met vijf nog nader te bepalen collega’s – op staande voet ontslagen.

Reactie blijft niet lang uit. Radiomakers en journalisten van over het hele land uiten hun verbijstering, sociale media worden overspoeld met steunbetuigingen, op het Flageyplein komen luisteraars en sympathisanten samen, en ook het Brussels Kunstenoverleg en de cultuurhuizen nemen het openlijk op voor FM Brussel. Het nieuws komt totaal uit de lucht vallen. “Dat we met verstomming zijn geslagen is een understatement”, lezen we in de open brief van de medewerkers. Van een voorbode geen sprake. Of toch?

Teken aan de wand?

In artikel 2 § 2 ‘Activiteiten’ van de oprichtingsakte van vzw Vlaams-Brusselse Media, die op 14 maart 2014 bij de griffie werden neergelegd, staat te lezen:

Tot de concrete activiteiten waarmee de doelstellingen van de VZW worden verwezenlijkt, behoren onder meer:

  1. het exploiteren van een regionale televisieomroeporganisatie;
  2. het exploiteren van ten hoogste één lokale radio-omroeporganisatie;
  3. het uitgeven van een periodieke stadskrant;
  4. het exploiteren van een elektronisch, online informatiemedium;

(…)

“Ten hoogste één lokale radio-omroeporganisatie.” Een dergelijke frasering is niet vrij van implicaties. Zeker wanneer je in rekening brengt hoe moeilijk het is om een bepaling, die zo fundamenteel gekoppeld is aan de oprichting van de vzw, aan te passen. De website van de Federale Overheidsdienst Justitie is daarover duidelijk:

Een algemene vergadering kan pas op een geldige wijze een beslissing nemen over een statutenwijziging als ten minste twee derde van de vaste leden op de vergadering aanwezig of vertegenwoordigd zijn (…) Als de wijziging betrekking heeft op het doel van de vzw, is het vereiste stemquorum vier vijfde van de stemmen.

We kunnen er niet om heen: al van bij de eerste concrete fusieplannen was het de bedoeling om FM Brussel – indien niet op een zijspoor te zetten, dan toch – zeker niet uit te breiden. Het blijft een opmerkelijk verwoorde passage. Merk immers op dat die expliciete beperking van de radiozuil van de Vlaams-Brusselse Media, ten eerste, compleet overbodig is in het kader van de uitoefening van de activiteiten en, ten tweede, in schril contrast staat met het ontbreken van enige inperking voor de tv-, internet- en geschreven tak van de organisatie. De enige reden om een dergelijke bepaling in de statuten op te nemen is dat de Raad van Bestuur er zich op zou kunnen beroepen bij de Algemene Vergadering, indien die ooit een verklaring zou eisen: “Ja maar jongens, dat staat toch zo in onze statuten, nu moeten jullie niet doen alsof jullie uit de lucht komen vallen”.

Whodunnit?

Maar ook al was er een statutair teken aan de wand, aan het opdoeken van FM Brussel ging een specifieke beslissing vooraf. En dan is het niet meer dan logisch dat de betrokkenen op zoek gaan naar wie de knoop heeft doorgehakt: iemand die ze ter verantwoording kunnen roepen.

Ook al was er een statutair teken aan de wand, aan het opdoeken van FM Brussel ging een specifieke beslissing vooraf

Initieel werd er gekeken richting politieke besluitvoerders. Vlaams minister voor media en Brussel Sven Gatz (Open VLD) en Brussels minister Pascal Smet (sp.a) werd het vuur aan de schenen gelegd. Beide ministers waken over respectievelijk 8 miljoen en 2 miljoen euro subsidies voor de Vlaams-Brusselse Media. Hoewel dat hen in principe alleen verantwoordelijk maakt voor het afbakenen van de algemene doelstellingen en niet voor de concrete operationalisering ervan – een theoretische waarheid waar de heren tijdens de gezamenlijke persconferentie tot vervelens toe op hamerden – weegt elk woord uit de mond van een subsidiërende overheid in de praktijk natuurlijk wel zwaar door.

Hoewel Gatz en Smet de verantwoordelijkheid afschuiven op de Raad van Bestuur van de vzw, toonde Gatz deze week wel alle begrip voor het opdoeken van FM Brussel. Dat deed de minister op basis van gedateerde en twijfelachtig berekende CIM-cijfers. “Onze methodes zijn niet geschikt voor kleinere radiostations. Daarom voeren we sindsdien (2008, red.) geen metingen meer uit voor FM Brussel”, vertelde Michaël Debels, project manager bij CIM, nadien aan De Morgen.

On air & on hold

De medewerkers van de Vlaams-Brusselse Media eisen intussen collectief het ontslag van CEO Michel Tubbax. Maar die kan voorlopig nog altijd rekenen op politieke ruggensteun. “Wij behouden het vertrouwen in de CEO, de raad van bestuur en het personeel”, klonk het donderdag bij monde van Sven Gatz. “Ook de Raad van Bestuur liet gisteren (donderdag, NK) in een persbericht weten nog achter Tubbax te staan”, vertelt vakbondsafgevaardigde Eric Laureys aan rekto:verso en Apache.be. “Maar diezelfde namiddag nog nam men die woorden terug.” Kennelijk hadden zowat alle partijen de publieke consternatie onderschat.

Om de gemoederen te bedaren benadrukte Smet gisteren dat Gatz en hijzelf “aan de Raad van Bestuur hebben gevraagd dat FM Brussel on air blijft tijdens het hervormingsproces”. Vrijdagochtend, tijdens een persconferentie van de Vlaamse Gemeenschapscommissie, herhaalde hij nogmaals dat “alles on hold” zou worden gezet. Het personeel van de radiozender is intussen optimistisch. “FM Brussel blijft bestaan”, klinkt het bij Laureys. Hoe dan ook: dit verhaal wordt vervolgd, besluit de vakbondsman: “elke dag – ja, bijna ieder uur – duiken nieuwe elementen op”. Intussen mengde ook minister-president Geert Bourgeois zich in de debatten, door duidelijk te pleiten voor het voortbestaan van de zender.

Alle Vlaamse radiozenders moeten tegen 2025 volledig digitaal opereren via DAB+

Opkuisen van de ether

Hoe de FM Brussel-historie ook beslecht zal worden, het gaat hier duidelijk niet om een losstaand fenomeen. Eén van de argumenten om de zender te schrappen was dat radio het moeilijkst in een digitaal verhaal valt in te schrijven. Nochtans kondigde mediaminister Sven Gatz eind mei al aan dat alle Vlaamse radiozenders tegen 2025 volledig digitaal moeten opereren. Gatz wil met name overschakelen naar radio-uitzendingen via DAB+: een geavanceerde digitale manier om geluidsbestanden te versturen (Digital Audio Broadcasting).

Daarvoor zijn drie redenen. Ten eerste heeft elke zender op DAB+ een even groot potentieel bereik. Het zou dus niet langer zo zijn dat bepaalde grotere stations als Studio Brussel of Q-Music ruimte in de ether “inpikken” van de kleintjes. Ten tweede is de bandbreedte niet (of in ieder geval veel minder) beperkt. Ter vergelijking: als je de spreekwoordelijke taart tussen 87.6 MHz en 107.9 MHz voortdurend blijft opdelen, moeten de laatsten in de rij zich tevreden stellen met een kruimeltje. Ten derde is het signaal krachtiger en constanter. Ruis is geen optie, aangezien de signalen niet via FM-golven worden doorgestuurd.

Tegen dat laatste argument is weinig in te brengen, maar de eerste twee vragen om een kanttekening. Voor de omschakeling naar DAB+ zijn er namelijk twee grote hindernissen. In de eerste plaats moet elke luisteraar een nieuw toestel kopen, dat aangepast is aan de nieuwe technologie. Voor thuisgebruik lijkt die investering haalbaar, maar autofabrikanten zullen hoe dan ook een tandje moeten bijsteken om hun wagens (zonder al te hoog oplopende fabricage- en roamingkosten) te voorzien van aangepaste radio’s. Maar daarnaast – en dat is een veel prangender probleem – staan vooral de kleinere radiostations voor een financiële uitdaging.

De stap naar DAB+ stelt vooral de kleinere radiostations voor een grote financiële uitdaging.

Eén voor allen, allen voor één

Het budget van onafhankelijke radiostations als Radio Scorpio, Urgent.fm en Radio Centraal, maar ook van kleine commerciële zenders als Radio Katanga of Radio Benelux (en dat zijn er heel wat) is simpelweg ontoereikend om de overstap naar DAB+ te maken. Dat zegt Peter Van de Velde, voorzitter van Radio Scorpio, de oudste nog bestaande vrije radio van België. “De omschakeling naar DAB+ kan Scorpio nooit alleen trekken. We werken al jaren met een digitale livestream via onze website, en benutten ook andere online platformen. Maar de aanschaf van die specifieke DAB+-apparatuur is simpelweg een stuk te duur.”

Als de marktprijs van de infrastructuur niet daalt, ziet Van de Velde maar twee oplossingen: ofwel moeten kleine radiostations financieel ondersteund worden om de overgang te maken, ofwel zullen ze de apparatuur samen moeten aankopen. “Blijkbaar is het mogelijk om vanuit één centrale hub verschillende zenders uit te sturen. We zullen dus op zoek moeten gaan naar gelijkgezinde partners.” Een combinatie is natuurlijk ook mogelijk. Zowat drie jaar geleden stonden de onafhankelijke bioscopen in Vlaanderen voor een gelijkaardige uitdaging. Ze moesten omschakelen naar digitale projectoren, maar konden die investering individueel niet dragen. Toenmalig minister Schauvliege maakte 500.000 euro vrij om de kleine cinema’s uit de nood te helpen, en de zalen verenigden zich om een sterkere onderhandelingspositie te verwerven. Kan dit precedent media- en cultuurminister Gatz inspireren? Ook REC Radiocentrum kan voor kleinschalige radio-initiatieven een bindende rol spelen.

In ieder geval zou de minister er goed aan doen om gehoor te geven aan de stille noodkreet van de kleine zenders. Anders wordt op termijn exact het omgekeerde van de vermeende doelstelling bereikt: in plaats van het speelterrein te nivelleren, wordt de kleintjes het gras voor de voeten weggemaaid. “We zijn één van de pioniers van de onafhankelijke Vlaamse radio”, reageert Van de Velde. “Het zou zonde zijn om er vanwege zo’n maatregel mee te moeten ophouden.” En, geheel in lijn van wat de laatste dagen wel vaker hebben gehoord, besluit de Scorpio-voorzitter: “Zonder lokale zenders hebben getalenteerde radiomakers geen platform om door te stromen naar het nationale niveau.”

Rendementsdenken

Als er één constante is in de ontwikkelingen van de afgelopen weken, zowel in het DAB+-verhaal als voor de hervorming van de Vlaams-Brusselse Media, dan is dat een doorgedreven rendementsdenken. “Het willen opdoeken van FM Brussel is het gevolg van een efficiëntieanalyse bij de Vlaams-Brusselse Media”, zegt vakbondsafgevaardigde Eric Laureys. “Uiteindelijk was de radiozuil blijkbaar het minst rendabel, en was de redenering: ‘stoppen daarmee’. Maar om de consultant in kwestie tien maanden lang 20.000 euro uit te betalen was er blijkbaar wel geld.”

Ook de geplande omschakeling naar DAB+ is doordrongen van een rendementsdiscours. Het is efficiënter dan analoge uitzendingen, luidt het. Maar als rendement betekent dat enkel financieel slagkrachtige spelers overblijven, en de rest uit de boot moet, dan dreigt rendement vooral eenvormigheid te creëren. Nu al noemt de Vlaamse Regulator voor de Media (VRM) het Vlaamse radiolandschap ‘een zeer geconcentreerd mediasegment’ in haar Rapport Mediaconcentratie 2014. Verdere ketenvorming oogt misschien wel rendabel, maar is het ook wenselijk? De VRM vindt alvast van niet.

Willen we in de toekomst een divers en onafhankelijk Vlaams radiolandschap garanderen, zoals ook minister Gatz beoogt in zijn beleidsnota 2014-2019, dan zijn er drie geboden die we maar beter in onze rots kunnen kerven: sectoraal overleg (op alle niveaus), stapsgewijze en begeleide implementering van hervormingen op de lange termijn en vooral een duidelijke antwoord van de Vlaamse regering op wat de eigenlijke basisvraag zou moeten zijn: niet rendement, maar welke waarde ze toedicht aan kleine en onafhankelijke radiostations binnen haar totale idee over informatie, cultuur en gemeenschap.

Nico Kennes is freelance media- en cultuurjournalist

Dit artikel  verschijnt ook op rekto:verso

Auteur: Nico Kennes

Nico Kennes (°1989) volgde een opleiding communicatiewetenschappen en culturele studies aan de K.U.Leuven. Hij werkte als communicatieverantwoordelijke voor de onderzoeksjournalistieke website Apache.be. Momenteel schrijft hij als freelance cultuurjournalist voor onder meer rekto:verso, Gonzo (circus), De Correspondent, Staalkaart en Ons Erfdeel.

Word lid

Word jij lid van Apache? Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu al vanaf 6,25 euro per maand.


Ja, ik word lid