Operettekabinet Rutte II verdeelt Nederland

17 maart 2015 René De Bok
Minister-president Mark Rutte aan de telefoon. (Foto Facebookpagina minister-president)
Minister-president Mark Rutte aan de telefoon. (Foto Facebookpagina minister-president)
Minister-president Mark Rutte aan de telefoon. (Foto Facebookpagina minister-president)
Minister-president Mark Rutte aan de telefoon. (Foto Facebookpagina minister-president)

Het beeld van het kabinet Rutte II is ruim twee jaar na zijn aantreden allerminst florissant. Het schip van staat waarmee Rutte in een smetteloos uniform en met stralende blik zo graag naar de veilige haven zou koersen - het rimpelloos afsluiten van zijn kabinetsperiode in 2016 - bevindt zich in zwaar weer. De economische crisis uit het vorige decennium blijkt minder snel overwonnen dan gehoopt en met uitzondering van Rutte is de bemanning somber gestemd.

Enkele leden van zijn team zijn al uit de boot gevallen, drie staatssecretarissen en twee ministers: Frans Timmermans die ontslag nam nadat hij een functie als Europees commissaris had binnengesleept, en Ivo Opstelten van Veiligheid en Justitie die ontslag moest nemen omdat hij de Tweede Kamer onjuiste informatie had gegeven over een controversiële deal met de drugscrimineel Cees H.

Senaat

De positie van Rutte II lijkt in de Tweede Kamer misschien geruststellend - de VVD-premier beschikt over 77 van de 150 kamerzetels- maar in de Senaat, in Nederland de Eerste Kamer, waar de wetten die een kabinet wil uitvaardigen in ultieme instantie moeten worden bekrachtigd, is die meerderheid na de verkiezingen voor de Provinciale Staten en Waterschappen op 18 maart met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid verdwenen, zodat Rutte opnieuw steun zal moeten zoeken bij andere partijen. D66 van Alexander Pechtold, de ChristenUnie van Arie Slob en de SGP, de Staatkundig Gereformeerde Partij, van Kees van der Staaij. Deze partijen gedogen nu al sinds vorig jaar een kabinet dat in die Senaat niet meer op eigen benen kan staan. En terwijl de boot aan alle kanten lekt en de minister-president tot zijn knieën in het water staat, blijft hij volhouden dat zijn schip op koers ligt en er geen enkele reden tot zorg bestaat.

De Nederlandse verkiezingen van de Provinciale Staten en Waterschappen - vrijwel geen Nederlandse burger heeft een idee wat hij zich daarbij moet voorstellen - zijn vooral een peiling naar de stemming in het land: voor of tegen Rutte II en zijn liberaal-sociaaldemocratische coalitie.

Nog nooit in de Nederlandse politieke geschiedenis is het electoraat zo versplinterd, het politieke landschap zo verkaveld als vandaag. Volgens de laatste peilingen haalt de VVD-PvdA-coalitie - gesteld dat er op 18 maart Tweede Kamer-verkiezingen zouden worden gehouden - nog maar 37 van de 150 zetels, ver onder de benodigde 75 zetels voor een meerderheid en een stabiele positie.

Terwijl de boot aan alle kanten lekt en de minister-president tot zijn knieën in het water staat, blijft hij volhouden dat zijn schip op koers ligt en er geen enkele reden tot zorg bestaat

Wie breekt, betaalt

Na de Tweede Kamer-verkiezingen van 2012 kwamen beide (latere) coalitiepartijen als duidelijke winnaars naar voren. Samen behaalden ze 77 van de 150 zetels,terwijl mogelijke coalitiepartners als D66 en CDA met 13 en 12 zetels vanop grote afstand toekeken. Een politieke impasse tekende zich af, tot het moment waarop VVD-leider Mark Rutte en PvdA-voorman Diederik Samson in een ogenblik van politieke moed of onbezonnenheid het liberaal-sociaaldemocratisch vergezicht tekenden: het monsterverbond van ideologische tegenstanders die elkaar sinds mensenheugenis te vuur en te zwaard hadden bestreden, was in een oogwenk geboren.

Vanaf het begin was de scepsis groot. Den Haag-watchers hadden ernstige twijfels over de levensvatbaarheid van de nieuwe coalitie. Zij lijken bijna tweeënhalf jaar na de start van het kabinet Rutte II het gelijk aan hun zijde te krijgen. Er zijn in de afgelopen jaren bij herhaling serieuze aanvaringen geweest tussen VVD en PvdA. Maar na elk incident werd de broze vrede getekend, in het besef dat een oude wetmatigheid van de politiek nog altijd opgaat: wie breekt, betaalt. De VVD noch de PvdA had iets te winnen bij een val van het kabinet en nieuwe verkiezingen.

Rutte zelf blijft onverminderd enthousiast over de verworvenheden en prestaties van zijn team. Velen vragen zich intussen af of zij wel in dezelfde wereld leven als de minister-president. Wat die prestaties aangaat, valt er niet veel meer te melden dan een woonakkoord en een onderwijsdeal maar ook daarover is het laatste woord nog niet gesproken. Rutte wijst dan op de resultaten van de meest recente opiniepeiling waarin zijn partij, de VVD, ondanks de brede kritiek in het land nog altijd een lichte vooruitgang boekt. Hij vergeet daarbij gemakshalve dat dit slechts wijst op de traditioneel Nederlandse reflex volgens dewelke het electoraat in het uur van de crisis zijn stem geeft aan de partij die naar zijn mening het best het vaderlandse huishoudboekje op orde houdt en vooral de portemonnee van de burger bewaakt. In de publieke opinie is het beeld ontstaan dat de VVD door de jaren heen de trouwste schatbewaarder is geweest. Maar in weerwil daarvan doet zich het paradoxale gegeven voor dat de kritiek op het kabinetsbeleid aanzwelt.

Miljoenen televisiekijkers zagen VVD-minister van Defensie Jeanine Hennis-Plasschaert verklaren dat de Nederlandse militaire vliegtuigen hun basis in Jordanië zouden vestigen maar dat dit wel geheim diende te worden gehouden

Geheim

Zo worden de pijlen gericht op de belofte van Rutte om de belastingbetaler duizend euro terug te geven, waar niemand meer over spreekt, en zeker Rutte niet. Ook beloofde hij belastingverlaging maar ook daarover hoort niemand hem nog. Kritiek was er op zijn uitspraak dat er geen cent meer naar het noodlijdende Griekenland zou gaan. Wrevel ontstond door de weifelende aanpak tijdens de nasleep van de vliegramp met de MH17 boven Oekraïne, waarbij diezelfde Rutte beloofde dat de onderste steen boven zou komen. Niets daarvan. Wel zag men een bangelijke houding van de minister-president bij de vraag in welke mate Rusland van Poetin medeverantwoordelijk was voor het neerschieten van het verkeersvliegtuig.

Maar Rutte is lang niet de enige wiens optreden ter discussie stond. Nog helder staan de Nederlandse tv-kijker de beelden voor de geest van een stamelende minister van Buitenlandse Zaken Frans Timmermans, die in de Tweede Kamer liet weten dat Nederland niet was uitgenodigd in de kerngroep van landen die het internationaal terrorisme zouden gaan bestrijden omdat het zaaltje waarin de kerngroep zou vergaderen te klein was en Nederland er niet meer bij kon aanschuiven.

Een zwakke rol was ook weggelegd voor de minister van Binnenlandse Zaken Ronald Plassterk die, uit pure ijdelheid, in de media een volledig foutief beeld had gegeven van de Amerikaanse afluisterpraktijken in Nederland waarna hem een zwijgverbod in de media werd opgelegd. En wat te denken van de VVD-minister van Defensie Jeanine Hennis-Plasschaert die in de - live op tv uitgezonden - commissievergadering doodgemoedereerd verklaarde dat de Nederlandse militaire vliegtuigen hun basis in Jordanië zouden vestigen maar dat dit wel geheim diende te worden gehouden. Miljoenen tv-kijkers mochten daar rechtstreeks getuigen van zijn.

Operette

De VVD-minister van Economische Zaken Henk Kamp zette de gaskraan in Groningen maximaal open terwijl delen van de provincie door aardverschuivingen, bevingen en een miljoenenschade aan huizen werden geteisterd. De VVD-minister Edith Schippers kreeg de zorgwet niet door de Eerste Kamer en ontpopte zich steeds meer als minister voor Zorgverzekeraars terwijl ze het algemeen belang negeerde.

Het meest recent zorgden de VVD-minister van Veiligheid en Justitie Ivo Opstelten en Fred Teeven, zijn Sancho Panza, partijgenoot en staatssecretaris op hetzelfde departement voor grote opschudding in de zogenaamde bonnetjes-affaire: Teeven wendde in een bijna operette-achtige scene geheugenverlies voor toen hem naar de hoogte van van zijn deal met topcrimineel Cees H. werd gevraagd, een schimmig zaakje dat Teeven vijftien jaar daarvoor als officier van justitie met Cees H. had beklonken. De crimineel had daarbij diverse miljoenen guldens belastingvrij in zijn zak gestoken. Het bonnetje van de deal waar de Tweede Kamer al jaren naar had geïnformeerd, was onvindbaar. Totdat het uiteindelijk op een vergeten bestand werd teruggevonden.

Voor een vergelijkbare lange reeks van hilarische blunders, stommiteiten en onhandigheden moeten we jaren terug

Het gelieg en gedraai kostten Opstelten en Teeven de kop. Het is een lange reeks van hilarische blunders, en men zal vele jaren moeten teruggaan om een vergelijkbare serie stommiteiten en onhandigheden tegen te komen. De laatste stuntelaar was Chris van der Klaauw, minister van Buitenlandse Zaken onder premier Dries van Agt, in de late jaren zeventig van de vorige eeuw. Minister Van der Klaauw stootte tijdens een officiële receptie in Bonn een dienster met een plateau gevulde champagneglazen omver, een scene die Van Agt tegenover de verzamelde journalisten inspireerde tot de uitspraak: "Je kunt overal met Chris komen. Maar overal maar één keer." Dit soort anekdotes is lange jaren uit beeld gebleven. Tot het aantreden van het kabinet Rutte II.

Bijwagen

De weinig positieve uitstraling van het kabinet vindt een weerspiegeling in de boezem van de coalitiepartijen zelf: de PvdA heeft permanent aan gezag ingeboet. Nadat de partij van Diederik Samson aan het begin van de regeerperiode voet bij stuk leek te houden bij haar principiële steun aan de inkomensafhankelijke zorgpremie - iedereen betaalt premie naar rato van zijn inkomen- kroop die PvdA al snel in zijn schulp toen de VVD klaagde dat zij door het invoeren van de premie grote groepen partijleden van zich vervreemdde. De PvdA gaf toe, vervulde daarna een nauwelijks zichtbare rol in het kabinetsbeleid en werd een bijwagen van de VVD, een rol die haar door de sociaaldemocratische achterban niet in dank werd afgenomen.

De andere partijen kijken tevreden toe en leunen achteruit terwijl de coalitiepartijen de mist in gaan

De VVD wordt op haar beurt achtervolgd voor een opeenvolging van schandalen over corruptie, machtsmisbruik en aanverwante fraude van partijgenoten. De poging van de VVD-minister van Volksgezondheid Edith Schippers om de schandaalreeks af te schilderen als een complot om de VVD vlak voor de verkiezingen midscheeps te torpederen, vindt weinig weerklank en nog minder waardering bij de politieke analisten in Den Haag.

De andere partijen kijken tevreden toe en leunen achteruit terwijl de coalitiepartijen de mist in gaan. Geert Wilders beperkt zich als gewoonlijk tot brute uitspraken, op het snijvlak van racisme en populisme.

Steun

Uit de laatste opiniepeilingen komt het beeld naar voren van een surrealistische kavelstructuur. Samen met de regeringspartij VVD schommelen de grote oppositiepartijen, PVV, CDA, SP en D66 rond de twintig zetels, op basis van de verhoudingen in de Tweede Kamer. Als er zich in de laatste dagen voor deze verkiezingen geen dramatische ontwikkelingen voordoen, zal Nederland te maken krijgen met een totaal versplinterd politiek landschap, waarin geen enkele partij de overhand zal hebben.

Mocht het kabinet Rutte II de komende maanden struikelen, dan zal er na nieuwe Tweede Kamerverkiezingen vermoedelijk geen enkel scenario voor een mogelijke coalitie denkbaar zijn. De VVD-PvdA-coalitie is dan inmiddels weggevaagd, zelfs met de huidige gedoogsteun, maar ook andere combinaties liggen niet voor de hand.

Maar zolang Rutte II blijft zitten, zal er in deze kabinetsperiode in de Tweede Kamer geen probleem bestaan. In de Senaat zal het Rutte echter aan de noodzakelijke steun ontbreken om zijn plannen door te zetten. En de grote oppositiepartijen, de PVV van Geert Wilders, het CDA van Sybrand Buma, de SP van Emile Roemer en D66 van Alexander Pechtold zullen de komende tijd een aanzienlijk grotere mond openzetten tegenover de electoraal verzwakte VVD-PvdA-coalitie.

Valt het kabinet toch nog voortijdig, dan breekt in de huidige politieke constellatie in Nederland, een periode van permanente crisis aan, een nucleaire winter, die slechts verliezers zal kennen. Mark Rutte, de minister-president die regeert uit de losse pols, terwijl de kiezersgunst afkalft, heeft tegenover deze actuele dreiging slechts één optie: de vlucht naar voren.

LEES OOK