Excuses

9

Het is muisstil in de kamer. Toch staan mijn trommelvliezen op springen. Het geroep neemt toe, in kracht en volume, al roept het enkel in mijn hoofd. Ik wil weglopen, weg van het onophoudelijke gedreun, weg van het bonzen dat via mijn slapen een weg vindt naar mijn zenuwstelsel, naar mijn zijn, naar de kern van mijn wezen. Ik wil niets meer lezen tenzij fictie, verhaaltjes verzonnen om ons een spiegel voor te houden. Van wat we zijn, van wat we zouden kunnen zijn.

Herman LoosWeglopen uit je milieu moet na de liefde zowat het grootste thema zijn in de literatuur. Hoe ontkom je aan de rituelen, de normen en waarden, die je omgeving je meegaf? In zijn roman En finir avec Eddy Bellegueule wil de jonge schrijver weg uit zijn omgeving van onvervalste basse classe, weg van haar homofobie, haar alcoholisme en haar racisme. Schrijver Edouard Louis is een onvervalste bourdieusiaan: hij gelooft nog in een klassenopdeling waarin de middenklasse betere, meer progressieve waarden nastreeft.

Beerschep

De middenklasse is echter geen haar beter dan het milieu waaruit Louis zich losrukt – zegt een stukjesschrijver die zelf wegrent uit die middenklasse, uit haar verdoken en halfslachtig verborgen waarden die in wezen net dezelfde zijn als die van het milieu waarop ze neerkijkt. En ook wel steeds meer openlijk, zeker wat racisme en vreemdelingenhaat betreft. De vuiligheid die in gulpen de wijde wereld wordt ingestuurd, valt met geen beerschep te ruimen. Je leest, je incasseert, je zwijgt.

Zo ging het ook deze week. Er waren excuses. Ze klonken luider dan de belediging omdat ze de belediging net versterkten. Zo gaat het vaak, zo gaat het altijd. Er wordt iets gezegd, men heeft iets gehoord, er is iets gelezen. Aan de eis van verontschuldiging wordt altijd gehoor gegeven maar vaker dan een verontschuldiging is het excuus een megafoon van de belediging. Alles is spin geworden, ook de excuses. Vooral de excuses. Ze zeggen: “Maar in feite heb ik toch gelijk.”

Twaalfde man

De vuiligheid die in gulpen de wijde wereld wordt ingestuurd, valt met geen beerschep te ruimen. Je leest, je incasseert, je zwijgt.

Kan je je eigenlijk verontschuldigen voor racisme? Ik vind het een vreemd gegeven. Het zou betekenen dat racisme een mening is terwijl het dat hoegenaamd niet is. Racisme is een verwerpelijk structuurkenmerk dat met tak en wortel uitgeroeid dient te worden. Mensen die racisme zien als een mening hebben er in mijn ogen niets van begrepen. Uiteraard kwetsen woorden, treffen ze doel als een spits op een diefje, maar het is de ploegopstelling die het werk afmaakt. Onder gejoel, steeds luider, van de twaalfde man.

Dat ranzige stand-by-your-mansfeertje, dat is wat me nog het meest tegen de borst stuit. Al staan we intussen kniediep in de drek, we blijven achter onze man staan. Hij-die-durft-zeggen-wat-wij-denken. Als democratie daarom draait, om de drek te slikken van een papieren meerderheid die meent dat het niet meer is dan een mening, de ingebakken racistische structuur van onze samenleving, doe mijn portie dan maar aan fikkie. Waarheen ze, alles wel beschouwd, al twee legislaturen is doorgeschoven.

Auteur: Herman Loos

Herman Loos is auteur van Menselijke grondstof. Over leven op de bodem van de Europese arbeidsmarkt (Uitgeverij EPO), docent filosofie en ethiek aan hogeschool Odisee (Brussel) en docent sociologie aan AP Hogeschool (Antwerpen). Hij schreef columns voor Apache en publiceert ongeregeld opiniestukken en gastbijdragen bij uiteenlopende media.

Word lid

Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu nog aan 6,66 euro per maand.


Ja, ik word lid