Geen daden maar woorden voor De Wever

2

Bart De Wever blijft de komende jaren naar alle waarschijnlijkheid voorzitter van N-VA en burgemeester van Antwerpen. Die keuze is niet onlogisch, maar daaraan ging een jarenlang gisspelletje in de media vooraf. Overigens niet het eerste. Wordt De Wever burgemeester? Blijft De Wever burgemeester? Wordt De Wever Vlaams minister-president? Wordt De Wever premier? Blijft De Wever voorzitter? En wie volgt hem waar op? De poppetjes, of beter het poppetje, is klaarblijkelijk van immens belang.

Bart De Wever sur le plateau de Terzake, 4 février 2013. (Photo: capture d'écran de l'émission, février 2013)

(Bart De Wever in Ter Zake, februari 2013, screenshot)

Het is uitzonderlijk dat De Wever aan kan blijven als voorzitter van zijn partij. De statuten voorzien slechts twee ambtstermijnen en De Wever moest in 2011 al voor de eerste keer vragen om een verlening. Die kreeg hij, uiteraard, net zoals hij dit jaar zonder al te veel problemen aan zijn vierde termijn zal kunnen beginnen. Zo vanzelfsprekend het is dat hij van zijn partij de goedkeuring krijgt om haar verder te leiden, zo verrassend is het voor iedereen die de voorbije maanden de kranten las en De Wever aanhoorde dat de Antwerpse burgemeester überhaupt aanblijft.

Na de Wever

De voorbije jaren passeerden er verschillende kandidaat-opvolgers van De Wever de revue. Zo leek het in het voorjaar van 2013 nog een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid dat Ben Weyts Bart De Wever zou aflossen. “Vriend en vijand lijken het roerend eens. Niemand anders dan Ben Weyts moet de volgende N-VA-voorzitter worden”, schreef De Standaard in een artikel met ‘Benneke heeft de geschiedenis aan zijn kant’ als kop.

De discussie ging enkel nog over wanneer Weyts precies zou aantreden. Werden de voorzittersverkiezingen in maart 2014, en voor de moeder der verkiezingen, of pas in het najaar van dat jaar georganiseerd? En wanneer zou de opvolger van De Wever dan ook effectief aantreden? Geert Bourgeois pleitte in een interview min of meer voor vervroegde verkiezingen. Weyts kreeg uiteindelijk enkel het voorzitterschap over het congres dat de partij begin 2014 over het confederalisme organiseerde en nam een deel van het takenpakket van De Wever over.

De voorbije jaren passeerden er verschillende ‘opvolgers’ van De Wever de revue

Dit voorjaar, wanneer duidelijk werd dat Bart De Wever N-VA naar de stembusslag van 25 mei zou leiden, meldde zich een nieuwe voorzitterskandidaat in de krantenkolommen. ‘PDR, de nieuwe BDW’, wist De Morgen in een krantenkop. “Peter De Roover, het Kamerlid dat zichzelf vroeger als ‘radicaal’ omschreef, is in de running om Bart De Wever op te volgen als voorzitter van de N-VA”, ging de krant verder. In het artikel komen enkel anonieme N-VA’ers voor die hem prijzen en zijn kansen wegen. (Online is er enkel een andere analyse te vinden.)

Wie ook voorkwam op de voorzitterslijstjes was Theo Francken. Hij werd door Bart De Wever in een interview in De Tijd in juni van vorig jaar nog als één van de talenten genoemd. De Wever kondigde ook duidelijk aan zich te willen terugtrekken na de komende verkiezingen.

“Ik hoop dat ik nog de kracht heb om mijn partij in 2014 naar het succes te leiden. Maar dan is deze appelsien uitgeperst. De partij is gewaarschuwd: 2018 trek ik niet meer. Ik ben voorzitter geworden als jonge dertiger, nu ben ik veertiger. Mijn leven gaat ook voorbij”.

Hij vergeleek zichzelf daarbij met de Romein Lucius Cincinnatus:

Cincinnatus was een Romeinse veldheer en consul die uitgespuwd geweest is door de goegemeente, maar uiteindelijk de grote held werd. Toen iedereen verwachtte dat hij daarna het dictatorschap zou opeisen, zei hij: ‘Is iedereen gerust, loopt alles zoals het moet? Goed, want ik moet mijn olijven gaan plukken.’ En ze hebben hem nooit meer gezien. Hij trok zich terug op zijn landgoed.

In een interview in De Tijd zei Jan Jambon achteraf toch te hopen dat De Wever een nationale rol zou blijven spelen.

Zes jaar burgemeester

En daar ziet het vandaag dus naar uit. Sterker nog: tijdens de verkiezingscampagne liet Bart De Wever het zelfs even uitschijnen dat hij het premierschap zou opnemen. “Ik sluit het premierschap niet langer uit”, was een uitspraak waarmee hij in de week voor de verkiezingen de voorpagina’s haalde. Tijdens de regeringsonderhandelingen bleef de mogelijkheid lange tijd in de lucht hangen, maar toen waren het voornamelijk leden van andere partijen (zoals Johan Vande Lanotte en Karel De Gucht) die hem daartoe aanporden.

De twijfel die Bart De Wever en N-VA over hun personeelsbeleid laten bestaan is uiteraard niet uniek, en het is logisch dat de meeste aandacht gaat naar de belangrijkste politicus van Vlaanderen. In 2007 hield Yves Leterme journalisten maandenlang in spanning over of hij de overstap van het Vlaamse naar het federale niveau zou wagen, en er was ook behoorlijk wat aandacht voor het opvallende parcours dat Kris Peeters de voorbije maanden aflegde. Maar de reeks speculaties die ontstonden sinds Bart De Wever zijn eerste bestuursmandaat als burgemeester van Antwerpen in 2012 opnam, zijn uitzonderlijk.

Tijdens de verkiezingscampagne liet Bart De Wever zelfs even uitschijnen dat hij het premierschap zou opnemen

Na de gemeenteraadsverkiezingen was hij nochtans formeel. “Ik blijf zeker zes jaar burgemeester van Antwerp”, zei De Wever herhaaldelijk. Tijdens de campagne voor de gemeenteraadsverkiezingen had hij er ook – in tegenstelling tot de campagne van dit jaar – geen twijfel over laten bestaan dat hij het burgemeesterschap beoogde. “Ik heb maar één persoonlijke ambitie: burgemeester van Antwerpen worden en het zes jaar blijven”, zei hij in de zomer van 2012 in de Gazet van Antwerpen.

Maar na zijn installatie als burgemeester zaaide Bart De Wever twijfel door na een hele periode te hebben vastgehouden aan het burgemeesterschap (“Ik ben niet beschikbaar. Hoe vaak moet ik het nog zeggen?”, in september van 2013 over andere functies) steeds meer ruimte open te laten. “Zulke keuzes maken we intern”, antwoordde hij een maand later op ongeveer dezelfde vraag in de Gazet van Antwerpen. “Hoe Bart de Wever de bocht neemt”, omschreef Walter Pauli dat in een analyse in Knack. En inderdaad meldde De Wever zich in de laatste rechte lijn naar 25 mei dus als kandidaat-premier.

Altijd belangstelling

“Partijen zijn chaos. Alle partijen”, was de kop boven de reportage die Bart Sturtewagen in de aanloop naar 25 mei over N-VA maakte. Het was een citaat van Bart De Wever. Als journalisten en commentatoren jarenlang op voorhand hengelen naar de carrièreplanning van politici, is het ook niet verwonderlijk dat die niet helemaal wordt doorlopen zoals voorzien. Wie dacht er voor 25 mei dat Charles Michel premier zou worden? Maar of er zoveel chaos ten grondslag ligt aan de beslissing van een partijleider om zich voor verkiezingen als verantwoorde kandidaat-premier te profileren – ook al is hij nooit van plan geweest die functie daadwerkelijk op te nemen – is weer wat anders. De etappes daar naartoe, en ook het vooruitschuiven van kandidaat-voorzitters, laten misschien twijfel zien, maar ook het besef dat zelfs maar bij het kleinste manoeuvre kan gerekend worden op enorme mediabelangstelling.

Auteur: Peter Casteels

Peter Casteels (1989) studeerde politieke wetenschappen aan de Universiteit Gent. Op Twitter spreekt u hem best aan met @pcasteels en mailen kan naar peter.casteels@apache.be.

Word lid

Steun onze advertentievrije onderzoeksjournalistiek en mis geen enkele onthulling. Ja, ik word lid