Democratie versus De Bende van Wall Street

2

In een bijdrage eerder deze week verdedigde ik de stelling dat het merendeel van de politieke vertegenwoordiging in de ban verkeert van het Stockholm-syndroom, een psychisch fenomeen waarbij de gegijzelden zich identificeren met de gijzelaars, zijnde de financiële markten die baat hebben bij besparingsijver. De politieke vertegenwoordiging gaat uit van het particulier belang van de financiële actoren in plaats van het algemeen belang als uitgangspunt te nemen. In deze tweede bijdrage blijf ik stilstaan bij initiatieven en voorstellen die een einde wensen te maken aan de gijzeling van de politieke democratie.

(Beeld: David Robert Bliwas)

(Beeld: David Robert Bliwas)

Gedaan met leeg geld

In Zwitserland worden koortsachtig 100.000 handtekeningen verzameld om een volksreferendum in te richten ten voordele van ‘Vollgeld’. De denk- en actiegroep ‘monetaire modernisatie’ (MoMo) wil via deze weg bekomen dat in de toekomst enkel de Centrale Bank beschikt over het monopolie van geldcreatie. Geld brengt immers geen rijkdom voort. Productieve investeringen dragen bij tot de creatie van rijkdom maar vandaag vertegenwoordigen die slechts een fractie van de totale transacties. Het hele financiële stelsel is een waterhoofd geworden dat de reële economie tot stilstand brengt.

Sinds 1970 hebben we in de hele wereld 145 sectorale bankcrisissen, 208 valuta-implosies en 72 sovereign debt crisissen gehad. Banken zijn geneigd massaal digitaal geld te vervaardigen want hoe meer geld er in omloop is, hoe meer beleggingen kunnen plaats grijpen. Ook de schuldenberg van gezinnen, ondernemingen en van de overheid zelf is ten dele hiervan een gevolg. In Zwitserland is de monetaire massa jaarlijks met 8% toegenomen terwijl de inflatie 1,4 bedroeg en de economische groei amper 1,5%. De toegenomen monetaire massa is naar de speculatieve kapitaalmarkten gevloeid: vastgoed, aandelen, staatsobligaties, financiële derivaten zoals subprimes zijn in volume sterk toegenomen.

Het initiatief Vollgeld wil het openbare monopolie inzake geldcreatie herstellen.

Het initiatief Vollgeld wil het openbare monopolie inzake geldcreatie herstellen. Dit moet de speculatieve zeepbellen doen verdwijnen en de huidige vlucht voorwaarts naar nog meer liquiditeiten stopzetten. De reële economie zal hierdoor aan stabiliteit winnen. Dankzij Vollgeld zal de overheid niet meer gegijzeld worden. Gedaan met de ‘too big to fail’ chantage waardoor de overheid wel moet ingrijpen. Banken zullen niet meer gered moeten worden vermits het geld op bankrekeningen een legaal bestaan kent. Geld is eigendom van de rekeninghouder en daarom zal dit – net zoals met fiduciaire rekeningen – altijd buiten de jaarbalans moeten gehouden worden. Dit betekent dat bij een bank faillissement deze geldmassa niet tot het failliet deel van de bank behoort. Het Vollgeld kan als een nieuwe munt aanzien worden die de Centrale Bank zal invoeren. Het initiatief zal waarschijnlijk in de loop van 2015 tot een referendum leiden.

Doe-het-zelf-economie

De strijd voor het herstel van soevereiniteit over geldcreatie is pas begonnen. Sommigen willen niet wachten op een politieke overwinning. Ze doen het zelf. In Baskenland werd een nieuwe munt gelanceerd, de Eusko. De waarde staat gelijk met de euro en functioneert uitsluitend als ruilmiddel. Consumenten betalen dezelfde prijs als de in euro uitgedrukte producten maar de fournisseur of handelaar zal een commissie van 5% krijgen. Hiervan gaat 3/5 naar sociale, ecologische en culturele verenigingen, de rest financiert het initiatief. Meer dan 600 handelaars en ondernemers hebben zich achter deze munt geschaard. Allen moeten een handvest onderschrijven waarbij lokale productie met respect voor ecologische en sociale basisnormen gebeurt. Euskal Moneta wil de economie herlocaliseren. Het succes is kleinschalig maar wordt in andere regio’s van Frankrijk en Spanje overgenomen.

In de mate dat de krachtsverhoudingen structurele ingrepen blijven verhinderen zullen dergelijke bottom-up initiatieven aangroeien. Men tracht gestalte te geven aan een ‘eerlijke economie’ waarbij wederkerigheid en de maatschappelijk controle over de gehele cyclus opnieuw centraal komt te staan. Natuurlijk verzet het financiële kapitalisme zich hardnekkig. Het oprichten van een coöperatieve bank is geen sinecure zoals we met NewB kunnen vaststellen. Met 46.000 coöperanten en 2,5 miljoen aan kapitaal is men nog ver verwijderd van de 100 miljoen die nodig is om een banklicentie te bekomen. Dit toont aan dat men zonder overheidstussenkomst weinig kan realiseren en dat de kapitaalmarkt door de bestaande spelers wordt vergrendeld.

Met de Eusko tracht men gestalte te geven aan een ‘eerlijke economie’ waarbij wederkerigheid en de maatschappelijk controle over de gehele cyclus opnieuw centraal komt te staan

Schuldslavernij

De hele economie drijft op een oceaan van schulden. Op zich geen nieuw gegeven, zij het dat het vandaag onrustwekkende proporties heeft aangenomen. De terugbetaling van de staatsschuld onderwerpt de overheidsfinanciën aan een permanente drooglegging.

In verscheidene landen in Europa worden campagnes gevoerd tegen die schuldslavernij. In Spanje, Italië, Frankrijk en ook in Wallonië hebben sociale bewegingen en experten zich verzameld rond de eis van een audit op de staatsschuld. Zij gaan uit van de volgende hypothese: misschien is een deel van de staatsschuld niet ‘onze schuld’ maar die van de banken en financiële risicofondsen die we met publiek geld hebben gered. Misschien is het kapitaal dat de overheid geleend heeft reeds terugbetaald en zitten we vast geketend aan een eeuwige afbetaling wegens te hoge interestvoeten. Kortom, misschien is een deel van de schuld ‘illegitiem’ en dan moet deze fractie ervan nietig verklaard worden.

De doorlichting van de staatsschuld toont alleszins aan dat toenemende overheidsuitgaven niet als oorzaak van de staatsschuld kunnen aanzien worden. Indien we de laatste 25 jaar dezelfde interestvoet gekend zouden hebben als het gemiddelde van de laatste tweehonderd jaar, dan zou de staatsschuld met één derde inkrimpen. Deze vaststelling is van toepassing voor bijna alle landen van de eurozone. Sinds Maastricht zitten we met hogere interestvoeten opgescheept die onderhevig zijn aan ‘het vertrouwen’ van de financiële markten. Hogere interestvoeten betekent duurdere afbetalingsschema’s waarbij steeds meer beslag wordt gelegd op de fiscale inkomsten die de staat recupereert. In België bedraagt de jaarlijkse ‘factuur’ van de schuld een slordige 44 miljard euro. Dat is bijna het dubbele van de gezondheidszorg.

Misschien is een deel van de staatsschuld ‘illegitiem’ en dan moet deze fractie ervan nietig verklaard worden

Maar er is meer aan de gang. Wanneer we een economische groei ervaren van 1 à 2,5% (zoals in de jaren ’90) en tegelijkertijd met interestvoeten van 3 à 5% worden geconfronteerd, dan zal de staatsschuld automatisch toenemen. Men kan gerust spreken van een sneeuwbaleffect.

Volgens econoom Thomas Coutrot, voorzitter van Attac-Frankrijk kunnen er verschillende pistes bewandeld worden om een einde te maken aan de schuldslavernij. De gedeeltelijke kwijtschelding, te beginnen met het illegitieme deel van de schuld, is een eerste optie. Geen slecht idee vermits de grote financiële beleggingsfondsen zowat 95% van de staatsschuld in handen hebben. De onderhandeling over de afbetalingskalender is een andere optie. Sommigen experten bij het IMF overwegen zelfs gedwongen volkslening. De antisociale variant van dergelijk beslag treft het spaargeld van ‘jan en alleman’. Een sociale aanpak concentreert zich op de rijkste 10 %. De stock van overheidsschulden wordt dan opeens met 1/5de of meer verminderd en dit biedt het voordeel van bescherming ten aanzien van toekomstige intereststijgingen. De extra belasting op het roerend vermogen veronderstelt weliswaar een vermogenskadaster wat in sommige landen zoals België nog steeds niet gerealiseerd is.

Hoe dan ook is de inzet duidelijk: zolang de schuldslavernij loopt zal de overheid nooit investeren in een ecologische transitie. Erger, de volledige schulden afbetalen legt beslag op de rijkdom die de komende 10 jaar geproduceerd moet worden. Gebukt gaan onder deze ‘noodzaak’ zet aan tot de dwangmatige zoektocht naar een steeds destructievere groei en veroorzaakt een sociale achteruitgang op grote schaal.

Wiens instellingen?

Dikwijls moet er op twee fronten gevochten worden. Zo spelen heel wat supranationale instellingen een triviale rol. Valt het te rijmen met de regels van een democratische rechtstaat dat de Europese Centrale Bank geen rekenschap moet geven aan een verkozen instantie? Is het niet merkwaardig dat de ECB geen staatsobligaties mag opkopen terwijl ze wél de private banksector onbeperkte noodkredieten mag verschaffen? De feiten tonen aan dat haar mandaat veel te beperkt is (prijzenstabiliteit) en haar interventies te laat komen of ontoereikend zijn.

Opnieuw struikelen we over dezelfde vraag. Waarom luistert men even weinig naar het pleidooi voor ‘eurobonds’ (euro-obligaties) als naar de woorden van Paul Krugman? Waarom halen de pleidooien voor een hervorming van de Europese Centrale Bank het niet? Ik vrees dat we op dit niveau niet meer kunnen spreken van een Stockholm-syndroom. We hebben niet enkel ‘dubbelagenten’ – Mario Draghi komt van Goldman Sachs – maar een algemene logica die in de instellingen gebetonneerd werd.

Willen we verandering afdwingen, dan zijn er nieuwe instellingen nodig

De euro is een dure en overgewaardeerde munt, en niet enkel de Duitsers willen dat. Een sterke euro is nodig opdat de positie van reservemunt (waarin transacties worden uitgeschreven of waarmee waardepapieren worden gekocht) gehandhaafd blijft. Desnoods gebeurt dit arm in arm met de dollar en de NAVO. Keerzijde van de sterke euro is het feit dat producten bij handelstransacties duurder worden. En bijgevolg moeten de arbeidskosten nog meer naar omlaag, anders verliezen de Europese producten marktaandelen. Kortom, alles hangt samen en niet alleen met neoliberale ideologische lijm. Alles hangt samen omdat spelregels, wetten, bevoegdheden, instellingen ervoor zorgen dat het zo gebeurt.

Soms heeft Bart De Wever gelijk, of toch bijna. Willen we verandering afdwingen, dan zijn er nieuwe instellingen nodig. De geschiedenis laat zien dat zowat elke fundamentele verandering gepaard is gegaan met de uitbouw van nieuwe instellingen. De sociale zekerheid is een voorbeeld, ontstaan na WO II. Het sociaal overleg berust ook op instanties. Willen we de gijzeling door de Bende van Wall Street beëindigen, dan zijn er standvastige politici nodig die geen schrik hebben van bedreiging of chantage. Maar dat op zich zal niet volstaan. We hebben ook nieuwe instellingen nodig om de financiële elite te beletten beslag te leggen op onze democratie. Met andere woorden: geen confederalisme maar democratisch zelfbestuur van de 99% …

Auteur: Stephen Bouquin

Stephen Bouquin is gewoon hoogleraar sociologie aan de
Universiteit Parijs-Saclay, syndicalist en auteur van het boek ‘Helemaal anders’ (Critica, 2015).

Word lid

Word jij lid van Apache? Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu al vanaf 6,25 euro per maand.


Ja, ik word lid