Perenpluk

5

Uit mijn levenservaring van elfendertig stielen kan ik slechts een wetmatigheid puren: hoe zwaarder de job, hoe slechter betaald. Mijn huidige interimjob is een degelijke middenmoter. Ik sta net als mijn vrouw aan de band in een lokaal fabriekje. Fysiek is het energievretend maar niet afmattend. De werkplaats is niet al te vuil en door het vele telwerk en regelmatige positiewissels is het werk niet louter afstompend. We krijgen het minimumloon maar hoeven daarvoor geen minuut over te werken. De baas roept voortdurend maar dat is omdat ze geen betere manier van communiceren kent. Blaft maar bijt niet, met andere woorden.

Herman LoosIk legde een politieagent uit dat ook zijn job morgen een rotklus kan worden. We hebben enkel een regering – tijdelijk gekozen amalgaam van twistzieke potentaatjes – nodig die beslist dat het garanderen van de veiligheid niet langer een overheidstaak is en de hele zwik uitbesteedt aan een geprefereerde privépartner. Ik voorzag een werkgever die ex-agenten in dienst wilde nemen maar dan zonder de legale voordelen, premies en andere extraatjes. Wettelijk minimumloon, verhoogde werkdruk en als het u niet aanstaat, staan nog honderd wanhopigen in de rij die wel voor onze winstmarges willen zorgen.

Wie denkt dat zijn job niet onderhevig kan zijn aan voorwaardeninflatie is arrogant, dom of een dodelijke combinatie van beide. Het zijn de kleine letters in de mondelinge overeenkomst die wij met ons economisch systeem hebben gesloten: alles wat vandaag van waarde is, kan dat door ongrijpbare willekeur morgen volstrekt niet meer zijn. Bijvoorbeeld: de peer. Peren zijn van de ene op de andere dag gedegradeerd tot vruchten die in Vlaanderen van de bomen worden gesproeid om toch maar niet in de voedselkringloop te belanden.

Logisch gevolg

Een systeem bestaat maar bij de gratie van eenieder die haar geen stokken in de wielen steekt

De logica achter de perenvernietiging begrijp ik, maar haar noodzaak wordt slechts gedicteerd door nadrukkelijke keuzes die wij als mensen stellen. Eerst de winst. Het vasthouden aan deze logica houdt onlosmakelijk in dat een aanzienlijk deel van het geteelde voedsel nutteloos weer verdwijnt. Het zou ook anders kunnen zijn, maar we hebben deze realiteit nadrukkelijk verkozen. Dat we het eerste en het laatste woord laten aan economische belangen is namelijk niet meer dan een overeenkomst die we allemaal samen hebben gesloten, wat er in feite voor elke mens afzonderlijk op neerkomt dat anderen dat beslist hebben.

Een systeem bestaat maar bij de gratie van eenieder die haar geen stokken in de wielen steekt. Zolang we niet in opstand komen tegen dat systeem, moeten we niet te veel klagen over de uitwassen ervan. Want vergis u niet: voedsel vernietigen op een planeet, in een regio zelfs, waar mensen honger hebben, is een gruwelijke uitwas – en tegelijkertijd ook een logisch gevolg van onze keuze om, zolang wij of onze naasten niet geslachtofferd worden, ijverig de andere kant uit te kijken en de dingen de dingen te laten.

Auteur: Herman Loos

Herman Loos is auteur van Menselijke grondstof: over leven op de bodem van de Europese arbeidsmarkt (EPO). Hij is docent filosofie en ethiek aan hogeschool Odisee (Brussel) en docent sociologie aan AP Hogeschool (Antwerpen). Hij schreef columns voor Apache en publiceert ongeregeld opiniestukken en gastbijdragen bij uiteenlopende media.

Word lid

Word jij lid van Apache? Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu al vanaf 6,25 euro per maand.


Ja, ik word lid